15 augustus 2026

Review: Phoebe Bridgers - Lost Weekend

Phoebe Bridgers dook negen jaar geleden op met een uniek eigen geluid en dat geluid laat ze ook weer horen op haar deze week verschenen derde album Lost Weekend, dat vijftig minuten lang betovert en bedwelmt.
Het is bijna niet te geloven dat er zes jaar zijn verstreken sinds de release van Punisher, het tweede album van Phoebe Bridgers, en zelfs negen jaar sinds haar debuutalbum Stranger in the Alps verscheen. In die jaren is de Amerikaanse muzikante uitgegroeid tot een van de allergrootsten binnen de indiescene en op haar deze week verschenen derde album Lost Weekend laat Phoebe Bridgers horen dat dat niet voor niets is. Het is vanaf de eerste noten een typisch Phoebe Bridgers album, maar ze zet op subtiele wijze ook stappen in uiteenlopende richtingen, bijvoorbeeld in de arrangementen en in de teksten. Lost Weekend is heel goed, maar zal nog wel verder groeien de komende tijd, net als de vorige albums van Phoebe Bridgers dat deden.



Bijna negen jaar geleden schreef ik het volgende over Stranger in the Alps, het debuutalbum van Phoebe Bridgers: “Direct bij eerste beluistering werd ik gegrepen door de bijna desolate sfeer op Stranger in the Alps en onder de indruk van de ruwe schoonheid en enorme impact van de songs van Phoebe Bridgers. Luister naar Stranger in the Alps en je voelt de pijn van een jonge vrouw die een beroerde jeugd achter zich heeft gelaten, luister nog een paar keer en je hoort een plaat die overloopt van talent, zeggingskracht en bijzondere schoonheid. Phoebe Bridgers heeft een album gemaakt dat van alles met je doet. Het is een album dat vanwege alle melancholie en ellende pijn kan doen, maar het is ook een album dat betovert met songs die je voor altijd wilt koesteren.” 

Het zijn woorden waar ik nog steeds volledig achter sta. Stranger in the Alps hoort bij de mooiste albums die ik ken en ondanks het feit dat ik het album al heel vaak heb beluisterd, raakt het me iedere keer als ik het hoor weer diep, waardoor het debuutalbum van Phoebe Bridgers me steeds dierbaarder wordt. 

Ook na Stranger in the Alps maakte Phoebe Bridgers volop mooie muziek. Er was de samenwerking met Conor Oberst op het album van Better Oblivion Community Center uit 2019, er was in 2020 haar geweldige tweede album Punisher en er was natuurlijk het debuutalbum van boygenius in 2023. Allemaal prachtig, maar Stranger in the Alps steekt er voor mij nog altijd bovenuit. 

En nu is er dan, na zes jaar wachten, het derde soloalbum van Phoebe Bridgers, die inmiddels is uitgegroeid tot een van de grote sterren binnen de indiepop en indierock van het moment. Dat dit terecht is hoor je op haar nieuwe album Lost Weekend, dat zich niet zomaar laat vergelijken met haar debuutalbum, dat ze op jonge leeftijd maakte. 

Het betekent niet dat het geluid van Phoebe Bridgers volledig is veranderd sinds Stranger in the Alps. Ook op Lost Weekend zingt de Amerikaanse muzikante vooral fluisterzacht en haar songs hebben ook nog altijd een wat donkere sfeer die varieert van melancholisch tot desolaat. Lost Weekend is wel een stuk veelzijdiger dan het debuutalbum, want het kan dit keer meerdere kanten op.

Een aantal tracks op Lost Weekend is voorzien van behoorlijk uitbundige arrangementen, maar ik vind de muziek van Phoebe Bridgers nog altijd het mooist wanneer ze genoeg heeft aan een akoestische gitaar en wat wolken met atmosferische, donkere en soms unheimische klanken van synths en de strijkers van Rob Moose. Zeker in de meest ingetogen songs op Lost Weekend zingt Phoebe Bridgers fluisterzacht en dan vind ik ook haar stem op zijn mooist. 

Lost Weekend bevat zestien tracks en meer dan vijftig minuten muziek en in die vijftig minuten domineren de ingetogen songs. Het levert een groot deel van de tijd een intiem album op en dat is best bijzonder, zeker als je kijkt naar de enorm lange lijst met gastmuzikanten van naam en faam en de extra producers die zijn ingeschakeld voor het album, onder wie ook Jack Antonoff. 

De songs met wat zwaarder aangezette arrangementen en een wat voller en soms wat steviger geluid zijn zeker de moeite waard. In deze tracks laat Phoebe Bridgers horen dat ze meer in huis heeft dan het geluid dat we van haar kennen, maar persoonlijk ben ik juist gehecht aan dat geluid, waardoor ik bekend klinkende tracks op Lost Weekend het mooist vind.

Lost Weekend is een prachtig album, dat nog maar eens laat horen dat Phoebe Bridgers beschikt over een uniek eigen geluid en over het vermogen om songs te schrijven die betoveren, verwonderen en diep onder de huid kruipen. Net als de vorige albums van de Amerikaanse muzikante zal ook Lost Weekend nog moeten groeien, maar dat ik ook dit album ga koesteren, is zeker. 

Ik vind Lost Weekend minstens zo goed als Punisher en ook niet minder dan het album van boygenius en dus een meer dan uitstekend album, maar haar debuutalbum Stranger in the Alps blijft voor mij ook dit keer onaantastbaar. Dat gaat ook niet meer veranderen en dat is prima. Erwin Zijleman

De muziek van Phoebe Bridgers is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://phoebebridgers.bandcamp.com/album/lost-weekend.


Lost Weekend van Phoebe Bridgers is verkrijgbaar via de Mania webshop:



14 augustus 2026

Review: Margaret Glaspy - I Am Both

Margaret Glaspy staat inmiddels al tien jaar garant voor bijzonder mooie albums, maar op het deze week verschenen album I Am Both doet de Amerikaanse muzikante er nog een schepje bovenop qua schoonheid en intensiteit.
Met topproducer Joe Henry en geweldige muzikanten als Patrick Warren, Ross Gallagher en Jay Bellerose heb je de basis voor een prachtalbum te pakken, maar op I Am Both is Margaret Glaspy zelf de ster. Ze speelt prachtig en veelkleurig gitaar, heeft mooie teksten geschreven, is goed voor aansprekende songs vol invloeden en ze zingt ook nog eens prachtig op haar nieuwe album. Met haar vorige albums bleef de muzikante uit Brooklyn helaas een goed bewaard geheim, maar met I Am Both heeft ze een album gemaakt waar liefhebbers van (vrouwelijke) singer-songwriters niet omheen kunnen. De vorige albums van Margaret Glaspy waren heel erg goed, I Am Both is nog beter.



De Amerikaanse singer-songwriter Margaret Glaspy bracht een jaar geleden het mini-album The Golden Heart Protector uit. Ik maakte in een hele drukke releaseweek geen plekje vrij voor het ruim 25 minuten durende mini-album, dat ik vooral zag als een tussendoortje, maar achteraf bezien heb ik vaker geluisterd naar het mini-album dan naar de drie volwaardige albums van Margaret Glaspy. 

Op The Golden Heart Protector vertolkt de muzikante uit Brooklyn, New York, uitsluitend songs van anderen en dat doet ze samen met gastmuzikanten van naam en faam, onder wie Madison Cunningham, Norah Jones, Andrew Bird en James Bay en dat levert een serie memorabele songs op. 

Dat ik het tussendoortje van Margaret Glaspy vaker heb beluisterd dan haar reguliere albums zegt overigens niets over de kwaliteit van die albums, want ook over Emotions and Math (2016), Devotion (2020) en Echo the Diamond (2023) was ik zeer positief, maar vreemd genoeg haalde geen van de albums mijn jaarlijstje, wat overigens zeker terecht was geweest. 

Op haar debuutalbum deed Margaret Glaspy af en toe denken aan Fiona Apple, misschien wel de muzikante die ik het meest bewonder, maar op haar tweede album koos ze voor de elektronica, terwijl ze op haar derde album juist koos voor een steviger maar nog altijd onderscheidend gitaargeluid. Bij Margaret Glaspy weet je nooit waar je aan toe bent en dat maakt haar muziek interessant en onderscheidend. 

Gezien de albums uit het verleden is het geen verrassing dat de muzikante uit Brooklyn op haar deze week verschenen vierde album I Am Both weer kiest voor een ander geluid. I Am Both opent met redelijk ingetogen klanken van de akoestische gitaar en een fraai orgeltje, waarna de stem van Margaret Glaspy het voortouw mag nemen. Het is een stem die op het nieuwe album echt prachtig doorleefd klinkt, met een aangenaam ruw randje als bonus. 

Michigan, de indringende openingstrack van het nieuwe album van Margaret Glaspy, zou afkomstig kunnen zijn uit de hoogtijdagen van de Laurel Canyon folk en dat is een kant die ik nog niet van haar kende. Het is een kant van Margaret Glaspy die me wel bevalt, want ik vind de openingstrack van I Am Both imponerend mooi. Het album verslapt vervolgens niet, want alle songs op I Am Both zijn even mooi en intiem. 

Invloeden uit de Laurel Canyon folk blijven een belangrijke rol spelen op het album, maar Margaret Glaspy beweegt zich langzaam maar zeker naar het heden en schuwt ook het net wat stevigere werk niet. De zang op het album is van een bijzondere schoonheid, intensiteit en intimiteit en met name door de zang werd ik direct verpletterd door I Am Both. 

Er wordt echter ook fantastisch gespeeld op het album, wat ook niet anders kan met een band die bestaat uit topmuzikanten. Patrick Warren bespeelt de keyboards, Ross Gallagher de bas, terwijl Jay Bellerose de drumpartijen voor zijn rekening neemt. Dat klinkt fantastisch, maar ook het akoestische en elektrische gitaarspel valt in positieve zin op en dat is van de hand van Margaret Glaspy zelf. 

Een topproducer kan een album als I Am Both nog wat verder optillen en ook daar is aan gedacht, want niemand minder dan Joe Henry tekende voor de productie van het album en zorgt voor een intiem en organisch geluid. Margaret Glaspy werkte de afgelopen tien jaar aan een bijzonder oeuvre, maar met I Am Both heeft ze haar voorlopige meesterwerk gemaakt. Erwin Zijleman

De muziek van Margaret Glaspy is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://margaretglaspy.bandcamp.com/album/i-am-both.


I Am Both van Margaret Glaspy is verkrijgbaar via de Mania webshop: