donderdag 14 augustus 2014

De 15 van 2014: Nummer 3: Damon Albarn - Everyday Robots

De muziekindustrie is weer begonnen aan haar zomerslaap en dat is altijd een mooi moment om terug te blikken op de eerste helft van het muziekjaar. Het muziekjaar 2014 is als je het mij vraagt een mooi muziekjaar. De echte klassiekers in de dop ontbreken misschien nog, maar 2014 heeft tot dusver wel het patent op veel lekker eigenzinnige plaatjes. De beste platen van het jaar kies ik, na lang wikken en wegen, pas in december, maar welke platen beluister ik in de hangmat deze zomer? Het zijn bijna allemaal platen die best wat meer aandacht hadden verdiend in de eerste helft van het jaar. Het zijn zeker niet de beste platen, maar wel platen die me op een of andere manier prikkelen. Keer op keer. Deze zomer presenteer ik de 15 van 2014, met vandaag nummer 3: Everyday Robots van Damon Albarn. Er staan weinig grote namen in mijn 15 van 2014, maar om deze kon ik niet heen. Ik had tot voor kort niets met Damon Albarn, maar deze plaat is briljant. In alle opzichten.

Originele recensie gepubliceerd op 29 april 2014

Damon Albarn wordt door flink wat muziekliefhebbers gezien als een muzikaal genie, maar zelf heb ik tot dusver maar heel weinig met de muziek van de Brit. 

Kiezen tussen Blur en Oasis vond ik altijd een bijzonder makkelijke opgave (een handjevol aardige songs versus een aantal onbetwiste klassiekers), in de muziek van het zo bejubelde Gorillaz hoorde ik helemaal niets en ‘supergroepen’ The Good, The Bad & The Queen en Rocketjuice & The Moon werden wat mij betreft zwaar overschat. 

Damon Albarn’s solodebuut Mali Music was wel aardig, maar Albarn was zeker niet de eerste die de muzikale rijkdom van Mali ontdekte en was daarom lang niet zo vernieuwend als door nogal wat recensenten werd gesuggereerd. 

Aan Albarn’s opera ben ik twee jaar geleden niet eens begonnen en ik had daarom ook geen enkele verwachting met betrekking tot Everyday Robots. Dit blijkt echter een fantastische plaat die me in een paar dagen tijd volledig heeft betoverd. 

Op Everyday Robots manifesteert Damon Albarn zich als een briljant songwriter, die zomaar in de voetsporen kan treden van de groten uit de jaren 60, 70 en 80. Everyday Robots blinkt uit door geweldige popliedjes van een niveau dat Albarn wat mij betreft met Blur nooit heeft gehaald. Het zijn klassiek aandoende popliedjes die je na één keer horen voorgoed in het geheugen hebt opgeslagen, maar het zijn ook popliedjes die vol verrassende wendingen zitten. 

Damon Albarn verkende de afgelopen decennia de meest uiteenlopende muzikale uithoeken, maar op Everyday Robots valt alles op zijn plaats. Veel songs op Everyday Robots beginnen bij de muziek van Blur, die voor een belangrijk deel schatplichtig was aan die van The Kinks en The Jam. Deze songs zijn vervolgens voorzien van bijzondere accenten, die variëren van een piepende viool tot doeltreffende samples. 

Everyday Robots is een vooral ingetogen plaat, waarop Damon Albarn niet alleen als songwriter, maar ook als zanger meer overtuigd dan ooit. Everyday Robots bevat volop flarden uit het verleden, die in een aantal gevallen verder terug gaan dan de inspiratiebronnen van Blur en raken aan de Britse crooners uit de jaren 50, maar het is ook een plaat die stevig verankerd is in het heden. Enerzijds door de bijzondere instrumentatie en de gloedvolle productie (van Richard Russell, met wie Albarn twee jaar geleden de prima comback plaat van soulzanger Bobby Womack, The Bravest Man In the Universe, produceerde) en anderzijds door de vele invloeden die Albarn in zijn muziek heeft verwerkt.
Het zijn voor een belangrijk deel invloeden uit de rijke geschiedenis van de Britse rockmuziek, maar ook de invloeden die Albarn verwerkte in de muziek die hij in zijn leven na Blur maakte, hebben een plekje gekregen in de muziek op Everyday Robots, inclusief bijna klassieke invloeden en invloeden uit de Afrikaanse muziek. De unieke klanken van Brian Eno zijn de kers op de taart. 

Everyday Robots is een plaat die in één adem mag worden genoemd met de klassiekers van met name Ian Dury en Paul Weller, maar ik hoor ook veel van Elbow en zo kan ik nog wel wat grote namen noemen.

Uiteindelijk gaan alle credits echter naar Damon Albarn. Albarn heeft een plaat afgeleverd met geweldige songs vol verrassingen en ook nog eens de nodige persoonlijke en emotionele diepgang (zijn verslavingen uit het verleden staan centraal op de plaat). Ik was zoals gezegd nooit zo’n fan van Damon Albarn, maar deze plaat is echt geweldig. Het is nog vroeg, maar deze schrijf ik alvast op voor de jaarlijstjes. Erwin Zijleman