donderdag 30 april 2020

Tom Misch & Yussef Dayes - What Kinda Music

Tom Misch en Yussef Dayes verrassen met een buitengewoon avontuurlijke mix van laid-back soul, experimentele jazz en alles er tussenin
What Kinda Music is een album dat ik in normale omstandigheden links zou hebben laten liggen. Het zijn echter geen normale omstandigheden en dat pakt nu eens goed uit. De lome en soulvolle tracks op het album verleiden vrijwel onmiddellijk, terwijl de experimentele en jazzy songs me nu eens niet de gordijnen in jagen. Er gebeurt zo idioot veel op dit album dat het je vaak duizelt, maar aan de andere kant klinkt de boeiende mix van invloeden ook volkomen logisch. In muzikaal opzicht steekt het allemaal razend knap in elkaar, maar Tom Misch en Yussef Dayes verliezen de toegankelijke songs nooit helemaal uit het oog. Mooi en verrassend plaatje dit.


In een tijd waarin heel veel dingen noodgedwongen iedere dag weer precies hetzelfde zijn, probeer ik met nieuwe muziek wat buiten mijn gebaande paden te treden. 

Normaal gesproken zou ik het album van Tom Misch en Yussef Dayes waarschijnlijk niet eens beluisterd hebben of zou ik er na vluchtige beluistering geen energie meer in hebben gestoken. Het eerste is het meest waarschijnlijk, want ik had tot voor kort nog nooit van Tom Misch gehoord en ook de naam Yussef Dayes deed geen belletje rinkelen. 

Eerstgenoemde is een Britse muzikant die vooralsnog vooral in de hokjes hip-hop en elektronica wordt geduwd, terwijl zijn eveneens uit Londen afkomstige metgezel vooral bekend is in jazz-kringen en dan met name van het samen met de Amerikaanse jazzmuzikant Kamaal Williams gevormde Yussef Kamaal. 

Als What Kinda Music van Tom Misch en Yussef Dayes een optelsom is van de muzikale voorkeuren van de twee verwacht je een mix van jazz, hip-hop en elektronica. Hiermee zijn we inderdaad een heel eind, maar de Britse muzikanten slepen er nog flink wat genres bij, waaronder in ieder geval soul, funk en pop. Het levert een fascinerend geluid op dat continu weer andere kanten op schiet en varieert van behoorlijk experimenteel tot zeer toegankelijk. What Kinda Music van Tom Misch en Yussef Dayes is qua invloeden een bonte lappendeken, maar het is ook een album dat zich laat beluisteren als één lange luistertrip. 

Zeker de lome en wat meer laid-back songs op het album dringen zich vrij makkelijk op. De twee Britse muzikanten zijn in deze tracks goed voor een gloedvolle mix van vooral soul en jazz, met flarden hiphop voor het extra avontuur. Ook in de wat toegankelijkere tracks op het album maken Tom Misch en Yussef Dayes zich er niet makkelijk van af. Met name de ritmes kiezen nooit voor de makkelijkste weg, maar ook de wijze waarop elektronica wordt ingezet loopt vrijwel continu over van avontuur, terwijl de mooie gitaarlijnen het oor maar blijven strelen. 

In de tracks met wat meer invloeden uit de jazz mag Yussef Dayes los gaan met weergaloos drumwerk, maar de muziek op What Kinda Music vervalt nooit in doelloos geëxperimenteer. Tom Misch en Yussef Dayes hebben een album gemaakt dat de fantasie eindeloos prikkelt, maar What Kinda Music komt ook buitengewoon aangenaam uit de speakers. 

Ik ben niet heel goed thuis in de genres waarin Tom Misch en Yussef Dayes opereren, wat vergelijken met de muziek van anderen lastig maakt, maar ik hoor heel vaak muziek die Prince in 2020 zomaar gemaakt zou kunnen hebben. Op andere momenten hoor ik ook weer muziek die Prince nooit zou maken, dus misschien is het maar het beste om de vergelijking met de muziek van anderen los te laten. 

Ondertussen blijf je maar nieuwe dingen horen op dit fascinerende album. Dat er alleen maar topmuzikanten zijn te horen op What Kinda Music hoor je vrijwel onmiddellijk, maar er gebeurt zoveel dat je What Kinda Music laag voor laag wilt ontrafelen om maar niets te hoeven missen. Zeker in de wat meer jazzy tracks waarin Yussef Dayes als drummer helemaal los mag gaan gebeurt er zoveel dat het je soms duizelt, maar ook de laid-back tracks steken veel complexer in elkaar dan je bij eerste beluistering hoort. Fascinerend album, dat is zeker. Erwin Zijleman

   

Koop Tom Misch & Yussef Dayes - What Kinda Music op cd bij Amazon.nl voor 13,21 euro
Koop Tom Misch & Yussef Dayes - What Kinda Music op LP bij Amazon.nl voor 31,74 euro

woensdag 29 april 2020

The Lost Brothers - After The Fire After The Rain

The Lost Brothers betoveren op hun nieuwe album met subtiele en beeldende Americana met hier en daar Ierse invloeden en een vleugje van The Everly Brothers
11 songs en 41 minuten lang betovert het Ierse duo The Lost Brothers met wonderschone klanken. Het zijn weidse en beeldende klanken die vooral als Americana zijn te typeren, maar ook invloeden uit de Ierse muziek en uit de Amerikaanse folk uit de jaren 60 hebben hun geluid gevonden naar het geluid op After The Fire After The Rain. En als Mark McCausland en Oisin Leech ook nog eens tekenen voor harmonieën die herinneren aan die van Don en Phil Everly en de instrumentatie steeds weer een net wat andere kant op schiet is de betovering compleet. Voor mij absoluut een van de mooiste Americana albums van de laatste tijd, zo niet de mooiste.


De muzikale erfenis van The Everly Brothers is de laatste jaren gelukkig weer springlevend. Er zijn momenteel immers nogal wat duo’s die zich hoorbaar hebben laten beïnvloeden door de muziek die Don en Phil Everly zo’n 60 jaar (!) geleden maakten. 

Het levert zo af en toe memorabele albums op, bijvoorbeeld die van The Cactus Blossoms en The Milk Carton Kids, maar ook flink wat albums die me vooral inspireren om de wonderschone harmonieën van The Everly Brothers weer eens uit de speakers te laten komen. 

Ook bij beluistering van After The Fire After The Rain zijn associaties met de muziek van The Everly Brothers niet te onderdrukken, maar het Ierse duo slaagt er absoluut in om een greep naar een willekeurig album van Don en Phil Everly voorlopig te onderdrukken. 

Mark McCausland en Oisin Leech komen zoals gezegd uit Ierland en hebben al een aantal albums op hun naam staan. Voor hun laatste album toog het tweetal naar New York, waar naast producers Daniel Schlett en Tony Garnier ook nog flink wat gastmuzikanten aanschoven. Onder deze gastmuzikanten grote namen als M. Ward, Howe Gelb en Jolie Holland en verder muzikanten die strijkers, blazers en pedal steel toevoegen aan het geluid van The Lost Brothers. 

Het is een geluid dat ik in eerste instantie zou hebben omschreven als Americana, maar Mark McCausland en Oisin Leech hebben ook zeker invloeden uit de Ierse volksmuziek opgenomen in hun muziek en zijn, zeker wanneer de mondharmonica opduikt, ook niet vies van de folk zoals die in de jaren 60 in en rond New York werd gemaakt. Invloeden van de soundtracks van spaghetti westerns maken het geluid nog wat veelzijdiger.

De twee Ierse muzikanten beschikken allebei over een mooie stem en het zijn ook nog eens stemmen die prachtig bij elkaar kleuren. Het zorgt zo af en toe voor harmonieën met een redelijk Everly Brothers gehalte, maar The Lost Brothers behouden gelukkig ook een eigen geluid. 

After The Fire After The Rain lag al een tijd op de stapel, maar toen het album er vorige week eindelijk af kwam was van twijfel geen sprake. The Lost Brothers hebben een album afgeleverd dat in vocaal opzicht bijzonder makkelijk overtuigt, maar ook in muzikaal opzicht is After The Fire After The Rain een album van grote schoonheid. Daniel Schlett en Tony Garnier hebben als producer nog geen heel indrukwekkend cv (laatstgenoemde is vooral bekend als bassist van Bob Dylan), maar hebben het album van The Lost Brothers prachtig ingekleurd. 

After The Fire After The Rain is een ruimtelijk klinkend album dat afwisselend beelden van Amerikaanse woestijnen, bergketens en rivierbeddingen en het groene Ierse platteland op het netvlies tovert. Zeker het ruim aanwezige gitaarwerk op het album valt op door veelkleurigheid en schoonheid, maar ook de wat subtielere bijdragen in het geluid van The Lost Brothers zijn uitermate trefzeker. 

Het elftal songs op After The Fire After The Rain kiest voor flink wat variatie, maar de songs vormen absoluut een geheel. Het is een geheel dat zich laat beluisteren als een roadtrip door weidse landschappen met af en toe een tussenstop in de grote stad. Het is druk binnen de Americana, maar The Lost Brothers slagen er glansrijk in om iets toe te voegen aan alles dat er al is. Al even uit zoals gezegd, maar dit wonderschone album verdient echt alle aandacht. Erwin Zijleman

De muziek van The Lost Brothers is verkrijgbaar via bandcamp: https://thelostbrothers.bandcamp.com/album/after-the-fire-after-the-rain.

   

dinsdag 28 april 2020

Malena Zavala - La Yarará

Malena Zavala debuteerde in 2018 prachtig met een dromerig album vol bezwering en combineert deze klanken nu op fraaie wijze met wat meer invloeden uit de Latijns-Amerikaanse muziek
Het debuut van Malena Zavala was twee jaar geleden een zeer memorabel maar helaas in brede kring over het hoofd gezien album. Opvolger La Yarará zal het ook niet makkelijk krijgen, al is het maar omdat de Argentijnse muzikante dit keer kiest voor een wat ongrijpbaarder geluid vol invloeden uit Latijns-Amerika. De donkere en nachtelijke klanken van het debuut zijn verruild voor de zonnige klanken van de dag, maar Malena Zavala heeft zeker geen lichtvoetig Latin album gemaakt. La Yarará is een album vol bijzondere invloeden en een album dat langzaam maar zeker steeds mooier en bijzonderder wordt.


Malena Zavala is een in Argentinië geboren maar in Engeland opgegroeide muzikante, die in 2018 debuteerde met Aliso. Het is een album dat ik twee jaar geleden niet heb opgemerkt en dit ondanks het feit dat het album in 2018 in maar liefst drie versies is verschenen (naast de reguliere versie verscheen ook nog een akoestische versie en een live-album). 

Het is een album waarvoor ik de afgelopen weken een enorm zwak heb gekregen en dat ik met terugwerkende kracht zo zou toevoegen aan mijn jaarlijstje over 2018. Ik kwam Aliso op het spoor door het nieuwe album van de Argentijnse singer-songwriter, maar waar het debuut van Malena Zavala direct een onuitwisbare indruk maakte en doorgroeide tot een album dat ik nog heel vaak ga beluisteren, was mijn kennismaking met het nieuwe album vooral een worsteling. 

Op haar debuut maakt Malena Zavala dromerige en uiterst ingetogen muziek die zich genadeloos opdringt. Het onlangs verschenen La Yarará is, zeker vergeleken met het debuut, een vat vol tegenstrijdigheden. Het album opent met dromerige klanken die in het verlengde liggen van de songs op het debuut van Malena Zavala. Hypnotiserende klanken worden gecombineerd met de mooie en bijzondere stem van de Argentijnse muzikante, die een brug slaat tussen verstilde folkies en de verleiding van Mazzy Star. Halverwege de openingstrack gaat het roer echter om. Latijns-Amerikaanse ritmes en zonnestralen doen hun intrede en worden gecombineerd met wat staccato gitaarlijnen. Het is wat meer pop dan op het debuut van Malena Zavala en het is vooral een stuk uitbundiger. 

De singer-songwriter uit Londen omarmt haar Argentijnse wortels op La Yarará een stuk steviger dan op haar debuut, maar het etiket Latin-pop dat ik hier en daar tegenkom is toch wat misplaatst. Ook La Yarará is een avontuurlijk album dat steeds iets doet dat je niet verwacht en dat invloeden uit meerdere genres op bijzondere wijze combineert. In de wat meer ingetogen en folky tracks op het album vloeien de atmosferische klanken van haar debuut prachtig samen met een zwoel vleugje Latin. Zeker de wat meer ingetogen songs op het album doen qua schoonheid niet onder voor de songs op het debuut en zeker bij beluistering met de koptelefoon hoor je hoe mooi het allemaal in elkaar zit. 

Malena Zavala kiest op La Yarará voor een wat voller geluid, maar het is nog altijd een subtiel geluid vol ruimte. Hier en daar wordt de Latin knop wat verder opengedraaid en neemt de brandende zon het over van de donkere nacht. La Yarará is opeens mijlenver verwijderd van het debuut van de Argentijnse muzikante, maar het plezier spat er van af en een verrassende wending is nooit ver weg. 

Ik kan nog altijd makkelijker uit de voeten met het debuut van Malena Zavala, maar bij iedere luisterbeurt valt er op haar tweede album meer op zijn plek. La Yarará is een album met buitengewoon aangenaam klinkende songs, maar het is ook een album waarop je iedere keer weer wat nieuws hoort en waarop continu bruggen worden geslagen tussen de muziek uit het geboorteland van Malena Zavala en de muziek uit het continent waarop ze is opgegroeid. Het is even wennen misschien, maar hoe vaker ik naar het album luister hoe onweerstaanbaarder het wordt. Erwin Zijleman

De muziek van Malena Zavala is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://malenazavala.bandcamp.com/album/la-yarar.

   



Koop Malena Zavala - La Yarará op cd bij Amazon.nl voor 13,99 euro
Koop Malena Zavala - La Yarará op LP bij Amazon.nl voor 23,38 euro

maandag 27 april 2020

Lucinda Williams - Good Souls Better Angels

Lucinda Williams levert een opvallend rauw en doorleefd rock ’n roll en blues album af, dat je bijna een uur lang in een stevige wurggreep houdt
Soms verlang je naar een rauw en smerig album zonder opsmuk dat aankomt als de spreekwoordelijke mokerslag. Een album met een stuwende ritmesectie en steeds weer uit de bocht vliegende gitaren. Een album met een schuurpapieren strot vol emotie en doorleving. Een album met songs die de vloer aanvegen met de Amerikaanse samenleving van het moment en geen blad voor de mond nemen. Het is een album waarvan je hoopt dat Neil Young of Bruce Springsteen het nog een keer maakt, maar Lucinda Williams levert het album nu al af. Good Souls Better Angels is een buitengewoon intens en fascinerend album van de Queen of Americana.


Begin 2014 besloot Lucinda Williams dat ze genoeg had van de praktijken van de muziekindustrie in het algemeen en die van platenmaatschappijen in bijzonder en nam ze het heft in eigen handen. Ze begon haar eigen platenmaatschappij Highway 20 Records en bracht hetzelfde jaar haar eerste album op dit label uit. 

Niks mis mee natuurlijk, maar de Amerikaanse singer-songwriter besloot ook om haar albums niet meer beschikbaar te maken via de streaming media diensten. Daar valt vanuit het oogpunt van de muzikant best wat voor te zeggen, maar de muziekliefhebber die gewend is geraakt aan eerst luisteren en dan pas kopen (of alleen maar luisteren) zag de albums van Lucinda Williams door het ontbreken op de streaming media diensten makkelijk over het hoofd. 

Wanneer Lucinda Williams ervoor heeft gekozen om toch in zee te gaan met Spoitify en haar soortgenoten weet ik niet, maar inmiddels zijn Down Where The Spirit Meets The Bone uit 2014, The Ghosts Of Highway 20 uit 2016 en This Sweet Old World uit 2017 gelukkig alsnog beschikbaar. Hetzelfde geldt voor het deze week verschenen nieuwe album van Lucinda Williams. En wat is het een geweldig album. Good Souls Better Angels grijpt je bijna een uur lang bij de strot met rauwe en smerige rock ’n roll en blues zoals alleen Lucinda Williams die kan maken. 

Waar Lucinda Williams op haar vorige albums nog vooral de country omarmde, kiest ze dit keer voor een meedogenloze mix van blues en rock ’n roll. Good Souls Better Angels is een album zonder opsmuk. Lucinda Williams dook de studio in met haar vaste band bestaande uit gitarist Stuart Mathis, bassist David Sutton en drummer Butch Norton en ging er voor de meeste tracks stevig in. 

De ritmesectie zorgt voor een degelijke maar strakke basis, de gitaarlijnen zijn heerlijk rauw en bluesy en de ruwe strot van Lucinda Williams voegt de emotie en doorleving die past bij dit soort muziek toe. Het is lang geleden dat we Lucinda Williams zo stevig en zo rechttoe rechtaan hoorden rocken en wat klinkt het lekker. 

Good Souls Better Angels klinkt als een album dat op een verloren namiddag in elkaar is geflanst, maar zeker in de wat meer ingetogen tracks hoor je dat er wel degelijk goed is nagedacht over de productie van het album. Zo worden ruwe passages steeds weer afgewisseld met donkere en broeierige passages en had een track als het bezwerende Big Black Train qua productie van de hand van Daniel Lanois kunnen zijn (en zou Springsteen er mee kunnen imponeren). 

Met name het gitaarwerk op het album is om je vingers bij af te likken, maar ook de opvallend rauwe zang van Lucinda Williams dringt zich steeds meer op. De ongekroonde koningin van de Americana klinkt niet alleen in haar zang rauw en eerlijk, maar ook in haar teksten maakt ze van haar hart geen moordkuil. Na wat meer introspectieve albums kijkt de Amerikaanse singer-songwriter nu vooral naar buiten en wat ze ziet bevalt haar niet. 

Good Souls Better Angels haalt stevig uit naar de Amerikaanse samenleving van het moment en naar de man die momenteel aan het roer staat, maar ook de sociale media krijgen een veeg uit de pan op een album dat je vanaf de eerste noten in een wurggreep houdt en dat een bijna beangstigende intensiteit en urgentie uitstraalt. Indrukwekkend album weer van Lucinda Williams. Erwin Zijleman

   


zondag 26 april 2020

Vanessa Peters - Mixtape

Vanessa Peters verzacht het lange wachten op haar voor 2021 aangekondigde nieuwe album met een tussendoortje, maar het is er een om te koesteren
De Texaanse singer-songwriter Vanessa Peters schaarde zich de afgelopen jaren met een serie prima albums onder mijn favoriete vrouwelijke singer-songwriters van het moment. Niet zo heel lang geleden steunde ik nog haar crowdfunding campagne voor een nieuw album, maar in deze onzekere tijden verblijdt Vanessa Peters ons nu ook met een nieuw album. Mixtape is een tussendoortje met covers, maar wat is het een mooi en aangenaam tussendoortje. De Amerikaanse singer-songwriter heeft een mooie en bijzondere serie songs geselecteerd en vertolkt ze op wonderschone wijze. Mixtape is voor mij dan ook een volwaardig album, dat fraai aansluit op de prachtalbums van de afgelopen jaren.


De Amerikaanse singer-songwriter Vanessa Peters begon eind februari een crowdfunding campagne voor de realisatie van haar nieuwe album Modern Age. Ze harkte in record tempo een flink bedrag bij elkaar en had inmiddels al flink op streek moeten zijn met het opnemen van het album, dat volgens de oorspronkelijke planning in januari 2021 zou moeten verschijnen. Of dat gaat lukken is nog maar de vraag, want met een pandemie had niemand in februari rekening gehouden. 

Ik steun wel vaker crowdfunding campagnes, maar in het geval van Vanessa Peters was het een no-brainer. De Amerikaanse singer-songwriter maakte de afgelopen jaren met With The Sentimentals (2015), The Burden Of Unshakeable Proof (2016) en Foxhole Prayers (2018) albums die stuk voor stuk hoog eindigden in mijn jaarlijstje en ik heb er alle vertrouwen in dat Modern Age in 2021 goede zaken gaat doen in het jaarlijstje. 

Het is nog wel heel ver weg helaas, maar om het lange wachten wat makkelijker te maken kwam Vanessa Peters deze week met een tussendoortje op de proppen. Mixtape is het Vanessa Peters equivalent van de mengbandjes die de net wat minder jonge muziekliefhebbers onder ons in hun jongere jaren voor zichzelf en voor hun vrienden maakten. Vanessa Peters kiest ook op haar Mixtape voor een aantal songs van anderen die haar dierbaar zijn, maar voor de afwisseling voert ze deze songs zelf uit. 

Mixtape is misschien een tussendoortje, maar het is wel een bijzonder tussendoortje. Albums met covers zijn er in overvloed, maar Vanessa Peters kiest voor een serie songs waarvan je het merendeel op geen enkel ander coveralbum tegen komt. Mixtape bevat songs van onder andere The Weakerthans, Pernice Brothers, Eels, Tom Petty, Patty Griffin, The National en Sarah Harmer en het zijn niet de geijkte songs van deze muzikanten. New Order’s Bizarre Love Triangle kom je wel vaker tegen, maar Vanessa Peters maakt er op Mixtape haar eigen song van. 

Negen van de tien songs werden in haar thuisstad Dallas, Texas, opgenomen, terwijl America’s Sister Golden Hair (wel een song die je op veel coveralbums tegen komt) on the road werd opgenomen in Duitsland. In de openingstrack wordt Vanessa Peters bijgestaan door de Texaanse punkband CLIFFS, terwijl in een aantal andere tracks meestergitarist Chris Holt is te horen. De meeste songs werden echter in elkaar gesleuteld door Vanessa Peters en producer en multi-instrumentalist Rip Rowan. 

Mixtape is misschien een tussendoortje, maar het is ook een vintage Vanessa Peters album. De singer-songwriter uit Dallas, Texas, beschikt over een stem die je vrijwel onmiddellijk dierbaar is en slaagt er ook altijd in om muziek te maken die plezier uitstraalt. Natuurlijk moeten we het dit keer doen zonder haar unieke songwriting skills, die ik  net zo hoog inschat als die van de door mij zeer bewonderde Aimee Mann, maar de muzikanten van wie ze songs heeft geselecteerd kunnen er natuurlijk ook wat van. 

En zo is dit tussendoortje niet alleen een album dat zeer doet uitzien naar het voor begin 2021 aangekondigde Modern Age, maar is het voor mij ook een prima opvolger van de albums die Vanessa Peters de afgelopen jaren maakte. Het zijn albums die overlopen van plezier en liefde voor de muziek, maar je ook weten te raken, precies zoals Mixtape dat toch weer flink wat keren lukt. Erwin Zijleman

Mixtape van Vanessa Peters is verkrijgbaar via haar bandcamp pagina, waar ook haar prachtige vorige albums zijn te vinden: https://vanessapeters.bandcamp.com/album/mixtape.

De live stream waarmee het album werd geïntroduceerd is hier te zien: https://www.facebook.com/watch/live/?v=918966481908153&external_log_id=250041f8c4e7d4f2de4c9d56547b833f

   

zaterdag 25 april 2020

Whitney Rose - We Still Go To Rodeos

Whitney Rose sleept er nog wat invloeden uit een aantal decennia countrymuziek bij en levert de soundtrack voor een warme, nostalgische en zorgeloze lente en zomer af
De van oorsprong Canadese singer-songwriter Whitney Rose is voor de derde keer op rij goed voor een album vol tijdloze countrymuziek. De muzikante uit Austin, Texas, schuift dit keer wat meer op richting de jaren 80, waardoor We Still Go To Rodeos weer flink anders klinkt dan zijn twee voorgangers. Wat is gebleven is de hang naar het verleden, het goede gevoel voor tijdloze songs en een geweldige stem die in alle uithoeken van de country uit de voeten kan. We Still Go To Rodeos is zo’n album dat je direct een goed gevoel geeft, maar het is ook al snel een album dat je wilt koesteren, net als zijn twee voorgangers.


We leven in een tijd waarin alles in een rap tempo verandert, maar gelukkig zijn er ook dingen die niet veranderen. De van oorsprong Canadese singer-songwriter Whitney Rose maakte al twee albums indruk met countrymuziek zoals die in de afgelopen decennia werd gemaakt en ook op haar nieuwe album is ze de countrymuziek uit het verleden trouw gebleven. Ook We Still Go To Rodeos zwicht geen moment voor gladde Nashville countrypop, maar citeert rijkelijk uit een aantal decennia countrymuziek. 

Op haar drie albums schuift de singer-songwriter uit Austin, Texas, overigens wel wat op in de tijd. Waar Heartbreaker Of The Year uit 2015 flink wat invloeden uit de country en rock ’n roll uit de jaren 50 bevatte en Rule 62 uit 2017 ook de jaren 60 en 70 erbij pakte, neemt Whitney Rose je op We Still Go To Rodeos ook mee naar de jaren 80, waardoor het album weer anders klinkt dan zijn voorgangers. 

Whitney Rose werkte op haar vorige twee albums met producer en The Mavericks voorman Raul Malo, maar heeft dit keer gekozen voor Paul Kolderie, die werkte met bands Uncle Tupelo en Morphine, maar ook met meer rock georiënteerde bands als Buffalo Tom en Radiohead. Het heeft Whitney Rose er niet van weerhouden om ook dit keer muziek te maken die is geworteld in de countrymuziek uit het verleden. Paul Kolderie heeft overigens wel vakwerk geleverd, want het nieuwe album van Whitney Rose klinkt geweldig. We Still Go To Rodeos is een album dat onmiddellijk uitnodigt tot zorgeloos luieren in de lentezon en biedt hiervoor de perfecte soundtrack. 

De Texaanse muzikante put zoals gezegd uit een steeds breder verleden, wat een zeer gevarieerd album heeft opgeleverd. Het is een album dat stevig kan rocken, maar het is ook een album met honingzoete country ballads of genadeloze country tearjerkers. In alle gevallen is het geluid van Whitney Rose lekker vol ingekleurd met flink wat instrumenten, waarbij de gitaren het meest in het oor springen. Dat laatste is ook niet zo gek, want Whitney Rose schakelde een heel bataljon gitaristen in, onder wie ouwe rot Gurf Morlix. 

We Still Go To Rodeos is door alle invloeden uit het verleden een wat nostalgisch aandoend album, maar het is ook een tijdloos album vol songs die na één keer horen in het geheugen zijn opgeslagen. Het is de verdienste van bijzonder aangename melodieën en aanstekelijke refreinen, maar ook het gloedvolle geluid op het album heeft stevig bijgedragen aan het aangename gevoel dat We Still Go To Rodeos me bezorgd. 

Hiermee is nog niet alles gezegd, want ook op haar nieuwe album toont Whitney Rose zich een uitstekend zangeres. Het is een zangeres die het voortouw kan nemen in de wat soberder ingekleurde songs, maar die ook wanneer de gitaren de hoofdrol opeisen makkelijk overeind blijft. 

We Still Go To Rodeos heeft vaak een 80s country feel, maar Whitney Rose kleurt ook makkelijk buiten de lijntjes van het genre door invloeden uit onder andere de rock, blues en soul toe te laten in haar muziek. Het levert een album op dat makkelijk overtuigt, dat de ruimte vult met warme en aangename klanken en dat me bij iedere luisterbeurt weer net wat vrolijker maakt. De vernieuwingsprijs wint Whitney Rose deze week niet, maar de feelgood prijs is binnen. De kwaliteitsprijs overigens ook. Erwin Zijleman

De muziek van Whitney Rose is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://whitneyrose.bandcamp.com/releases.

   

vrijdag 24 april 2020

Ben Watt - Storm Damage

Ben Watt speelde in Everything But The Girl vooral tweede viool en ook zijn soloalbums waren lang niet altijd interessant, maar het eerder dit jaar verschenen Storm Damage is echt prachtig
Ik was voorbereid op heel veel elektronica en een flinke dosis beats, maar Storm Damage van Ben Watt is vooral een organisch klinkend album. De Britse muzikant heeft een mooi en warm geluid in elkaar gesleuteld waarvan de basis warm en organisch is, maar er aan de oppervlakte ook ruimte is voor elektronica. Het klinkt prachtig en ook de stem van Ben Watt valt zeker niet tegen, maar het zijn vooral de razend knappe songs die Storm Damage flink boven het maaiveld uit tillen. Het zijn intense songs vol melancholie, maar ook songs die nooit de makkelijkste weg kiezen en de fantasie daarom stevig blijven prikkelen.


Ik ben altijd een groot fan van de Britse band Everything But The Girl geweest en dan met name van zangeres Tracey Thorn. Op de eerste albums mocht haar kompaan Ben Watt ook wel eens een nummertje zingen en daar begreep ik niets van. Ook Ben Watts beschikte over een aardige stem, maar het was natuurlijk geen vergelijk met de zwoele en soepele stem van Tracey Thorn. 

Het is een beetje alsof Barcelona Lionel Messi als keeper opstelt zodat de keeper van de ploeg ook eens lekker mag voetballen (vergeef me deze voetbal analogie uit het pre-corona tijdperk). 

Mijn sympathie voor Ben Watt nam in de jaren 90 nog wat verder af toen hij Tracey Thorn probeerde te overstemmen met dansvloer beats, wat overigens wel zorgde voor een opleving van Everything But The Girl (en voor de ondergang). 

Diezelfde Ben Watt dook eerder dit jaar op met een soloalbum, dat ik heb laten liggen, vooral omdat ik nog meer dansvloer escapades verwachte. Ik heb het album vorige week toch maar eens van de stapel gepakt en was direct aangenaam verrast door Storm Damage. 

Ben Watt maakt inmiddels al een hele tijd soloalbums, maar de albums die ik een jaar of tien geleden beluisterde waren vooral gevuld met beats en elektronica en niet mijn ding. Sinds een aantal jaren heeft Ben Watt echter zijn oude vak van singer-songwriter weer opgepakt en dat gaat hem goed af. Ik moet nog goed luisteren naar de twee voorgangers van Storm Damage, maar het eerder dit jaar verschenen soloalbum van Ben Watt is een uitstekend album. 

Het is een album waarop elektronica niet langer de basis vormt van de muziek van de Britse singer-songwriter. Deze basis wordt gelegd door een subtiel spelende ritmesectie, waarin vooral de contrabas zorgt voor warmte. Op deze basis zijn vervolgens mooie piano en gitaarpartijen gestapeld, waarop Ben Watt vervolgens ook nog een laag elektronica heeft geplaatst. 

Het voorziet Storm Damage van een warm en rijk geluid, waarin organische klanken en elektronica fraai samenvloeien. Het is een geluid dat wordt gecombineerd met de zang van Ben Watt, die vergeleken met zijn jongere jaren aan kracht en doorleving heeft gewonnen. Storm Damage is een album vol melancholie. Ben Watts kreeg te maken met een aantal tegenslagen in zijn persoonlijke leven en ook de staat waarin het Verenigd Koninkrijk de afgelopen jaren verkeert is niet altijd een reden tot vreugde. 

Zeker in de ingetogen en wat weemoedig klinkende songs heeft Storm Damage wat van de vroege albums van David Sylvian, maar Ben Watt is ook niet vies van wat lichtvoetigere en meer uptempo songs en ook invloeden uit de Britse folk van weleer klinken door. Het zijn songs die dieper graven dan die van het legioen jonge mannelijke singer-songwriters dat het VK momenteel bevolkt. 

De instrumentatie is niet alleen mooi en stemmig, maar ook avontuurlijk en ook de songstructuren op het album zijn zeker niet alledaags. Ik vond Storm Damage al mooi toen het album even op de achtergrond voortkabbelde, maar sinds ik het nieuwe album van Ben Watt uitsluitend met volledige aandacht beluister, ben ik echt onder de indruk van de schoonheid en de intensiteit van de songs. Wat herinneringen uit het verleden zorgden ervoor dat ik Storm Damage makkelijk aan de kant schoof eerder dit jaar, maar wat is het een prachtalbum. Erwin Zijleman

   

Boek: Liam Newton - 10cc: The Worst Band In The World

Lijvig en interessant boekwerk over de geschiedenis van de Britse band 10cc; zeker niet “the worst band in the world”
Er verschijnen de laatste tijd nogal wat biografieën en autobiografieën waarin de sappige verhalen de muziek overheersen. De lijvige biografie over de Britse band 10cc is er gelukkig een van de oude stempel. Veel feiten, heel veel feiten en de muziek staat centraal. Natuurlijk ligt de nadruk op de jaren 70, want toen maakte de band haar beste albums. Het zijn albums die lang niet altijd op de juiste waarde zijn geschat, al lijkt er de afgelopen jaren sprake van eerherstel. Pak de prachtige verzamelaar Tenology er maar eens bij om te horen hoe 10cc op haar best klonk. Mooie band, mooie biografie.


Ik heb 10cc altijd een intrigerende band gevonden. Het is een band met twee geweldige songwriters aan boord (Eric Stewart en Graham Gouldman) en in de eerste fase van haar bestaan ook nog eens twee muzikanten die het avontuur in hun DNA hebben zitten (Kevin Godley en Lol Creme). Het is bovendien een band die een aantal geweldige albums op haar naam heeft staan. 

10cc is aan de andere kant een band die door de critici lang niet altijd serieus is genomen en vaak is weggezet als een stel Beatles wannabees. En het is een band die velen alleen kennen vanwege een aantal singles, waaronder het compleet kapot gedraaide Dreadlock Holiday. 

Goede cijfers heb ik natuurlijk niet, maar ik heb het idee dat de vraag naar de waardering van 10cc onder een brede groep muziekliefhebbers een negatief oordeel op zal leveren. Dat de lijvige biografie van de band de titel The Worst Band In The World heeft meegekregen is dan ook geen toeval, al lijkt er de laatste jaren sprake van eerherstel. 

Ik ben zelf denk ik op het juiste moment geboren om 10cc hoog te hebben zitten. De gloriejaren van The Beatles heb ik niet bewust meegemaakt zodat ik de muziek van de Britse band nooit als een Beatles aftreksel heb gezien en ik was er vroeg genoeg bij om de muziek van 10cc te ontdekken voordat de band in haar zwakkere jaren terecht kwam. Ik koesterde Sheet Music (1974), The Original Soundtrack (1975), How Dare You! (1976) en Deceptive Bends (1977) voor in 1978 het matige Bloody Tourist verscheen, met hierop het al eerder genoemde Dreadlock Holiday. 

Na de geweldige albums uit de jaren 70 was 10cc het wel een beetje kwijt, al verscheen af en toe nog wel een album dat herinnerde aan de hoogtijdagen van de band (10 out of 10 uit 1981 is bijvoorbeeld een heel behoorlijk album). 

De geschiedenis van 10cc heeft schrijver Liam Newton geïnspireerd tot een zwaar boekwerk van ruim 400 pagina’s. Het verhaal van 10cc werd deels opgetekend uit de mond van drie van de vier leden van het eerste uur (alleen Lol Creme deed niet mee) en is verder gebaseerd op zeer gedetailleerd bronnenonderzoek. 

The Worst Band In The World is een wat droge band biografie. Veel feiten, weinig sappige verhalen. Niet heel interessant voor een ieder die de band niet kent of niet hoog heeft zitten, maar iedereen die, net als ik, wel liefhebber is van minimaal een deel van het oeuvre van 10cc is het een interessant boek en/of naslagwerk. 

Het is een boek dat ver voor de oprichting van 10cc begint en inzicht geeft in de eerdere verrichtingen van de leden van de band, die zeker geen groentjes waren in de muziek toen 10cc werd geformeerd. Het lijvige boekwerk blijft verder lang hangen in de jaren 70, wat ook de interessantste periode van de band is. 

Omdat het privé leven van de leden van de band niet zo boeiend was, wordt er uitgebreid stil gestaan bij het opnemen van de albums van 10cc, het tot stand komen van de belangrijkste songs en de verschillende tours; iets dat ik in nogal wat band biografieën mis. Het maakt The Worst Band In The World een interessante biografie, zeker zolang de beste albums van de band centraal staan. 

Wanneer de jaren 80 zijn aangebroken, zit het boek er ook vrijwel op. Enerzijds schrijnend, maar anderzijds is het niet anders, zeker niet als je de worst band in the world wordt genoemd. Erwin Zijleman

10cc: The Worst Band In The World is verkrijgbaar bij Rocket 88 Books: https://rocket88books.com/products/10cc-the-worst-band-in-the-world.

donderdag 23 april 2020

Extraa - Baked

30 minuten lang verleidt de Franse band Extraa met zonnige popliedjes vol invloeden die je onmiddellijk meeslepen naar een zorgeloze zomer
Je hebt van die albums die maar een paar minuten nodig hebben om je heel vrolijk te maken. Baked van de Franse band Extraa is zo’n album. De band uit Parijs verleidt in eerste instantie meedogenloos met Beatlesque popliedjes, maar sleept er uiteindelijk nog veel meer invloeden bij. De klanken zitten vol zonnestralen, de melodieën zijn honingzoet en frontvrouw Alix Lachiver maakt de verleiding compleet met trefzekere vocalen, die ondanks de Engelstalige teksten ook nog een Frans tintje toevoegen aan het debuutalbum van Extraa. Ik was eigenlijk onmiddellijk verkocht, maar sindsdien is dit razendknappe debuut alleen maar leuker en onweerstaanbaarder geworden.


Op de stapel met recent uitgebrachte albums kwam ik Baked van de Franse band Extraa tegen. Het is zo’n album dat je in drukkere tijden waarschijnlijk snel over het hoofd ziet, maar het is een album dat absoluut aandacht verdient. 

Extraa is een band uit Parijs met toetsenist en zangeres Alix Lachiver als boegbeeld. Op het een half uur durende debuut van de band maakt Extra muziek die rijkelijk citeert uit met name de Britse popmuziek, maar Baked heeft ook iets Frans. 

Net als het eerder deze week op deze BLOG besproken debuut van de Amerikaanse band GIRL SKIN, heeft ook het debuut van Extraa zich, met name in de eerste tracks op het album, stevig laten beïnvloeden door de muziek van The Beatles; de band die precies 50 jaar geleden uit elkaar viel. Extraa heeft zo te horen vooral een zwak voor de wat psychedelischer aandoende songs van de Fab Four en voor het gitaarwerk van George Harrison. Zowel in de instrumentatie als in de songstructuren zijn volop verwijzingen naar de muziek van The Beatles te vinden, maar omdat Extraa een vrouwelijk boegbeeld heeft, klinkt de muziek van de Franse band ook duidelijk anders. 

Er zijn overigens meer raakvlakken met de muziek van het eveneens debuterende GIRL SKIN. Beide bands zetten met enige regelmaat violen in en net als de Amerikaanse band heeft ook Extraa een voorkeur voor popsongs die de zon laten schijnen. Baked bevat negen popliedjes die de lente omarmen. Het zijn negen popliedjes vol echo’s uit het verleden, waarbij de band rond Alix Lachiver zich overigens zeker niet beperkt tot de muziek van The Beatles uit de late jaren 60 en vroege jaren 70. In een aantal tracks duiken flarden 90s dreampop pop en ook de 80s zijn zeker niet helemaal aan Extraa voorbij gegaan, terwijl in de slottrack nog een vleugje 50s opduikt. 

Baked is niet alleen een zonnig album, maar ook een heerlijk melodieus album. De zwoele popliedjes van de band uit Parijs strijken geen moment tegen de haren in, wat niet betekent dat er geen avontuur en kleur in de songs van de band zit. De kleur heeft de band vooral in de bijzonder afwisselende gitaarlijnen gestopt, terwijl het avontuur onder andere komt van het gebruik van de bijzondere theremin. De Franse band is hiernaast niet vies van tempowisselingen en verrassende wendingen. 

Extraa heeft alleen Engelstalige songs op haar debuutalbum gezet, maar hier en daar klinkt Baked toch stiekem Frans. Alix Lachiver heeft hier en daar een charmant Frans accent, maar het debuut van Extraa heeft hier en daar ook de zwoelheid van de Franse fluisterpop. Het debuut van Extraa duurt zoals gezegd maar een half uur, maar in dit half uur weet de band uit Parijs keer op keer te verrassen met een net wat andere invalshoek en soms totaal andere invloeden, zonder dat dit ten kosten gaat van de consistentie van het album. 

Baked is een album vol zonnestralen en vol nostalgie, maar het is ook een album dat je steeds weer nieuwsgierig maakt naar alles dat er gaat komen. Wereldberoemd gaat de band er vast niet mee worden, maar liefhebbers van mooie en avontuurlijke popliedjes vol verleiding kunnen waarschijnlijk wel uit de voeten met dit charmante album dat vooralsnog alleen maar leuker, interessanter en onweerstaanbaarder wordt. Erwin Zijleman

De muziek van Extraa is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van het label van de band uit Parijs: https://requiempouruntwister.bandcamp.com/album/baked.

   

woensdag 22 april 2020

Sarah Siskind - Modern Appalachia

Sarah Siskind levert, na de reissue van het geweldige Covered, weer een uitstekend album af, dat door een brede groep liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek omarmd kan, nee moet worden
Sarah Siskind viel me nooit zo op tot de reissue van haar geweldige debuut Covered al weer heel wat jaren geleden. Het nu verschenen Modern Appalachia is wat mij betreft nog beter. Het album imponeert met geweldig gitaarwerk, maar ook met een fantastische stem, aansprekende songs en een broeierige instrumentatie en productie die zo nu en dan van de hand van Daniel Lanois hadden kunnen zijn. Modern Appalachia is een zelfverzekerd album waarmee Sarah Siskind weer ver boven zichzelf uitstijgt en zomaar een toekomstige klassieker in het genre kan hebben afgeleverd. Met name binnen de Amerikaanse rootsmuziek is het aanbod van nieuwe muziek nog heel groot, maar dit album behoort tot de uitschieters.


De Amerikaanse singer-songwriter Sarah Siskind brengt inmiddels al heel wat jaren albums uit, maar deze albums maakten op mij maar in beperkte mate indruk, totdat zeven jaar geleden haar debuut Covered opnieuw werd uitgebracht. 

Waar haar latere albums voor mij weinig onderscheidend waren, was Covered een ware voltreffer, maar helaas was het in de jaren die volgden stil rond Sarah Siskind.  

Haar nieuwe album, Modern Appalachia, maakt direct bij eerste beluistering zo mogelijk nog meer indruk dan de reissue van gaar debuut. 

De singer-songwriter die op jonge leeftijd naar Nashville vertrok, maar een paar jaar geleden terugkeerde naar de plek in North Carolina waar ze opgroeide, kiest op haar nieuwe album voor een geluid dat direct opvalt en dat zich makkelijk weet te onderscheiden van al het andere dat momenteel binnen de Amerikaanse rootsmuziek wordt uitgebracht. Sarah Siskind blijft op Modern Appalachia redelijk ver verwijderd van de doorsnee folk en country uit Nashville, maar kiest voor een broeierig en atmosferisch geluid, waarin prachtig gitaarwerk centraal staat. 

De Amerikaanse singer-songwriter groeide op in de Appalachen en kreeg de folkmuziek die in de vorige eeuw in de langgerekte bergstreek ontstond met de paplepel ingegoten. Na haar terugkeer in North-Carolina leerde Sarah Siskind de Appalachen folk weer te waarderen en begon ze te werken aan een eigentijdse variant. Modern Appalachia doet qua sfeer en tempo wel wat denken aan de oude Appalachen folk, maar de muziek van Sarah Siskind staat met beide benen in het heden, al is het maar vanwege de dominante rol die elektrische gitaren hebben gekregen op haar nieuwe album. 

Modern Appalachia, dat gastbijdragen kent van meestergitarist Bill Frisell, Justin Vernon (Bon Iver)en Rose Cousins, maakt indruk met een atmosferisch en wat broeierig geluid waarin prachtige elektrische gitaarlijnen de hoofdrol opeisen. Het zijn gitaarlijnen die de ruimtelijke klanken steeds prachtig doorsnijden en zorgen voor een bijzondere onderhuidse spanning in het geluid van Sarah Siskind. 

Het is een geluid dat van de hand van Daniel Lanois had kunnen zijn en het is een geluid dat zich genadeloos opdringt. De wat steviger aangezette gitaarlijnen combineren prachtig met de bijzondere stem van de Amerikaanse singer-songwriter. Het is een stem die ik in een zeer ingetogen geluid wat te scherp vind, maar die in het broeierige geluid vol aansprekende en soms stevige  gitaarlijnen uitstekend gedijt. 

Het geluid op Modern Appalachia is prachtig en komt het best tot zijn recht in de wat breder uitwaaiende songs op het album, al zijn de wat meer uptempo songs weer lekker stevig. Sarah Siskind heeft niet alleen een geluid gevonden dat afwijkt van het gemiddelde Amerikaanse rootsgeluid van het moment, maar heeft ook de juiste ondergrond voor haar stem gevonden. Het is een stem die mooie verhalen vertelt, want Sarah Siskind toont zich ook op Modern Appalachia een uitstekend songwriter. 

Het levert een album op dat direct bij de eerste noten de aandacht grijpt en dat deze aandacht vrij makkelijk bijna een uur lang vast weet te houden. Ik was zoals gezegd niet altijd onder de indruk van de muziek van Sarah Siskind, maar met Modern Appalachia heeft ze een prachtig album afgeleverd, dat de aandacht van liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek meer dan verdient. Erwin Zijleman

De muziek van Sarah Siskind is verkrijgbaar via haar eigen webshop: https://sarahsiskind.com/store.

   

dinsdag 21 april 2020

GIRL SKIN - Shade Is On The Other Side

De Amerikaanse band GIRL SKIN komt op de proppen met een onweerstaanbaar lente album dat niet alleen strooit met zonnestralen maar ook met songs die je eindeloos wilt koesteren
Ik voegde het debuutalbum van de Amerikaanse band GIRL SKIN deze week toe aan mijn groslijst vanwege het etiket folk, maar dat is nu net het hokje waar de band uit Brooklyn, New York, niet ingeduwd wil worden. Het is ook niet het hokje waarin Shade Is On The Other Side thuis hoort, want het is album dat zich laat beluisteren als een omgevallen platenkast en het is een interessante en goedgevulde platenkast. GIRL SKIN strooit op haar debuut uitbundig met zonnestralen, maar ook met geweldige arrangementen en vooral met songs die je na één keer horen dierbaar zijn. Wat een ontdekking dit album.


Door de corona crisis verschijnen er momenteel veel minder albums dan er normaal gesproken zouden verschijnen in deze piekperiode. Dat is aan de ene kant jammer, maar het betekent ook dat de obscuurdere albums die wel verschijnen wat makkelijker de aandacht trekken. 

Zo zou het deze week verschenen debuut van de Amerikaanse band GIRL SKIN  normaal gesproken onder op de stapel hebben gelegen of, nog waarschijnlijker, zelfs volledig aan mijn aandacht zijn ontsnapt, terwijl het debuut van de band nu maar uit de speakers blijft komen hier. 

Shade Is On The Other Side wordt vooralsnog vooral in het hokje folk geduwd en dit tot ergernis van de band uit Brooklyn, New York. De band heeft daarom zelf het hokje “lemon pop” bedacht voor haar muziek en moet dus worden gerekend tot de lemon pop pioniers. Zelf zou ik het debuut van de Amerikaanse band overigens niet snel in het hokje folk stoppen. 

Shade Is On The Other Side bevat absoluut folky momenten, maar wordt toch vooral gekleurd door de favoriete band van voorman Sid Simmons. Welke band dat is hoor je direct in de openingstrack van het album. Na een intro waarin folky gitaren en een folky viool domineren verrast GIRL SKIN met een bijzonder aangename popsong die het predicaat Beatlesque verdient. Het is het soort popsong dat de bijzonder aangename lentezon van het moment direct stevig omarmt en je humeur een boost geeft. 

GIRL SKIN maakt op haar debuut zeker geen geheim van de liefde voor de muziek van de Fab Four, maar het is geen moment een copycat. De invloeden van de muziek van The Beatles worden immers verwerkt in songs die invloeden uit een ver verleden incorporeren in een geluid dat ook eigentijds is. Shade Is On The Other Side klinkt hierdoor 43 minuten lang als een omgevallen platenkast en het is een platenkast die een aantal decennia popmuziek bestrijkt. Zelf herkende ik de invloeden van The Beatles vrijwel onmiddellijk, al doen veel songs op het debuut van GIRL SKIN me nog veel meer denken aan het debuut album van de Britse band The Auteurs, dat ik schaar onder de hoogtepunten van de jaren 90. 

GIRL SKIN betovert op haar debuut met honingzoete melodieën en prachtig melodieuze klanken die al even zonnig klinken. De band uit Brooklyn beheerst de kunst van het schrijven van popliedjes die de zon onmiddellijk laten schijnen en voert ze werkelijk fantastisch uit. 

GIRL SKIN voorziet haar songs van Beatlesque accenten door de geweldige koortjes op het album en ook in de instrumentatie klinken meer dan eens invloeden uit de vroege jaren 70 door, bijvoorbeeld wanneer strijkers worden ingezet. Op hetzelfde moment is de Amerikaanse band niet vies van de gruizige gitaren die in het tijdperk van The Beatles nog niet waren uitgevonden en zo zijn er meer bijzondere accenten verstopt in het debuut van de band, met hier en daar ook een citaat uit het werk van The Stones en The Kinks. 

Shade Is On The Other Side van GIRL SKIN werd met relatief eenvoudige middelen opgenomen bij Sid Simmons thuis, maar desondanks valt het debuut van de band uit Brooklyn op door bijzonder fraaie arrangementen en een gelaagdheid die het gebruik van een professionele studio en een producer van naam en faam verraadt. En iedere keer dat ik naar het album luister komen er weer wat memorabele momenten bij. Man, man, man, wat is dit een heerlijk album. De soundtrack van de lente van 2020, maar hopelijk ook die van een wat normalere lente in 2021. Erwin Zijleman

De muziek van GIRL SKIN is ook verkrijgbaar via bandcamp: https://girlskin.bandcamp.com.

 

maandag 20 april 2020

Shelby Lynne - Shelby Lynne

Het was een tijdje stil rond Shelby Lynne, maar ze is terug met een veelzijdig album dat het uitstekend doet in de kleine uurtjes en dat indruk maakt met zwoele klanken en uitstekende zang
Ik vond Shelby Lynne in eerste instantie beter dan haar jongere zus Allison Moorer, maar waar Shelby Lynne wat mindere albums uitbracht steeg haar zus naar grote hoogten. Met een titelloos nieuw album laat Shelby Lynne horen dat ook zij zeer getalenteerd is. Het album is gevuld met lome en broeierige klanken en schakelt makkelijk tussen roots, soul en jazz. De instrumentatie is subtiel, de stem van Shelby Lynne prachtig en haar songs bijzonder aangenaam. Heerlijk voor op de achtergrond tot je hoort dat dit album daar te goed voor is.


Shelby Lynne maakte aan het eind van de jaren 80 en het begin van de jaren 90 een aantal weinig opvallende albums, maar brak pas echt door met het in 2000 verschenen I Am Shelby Lynne. Met I Am Shelby Lynne schaarde de in Jackson, Alabama, opgegroeide singer-songwriter zich in één keer onder de smaakmakers binnen de Amerikaanse rootsmuziek en leek een glanzende carrière een zekerheid. 

De kansen op deze glanzende carrière vergooide Shelby Lynne helaas een jaar later met de release van het uiterst zwakke en eendimensionale Love, Shelby. Sindsdien maakte Shelby Lynne een aantal prima albums, al staat ze wat mij betreft volledig in de schaduw van haar jongere zus Allison Moorer, die de afgelopen jaren tot indrukwekkende hoogten is gestegen en alleen maar jaarlijstjesalbums heeft afgeleverd. 

I Am Shelby Lynne kon in 2000 worden gezien als een nieuwe start en dat geldt misschien ook wel voor het deze week verschenen titelloze album van Shelby Lynne, waarop ze haar trui, toevallig of niet, als een mondkapje over haar gezicht heeft getrokken. Het is de opvolger van het in 2017 uitgebrachte Not Dark Yet, dat Shelby Lynne samen maakte met haar zus. Waar deze zus vorig jaar een persoonlijk, zeer emotioneel en bijzonder indrukwekkend album afleverde, klinkt het nieuwe album van Shelby Lynne hier en daar verrassend licht. 

Het album bevat voornamelijk uiterst ingetogen rootssongs, maar ook een aantal net wat meer uptempo songs die vooral soulvol klinken. Hiernaast kan Shelby Lynne op haar nieuwe album uit de voeten met jazz en Westcoast pop, maar het album klinkt ondanks de verscheidenheid aan stijlen verrassend consistent. 

Op haar nieuwe album kiest Shelby Lynne zoals gezegd voornamelijk voor een ingetogen geluid. Het is een geluid met subtiele gitaar en pianoklanken, met hier en daar wat extra versiersels. Shelby Lynne maakte haar nieuwe album met een kleine groep muzikanten, onder wie toetsenwonder Benmont Tench, maar bespeelde de meeste instrumenten op het album zelf. Als je goed luistert naar de zang op het nieuwe album van Shelby Lynne hoor je dat Alison Moorer haar zus is, maar waar Allison Moorer meestal alle registers open gooit, zingt Shelby Lynne vooral zwoel en zacht, al haalt ze hier en daar prachtig uit. 

Het levert een album op dat bijzonder aangenaam voortkabbelt op de achtergrond, bijvoorbeeld in de kleine uurtjes, maar daarvoor is het album van de Amerikaanse muzikante eigenlijk te goed. Shelby Lynne maakte nooit een geheim van haar bewondering voor Dusty Springfield en die bewondering klinkt op haar nieuwe album zo nu en dan door. Hiernaast laat Shelby Lynne op haar nieuwe album horen dat ze uitstekend uit de voeten kan in sober geïnstrumenteerde songs die volledig vertrouwen op haar stem. 

Het levert een album dat zeker niet de impact heeft van het adembenemende Blood van zus Allison Moorer, maar het intieme nieuwe album van Shelby Lynne is een groeiplaat, die een plekje op de achtergrond al snel verruilt voor alle aandacht. Zeker in de lome en wat broeierig klinkende songs staat Shelby Lynne garant voor het kippenvel waarin haar jongere zus vorig jaar grossierde en het aantal songs dat iets met je doet groeit bij iedere luisterbeurt. Uitstekend album van Shelby Lynne. Erwin Zijleman

   

Koop Shelby Lynne - Shelby Lynne op cd bij Amazon.nl voor 13,99 euro
Koop Shelby Lynne - Shelby Lynne op LP bij Amazon.nl voor 20,33 euro