09 juli 2026

Review: Patti Smith Quartet, TivoliVredenburg, Utrecht, 8 juli 2026


Het laatste album van Patti Smith (Banga) is inmiddels 14 jaar oud, maar ze stond gisteren met haar Patti Smith Quartet wel in de uitverkochte grote zaal van TivoliVredenburg in Utrecht. De band bestaat naast Patti Smith uit oudgediende Tony Shanahan (bas en keyboards), Seb Rochford (drums) en haar zoon Jackson Smith (gitaar) en wordt af en toe bijgestaan door een roadie die de bas of de keyboards van Tony Shanahan overneemt.

Voordat de openingstrack Ghost Dance wordt ingezet, bespreekt Patti Smith de toestand in de wereld en maakte ze duidelijk dat ze nog net zo fel en geëngageerd is als in haar jonge jaren. De openingstrack wordt gevolgd door Dancing Barefoot, een track die in Nederland warm werd onthaald in de jaren 70 en die ook in 2026 op zeer enthousiaste reacties kan rekenen.

Het concert in Utrecht is het eerste show van de Europese tour. Dat zorgt er volgens Patti Smith voor dat we vooral alle fouten te horen krijgen, maar ik hoorde persoonlijk vooral dat ze nog uitstekend bij stem is, iets wat gedurende de tour wel eens kan veranderen bij muzikanten op leeftijd.

Afgezien van een beperkt aantal schoonheidsfoutjes hoorde ik vooral een zeer competent spelende band. Tony Shanahan ondersteunt Patti Smith zowel muzikaal als vocaal, Seb Rochford drumt degelijk maar ook inventief, terwijl Jackson Smith laat horen dat hij de muzikale genen van zijn moeder en van zijn vader Fred "Sonic" Smith heeft meegekregen en keer op keer verrast met prachtig gitaarspel. De band speelt meestal subtiel, maar krijgt af en toe de ruimte om lekker stevig te spelen. Het klinkt met de goede akoestiek van TivoliVredenburg prachtig.


De setlist bevat naast een dwarsdoorsnede uit het oeuvre van Patti Smith, waarbij de nadruk op het werk uit de jaren 70 ligt, een drietal covers. Een mooie versie van Crystal Ship van het debuutalbum van The Doors wordt verderop in de set gevolgd door een door Tony Shanahan gezongen versie van
Isn't It a Pity van George Harrison's meesterwerk All Things Must Pass. Aan het eind van de set komt de song waarmee de Amerikaanse muzikante in 1975 doorbrak nog eens voorbij. 

Patti Smith vertelde in het verleden wel eens lange verhalen tussen haar songs, maar in Utrecht beperkt ze zich voornamelijk tot enkele gevatte en geestige opmerkingen. Ze heeft er duidelijk zin in zo aan het begin van de tour en krijgt het publiek makkelijk aan haar voeten.

Buiten Dancing Barefoot zijn de bekendste songs van Patti Smith vooral aan het einde van de set te horen. Met het in eerste instantie door Bruce Springsteen geschreven Because the Night, de Them cover Gloria en de toegift People Have the Power voltooien Patti Smith en haar band op indrukwekkende wijze de ruim vijf kwartier eerder gestarte zegetocht.


Patti Smith wordt later dit jaar 80 jaar oud. Bij muzikanten van haar leeftijd is het beste er meestal wel af helaas, maar Patti Smith is zoals gezegd goed bij stem en maakt tijdens het hele concert een energieke en gedreven indruk. Het is wat mij betreft een prestatie van formaat.

De setlist leunt op songs die in veel gevallen een aantal of zelfs vele decennia oud zijn, net als de punksongs die voor het concert in de zaal te horen zijn. Waar die songs wat mij betreft inmiddels wel wat gedateerd klinken, is de muziek van Patti Smith verrassend tijdloos. Het was dan ook goed om te zien dat ook een jonger publiek de weg naar TivoliVredenburg had gevonden. Ik denk dat ze niet teleurgesteld zijn geweest in de prestaties van dit popicoon op leeftijd. Erwin Zijleman



 

Review: Overcoats - the ghost

Het is dringen binnen de indiepop van het moment waardoor albums makkelijk tussen wal en schip vallen, maar het vorige maand verschenen the ghost van Overcoats is een album dat zich echt op alle mogelijke manieren weet te onderscheiden
Hana Elion en JJ Mitchell maken inmiddels al meer dan tien jaar muziek als Overcoats en brachten vorige maand hun vierde album uit. Het tweetal uit New York maakt wat mij betreft indruk met the ghost, want het is een sterk album dat ook nog eens anders klinkt dan de meeste andere albums in het genre. Dat hoor je vooral in de zang, want Hana Elion en JJ Mitchell combineren het grootste deel van de tijd hun stemmen en dat klinkt bijzonder mooi. Ook op andere terreinen kiezen de twee een eigen weg, want the ghost is een veelzijdig album dat zich niet laat beperken tot een bepaald genre. De songs op the ghost zijn stuk voor stuk aanstekelijk, maar het zijn ook songs met voldoende diepgang, waardoor the ghost van Overcoats alleen maar leuker en interessanter wordt.



Gezien de huidige kwaliteit van algoritmes zou je verwachten dat streamingplatforms als Spotify inmiddels nagenoeg perfecte luistertips zouden moeten kunnen geven, zeker aan luisteraars die per week tientallen uren gebruik maken van het platform. In de praktijk valt dit erg tegen. 

Van de tips die ik van Spotify krijg voorgeschoteld heb ik een aanzienlijk deel al lang op het platform zelf beluisterd en een ander deel van de tips slaat de plank volledig mis. Vooralsnog zal ik dus zelf intensief moeten speuren naar interessante nieuwe muziek, maar heel af en toe krijg ik wel een tip voorgeschoteld waar ik blij van word. 

Zo tipte Spotify me een paar dagen geleden het vorige maand verschenen album the ghost van Overcoats. Het is het vierde album van het Amerikaanse duo, dat inmiddels al ruim tien jaar muziek maakt. Ik moet nog eens luisteren naar het eerdere werk van Hana Elion en JJ Mitchell, die elkaar na omzwervingen over de wereld tegen het lijf liepen op een universiteit in Middletown, Connecticut, maar met the ghost heeft het duo uit New York echt een uitstekend album afgeleverd en een album dat nagenoeg perfect aansluit op mijn smaak.

Hana Elion en JJ Mitchell beschikken allebei over een mooie stem, maar de zang op the ghost wordt nog wat mooier wanneer de twee hun stemmen combineren en dat doen ze een groot deel van de tijd. De tweestemmige zang geeft de muziek van Overcoats al een duidelijk eigen geluid, maar Hana Elion en JJ Mitchell weten zich ook op andere terreinen te onderscheiden. 

Op het vierde album van Overcoats maken ze muziek die aansluit bij de indiepop van het moment, maar binnen dit genre laten ze zich niet vastpinnen. Het is knap hoe the ghost steeds weer van kleur verschiet. Hana Elion en JJ Mitchell kunnen uit de voeten met folky songs, maar zijn ook niet vies van indierock of synthpop en zo kan ik nog wel wat invloeden noemen die zijn te horen in de songs van het tweetal. 

Het zijn invloeden die zijn geïntegreerd in een geluid dat veelkleurig maar ook consistent klinkt en ook dat is knap. De muziek van Overcoats klinkt avontuurlijk, maar het tweetal uit New York heeft ook een goed gevoel voor bijzonder lekker in het gehoor liggende popsongs. Het zijn popsongs waarvan ik alleen maar heel vrolijk kan worden, want the ghost is zo’n album dat zich direct opdringt, maar dat ook interessanter wordt wanneer je het vaker hoort. 

Hana Elion en JJ Mitchell hebben the ghost voor het overgrote deel zelf gemaakt en ze hebben knap werk geleverd. Het album is in muzikaal opzicht veelkleurig, maar de muziek is ook aansprekend en is mooi opgenomen, waarbij de muziek en de zang fraai in balans zijn. 

Als ik luister naar the ghost begrijp ik niet dat het vorige maand behoorlijk stil is gebleven rond het album. Natuurlijk verschijnen er heel veel albums in dit genre en gaat de aandacht al snel uit naar de grote namen, maar Hana Elion en JJ Mitchell beschikken absoluut over de potentie om zich te scharen onder deze grote namen. 

Op the ghost staan nogal wat popsongs die in de smaak moeten kunnen vallen bij een heel groot publiek, maar ook de liefhebber van wat eigenzinnigere popsongs vindt op the ghost voldoende songs die de fantasie prikkelen. En als bonus zijn er steeds de twee prachtig bij elkaar kleurende stemmen van Hana Elion en JJ Mitchell, die mij in ieder geval genadeloos in weten te pakken. De tips van Spotify vallen vaak tegen, maar dit was echt een gouden tip. Erwin Zijleman

De muziek van Overcoatrs is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van het Amerikaanse duo: https://overcoats.bandcamp.com/album/the-ghost.






08 juli 2026

Review: Sumie - Stardust In Valleys

Sumie maakte een aantal jaren geleden twee prachtige albums en keert na lange afwezigheid terug met haar derde album, waarop ze het uiterst sobere maar bijzonder mooie geluid verder heeft doorontwikkeld
Als iemand me vorige week niet had gewezen op de release van het derde album van Sumie vorige maand, had ik het album waarschijnlijk nooit ontdekt. De eerste twee albums van Sumie verschenen immers in 2013 en 2017, waardoor ik haar muziek eerlijk gezegd alweer vergeten was. Ik ben blij met de hernieuwde kennismaking met haar muziek, want ook Stardust In Valleys is weer een prachtig album. Het is een album dat zich heeft laten beïnvloeden door folkmuziek van vele decennia geleden, maar Sumie geeft een eigen draai aan alle invloeden uit het verleden en betovert met intieme songs, met zeer sfeervolle klanken en met een echt prachtige stem.



Eind 2013 en eind 2017 besprak ik op De Krenten uit de Pop de eerste twee albums van de Japans-Zweedse muzikante Sumie. Ik was zeer positief over de twee albums van het alter ego van de vanuit het Zweedse Göteborg opererende Sandra Sumie Nagano, die op haar titelloze debuutalbum en opvolger Lost in Light een wat mij betreft bijzonder geluid liet horen. 

Het is een op het eerste gehoor uiterst sober maar ook zeer smaakvol geluid, dat vooral bij beluistering met de koptelefoon op fraaie wijze tot leven komt. Op het eerste gehoor lijkt er, zeker op het debuutalbum van Sumie, niet veel meer te zijn dan de akoestische gitaar en de stem van de Japans-Zweedse muzikante, maar dankzij topkrachten als Dustin O’Halloran en Nils Frahm (Sumie) en Peter Broderick (Lost in Light) gebeurt er stiekem toch van alles in de muziek op de albums van Sumie. Het klinkt allemaal zo mooi dat ik alleen maar ademloos kan luisteren naar beide albums. 

De stem van Sumie spreekt wat mij betreft het meest tot de verbeelding, maar ook de net buiten de lijntjes van de standaard folk kleurende songs vol echo’s van de folk uit de jaren 60 maakten van haar eerste twee albums bijzondere en aansprekende albums. Het is lang stil geweest rond Sumie, maar vorige maand bracht ze dan eindelijk haar derde album uit. Het is een album dat ik zelf in geen enkele releaselijst ben tegengekomen, maar gelukkig werd het album me vorige week getipt. 

Ik geef eerlijk toe dat ik geen enkele herinnering meer had aan de muziek van de singer-songwriter uit Göteborg, maar Stardust In Valleys raakte bij mij onmiddellijk de juiste snaar, waarna de herinnering aan de eerste twee albums snel terug kwam. Het derde album van Sumie laat veel ingrediënten horen die we kennen van haar eerste twee albums. 

Ook Stardust In Valleys is voorzien van sobere tot uiterst sobere klanken, met een hoofdrol voor de akoestische gitaar. Het wordt gecombineerd met de eveneens ingetogen stem van de Japans-Zweedse muzikante, die in de loop der jaren alleen maar mooier is geworden. 

Sumie wist op haar eerste twee albums grote namen aan zich te binden voor het verder inkleuren van de songs, wat bijdroeg aan de bijzondere sfeer op beide albums. Voor Stardust In Valleys heeft ze een beroep gedaan op een aantal mij onbekende Zweedse muzikanten, maar ook dit keer zijn de subtiele arrangementen en de bijdragen van onder andere piano, trompet en strijkers van een bijzondere schoonheid. 

Net als de twee vorige albums bevat ook het derde album van Sumie nogal wat invloeden uit de folk van weleer en vooral invloeden van de psychedelische folk zoals deze aan het eind van de jaren 60 in San Francisco werd gemaakt. Dat zijn invloeden die je vaker hoort, maar de muziek van Sumie heeft ook altijd wel iets Scandinavisch, al kan ik niet precies omschrijven wat dat nu is. 

Ik kan me voorstellen dat Stardust In Valleys het uitstekend doet op donkere en koude Scandinavische winteravonden, maar de ingetogen en sfeervolle folksongs doen het ook prima op de warme dagen van het moment en nodigen uit tot het verlagen van het tempo, wat bij zomerse temperaturen niet zo gek is. Ik heb geen idee wat Sumie de afgelopen negen jaar heeft gedaan, maar luisterend naar Stardust In Valleys kan ik alleen maar concluderen dat het heel goed nieuws is dat ze terug is. Erwin Zijleman

De muziek van Sumie is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Japans-Zweedse muzikante: https://sumie.bandcamp.com/album/stardust-in-valleys.



Review: Sienna Spiro - Visitor

Dat Sienna Spiro een wereldster gaat worden, lijkt me wel bijna zeker en op haar debuutalbum Visitor laat ze horen dat dit ook absoluut de verdienste is van haar muzikale en vocale talent, dat met enige regelmaat aan de oppervlakte komt
Als ik de alternatieve muziekpers moet geloven moet ik bij voorkeur met een hele grote boog om het debuutalbum van Sienna Spiro heen lopen. Dat begrijp ik ook wel, want de Britse zangeres maakt niet het soort muziek waarvoor je bij de alternatieve muziekpers de handen op elkaar krijgt. Ik heb zelf ook lang niet altijd wat met de songs op Visitor en evenmin met de soms wat overdadig klinkende orkestraties en de voluit zingende stem van de Britse muzikante. Toch biedt Visitor ook volop momenten waarop Sienna Spiro wel overtuigt met haar songs en met haar zang. Het is een album dat me meer dan eens de gordijnen injaagt, maar dat in een aantal gevallen ook respect afdwingt.



Ik had tot deze week in mijn bubbel nog nooit van Sienna Spiro gehoord. Dat is in andere bubbels echt totaal anders, want de Britse zangeres heeft op de streamingplatforms en op de sociale media inmiddels een miljoenenpubliek. Het maakte me stiekem toch wel nieuwsgierig naar het deze week verschenen Visitor, het debuutalbum van Sienna Spiro. 

Ik concludeerde vervolgens heel snel dat Sienna Spiro niets voor mij is. Ze zingt op haar debuutalbum een groot deel van de tijd voluit en dat is meestal niet aan mij besteed. Ook de songs van de Britse muzikante vond ik bij eerste beluistering niet heel aansprekend. Het zijn nogal zwaar aangezette songs met flink wat drama in zowel de muziek als de zang en bij eerste beluistering vond ik dat te veel van het goede. Het deed me wel wat denken aan het latere werk van Adele en ook dat is muziek die mij niet raakt. 

Sienna Spiro leek daarom weer net zo snel uit mijn bubbel te verdwijnen als ze gekomen was, maar op een of andere manier bleef een deel van de songs op Visitor toch hangen. Nu ik Visitor wat vaker heb gehoord, begrijp ik volledig dat Sienna Spiro een groot publiek aan zich weet te binden. 

Visitor bevat vooral soulvolle of jazzy piano-ballads die in veel gevallen zijn versierd met flink wat strijkers. Het zijn songs die makkelijk in het gehoor liggen en die het ook lekker doen op de achtergrond. Sienna Spiro is verder echt een prima zangeres, al moet je houden van haar manier van zingen. Ze beschikt over een krachtige stem en het is een stem waar absoluut soul in zit. 

De kracht in de stem van de Britse muzikante wordt optimaal benut, want meestal zingt ze voluit. Het werk van Adele is zinvol vergelijkingsmateriaal, maar Sienna Spiro zit ook niet zo heel ver van Olivia Dean, al spreekt die me qua zang veel meer aan, en zo komen nog wel wat namen bij me op wanneer ik luister naar Visitor, waaronder die van Amy Winehouse, al zong die wel wat ruwer en gepassioneerder. 

Het is me vaak net wat te veel van alles, maar als ze net wat gas terugneemt in haar zang en kiest voor wat minder zwaar aangezette klanken weet Sienna Spiro me opeens wel te overtuigen en hoor ik haar talent als zangeres. Ook in muzikaal opzicht heeft Visitor zijn goede of zelfs hele goede momenten. In de wat jazzy klinkende songs hoor je een andere Sienna Spiro en laat ze horen dat we haar niet te makkelijk in een hokje moeten duwen. Ook in productioneel opzicht weet Visitor me af en toe wel te raken, bijvoorbeeld wanneer de arrangeur alles uit de kast trekt met bakken strijkers en een flinke dosis melancholie. 

Ik ben het meestal helemaal eens met de recensies van de Britse kwaliteitskrant The Guardian, maar ik vind dat Sienna Spiro meer talent laat horen dan de Britse krant in haar hoort in een recensie waarin weinig heel wordt gelaten van Visitor. Gelukkig voor Sienna Spiro staan er talloze recensies tegenover waarin haar een geweldige toekomst en het sterrendom worden beloofd en met name haar vocale prestaties uitvoerig worden geprezen. 

Wat mij betreft ligt de waarheid in het midden. Sienna Spiro laat wat mij betreft horen dat ze wat kan, zeker als zangeres. Als ze in muzikaal opzicht de juiste keuzes maakt en in haar zang nog wat meer leert doseren, kan haar volgende album zomaar een wereldalbum zijn, maar het wordt net zo makkelijk helemaal niets. Haar debuutalbum Visitor blijft voor mij vooral een album van momenten. Erwin Zijleman

De muziek van Sienna Spiro is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse muzikante: https://siennaspiro.bandcamp.com/album/visitor.


Visitor van Sienna Spiro is verkrijgbaar via de Mania webshop:



07 juli 2026

Review: mary in the junkyard - Role Model Hermit

Het debuutalbum van de Britse band mary in the junkyard komt voor mij echt uit het niets, maar wat hebben deze jonge honden uit Londen een bijzonder klinkend, veelzijdig en aansprekend album afgeleverd
Bij het beluisteren van de openingstrack van Role Model Hermit van mary in the junkyard twijfelde ik nog wat, maar hierna had de band uit Londen me snel te pakken. De leden van de Britse band zijn nog piepjong, maar ze slagen erin om een origineel geluid te creëren en het is een geluid dat de fantasie uitvoerig prikkelt. Het is misschien even wennen aan de stem van Clari Freeman-Taylor en ook de mix van invloeden op het album is zeker niet alledaags, maar mary in the junkyard heeft een album gemaakt dat je blijft verrassen en dat zich ondertussen steeds genadelozer opdringt. Midden in de zomer een album uitbrengen is misschien niet heel handig, maar deze band is een blijvertje.



Er verschijnen momenteel niet heel veel nieuwe albums en dat heeft ook voordelen. Ook albums van wat minder bekende bands en muzikanten maken nu een redelijke kans om ontdekt te worden en hetzelfde geldt voor albums die je bij voorkeur een paar keer moet horen voor je ze op de juiste waarde kunt schatten. Het gaat allebei op voor Role Model Hermit van de Britse band mary in the junkyard (geen hoofdletters). 

De basis voor de Britse band werd gelegd toen gitariste en zangeres Clari Freeman-Taylor en violiste en bassiste Saya Barbaglia elkaar op 14-jarige leeftijd tegen het lijf liepen tijdens een zomerkamp voor jongeren met interesse in het spelen van klassieke muziek. Later werd drummer David Addison toegevoegd en was mary in the junkyard compleet. De leden van de band zijn volgens mij nog altijd onder de twintig, maar met Role Model Hermit ligt er een knap debuutalbum. 

Ik liet hierboven al doorschemeren dat het een album is dat je eigenlijk een paar keer moet horen voor je er een goed oordeel over kunt vormen. Dat zal niet voor iedereen gelden, maar ik moest zelf wennen aan de muziek van de band uit Londen. Dat ligt voor een deel aan de jonge en soms ook wat onvaste stem van Clari Freeman-Taylor, maar ook in muzikaal opzicht maakt mary in the junkyard muziek die wat mij betreft om enige gewenning vraagt. 

Zeker in de openingstrack van het debuutalbum van de Britse band wist de stem van Clari Freeman-Taylor me niet direct te overtuigen. Sinds de albums van Big Thief ben ik wel gewend aan dit soort stemmen, maar de zang op Role Model Hermit vond ik bij de eerste kennismaking wel erg meisjesachtig. 

De openingstrack is ook in muzikaal opzicht overigens van het uitdagende soort. Atypisch drumwerk wordt gecombineerd met complexe gitaarlijnen en nogal onconventioneel gitaarspel, wat een bijzondere track oplevert. Het is een track die ervoor kan zorgen dat luisteraars afhaken, maar dat zou zonde zijn. 

De muziek van mary in the junkyard klinkt in de tweede track, het sterke Blood, een stuk conventioneler met spannende gitaarlijnen en een mooie basis van bas en drums. Ook de zang van Clari Freeman-Taylor vind ik in de tweede track een stuk sterker, al geeft haar stem de muziek van de band absoluut een bijzonder geluid. 

Je hoort goed dat de leden van de band al op jonge leeftijd zijn begonnen met het bespelen van een instrument, want de muziek op Role Model Hermit is vaak complexer dan die van de meeste startende bands. De muziek van mary in the junkyard is bovendien verrassend veelzijdig. 

De songs van de band passen met enige fantasie allemaal in het hokje indierock, maar de band uit Londen bestrijkt binnen dit hokje een breed palet en schuift ook op richting folk(rock), postrock en psychedelica en daar blijft het niet bij. De veelzijdigheid hoor je ook in de stem van Clari Freeman-Taylor, die goed tot zijn recht komt in zang die neigt naar spoken word, maar ook ruw uit kan halen of lieflijk kan klinken. 

Role Model Hermit bevat een aantal wat lastiger te doorgronden songs, maar de band kan ook overweg met lekker toegankelijk klinkende songs. Het zijn songs die zijn te plaatsen binnen het kwadrant Big Thief – Wolf Alice – Wet Leg – Black Country, New Road, maar met vergelijken doe je de bijzondere muziek van de band te kort. 

Het album klinkt bij vlagen overigens behoorlijk lo-fi, maar bij beluistering met de koptelefoon hoor je dat de onder andere van Olivia Dean bekende Oli Bayston wel degelijk veel aandacht heeft besteed aan de productie van dit bijzondere album. Erwin Zijleman

De muziek van mary in the junkyard is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse band: https://maryinthejunkyard.bandcamp.com/album/role-model-hermit.


Role Model Hermit van mary in the junkyard is verkrijgbaar via de Mania webshop:



06 juli 2026

Review: Lorde - XRAYS

Lorde heeft met XRAYS een zeer omvangrijke collectie demo’s van de songs op haar vorig jaar verschenen album Virgin beschikbaar gemaakt en dat is echt veel interessanter dan het waarschijnlijk klinkt
Virgin was wat mij betreft het beste album van 2025 en ik vind het ook het beste album van Lorde. De Nieuw-Zeelandse muzikante gaf zich op de cover van het album bloot en doet daar nu nog een schepje bovenop. Op het deze week via haar website beschikbare XRAYS hoor je immers de ruwe demo’s van de songs op Virgin en hoor je hoe de songs tot stand kwamen en werden aangekleed. De demo’s laten in een aantal gevallen subtiele verschillen horen met de uiteindelijke versies van de songs, maar de verschillen zijn in een aantal andere gevallen best substantieel. XRAYS lijkt alleen interessant voor de echte fans, maar hoe vaker ik naar de 49 demo’s luister, hoe mooier en interessanter ik ze vind.



Tussen de nieuwe releases van deze week vond ik een hele bijzondere. XRAYS van Lorde is geen nieuw album van de Nieuw-Zeelandse muzikante, maar een flinke verzameling ruwe demo’s van de songs die uiteindelijk op haar vorig jaar verschenen album Virgin terecht zouden komen. Lorde heeft er voor de liefhebber ook nog een stapel foto’s bij gedaan, maar mijn interesse ging in eerste instantie uit naar de muziek. 

Nu zijn er weinig muzikanten die mij blij kunnen maken met 49 demo’s van eerder uitgebrachte songs, maar van XRAYS word ik wel blij. Heel blij zelfs. Allereerst omdat Virgin van Lorde mijn favoriete album uit 2025 is, maar ook omdat Lorde een eigenzinnige muzikante is die continu sleutelt aan een nieuw geluid, zoals ook is te horen op XRAYS.

Ik ben zelf uitermate tevreden met de versies van de songs die vorig jaar op Virgin terecht zijn gekomen en waarop de Nieuw-Zeelandse muzikante kiest voor een behoorlijk zwaar gezet elektronisch geluid. Het is het geluid dat ze eind vorig jaar op geweldige wijze naar het podium bracht, maar de songs op Virgin hadden ook anders kunnen klinken, zoals is te horen op XRAYS. 

De 49 tracks laten meerdere versies van de songs of flarden van de songs op Virgin horen en dat klinkt soms heel bekend en soms net wat of juist flink anders. Als ik luister naar XRAYS hoor ik misschien wel drie versies van Virgin en het zijn drie versies met bekende songs maar verschillende accenten, die best veel effect kunnen hebben. 

Het maakt nogal wat uit of Lorde kiest voor een refrein met zwaar aangezette en vervormde elektronica of juist voor wat dromerige synths en een kabbelende piano en ook het verschil tussen strakke ritmes en wat avontuurlijkere ritmes is levensgroot. Het knappe van XRAYS is dat alle varianten fantastisch klinken en nieuwe dimensies toevoegen aan de songs van Virgin die me zo dierbaar zijn. 

Door meerdere demo’s van dezelfde song te beluisteren hoor je goed hoe de songs van Lorde vorm hebben gekregen tijdens het opnameproces en hoor je hoe bepaalde keuzes terugkeren in meerdere demo’s of juist na één keer alweer verdwijnen. Om beluistering van XRAYS nog wat interessanter te maken is het aan te raden om na het beluisteren van een handvol demo’s van een song ook te luisteren naar de versie die uiteindelijk op het album is terechtgekomen om te horen welke ingrediënten Lorde heeft meegenomen en welke niet. 

Het beluisteren van de demo’s op XRAYS is interessant vanwege het proces dat de Nieuw-Zeelandse muzikante heeft doorgemaakt tijdens het opnemen, maar ik vind de verzameling demo’s ook heel erg goed. Virgin klinkt uiteindelijk wat koel en afstandelijk en soms ook wat ruw en hard. Dat is ook de kracht van het album, maar het is bijzonder hoe de demo’s van dezelfde songs ook warm en intiem kunnen klinken. De zang van Lorde klinkt over de hele linie zachter en gevoeliger dan op het album, maar ook de batterij synths die op het album is te horen neemt geregeld flink gas terug, wat iets doet met de songs. 

Natuurlijk is een collectie van 49 demo’s heel veel en voor veel luisteraars waarschijnlijk te veel, maar ik vind XRAYS echt een schatkist vol moois of op zijn minst een koektrommel vol lekkers. En op een of andere manier is mijn waardering voor Virgin alleen maar gegroeid door dit inzicht in het opnameproces en is het album me nu nog wat dierbaarder dan het al was. Erwin Zijleman

XRAYS kan worden gedownload van de website van de Nieuw-Zeelandse muzikante: https://www.lorde.co.nz/xrays.

05 juli 2026

Review: George Harrison - All Things Must Pass (1970)

Alle vier de leden van The Beatles kwamen snel na het uit elkaar vallen van de band met geweldig solowerk op de proppen en dat gold ook voor George Harrison, die samen met Phil Spector stevig uitpakte op All Things Must Pass
George Harrison trok binnen The Beatles niet de meeste aandacht en dat deed hij ook niet met zijn solowerk, dat ik tot voor kort nauwelijks kende. Ook het in 1970 verschenen All Things Must Pass had ik eigenlijk nooit goed beluisterd, al kende ik wel de singles van het album. Het album werd gemaakt met een ware sterrencast en mede geproduceerd door de legendarische Phil Spector. Op All Things Must Pass is de erfenis van The Beatles duidelijk hoorbaar, maar George Harrison schuift ook op richting rock en verwerkt invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek in zijn songs. Het album wordt gerekend tot de beste soloalbums van de leden van The Beatles en inmiddels begrijp ik eindelijk waarom.



Pas in de jaren 90 ben ik echt serieus aan de slag gegaan met het solowerk van de leden van The Beatles. Hierbij ging de aandacht in eerste instantie uit naar het solowerk van Paul McCartney, die niet alleen het meest productief was na het uit elkaar vallen van The Beatles, maar zich wat mij betreft ook in kwalitatief opzicht makkelijk wist te onderscheiden van zijn voormalige collega’s. 

Het solowerk van John Lennon heb ik pas veel later leren waarderen en ook van Ringo Starr vond ik nog wel wat albums die de moeite waard zijn (Ringo uit 1973 is een zwaar onderschat album). Het solowerk van George Harrison heeft van mij altijd veel minder aandacht gekregen en dat ondanks het feit dat ik het door hem geschreven Something misschien wel de mooiste song van The Beatles vind en ook While My Guitar Gently Weeps behoort tot mijn favoriete songs van de band. 

George Harrison maakte tussen 1968 en 2001 (het jaar van zijn overlijden) een ruim dozijn albums. Van deze albums kende ik tot voor kort Cloud Nine uit 1987 het best, want dat album kocht ik in het betreffende jaar. Het is het album van de single Got My Mind Set on You en het samen met Jeff Lynne gemaakte When We Was Fab, maar het is ook eeb albun waarmee ik weinig heb. 

Binnen het oeuvre van “the Quiet Beatle” wordt het album All Things Must Pass uit 1970 gezien als het onbetwiste meesterwerk van George Harrison. Het is een album waarvan ik tot voor kort eigenlijk alleen de single My Sweet Lord kende en dat heb ik altijd een net wat te zweverige single gevonden met het aanroepen van Hindoeïstische goden. 

Vorige week heb ik me toch eens gezet tot het beluisteren van All Things Must Pass. Reden was de track What Is Life die ik tegenkwam in een jaren 70 playlist en me verraste met een productie die me aan Phil Spector deed denken. Dat is niet zo gek, want Phil Spector produceerde All Things Must Pass samen met George Harrison en dat hoor je duidelijk in een deel van de tracks, waaronder What Is Life. 

Ik dacht altijd dat All Things Must Pass een wat zweverig album was, maar dat valt reuze mee. Het is meer een album dat laat horen dat George Harrison in The Beatles misschien tweede viool speelde achter John Lennon en Paul McCartney, maar wel degelijk belangrijk was voor het geluid van de roemruchte Britse band. 

All Things Must Pass verscheen een half jaar na de release van het laatste album van The Beatles en laat horen dat het met de muzikale erfenis van The Beatles wel goed zit. Het album staat vol met geweldige songs, is wat zwaar, maar ook heel mooi geproduceerd en laat horen dat George Harrison een prima zanger is. 

Het is ook een album met heel veel muzikaal vuurwerk, wat ook niet anders kan met bijdragen van topkrachten als Eric Clapton, Alan White, Billy Preston, Gary Wright, Ginger Baker, Klaus Voormann en Peter Frampton. Van de collega Beatles is alleen Ringo Starr te horen op het album. 

Met de oren van nu klinkt All Things Must Pass wel wat gedateerd, zeker als Phil Spectors alle registers opentrekt of als er uitvoerig gejamd wordt, maar het album is ook van hoge kwaliteit en doet niet onder voor het solowerk uit de vroege jaren 70 van de andere Beatles. Best gek dat ik nog nooit naar dit album had beluisterd, maar ik heb George Harrison inmiddels wel een stuk hoger zitten. Erwin Zijleman


All Things Must Pass van George Harrison is verkrijgbaar via de Mania webshop:

Review: Georgia Gets By - Heavy Meadow

Georgia Gets By is een project van de Nieuw-Zeelandse muzikante Georgia Nott, die op haar debuutalbum betovert met soms sobere en soms fraai georkestreerde folksongs en vooral met haar werkelijk wonderschone stem
Georgia Nott maakte samen met haar broer Caleb een aantal interessante albums onder de naam Broods, maar het album dat ze in haar eentje heeft gemaakt onder de naam Georgia Gets By vind ik nog veel mooier. Op Heavy Meadow heeft Georgia Nott de indiepop verruild voor folk en singer-songwriter muziek, die soms sober is ingekleurd en soms is voorzien van uitbundigere arrangementen met veel strijkers. Het klinkt in muzikaal opzicht allemaal prachtig, maar het is de prachtige stem van de Nieuw-Zeelandse muzikante die van een mooi album een opzienbarend album maakt. Muziek uit Nieuw-Zeeland weet Nederland niet altijd te bereiken, maar dit prachtige album wil je echt niet missen.


Tot voor kort kreeg ik iedere vrijdag de nieuwsbrief van de Nieuw-Zeelandse muziekwinkel Flying Out Records in de mailbox. Het was een nieuwsbrief die me de afgelopen jaren heel veel interessante Nieuw-Zeelandse muziektips heeft opgeleverd, waardoor ik iedere week weer reikhalzend uitkeek naar het nieuws en de tips van Flying Out Records. 

Een paar weken geleden bleef het opeens stil vanuit Nieuw-Zeeland en vorige week vond ik uit dat de muziekwinkel uit Auckland er na de nodige tegenslagen mee is gestopt. Dat is doodzonde voor de muziekscene van Auckland, maar ik ga zelf de nieuwsbrief echt enorm missen. Ik denk dat de wekelijkse nieuwsbrief van Flying Out Records me vast op het spoor zou hebben gezet van Heavy Meadow, het debuutalbum van Georgia Gets By, dat gelukkig ook in de Verenigde Staten is opgepikt. 

Georgia Gets By is een project van de Nieuw-Zeelandse muzikante Georgia Nott en dat is voor mij een bekende naam. Samen met haar broer Caleb vormde Georgia Nott immers het duo Broods, dat de afgelopen jaren een aantal albums uitbracht. Het zijn albums die werden geprezen door Flying Out Records en dat begreep ik wel. Broods maakte misschien niet het soort muziek waar ik van houd, maar ik hoorde wel het talent van Georgia en Caleb Nott. 

Georgia Nott dook onlangs op met het debuutalbum van Georgia Gets By en met haar nieuwe project maakt ze wel het soort muziek die volledig in mijn straatje past. Broods was niet vies van flink wat elektronica, maar Heavy Meadow van Georgia Gets By is voorzien van organische en grotendeels akoestische klanken. Het album is bovendien voorzien van zeer sfeervolle klanken, waardoor het album het uitstekend doet op een lome zondagochtend. 

Op het debuutalbum van Georgia Gets By maakt Georgia Nott stemmige muziek, die vooral folky klinkt, maar die ook kan opschuiven richting chamber pop. De sfeervolle klanken, waarvoor ook flink wat strijkers zijn ingezet, passen echt prachtig bij de zachte stem van Georgia Nott. De Nieuw-Zeelandse muzikante maakte op de albums van Broods al indruk met haar stem, maar op Heavy Meadow komt de zachte, heldere en zuivere stem van de Nieuw-Zeelandse muzikante nog veel beter tot zijn recht. 

Het debuutalbum van Georgia Gets By bevat invloeden uit de Britse en Amerikaanse folk van weleer, maar het album klinkt ook net wat anders. Van songs als het prachtige Monarch kon ik vanwege de sobere klanken en de werkelijk prachtige zang al direct geen genoeg krijgen, maar ook de andere songs op Heavy Meadow blijken stuk voor stuk pareltjes. 

Ik heb helaas maar heel weinig informatie over het album, dat ook nog niet op de bandcamp pagina van Georgia Gets By is te vinden, maar ik ben echt onder de indruk van de prachtige muziek op het album, van de heldere productie, van de fraaie, vaak klassiek aandoende, arrangementen en van de zich langzaam voortslepende songs van de Nieuw-Zeelandse muzikante. 

Het mooist is en blijft echter de stem van Georgia Nott, die Heavy Meadow heeft voorzien van betoverend mooie zang. Het klinkt zoals gezegd allemaal fantastisch op een rustige zondagochtend of in de kleine uurtjes, maar nu ik wat vaker naar het debuutalbum van Georgia Gets By heb geluisterd komt het eigenlijk op alle uren van de dag tot zijn recht en Heavy Meadow wordt alleen maar mooier en sfeervoller. Prachtalbum. Erwin Zijleman


04 juli 2026

Review: River Shook - River Shook

Na een aantal geweldige albums van Sarah Shook & the Disarmers gaat Sarah Shook verder als River Shook, wat een indrukwekkend mooi debuutalbum oplevert, dat het talent van de Amerikaanse muzikant nog eens onderstreept
Het eerste soloalbum van River Shook sneeuwde vorige week wat onder, maar gelukkig wordt het album langzaam maar zeker toch nog in brede kring opgepikt. Dat is volkomen terecht, want de Amerikaanse muzikant heeft wederom een prachtalbum gemaakt. Het klinkt wat meer ingetogen dan de muziek van de band die River Shook de afgelopen jaren aanvoerde, maar het klinkt nog altijd ruw en eerlijk. De stem van River Shook is er een die van alles met je doet, waarna de indringende teksten, de geweldige songs en een fraai gitaargeoriënteerd geluid de rest doen. Na de prachtalbums van Sarah Shook & the Disarmers en het onderschatte project Mightmare is ook het eerste album van River Shook er weer een om te koesteren.



In het voorjaar van 2018 stuurde een promotor van Amerikaanse rootsmuziek uit Nashville me een album van de mij onbekende Amerikaanse band Sarah Shook & the Disarmers. Years bleek het tweede album van de band uit North Carolina en ik vond het direct een verpletterend mooi album. 

Sarah Shook groeide op in een streng religieus gezin op het platteland van North Carolina en kreeg in haar jeugd geen enkele vrijheid. Toen ze die vrijheid eenmaal had veroverd koos ze voor een ruig en zeker niet gemakkelijk leven, waarin alcohol vaak troost bracht. Ook muziek bleek een goede uitlaadklep en dat komt er allemaal uit op Years, waarop Sarah Shook en haar band op gepassioneerde wijze traditionele Amerikaanse countrymuziek vermengen met rock ’n roll en honky tonk. 

Years eindigde in 2018 op de derde plaats in mijn jaarlijstje en dat vind ik nog steeds volkomen terecht. Met Nightroamer uit 2022 en Revelations uit 2024 volgden nog twee uitstekende albums, waarop de band af en toe wat opschoof richting indierock, maar ook de traditionele countrymuziek niet werd vergeten. Tussendoor maakte Sarah Shook onder de naam Mightmare het flink afwijkende, met elektronica gevulde en totaal onbegrepen Cruel Liars, maar dat album is beter dan ik vier jaar geleden dacht. 

Sarah Shook gaat inmiddels als River Shook en als non-binair persoon door het leven en leverde vorige week een soloalbum onder deze naam af. Ik heb inmiddels al acht jaar een enorm zwak voor de Amerikaanse muzikant, die het allemaal niet voor niets heeft gekregen in het leven, maar zich knap staande heeft gehouden en was daarom heel nieuwsgierig naar het nieuwe album. 

Na vier (in 2017 verscheen het ook uitstekende debuutalbum Sidelong) fantastische albums van Sarah Shook & the Disarmers ligt de lat hoog voor River Shook, maar de Amerikaanse muzikant stelt wederom niet teleur. Het eerste album van River Shook klinkt wat meer ingetogen en wat minder stevig dan de muziek van de band, maar de verschillen moeten ook niet overdreven worden. 

De stem van River Shook is er nog altijd een die direct iets met je doet en ook de persoonlijke en indringende teksten vol ellende herinneren aan de albums van Sarah Shook & the Disarmers. Ook in muzikaal opzicht hoor ik veel overeenkomsten, zeker wanneer de gitaren wat ruwer klinken. Het debuutalbum van River Shook leunt weer wat dichter tegen de traditionele countrymuziek aan, maar de rock ’n roll is zeker niet verdwenen. 

Zeker de wat meer ingetogen countrysongs laten horen hoe mooi en doorleefd de stem van de muzikant uit Chapel Hill, North Carolina, is. River Shook werkte op het album van Mightmare en op het laatste album van Sarah Shook & the Disarmers samen met gitarist Blake Talent en hij speelt ook een voorname rol op dit album. River Shook en Blake Talent zijn verantwoordelijk voor de productie van het album en voor het overgrote deel van de muziek, waarin het fraaie gitaarspel van Blake Talent een belangrijke rol speelt. 

Ik luister nog altijd regelmatig naar de albums van de voormalige band van River Shook, die wat mij betreft moeten worden gerekend tot het allerbeste dat de Amerikaanse rootsmuziek de afgelopen tien jaar te bieden had. Het eerste soloalbum van River Shook voegt iets toe aan deze geweldige albums en doet er zeker niet voor onder. Knap werk weer. Erwin Zijleman

De muziek van River Shook is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikant: https://rivershook.bandcamp.com/album/river-shook.


River Shook van River Shook is verkrijgbaar via de Mania webshop:



03 juli 2026

Review: Rozzi - Fig Tree

Fig Tree van de Amerikaanse Rozzi doet voorlopig niet heel veel, maar het is een knap album waarop de muzikante uit Los Angeles eigenlijk alles goed doet en ook nog eens tekent voor een heerlijke zomersoundtrack
Soms hoor je een album en weet je bijna zeker dat het de maker van het album heel groot gaat maken. Fig Tree van Rozzi is wat mij betreft zo’n album. De Amerikaanse muzikante beschikt over een uitstekende stem met veel soul, schrijft aansprekende songs vol hitpotentie en heeft een producer gestrikt die haar album heeft voorzien van een warm geluid dat is gemaakt voor aangename zomerdagen. Fig Tree van Rozzi is vanaf de eerste noten een bijzonder aangenaam album en blijft dit veertien songs lang. Of het Rozzi heel groot gaat maken is de vraag, want Fig Tree is al even uit en het is al het derde album van de Amerikaanse muzikante, die op mij flinke indruk heeft gemaakt.



Ik weet niet meer precies waar ik de naam Rozzi onlangs tegenkwam of wat over haar werd geschreven, maar ik vond het kennelijk interessant genoeg om haar naam op te schrijven. Rozzi is het alter ego van de Amerikaanse muzikante Rosalind Elizabeth Crane, die een maand of twee geleden het album Fig Tree uitbracht. 

Het is tot mijn verbazing al het derde album van de Amerikaanse muzikante, die al in 2018 haar debuutalbum uitbracht. Ik weet inmiddels dat ze op 19-jarige leeftijd werd ontdekt door Maroon 5 zanger Adam Levine, die haar meenam met een aantal tours van zijn band en vervolgens een platencontract aanbood bij zijn label. Ik moet nog eens luisteren naar de eerste twee albums van Rozzi, maar vooralsnog gaat al mijn aandacht uit naar het dit voorjaar verschenen Fig Tree. 

Ik had zelf zoals gezegd nog nooit van Rozzi gehoord, maar ook in andere bubbels lijkt ze gezien het relatief bescheiden aantal volgers en likes op bijvoorbeeld TikTok vooralsnog niet heel erg bekend. Het verbaast me echt, want als ik luister naar Fig Tree hoor ik een album dat bij een heel groot publiek in de smaak moet kunnen vallen en een muzikante die over de potentie beschikt om grote zalen te vullen. 

De soulvolle pop van Rozzi is niet zo heel ver verwijderd van de wel zeer succesvolle soulvolle pop van Olivia Dean, die vorige maand nog indruk maakte in de Amsterdamse Ziggo Dome. Waar Olivia Dean momenteel niet over aandacht heeft te klagen, heeft Rozzi dat wel. Fig Tree verscheen twee maanden geleden en heeft tot dusver nauwelijks aandacht gekregen. 

Het heeft niets te maken met de kwaliteit van het album, want die is hoog. Het begint bij de stem van de muzikante uit Los Angeles en die stem overtuigt makkelijk. Rozzi zingt om te beginnen met heel veel soul, maar ze varieert ook flink met haar stem en verstaat bovendien de kunst van het doseren. 

In de uptempo songs kan de Amerikaanse muzikante met veel kracht zingen, maar ze zingt ook verrassend vaak ingetogen. Er zijn veel zangeressen met een soulvolle stem, maar ik vind de stem van Rozzi mooier dan de meeste andere stemmen in het genre en het is ook nog eens een karakteristieke stem. 

Fig Tree heeft meer te bieden, want ook de productie van Mocky mag er zijn. De Amerikaanse producer werkte in het verleden vaak met Feist, maar hij produceerde ook het fraaie Take Me Apart van Kelela, dat ik in 2017 schaarde onder de beste R&B albums. Mocky heeft Fig Tree voorzien van een mooi en organisch klinkend geluid en het is een geluid dat alle ruimte biedt aan de mooie stem van Rozzi. 

Vaak klinken dit soort soulvolle popalbums wat overgeproduceerd, maar het geluid van Mocky is zeer smaakvol. Het is een geluid met flarden soulmuziek uit het verleden, maar Fig Tree klinkt ook fris, zeker wanneer de instrumentatie vrij sober is en de ritmesectie de hoofdrol opeist. 

Fig Tree is een heerlijk zomeralbum met lome, zwoele en aanstekelijke soulsongs, maar het is ook een album dat vol staat met uitstekende songs. Het zijn songs die zoals gezegd in de smaak moeten kunnen vallen bij een breed publiek, maar het zijn ook songs die in alle opzichten kwaliteit ademen. 

Fig Tree is zo’n album dat eindeloos aangenaam voortkabbelt op de achtergrond, maar het is ook een album dat het verdient om uitgeplozen te worden, om vervolgens te concluderen dat Rozzi een topalbum heeft gemaakt, dat alleen maar leuker wordt als je het vaker hoort. Erwin Zijleman


02 juli 2026

Review: Tift Merritt - Sugar

Tift Merritt debuteerde bijna vijfentwintig jaar geleden en was de afgelopen negen jaar niet heel productief, maar met het uitstekende Sugar laat de Amerikaanse muzikante horen dat ze nog altijd veel te bieden heeft
Een nieuw album van Tift Merritt is een goede reden om weer eens te luisteren naar haar oudere werk. Met name haar eerste twee albums zijn nog altijd van een bijzonder hoog niveau, maar ook het album dat tot voor kort haar laatste album was, Stitch of the World uit 2017, mag er zijn. Het zijn albums die nauwelijks te overtreffen zijn en dat doet het deze week verschenen Sugar dan ook niet, maar ook het nieuwe album van Tift Merritt is een album dat binnen de Amerikaanse rootsmuziek met de beste albums mee kan. De stem van de Amerikaanse muzikante klinkt wat ruwer dan in het verleden, maar het is nog altijd een stem die je weet te raken.



Zeg Tift Merritt en ik zeg Bramble Rose. Het in de zomer van 2002 verschenen debuutalbum van de Amerikaanse muzikante maakte destijds een verpletterende indruk en ik vind het nog altijd haar beste album. Bramble Rose is nog altijd een geweldig album en het is wat mij betreft een van de beste rootsalbums van de afgelopen vijfentwintig jaar. 

Het is de verdienste van de werkelijk fabelachtige productie van Ethan Johns en van de geweldige muzikanten op het album, maar Tift Merritt is met haar fantastische stem zelf de ster op Bramble Rose, dat ook nog eens vol staat met direct memorabele songs. Het debuutalbum van Tift Merritt is nauwelijks te overtreffen, maar de Amerikaanse muzikante deed in 2004 een serieuze poging met haar tweede album Tambourine. 

Tambourine is een album dat net wat soulvoller klinkt dan het debuutalbum en laat horen dat de stem van Tift Merritt zeker niet minder is geworden sinds haar debuut. Na Bramble Rose en Tambourine volgde tussen 2008 en 2013 een respectabel stapeltje albums. Het zijn allemaal albums die wat mij betreft bovengemiddeld goed zijn, maar ik vind ze allemaal net wat minder goed dan de eerste twee albums van de muzikante uit Raleigh, North Carolina, die overigens ook een aantal jaren New York als thuisbasis had. 

Aan het begin van 2017 verscheen Stitch of the World en dat album kan wat mij betreft de concurrentie met de eerste twee albums aan. Stitch of the World knalt uit de speakers met het geweldige drumwerk van Jay Bellarose en het inventieve gitaarwerk van Marc Ribot, maar Tift Merritt steelt zelf de show met spannende songs en met nog altijd geweldige zang. 

Na Stitch of the World is meer dan negen jaar lang, buiten de reissue van Tambourine en een album met restopnamen vorig jaar, niets vernomen van Tift Merritt, die begon aan een academische carrière, maar deze week keert ze terug met een nieuw album. Sugar is de opvolger van het meer dan uitstekende Stitch of the World, dat de lat hoog heeft gelegd, maar het nieuwe album van Tift Merritt laat direct vanaf de eerste noten horen dat ze het nog steeds kan. 

De Amerikaanse muzikante trekt bij eerste beluistering van Sugar vooral de aandacht met haar stem. Het is een stem die iets rijper en ook iets ruwer klinkt, maar het is ook een stem die mij nog steeds makkelijk inpakt. Sugar is geproduceerd door muzikant en producer Lawrence Rothman, die eerder muziek van onder andere Margo Price, Bartees Strange en Amanda Shires produceerde. 

Lawrence Rothman heeft het nieuwe album van Tift Merritt voorzien van een tijdloos en warm geluid met hier en daar flink wat strijkers. Het is een geluid dat makkelijk wat zoetsappig kan klinken, maar in combinatie met de krachtige stem van Tift Merritt klinkt het prachtig. 

Sugar is een album dat niet onder doet voor de albums die Tift Merritt maakte tussen 2008 en 2013, maar dat het net aflegt tegen Bramble Rose, Tambourine en Stitch of the World. Dat zijn ook excellente albums, maar ook de mix van country, folk en soul op Sugar mag er zijn. 

Tift Merritt houdt zich tegenwoordig vooral met andere dingen bezig, maar ik ben blij dat ze ook weer eens de tijd heeft genomen voor het maken van muziek. Met Sugar heeft ze immers een rootsalbum gemaakt waar heel wat muzikanten in het genre best jaloers op mogen zijn. Erwin Zijleman


Sugar van Tift Merritt is verkrijgbaar via de Mania webshop:


01 juli 2026

Review: Tasha - You Are Spring!

Iedereen die de Amerikaanse muzikante Tasha niet kent, heeft inmiddels drie bijzondere albums gemist, waarvan ik het deze week verschenen You Are Spring! nog net wat mooier en indrukwekkender vind
De Amerikaanse muzikante Tasha werd na de release van haar debuutalbum een folkie genoemd, maar ze was ook op haar eerste album al veel meer dan dat. Sindsdien is haar muziek alleen maar mooier, rijker en spannender geworden. Op You Are Spring! zijn vooral redelijk ingetogen songs te horen, maar het zijn songs die zijn voorzien van een bijzonder smaakvolle instrumentatie. Het is muziek die uitstekend past bij de mooie stem van Tasha, die ook beschikt over veel soul. De muzikante uit New York wist zich met haar vorige albums al te onderscheiden van de concurrentie en doet dit nog wat nadrukkelijker op het bijzonder mooie en interessante You Are Spring!.



De Amerikaanse muzikante Tasha (Viets-VanLear) bracht in 2018 het mini-album Alone at Last uit. De zeven tracks op het album spraken me niet allemaal aan, maar ik hoorde wel de enorme belofte van de muzikante uit New York. 

Het verbaasde me dan ook niet dat ze in 2021 met Tell Me What You Miss the Most een uitstekend debuutalbum uitbracht. Het is ook een opvallend album, want de muziek van Tasha is zowel in muzikaal als vocaal opzicht behoorlijk ongrijpbaar. 

Ook qua genre is het debuutalbum van Tasha lastig in te delen. Tell Me What You Miss the Most werd uiteindelijk vooral een folkalbum genoemd en daar is wat voor te zeggen, maar het album klinkt anders dan het gemiddelde folkalbum, al is het maar vanwege de soulvolle stem van Tasha en de invloeden uit andere genres die ze in haar muziek verwerkt. 

Het in de herfst van 2024 verschenen All This and So Much More vond ik nog wat indrukwekkender dan het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante. Op haar tweede album maakt Tasha muziek die zich breder heeft laten beïnvloeden en voller is ingekleurd. De folk van het debuutalbum is in een aantal tracks verruild voor indierock, maar ook invloeden uit de folk, jazz, indiepop en R&B hebben hun weg gevonden naar haar songs. 

Beide albums konden rekenen op uitstekende recensies, maar ze zijn volgens mij niet in heel brede kring opgepikt. Het deze week verschenen derde album van Tasha is vooralsnog zeker niet overladen met aandacht, maar ik vind ook You Are Spring! weer een erg goed album. 

Het is een album dat over het algemeen weer in het hokje folk wordt gestopt. Daar is wat voor te zeggen, want vergeleken met het vorige album bevat You Are Spring! net wat meer ingetogen folk, maar voor pure folk ben je bij Tasha wat mij betreft echt niet aan het juiste adres. 

Ook You Are Spring! is voorzien van fraaie klanken en bouwt verder waar All This and So Much More bijna twee jaar geleden ophield. You Are Spring! is net als het vorige album geproduceerd door Gregory Uhlmann, die er wederom een mooi klinkend album van heeft gemaakt. Dat is ook deels de verdienste van Tasha zelf, want ze neemt op haar nieuwe album niet alleen de zang voor haar rekening maar ook een deel van de instrumenten die zijn te horen. 

Ondanks het feit dat het nieuwe album van Tasha zeker geen standaard folkalbum is, spelen invloeden uit de folk wel een belangrijke rol op het album, dat ook invloeden uit de chamber pop, indiepop en jazz bevat. Op het vorige album waren ook een aantal flirts met indierock te horen, maar die hoor ik op You Are Spring! eigenlijk maar in één van de tracks. 

De stem van Tasha viel op haar vorige twee albums al in positieve zin op, maar de zang op haar nieuwe album klinkt nog net wat mooier en intiemer. Het nieuwe album van Tasha ademt in alle opzichten kwaliteit en wat valt er veel te ontdekken in de songs van de Amerikaanse muzikante. 

You Are Spring! is wat mij betreft een album dat zomaar kan uitgroeien tot een van de betere albums van 2026, maar het is wel een album dat de tijd moet krijgen om te groeien en dat om te beginnen maar eens ontdekt moet worden door een grotere groep liefhebbers van vrouwelijke singer-songwriters die fantasierijke en tegelijkertijd wonderschone muziek maken. Erwin Zijleman

De muziek van Tasha is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://tashamusic.bandcamp.com/album/you-are-spring.