zaterdag 31 juli 2021

Prince - Welcome 2 America

Welcome 2 America kan zich niet meten met de beste albums van Prince en is ook niet zijn beste album in dit millennium, maar het is wel een uitstekend album dat de pijn van het verlies van deze grote muzikant maar weer eens aanwakkert
Er moet heel veel moois en bijzonders liggen in de kluizen van de Paisley Park Studios van Prince, maar vooralsnog moesten we het doen met restmateriaal. Welcome 2 America is wel een compleet album en het is een album dat veel beter is dan de albums die Prince rond 2010 wel uitbracht. Het is een album dat zich vooral laat beïnvloeden door zwoele soul uit de jaren 60 en 70, maar het is ook een album dat klinkt als vintage Prince. Het gaat te ver om Welcome 2 America een meesterwerk te noemen en Prince heeft ook de afgelopen twintig jaar betere albums gemaakt, maar Welcome 2 America is absoluut de moeite waard en een mooie aanvulling op een bijzonder, nee uniek oeuvre.


Over de goed gevulde kluizen van de Paisley Park Studios in Minneapolis, Minnesota, word inmiddels al een aantal decennia heel druk gedaan. Na het trieste overlijden van Prince in april 2016 werd verwacht dat er een eindeloze stroom Prince albums zou verschijnen, waaronder ook vele meesterwerken. Nu hebben we de afgelopen jaren niet te klagen gehad over Prince releases, maar het nooit uitgebrachte album dat zich kan meten met de klassiekers in zijn oeuvre heb ik nog niet gehoord. 

Dat zou deze week moeten gaan veranderen met de release van Welcome 2 America, een album dat in 2010 werd opgenomen en vervolgens in de kluizen van de Paisley Park Studios verdween. De Britse kwaliteitskrant The Guardian noemt het album het beste Prince album van de laatste twee decennia van zijn leven en hier en daar duikt zelfs de vergelijking met het legendarische Sign 'O' The Times uit 1987 op. 

Dat laatste sluit ik bij voorbaat uit, want Prince stak in 2010 al lang niet meer in de vorm waarin hij zijn allerbeste albums maakte. Ook het beste album van de laatste twintig jaar van zijn leven afleveren is niet zo eenvoudig. Het zou betekenen dat Welcome 2 America het beste Prince album is sinds Emancipation uit 1996 en dus moet afrekenen met prima albums als Musicology uit 2004, 3121 uit 2006, en HITnRUN: Phase One en HITnRUN: Phase Two uit 2015 en dat zijn albums die ik hoog heb zitten, zij het op flinke afstand van zijn beste albums uit de jaren 80 en in iets mindere mate de jaren 90. 

En om mijn verwachtingen op voorhand nog wat meer te temperen: Welcome 2 America werd in hetzelfde jaar opgenomen als 20Ten en dat is wat mij betreft een van de zwakste albums van de muzikant uit Minneapolis (en werd ook niet voor niets gratis weggegeven bij een krantje). 

Goed, het is een lange inleiding voor de bespreking van een Prince album dat in 2010 kennelijk niet goed genoeg was voor een release. Direct bij eerste beluistering kon ik al concluderen dat Welcome 2 America niet in de schaduw mag staan van de beste albums van de Amerikaanse muzikant en ik vind het ook zeker niet het beste album sinds Emancipation uit 1996. 

Het betekent overigens niet dat Welcome 2 America een slecht album is. Het is namelijk een uitstekend album, dat Prince in een goede vorm laat horen. Op Welcome 2 America maakt Prince de door 60s en 70s soul beïnvloede muziek, die hij zo vaak maakte tijdens zijn carrière. Het klinkt allemaal lekker loom en broeierig, wat wordt versterkt door de inzet van een aantal zangeressen. 

Welcome 2 America staat vol met de zweverige soul die Curtis Mayfield ook beroemd maakte, maar het album laat ook een vintage Prince geluid horen. In muzikaal opzicht klinkt het lekker, maar niet overdreven bijzonder en ook de zang van Prince heb ik wel eens urgenter horen klinken. 

Wat voor de muziek en voor de zang geldt, geldt ook voor de songs op het album. Het klinkt onmiskenbaar als Prince en het is stukken beter dan veel andere albums die hij sinds zijn meesterwerken uit de jaren 80 maakte, maar het heilige vuur brandt over het algemeen op een vrij laag pitje en als het al brandt doet het dat vooral in de teksten die met een vooruitziende blik kijken naar het Amerika van Trump, die op dat moment nog vooral een patjepeeër en zakenman was. 

De lat ligt voor Prince begrippen niet heel hoog, maar een beginnend neo-soul artiest kan over het algemeen alleen maar dromen van een album als Welcome 2 America. En zo wordt de waardering van Welcome 2 America uiteindelijk vooral bepaald door de verwachtingen waarmee je aan het album begon. Een ieder die een onbetwist meesterwerk had verwacht komt bedrogen uit, maar iedereen die een zwak album had verwacht wordt aangenaam verrast. 

Ik behoor zelf tot de laatste categorie, maar zet na de absoluut aangename luisterervaring van Welcome 2 America toch weer een van zijn allerbeste albums op, wat overigens niet betekent dat het album binnenkort weer eens terugkeert. Erwin Zijleman


Welcome 2 America van Prince is verkrijgbaar via de Mania webshop:


vrijdag 30 juli 2021

Olivia Ellen Lloyd - Loose Cannon

Het debuut van Olivia Ellen Lloyd trok een half jaar geleden niet heel veel aandacht, maar het is echt een uitstekend rootsalbum, dat de grauwe middelmaat in alle opzichten weet te overstijgen
In een jaar met soms krankzinnig veel nieuwe releases verdwijnen albums op de stapel die veel te goed zijn voor deze stapel en vervolgens is het maar de vraag of ze er ooit weer af komen. Loose Cannon van Olivia Ellen Lloyd is er gelukkig af gekomen, want de muzikante uit Brooklyn, New York, heeft een prima album afgeleverd. Het is een album dat wat traditioneler klinkt dan je van een muzikante uit het hippe Brooklyn zou verwachten, maar Loose Cannon klinkt nergens oubollig. Het is een degelijk rootsalbum met invloeden uit de folk en vooral de country, maar Olivia Ellen Lloyd tilt de persoonlijke songs op haar debuut in alle opzichten naar een hoger plan.


Loose Cannon van de Amerikaanse muzikante Olivia Ellen Lloyd verscheen bijna een half jaar geleden in een periode waarin we werden overspoeld met nieuwe releases en met name met albums die in het hokje Amerikaanse rootsmuziek passen. Ik had direct bij eerste beluistering een zwak voor het album, maar in de betreffende weken waren er albums die zich net wat meer wisten op te dringen dan het debuut van Olivia Ellen Lloyd. 

De Amerikaanse muzikante opereert inmiddels al een tijdje van Brooklyn, New York, maar maakt op Loose Cannon muziek die je eerder in het zuiden van de Verenigde Staten positioneert en dan met name in Nashville, Tennessee, en omstreken. Het debuut van Olivia Ellen Lloyd staat immers vol met wat traditioneel aandoende Amerikaanse rootsmuziek, met een hoofdrol voor invloeden uit de country en de folk. 

Er wordt de afgelopen jaren verschrikkelijk veel uitgebracht in dit genre en het aantal releases is door de coronapandemie alleen maar toegenomen. Olivia Ellen Lloyd heeft hierdoor nogal wat concurrenten op het moment, maar haar debuutalbum verdient absoluut meer aandacht dan het tot dusver heeft gekregen en zeker in Nederland, waar ik nog helemaal niets heb gelezen over Loose Cannon. 

Het debuut van de Amerikaanse muzikante ontstijgt de middelmaat op meerdere terreinen en op enkele terreinen zelfs ruimschoots. Om te beginnen zijn de songs op Loose Cannon zeer gevarieerd, al doen ze stuk voor stuk wat melancholisch aan. Olivia Ellen Lloyd kan uit de voeten met ingetogen countrysongs, maar schuwt ook het wat stevigere werk niet. Ze haalt de meeste inspiratie uit de countrymuziek, maar als muzikante die werd geboren en opgroeide aan de rand van de Appalachen in Virginia, hoor je ook wel wat invloeden uit de folk uit deze regio. 

Ik heb niet veel informatie kunnen vinden over de muzikanten die zijn te horen op het album, maar het lijkt er op dat Olivia Ellen Lloyd het heeft moeten doen zonder gerenommeerde muzikanten uit Nashville. Dat is niet te horen, want in muzikaal opzicht klinkt Loose Cannon uitstekend. De band schakelt moeiteloos tussen een aantal genres en kan prachtig traditioneel of toch wat moderner klinken. 

Het debuut van de muzikante uit New York doet in muzikaal opzicht zeker niet onder voor alles dat momenteel in Nashville wordt gemaakt en ook in vocaal opzicht vind ik Olivia Ellen Lloyd een aanwinst. Ze beschikt over een stem die gemaakt is voor de countrymuziek, maar ik hoor toch ook een duidelijk eigen geluid. Het is een geluid waarin ook voldoende emotie doorklinkt, zeker wanneer de Amerikaanse muzikante persoonlijke verhalen vertelt over de dalen in haar leven. 

Loose Cannon is zoals gezegd al een hele tijd uit, maar toen ik het album een week of twee geleden bij toeval weer tegen kwam, was me snel duidelijk dat het debuut van Olivia Ellen Lloyd te goed is om te laten liggen, al is het maar omdat ze net wat anders klinkt dan rootsmuzikanten uit Nashville en Texas, die het genre domineren. Het verbaast me dan ook niet dat het album in de Verenigde Staten flink wat positieve recensies heeft gekregen. Hoogste tijd dat ook Nederland kennis maakt met de talenten van de muzikante uit Brooklyn. Erwin Zijleman

De muziek van Olivia Ellen Lloyd is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://oliviaellenlloyd.bandcamp.com/album/loose-cannon.



Anika - Change

Het was meer dan tien jaar stil rond de Brits-Duitse muzikante Anika, maar op Change trekt ze je weer op bezwerende wijze haar aardedonkere maar ook spannende muzikale wereld in
Het debuut van Anika was ruim tien jaar geleden zo’n album waar je bij voorkeur met een grote boog omheen liep, tot de bezwerende klanken van de Brits-Duitse muzikante je opeens te pakken hadden. Op Change gaat Anika verder waar haar debuut ophield, maar het strijkt allemaal net wat minder tegen de haren in. Anika herinnert nog steeds aan Nico maar is beter gaan zingen, de instrumentatie springt wat minder van de hak op de tak en is sfeervoller en Anika vertolkt dit keer haar eigen songs, waardoor het album meer urgentie uitstraalt. Het is nog altijd behoorlijk zware kost, maar de kans dat Anika je grijpt met dit album is absoluut aanwezig.


Aan het eind van 2010 verscheen het debuut van de Brits-Duitse muzikante Anika. Het album volgde op de bijdrage van Anika aan het debuut van de Britse band Beak>, die onder andere de van Portishead bekende Geoff Barrow in de gelederen had. Geoff Barrow produceerde als tegenprestatie het debuut van Anika, dat tot voor kort ook direct het laatste wapenfeit was van de Brits-Duitse muzikante. 

Het debuut van Anika trok, mede door de productie van Geoff Barrow en een aantal interessante covers, in eerste instantie flink wat aandacht, maar het bleek voor de meeste muziekliefhebbers uiteindelijk toch wat te zware kost. Anika sprong op haar debuut eindeloos heen en weer tussen genres en ging net zo makkelijk aan de haal met 70s rock en 60s girlpop als met postpunk, dub en Krautrock. 

Dat wierp nog niet eens de hoogte barrière op, want die kwam van de zang van Anika, die heel af en toe misschien aan Portishead’s Beth Gibbons deed denken, maar veel vaker aan die van Nico. Nu heb ik Nico absoluut hoog zitten, maar je moet tegen de stem van de Duitse muzikante kunnen, of er op zijn minst voor in de stemming zijn. 

Het was ruim tien jaar vrijwel stil rond Anika, al bracht ze in 2013 nog wel een EP uit, maar deze week keert ze terug met een nieuw album. Change werd in Berlijn, de huidige thuisbasis van Annika Henderson opgenomen, met Martin Thulin, van de Mexicaanse band Exploded View als co-producer. 

Anika heeft haar nieuwe album Change genoemd, maar het tweede album van de Berlijnse muzikante ligt absoluut in het verlengde van haar titelloze debuut uit 2010. Ook dit keer verwerkt de Brits-Duitse muzikante uiteenlopende invloeden in haar muziek, al zijn het er veel minder dan op het debuut, en herinnert ze met haar stem met grote regelmaat aan de legendarische Nico. 

Vergeleken met haar debuut is Anika wel beter en vooral minder monotoon gaan zingen, terwijl in muzikaal opzicht juist is gekozen voor een consistenter geluid. Change van Anika is een album vol duistere klanken waarin de elektronica met een knipoog naar Kraftwerk domineert, maar ook ruimte is voor organische klanken. Het zijn ook bezwerende klanken, waarvan het effect wordt versterkt door het hier en daar minimalistische of repeterende karakter van de instrumentatie. 

De stem van Anika voelt zich in deze duistere wereld als een vis in het water en kiest voor gezongen en incidenteel gesproken teksten. Het is nog steeds geen lichte kost die Anika ons voorschotelt, maar net als het debuut is ook Change een album dat zich genadeloos kan opdringen wanneer je er voor in de stemming bent. Op Change overheersen de donkere of zelfs aardedonkere klanken, maar wanneer een piano lichtvoetig door deze klanken heen wandelt, kan de muziek van Anika ook zomaar opeens dromerig klinken. 

Ik kan me, net als ruim tien jaar geleden in mijn bespreking van het debuut van de Berlijnse muzikante, heel goed voorstellen dat Change een album is waar je met een grote boog omheen wilt lopen, maar minstens net zo vaak is het een album dat je nieuwsgierig maakt naar alles dat nog komen gaat en dat je noot voor noot wilt uitpluizen. Een heel groot publiek gaat Anika niet bereiken met haar muziek, maar een ieder die nieuwsgierig is hoe Nico zou hebben geklonken als ze een aantal decennia later was geboren, moet dit album zeker eens proberen. Erwin Zijleman

De muziek van Anika is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de muzikante uit Berlijn: https://anika.bandcamp.com/album/change.


Change van Anika is verkrijgbaar via de Mania webshop:



donderdag 29 juli 2021

Kristina Train - Rayon City

Na twee uitstekende, maar weinig succesvolle albums vanuit Londen, probeert Kristina Train het dit keer vanuit Nashville, met een, zeker in vocaal opzicht, uitstekend album als resultaat
Dark Black van Kristina Train ontdekte ik negen jaar geleden via de algoritmes van Spotify, maar het album deed helaas weinig. De Amerikaanse muzikante zoekt haar geluk tegenwoordig in Nashville en keert na een lange stilte terug met een prima album. De muzikanten die haar omringen tekenen voor een bijzonder aangenaam soulgeluid met een vleugje roots en een randje pop, de songs liggen stuk voor stuk lekker in het gehoord en Kristina Train laat ook op Rayon City weer horen dat ze een uitstekend zangeres is. Ze zingt met de kracht die je van een soulzangeres verwacht, maar ze kan ook doseren, wat de aantrekkingskracht van het album verder vergroot.


Kristina Train werd geboren in New York, maar groeide op in Savannah, Georgia, waar ze de soul en gospel met de paplepel kreeg ingegoten. De Amerikaanse muzikante, ook een klassiek geschoold violist, leek al op jonge leeftijd verzekerd van een hele mooie carrière in de muziek, maar ze koos in eerste instantie voor een opleiding. 

Uiteindelijk tekende ze een contract bij het gerenommeerde Blue Note label, dat grootse plannen had met Kristina Train. Ze werd in Londen gekoppeld aan de mensen achter Adele, maar haar in 2009 met veel bombarie gelanceerde debuut deed niet veel. Het in 2012, samen met producer Ed Harcourt gemaakte Dark Black, was ook geen groot succes, maar ik was persoonlijk onder de indruk van het album, dat in ieder geval een geweldige zangeres liet horen. 

De afgelopen negen jaar was het stil rond Kristina Train, die inmiddels haar heil zoekt in Nashville, Tennessee. Deze week verschenen echter maar liefst twee nieuwe albums van de Amerikaanse muzikante. Het live-album Scattered Flowers, dat klinkt als een tussendoortje, laat horen dat Kristina Train inmiddels uit de voeten kan met de muziek die in Nashville domineert, want de soul wordt hier en daar verdrongen door de country. 

Scattered Flowers klinkt aardig, maar het is het nieuwe studioalbum van Kristina Train dat wat mij betreft de aandacht verdient. Op het eveneens deze week verschenen Rayon City trekt de singer-songwriter uit Nashville de lijn van het inmiddels negen jaar oude Dark Black door, al moet ze het dit keer doen zonder het Britse team dat van haar een wereldster had moeten maken. 

Rayon City leunt wat minder tegen de pop aan en laat zich beluisteren als een aangenaam soulalbum. Kristina Train laat zich op haar derde studioalbum begeleiden door een uit de kluiten gewassen band, die een oorspronkelijk klinkend soulgeluid laat horen. Het is vaak een redelijk subtiel geluid, maar Kristina Train is ook niet vies van blazers en strijkers en laatstgenoemde arrangeerde ze zelf. 

Op Dark Black maakte de Amerikaanse muzikante vooral indruk met haar stem en dat is op Rayon City niet anders. Ook op haar nieuwe album laat Kristina Train horen dat ze een uitstekend soulzangeres is en in tegenstelling tot de meeste andere soulzangeressen van het moment zingt ze vaak prachtig ingetogen. 

Rayon City bevat maar net iets meer dan een half uur muziek en dat is niet veel na negen jaar wachten. Het is op een of andere manier ook wel genoeg, want Kristina Train varieert niet heel veel op haar derde album. Dat betekent niet dat het album me tegenvalt, want dat is zeker niet het geval. Rayon City is net iets meer dan een half uur lang pure klasse. De band speelt geweldig, de accenten van strijkers en blazers zijn mooi, de songs zijn aansprekend en de muzikante uit Nashville zingt geweldig. 

Ook Rayon City laat weer horen dat Kristina Train over heel veel potentie beschikt. Het is jammer dat het haar met de eerste twee albums niet lukte en ik hou eerlijk gezegd mijn hart vast voor album nummer drie, dat niet heel handig getimed is. Het is echter een album dat alle aandacht verdient en zeker van een ieder die zich normaal gesproken makkelijk laat verleiden door een mooie soulvolle stem en songs met een randje soul en pop. Erwin Zijleman


Dusty Hill (1949-2021)




Bassist Dusty Hill was pas eenentwintig toen hij in 1970 samen met gitarist Billy Gibbons en drummer Frank Beard de Amerikaanse band ZZ Top formeerde. De band timmerde vanaf het begin van de jaren 70 flink aan de weg met een mix van bluesrock en Southern rock. Muziek zonder poespas, die buitengewoon lekker klonk en topalbums als Tres Hombres (1973) en Degüello (1979) opleverde. 

In 1983 werd het degelijke geluid van de band flink gepolijst op het zeer succesvolle Eliminator, dat wereldhits als Gimme All Your Lovin' en Sharp Dressed Man opleverde. Mede dankzij een aantal videoclips werden de lange baarden van Billy Gibbons en Dusty Hill stijliconen.

Na de successen in de jaren 80 verslapte de aandacht voor de muzikale verrichtingen van ZZ Top en leverde het drietal lange tijd geen overtuigend album meer af. Dit veranderde pas in 2012 met het fantastische comeback album La Futura, dat negen jaar later nog altijd aankomt als een mokerslag. 

Sindsdien moesten we het doen met prima soloalbums van Billy F Gibbons, maar stiekem was er ook de hoop op een nieuw ZZ Top album. Of dat album er nog gaat komen is zeer de vraag. Dusty Hill overleed gisteren op 72-jarige leeftijd en dat lijkt ook het einde van ZZ Top helaas. Erwin Zijleman

woensdag 28 juli 2021

Mega Bog - Life, And Another

Mega Bog maakt het je op Life, And Another zeker niet makkelijk, maar op een gegeven moment valt alles op zijn plek en ontvouwt zicht een wonderschoon en fascinerend muzikaal landschap
Ik heb het eerder geprobeerd met de muziek van Mega Bog, maar steeds klikte het onvoldoende. Dat leek dit keer niet anders, maar Life, And Another is een album dat langzaam maar zeker onder de huid kruipt en zich ontwikkelt van een album dat misschien wel wat teveel kanten op schiet tot een bescheiden meesterwerk. Voor deze transformatie heeft het album van Mega Bog veel tijd nodig, wat energie kost, maar alle energie die je in dit album steekt betaalt zich dubbel terug. Wat het ene moment van de hak op de tak springt vloeit het volgende moment organisch in elkaar over en wat op het ene moment net mis lijkt is het volgende moment een schot in de roos. Wat een fascinerend album.


Het is Mega Bog met haar vorige drie albums niet gelukt om me te overtuigen van haar kwaliteiten. Het zijn albums die stuk voor stuk werden onthaald met superlatieven, waardoor ik het meerdere keren heb geprobeerd met de muziek van Mega Bog, maar het bleef me keer op keer wat te wisselvallig. 

Mega Bog is overigens het alter ego van de uit Seattle, Washington, afkomstige singer-songwriter en multi-instrumentalist Erin Birgy en deze week verscheen het vierde officiële album van haar hand (Erin Birgy maakte er naar verluidt ook nog twee in eigen beheer). De vorige albums van de Amerikaanse muzikante schoten alle kanten op en dat is op haar vierde album niet anders. 

Life, And Another werd opgenomen in een aantal studio’s, met meerdere gastmuzikanten en met Big Thief’s James Krivchenia als co-producer. Erin Birgy is volgens mij in de Verenigde Staten gebleven voor haar nieuwe album, maar de openingstrack neemt je mee naar de Copacobana, waar zwoele bossanova klanken klinken. Het voegt weer veen nieuwe dimensie toe aan het geluid van Mega Bog en in de tweede track komt er direct weer een bij. 

In deze tweede track klinkt Erin Birgy afwisselend als een volgende muze van Serge Gainsbourg in de jaren 70 of als het net wat vrolijkere zusje van Nico. Life, And Another stopt hierna zeker niet met het van de hak op de tak springen, al worden de volgende tracks op het album gedomineerd door jazzy klanken. 

Het is echter zeker geen standaard jazz die Mega Bog maakt, want een uitstapje richting pop, rock of psychedelica is nooit ver weg en verder is Erin Birgy met haar op het eerste gehoor wat onvaste en expressieve zang zeker geen standaard jazzzangeres, ook al doen de ritmesectie en de saxofonist nog zo hun best om haar in het keurslijf van het genre te duwen. 

Mega Bog keert vaker terug naar wat Frans aandoende pop, waar overigens geen woord Frans aan te pas komt, en met verdere uitstapjes richting onder andere chamber pop en folk, maar Life, And Another is geen moment vast te pinnen. 

Ik moet direct toegeven dat ik mijn op de drie vorige albums van Mega Bog gebaseerde mening over haar muziek na eerste beluistering van haar nieuwe album niet per se wilde wijzigen. De muziek van Mega Bog is nog altijd ongrijpbaar, maar dit keer is het wat mij betreft muziek die tijd vraagt. 

Zeker wanneer de Amerikaanse muzikante kiest voor wat dromerige klanken en atmosferische soundscapes betovert de muziek van Mega Bog makkelijker dan in het verleden en wanneer je wat vaker luistert naar het album valt er steeds meer op zijn plek. Lichte kost is Life, And Another zeker niet, al is het ook niet zo makkelijk om uit te leggen wat er nu precies minder toegankelijk is aan de muziek van het project van Erin Birgy. 

Het is knap hoe makkelijk Mega Bog schakelt tussen zeer uiteenlopende genres en bijna onverenigbare invloeden combineert in haar muziek, die ook nog eens klinkt als een op hol geslagen tijdmachine. Bij de eerste keer horen vond ik het niks, maar nu, vele luisterbeurten verder, is bijna alles dat Erin Birgy en haar medemuzikanten doen op Life, And Another raak. Zeker bij beluistering met de koptelefoon openbaart zich een fascinerend muzikaal landschap, waarin je maar nieuwe dingen blijft horen en betovering nooit ver weg is. Bijzonder. Erwin Zijleman

De muziek van Mega Bog is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://megabog.bandcamp.com/album/life-and-another.


Life, And Another van Mega Bog is verkrijgbaar via de Mania webshop:



dinsdag 27 juli 2021

Joel Culpepper - Sgt Culpepper

De Britse soulmuzikant Joel Culpepper smeedt op het werkelijk geweldige Sgt Culpepper op buitengewoon fascinerende wijze invloeden uit een aantal decennia soulmuziek aan elkaar
Direct bij de eerste noten was ik betoverd door de soulvolle klanken van Sgt Culpepper, maar sindsdien is het album van de Britse muzikant Joel Culpepper me alleen maar dierbaarder geworden. Joel Culpepper laat zich beïnvloeden door al het moois dat de soulmuziek ons de afgelopen decennia heeft opgeleverd en citeert net zo makkelijk uit de grote soulalbums van de late jaren 60 als uit het rijke oeuvre van Prince. In muzikaal opzicht steekt het allemaal knap in elkaar en blijf je je verbazen, maar ook in vocaal opzicht raakt Joel Culpepper steeds weer de juiste snaar. Het levert een memorabel soulalbum op dat het normaal gesproken goed zal gaan doen in de jaarlijstjes.


In het Verenigd Koninkrijk doen ze momenteel behoorlijk druk over Sgt Culpepper, het volwaardige debuutalbum van de Britse soulmuzikant Joel Culpepper. Ik was in eerste instantie sceptisch, want het vier jaar geleden verschenen mini-album van de muzikant uit Londen vond ik niet heel indrukwekkend en bovendien is het, zeker voor een Britse muzikant, wat pretentieus om in de albumtitel een verwijzing op te nemen, of in ieder geval de associatie op te roepen, met een van de meesterwerken of misschien wel het meesterwerk van The Beatles. 

Mijn scepsis verdween als sneeuw voor de zon toen het album van Joel Culpepper voor het eerst uit de speakers kwam. De Britse muzikant heeft met Sgt Culpepper een geweldige soulplaat gemaakt en het is er een die geen geheim maakt van alle inspiratie uit het verleden, maar die er ook in slaagt om modern te klinken. 

Sgt Culpepper begint ergens in de tweede helft van de jaren 60, maar tikt ook regelmatig het heden aan. In de tussenliggende periode zijn stapels memorabele soulalbums verschenen en Joel Culpepper kent zijn klassiekers. De Britse muzikant begint in de openingstrack bij de klassiekers van Curtis Mayfield en Marvin Gaye, maar in de tweede track krijgt de wat psychedelisch aandoende soul een flinke funkinjectie en hoor je opeens flarden Prince in zijn meest funky dagen. 

Joel Culpepper sleept er in iedere track weer een ander memorabel album bij en schakelt moeiteloos tussen vintage soul, funk en de neo-soul en hiphop die in de jaren 90 opdoken. Het klinkt allemaal fantastisch, wat ook haast niet anders kan met gerenommeerde producers als Swindle, Guy Chambers, Raf Rundell, Shawn Lee en Tom Misch achter de knoppen. 

Het inzetten van een leger aan producers leidt nogal eens tot een gefragmenteerd klinkend album, maar het geluid op Sgt Culpepper is behoorlijk consistent. De ritmesectie speelt moddervet met diepe bassen en lome ritmes, de gitaren zijn broeierig en funky, de strijkers en blazers vullen de ruimte prachtig, de piano is trefzeker, terwijl de conga’s je blijven herinneren aan klassiekers uit het verleden. 

Sgt Culpepper is behoorlijk vol geproduceerd, maar de instrumentatie kan ook subtiel klinken, wat het album voorziet van de dynamiek die zo vaak ontbreekt op de soulalbums van het moment. De instrumentatie en productie zijn van hoog niveau, maar ook in vocaal opzicht houdt Joel Culpepper zich verrassend makkelijk staande en voorziet hij de gevarieerde klanken op zijn album steeds weer van trefzekere vocalen. 

Sgt Culpepper bevat bijna 45 minuten muziek en bestaat uit vier delen: The Battle, The Surrender, The Love en The Lesson. Het betekent nog niet dat het album een conceptalbum is, maar het klinkt wat mij betreft wel als een eenheid, zeker door de spoken word intermezzo’s, wat de kracht van het album versterkt. 

Sgt Culpepper van Joel Culpepper is een soulalbum dat bij eerste beluistering een onuitwisbare indruk maakt, maar bij herhaalde beluistering wordt de fascinerende luistertrip van Joel Culpepper alleen maar beter. Sgt Culpepper klinkt af en toe als vier favoriete soulalbums die in een keer worden afgespeeld, maar de Britse muzikant kan zijn muziek ook terugbrengen tot de essentie. De laatste week van juli is misschien geen hele handige week voor het uitbrengen van een baanbrekend album, maar Sgt Culpepper is er absoluut een. Erwin Zijleman

De muziek van Joel Culpepper is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse muzikant: https://joelculpeppermusic.bandcamp.com/album/sgt-culpepper.


Sgt Culpepper van Joel Culpepper is verkrijgbaar via de Mania webshop:



maandag 26 juli 2021

Lea Thomas - Mirrors To The Sun

De Amerikaanse singer-songwriter Lea Thomas trekt nog niet heel veel aandacht met haar derde album Mirrors To The Sun, maar het is een prachtalbum dat echt alle aandacht verdient
Luister naar het nieuwe album van de Amerikaanse muzikante Lea Thomas en je hoort een bijzondere mix van stijlen en overtuigende songs. Deze songs worden ook nog eens prachtig ingekleurd en voorzien van mooie vocalen. Mirrors To The Sun van Lea Thomas bevat alle ingrediënten die nodig zijn voor een album dat stevig bewierookt moet worden, maar het is nog even wachten op aandacht voor dit album. Het derde album van de muzikante uit Brooklyn kwam bij toeval op mijn pad, maar nu ik het album een paar keer heb gehoord zijn alle songs op het album me dierbaar. Lea Thomas opereert in een overvol genre, maar verdient echt een plekje in de spotlights met dit uitstekende album.


Ik weet echt maar heel weinig over de Amerikaanse muzikante Lea Thomas. Ik weet dat ze deels Japans bloed heeft, opgroeide op Hawaii, maar tegenwoordig Brooklyn, New York, als haar thuisbasis heeft. Ik weet dat het deze week verschenen Mirrors To The Sun al het derde album van de Amerikaanse singer-songwriter is. En ik weet dat ze haar nieuwe album zelf produceerde en dat ze bovendien een groot deel van de instrumentatie voor haar rekening nam. 

Er is verder op het Internet nog maar heel weinig opgeschreven over het album, waardoor het een klein wonder is dat ik het derde album van Lea Thomas heb opgepikt. Het is een klein wonder waar ik wel heel blij mee ben, want Mirrors To The Sun is een bijzonder lekker album, dat vooralsnog alleen maar beter wordt.

Het in New York opgenomen album is zeer smaakvol ingekleurd met vooral gitaren, maar door bijdragen van synths, orgel en trompet klinkt het album verrassend vol en veelzijdig. Mirrors To The Sun is niet alleen voorzien van een hele mooie instrumentatie, maar het is ook een instrumentatie die zich makkelijk beweegt tussen genres. Het derde album van Lea Thomas klinkt soms folky of jazzy, maar kan ook uit de voeten met pop en rock. 

Het klinkt allemaal mooi en veelzijdig, maar de songs van de muzikante uit New York hebben ook iets tijdloos, zonder dat ze allemaal in hetzelfde decennium zijn te plaatsen. De klanken op Mirrors To The Sun doen het geweldig op een lome zomerdag en dat effect wordt nog eens versterkt door de stem van Lea Thomas, die minstens net zo aangenaam is als de instrumentatie op het album. De muzikante uit New York zingt vaak zacht, maar saai wordt het nergens. 

Het album heeft een aangename flow die de wens tot wegdromen versterkt, maar de muziek van Lea Thomas is ook altijd spannend genoeg om aandachtig te blijven luisteren, bijvoorbeeld door het tempo hier en daar op te voeren, door lieflijke klanken om te laten slaan in voorzichtig gitaargeweld, of door de zonnestralen te verdrijven met donkere wolken. 

Er is zoals gezegd nog maar heel weinig te vinden over dit album en dat is zonde. Zelfs met flink wat aandacht valt het immers al niet mee om overeind te blijven als jonge vrouwelijke singer-songwriter en zonder deze aandacht is het een 'mission impossible'. Hopelijk keert het tij nog voor Lea Thomas, want hoe vaker ik naar haar derde album luister, hoe aangenamer of zelfs verslavender het wordt. 

Mirrors To The Sun is niet alleen voorzien van een mooi en veelzijdig geluid en prima vocalen, maar Lea Thomas schrijft ook nog eens uitstekende songs. Het zijn songs die zoals gezegd niet perfect passen in een hokje, maar het zijn wel songs die zich zeer makkelijk opdringen. Het zijn songs die na één keer horen kunnen worden opgeslagen in het geheugen, maar er gebeurt op het derde album van Lea Thomas ook genoeg om de fantasie te prikkelen. 

Het is op het moment dringen in het land van de jonge vrouwelijke singer-songwriters, maar Lea Thomas slaagt er wat mij betreft in om zich te onderscheiden van de meeste van haar soortgenoten door een geluid neer te zetten dat anders klinkt dan alles dat er al is. Het ontbreekt nog even aan aandacht, maar als deze er komt kan de muzikante uit Brooklyn zomaar uitgroeien tot een van de smaakmakers in het overvolle genre. Erwin Zijleman

De muziek van Lea Thomas is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://leathomas.bandcamp.com/album/mirrors-to-the-sun-3.




zondag 25 juli 2021

Christone "Kingfish" Ingram - 662

Christone "Kingfish" Ingram speelde als tiener al de pannen van het dak, maar is met zijn tweede album uitgegroeid tot een van de smaakmakers binnen de hedendaagse bluesmuziek
Kingfish, het debuut van een pas twintig jaar oude muzikant uit Clarksdale, Mississippi, sloeg net iets meer dan twee jaar geleden in als een bom, maar kwam voor iedereen die de carrière van Christone "Kingfish" Ingram al een tijdje had gevolgd zeker niet als een verrassing. Op zijn tweede album laat de jonge bluesmuzikant horen dat het nog een stukje beter kan. Zowel de songs als de zang en het gitaarspel zijn op 662 nog wat beter dan op het zo imponerende debuut en bevat ook meer rustmomenten. Met name het gitaarspel is weergaloos en het is ook nog wat veelzijdiger dan op het debuut. Christone "Kingfish" Ingram blaast je vanaf de eerste noten van je sokken en imponeert vervolgens bijna een uur lang.


Christone "Kingfish" Ingram zag als ventje van negen of tien een documentaire over Muddy Waters, nam gitaarlessen en stond in zijn jonge tienerjaren al op het podium met een aantal bluesmuzikanten van naam en faam. Ruim voordat zijn debuutalbum Kingfish verscheen in de lente van 2019, werd hij al wonderkind, natuurtalent en supertalent genoemd, waardoor dit debuutalbum eigenlijk alleen maar tegen kon vallen. 

Dat Kingfish niet tegenviel maar juist imponeerde zegt alles over het enorme talent van de muzikant uit Clarksdale, Mississippi. Christone "Kingfish" Ingram is inmiddels 22 en keert deze week terug met zijn tweede album. Het is een album waarvoor de lat hoog ligt, zeker nadat het debuut van de Amerikaanse bluesmuzikant de afgelopen twee jaar werd overladen met flink wat aansprekende prijzen. 

662 is het netnummer van Clarksdale, Mississippi, dat nog altijd de thuisbasis is van Christone "Kingfish" Ingram en dat bovendien gezien kan worden als de bakermat van de Mississippi blues of Delta blues. Ook 662 werd weer gemaakt met producer Tom Hambridge, die net als op Kingfish ook bijdroeg aan de meeste songs op het album. 

Van een muzikant die de Delta blues met de paplepel kreeg ingegoten en speelde met een aantal groten in het genre verwacht je geen hele grote koerswijzigingen en die hoor je dan ook niet op 662. Direct in de openingstrack vertelt Christone "Kingfish" Ingram nog eens zit hoe het met de geschiedenis van de Delta blues en direct vanaf de eerste noten speelt hij de pannen van het dak. 

De jonge Amerikaanse bluesmuzikant laat zich op 662 bijstaan door een competent spelende band. De ritmesectie speelt degelijk maar ook erg goed, terwijl de pianist en organist hier en daar rake accenten toevoegt aan de muziek op 662. Uiteraard is het ook dit keer Christone "Kingfish" Ingram zelf die de show steelt. Het tweede album van de bluesmuzikant uit Mississippi staat vol met spetterend gitaarwerk en ook in vocaal opzicht maakt hij weer makkelijk indruk. 

Christone "Kingfish" Ingram klonk op zijn debuut al als een gelouterde bluesmuzikant, maar op 662 klinkt hij nog net wat volwassener en beter. Voor verrassingen ben je ook dit keer aan het verkeerde adres, maar dit betekent zeker niet dat 662 een album van een one-trick-pony is of een fantasieloos vervolg op Kingfish. Christone "Kingfish" Ingram kent zijn klassiekers binnen de blues, maar sluit ook aan bij de rockmuziek die de afgelopen decennia is gemaakt met blues als basis. 

De songs op 662 zijn beter en wat complexer dan die op het debuut, maar ook het gitaarwerk en de zang zijn nog net wat beter, zeker wanneer gas terug wordt genomen. De bluesmuzikant uit Clarksdale is inmiddels een uitstekend zanger, maar als gitarist maakt hij nog wat meer indruk. Het gitaarspel op 662 is veelkleuriger dan op het debuut en solo na solo vlijmscherp. 

In muzikaal opzicht is het album net wat gevarieerder dan het debuut en ook meer ingetogen blues songs met een randje Robert Cray gaan Christone "Kingfish" Ingram inmiddels uitstekend af. 662 ontbrak deze week in de meeste releaselijsten, maar dit album behoort absoluut tot de grote releases van het moment. Verplichte kost voor blues liefhebbers, maar minstens net zo interessant voor muziekliefhebbers met een bredere smaak. Erwin Zijleman


zaterdag 24 juli 2021

David Crosby - For Free

David Crosby wordt volgende maand 80 jaar oud, maar heeft de uitstekende vorm van zijn laatste paar soloalbums behouden op het tijdloze For Free, dat de avond aangenaam inkleurt
De criticus zal beweren dat ook het nieuwe album van David Crosby geen heel spannend album is. For Free klinkt loom en ingetogen en heeft een jaren 70 jazzy softrock gevoel. Geen vernieuwing dus van David Crosby, maar dat is ook het laatste dat ik van hem verwacht of verlang. For Free zit in muzikaal opzicht geweldig in elkaar, de Amerikaanse muzikant is verrassend goed bij stem en de songs zijn stuk voor stuk aangenaam maar ook interessant. For Free is een album waarvan de meeste tijdgenoten van David Crosby alleen maar kunnen dromen, als dromen ze nog gegeven is. For Free sleept je mee naar een zorgeloze zomeravond in Los Angeles ergens in de jaren 70 en het is er goed toeven.


David Crosby had tot 2014 eigenlijk maar één fatsoenlijk soloalbum op zijn naam staan, maar het was met zijn solodebuut If I Could Only Remember My Name uit 1971 wel een geweldig soloalbum. David Crosby beoordelen we natuurlijk niet alleen op zijn solocarrière, maar ook deze heeft de afgelopen zeven jaar flink aan kracht gewonnen. Croz uit 2014, Lighthouse uit 2016, Sky Trails uit 2017 en Here If You Listen uit 2018 waren stuk voor stuk prima albums en dat is voor muzikanten van de leeftijd van David Crosby al lang geen zekerheid meer. 

Deze week keert de Amerikaanse muzikant terug met een volgend soloalbum, For Free. Waar veel van zijn tijdgenoten al jaren achter de geraniums zitten of zo langzamerhand wat uitgeblust of inspiratieloos klinken, verkeert David Crosby op zijn 79e nog altijd in een uitstekende muzikale vorm. 

Op For Free staat de Amerikaanse muzikant, bijgestaan door oude vrienden, stil bij zijn eigen sterfelijkheid. Joan Baez tekende voor het schilderij op de cover, tijdgenoten als Michael McDonald en Donald Fagen dragen in muzikaal opzicht bij, terwijl Joni Mitchell tekende voor de titelsong, die samen met Sarah Jarosz wordt vertolkt. De productie liet David Crosby aan zijn zoon James Raymond, die tekende voor een mooi verzorgd geluid. 

Het is een geluid dat keurig binnen de lijntjes kleurt, maar For Free is zeker geen gezapig klinkend album. Het geluid op For Free is over het algemeen ingetogen, maar ook zeer smaakvol ingekleurd. Het doet denken aan de jazzy softrock zoals die in de jaren 70 veel werd gemaakt in en rond Los Angeles en dat is muziek die nog altijd bijzonder aangenaam klinkt en de tand des tijds prima heeft doorstaan. 

Het is een geluid dat ook nog eens goed past bij de zang van David Crosby. De Amerikaanse muzikant klinkt in vocaal opzicht wat minder krachtig dan in zijn jongere jaren, maar de stembanden zijn nog zeker niet versleten, wat best bijzonder is voor iemand die volgende maand zijn tachtigste verjaardag viert en zeker niet bekend staat om een hele gezonde levenswandel. 

Zeker wat later op de avond vult de muziek van David Crosby op bijzonder aangename wijze de ruimte en heb je geen moment het idee dat je naar een album aan het luisteren bent van een muzikant die al een tijdje over de datum is, wat helaas geldt voor de meeste van de tijdgenoten van David Crosby. 

Aan vernieuwing doet David Crosby niet op For Free, maar daar hoor je mij niet over klagen. For Free staat in muzikaal opzicht als een huis, met een hoofdrol voor het prachtige gitaarspel, de zang is uitstekend en de songs kabbelen misschien wat voort, maar zitten ook erg goed in elkaar. Na vijf albums in zeven jaar tijd is de verrassing er wat van af, maar ik merk toch dat ik bij iedere beluistering weer geniet van dit tijdloze album, dat herinnert aan een stapeltje geweldige albums uit de jaren 70. 

Het is knap dat David Crosby er nog in slaagt om albums van dit niveau te maken en het is nog knapper dat hij er sinds 2014 al vijf heeft gemaakt. For Free doet het geweldig in de avondzon of onder het maanlicht, maar het is ook een album dat laat horen dat een van de allergrootsten uit de geschiedenis van de popmuziek het nog niet verleerd is en dat is iets om heel blij van te worden. Op naar het volgende album. Erwin Zijleman


For Free van David Crosby is verkrijgbaar via de Mania webshop:


vrijdag 23 juli 2021

Charli Adams - Bullseye

De Amerikaanse muzikante Charli Adams heeft een aantal aansprekende fans en kan op haar debuutalbum zowel uit de voeten met net wat te gladde pop als met aansprekende indiepop en rock
Charli Adams heeft momenteel niet over aandacht te klagen. Grote namen prijzen haar stem en de topproducers buitelden over elkaar voor de productie van haar debuutalbum. Bullseye klinkt over het algemeen genomen prachtig en de songs van de Amerikaanse muzikante zijn sterk, maar Charli Adams moet het vooral van haar stem hebben. Het is een stem waarmee ze alle kanten op kan en dat doet ze dan ook op haar debuutalbum. Zeker de tracks die aanleunen tegen die indiepop en indierock van het moment zijn ijzersterk, maar de muzikante uit Nashville kan ook menig popprinses naar de kroon steken. Alles bij elkaar een ruime voldoende en flink wat belofte voor de toekomst.


Ik was de naam van de Amerikaanse muzikante Charli Adams volgens mij nog niet eerder tegengekomen, maar de muzikante uit Nashville, Tennessee, mag naar verluidt Taylor Swift, Phoebe Bridgers en Justin Vernon (beter bekend als Bon Iver) inmiddels tot haar fans rekenen. Laatstgenoemde gaf haar de bijnaam Bullseye na een gezamenlijk potje darten, waarin Charli Adams de bullseye gemakkelijk raakte en sindsdien gaat het de Amerikaanse muzikante niet alleen op het dartbord voor de wind. 

Charli Adams vertrok op haar zeventiende naar Nashville voor een onzeker bestaan in de muziek, maar na de release van haar debuutalbum hoeven we ons geen zorgen meer te maken over de carrière van de Amerikaanse muzikante. Bullseye werd grotendeels in Nashville opgenomen, maar heeft niets te maken met de muziek die normaal gesproken in die stad wordt gemaakt. De jonge Amerikaanse muzikante mag zoals gezegd Taylor Swift en Phoebe Bridgers tot haar fans rekenen, maar het zijn ook de grote voorbeelden van Charli Adams. Bullseye staat vol met de indiepop die Taylor Swift maakt en de indierock waar Phoebe Bridgers het patent op heeft. 

Ik was de naam van Charli Adams volgens mij nog niet eerder tegengekomen, maar Bullseye is zeker geen obscuur debuutalbum. Voor het album, dat in Nashville, New York en Londen werd opgenomen, werd een goed gevuld blik met producers opengetrokken en het zijn producers die stuk voor stuk werkten met aansprekende namen binnen de pop van het afgelopen decennium. 

Het had er zomaar voor kunnen zorgen dat Bullseye klinkt als alle andere albums van de gerenommeerde popprinsessen, maar Charli Adams heeft het randje indie in haar muziek behouden. Het klinkt allemaal wat gladder dan de muziek van Phoebe Bridgers of de smaakvolle indiefolk van Taylor Swift, maar Charli Adams blijft wat mij betreft een album lang aan de goede kant van de streep. 

In muzikaal opzicht is het allemaal niet overdreven spannend en misschien ook net wat te gepolijst, maar het klinkt bijzonder aangenaam en wat mij betreft ook smaakvol genoeg om het album niet direct aan de kant te schuiven. Hetzelfde geldt voor de songs van de Amerikaanse muzikante. Het zijn songs die niet heel diep graven, maar het zijn ook songs die zich makkelijk opdringen en die ook wanneer de pop de overhand heeft net interessant genoeg blijven. 

Met Bullseye moet Charli Adams concurreren met zowel de popprinsessen van het moment als met het hele leger jonge vrouwelijke muzikanten in de indiepop en indierock. Dat is nogal wat concurrentie, maar ik denk dat Charli Adams het met Bullseye wel gaat redden. Dat dankt de muzikante uit Nashville vooral aan haar stem, die verrassend veel kanten op kan en bijna altijd mooi en overtuigend klinkt. 

Als ik luister naar Bullseye van Charli Adams hoor ik een album dat nog wat teveel op twee gedachten hinkt en lastig kan kiezen tussen de gladde pop van het moment of de smaakvollere pop en rock met een vleugje indie. Zeker als het album wat dichter tegen Phoebe Bridgers aan schuurt heeft deze er een serieuze concurrent bij, maar Bullseye durft ook de competitie met de popprinsessen aan. Het is de komende jaren een kwestie van de juiste keuzes maken, maar als Charli Adams die maakt zijn de verwachtingen wat mij betreft hooggespannen. Dit debuut verdient in de tussentijd een dikke voldoende. Erwin Zijleman

De muziek van Charli Adams is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://charliadams.bandcamp.com.



Stephen Fretwell - Busy Guy

Bij eerste beluistering vond ik het aardig, maar niets bijzonders, maar hoe vaker ik naar Busy Guy van Stephen Fretwell luister hoe grondiger ik mijn mening over dit album moet bijstellen
De naam Stephen Fretwell deed bij mij geen belletje rinkelen en daar was het bijna bij gebleven, maar langzaam maar zeker begon ik zijn derde album Busy Guy een mooi album te vinden. Het akoestische gitaarspel is aangenaam en hetzelfde geldt voor de zang van de Britse muzikant. Zijn songs klinken vertrouwd en zijn mooi ingekleurd met hier en daar wat elektronica, wat je natuurlijk wel vaker hoort. De ingrediënten zijn misschien niet opzienbarend en het recept is ook bekend, maar het baksel van Stephen Fretwell is uitstekend gelukt en wordt bij iedere beluistering aangenamer. Laat het niet bij een keer vluchtig luisteren, want dit album is een groeier.


Busy Guy is het derde album van de Britse muzikant Stephen Fretwell. Toen ik het album vorige week in handen kreeg, was mijn eerste gedachte dat ik nog nooit van de goede man gehoord had. Dat bleek niet te kloppen, want ook het tweede album van de Britse muzikant, het in 2007 verschenen Man On The Roof, kreeg ik ooit toegestuurd. 
Bij eerste beluistering van Busy Guy maakte Stephen Fretwell zeker geen onuitwisbare indruk en dat is was bij beluistering van zijn vorige album veertien jaar geleden waarschijnlijk niet anders. 

De Britse muzikant begeleidt zichzelf op zijn akoestische gitaar, zingt af en toe zacht en af en toe een stuk expressiever en kleurt zijn muziek hier en daar subtiel verder in met wat elektronische en vaak atmosferisch aandoende klankentapijten. De songs van de Britse muzikant lijken allemaal wat op elkaar en lijken bovendien op de songs van talloze soortgenoten, die ongeveer dezelfde ingrediënten en dezelfde receptuur gebruiken voor hun songs. 

Tot zover heb ik weinig opzienbarends te vertellen over de muzikant die de afgelopen veertien jaar ook wel eens getwijfeld zal hebben over zijn bestaan als solomuzikant en daarom een tijd een bijbaan had als bassist van Last Shadow Puppets, dat ik overigens ook geen geweldige band vind. 

Busy Guy van Stephen Fretwell had zomaar roemloos kunnen eindigen op de stapel met af te voeren cd’s, maar op een gegeven moment wist de Britse muzikant me toch te raken. Busy Guy van Stephen Fretwell lijkt op van alles en nog wat en doet vrijwel niets dat als nieuw is te bestempelen, maar het zijn vooral mooie associaties die de Britse singer-songwriter oproept. 

Het akoestische gitaarspel op het album is niet opzienbarend, maar het staat mooi vooraan in de mix, wat Busy Guy voorziet van een bijzonder geluid. Het is een mooi geproduceerd geluid, waarin de akoestische gitaar van Stephen Fretwell steeds wordt versterkt door bijzondere accenten. Die komen soms van een elektrische gitaar, maar meestal van wat atmosferisch klinkende elektronica, die de muziek op het album voorziet van een bijzondere lading en hier en daar van fraaie onderhuidse spanning. 

Ook in vocaal opzicht verricht Stephen Fretwell geen wonderen, maar het is een prima zanger met een aangenaam stemgeluid, dat me eigenlijk steeds beter is gaan bevallen. Ook de songs van de Britse muzikant klinken stuk voor stuk bekend in de oren en lijken geen bijzondere dingen te doen, maar klinken ondertussen wel zeer aangenaam. Net als de zang en de instrumentatie ben ik ook de songs op Busy Guy steeds mooier gaan vinden, waardoor het derde album van de Britse muzikant zich langzaam maar zeker toch flink is gaan opdringen.

De fraaie akoestische klanken doen het uitstekend op de late avond, de zang groeit flink door, terwijl ik me bij alle songs blijf afvragen waar het nu precies op lijkt, om uiteindelijk te concluderen dat het het geluid van Stephen Fretwell moet zijn. Nu is het zo dat ik over het algemeen genomen de vrouwelijke singer-songwriters prefereer boven hun mannelijke collega's, maar desondanks is Busy Guy een trouwe metgezel geworden. Dat moet voor muziekliefhebbers met een voorkeur voor mannelijke troubadours nog veel sterker gelden. Ik zou in dat geval zeker eens gaan luisteren  naar dit album. Erwin Zijleman


Busy Guy van Stephen Fretwell is verkrijgbaar via de Mania webshop:
LP, 24,99 euro
CD, 16,99 euro


donderdag 22 juli 2021

Eliza Shaddad - The Woman You Want

Eliza Shaddad trok in 2018 niet overdreven veel aandacht met haar debuutalbum, maar verdient deze aandacht absoluut met haar fraaie tweede album The Woman You Want
Ik maakte deze week pas kennis met het debuut van de Britse muzikante Eliza Shaddad. Het is een prima debuut, maar haar nieuwe album is nog veel beter. The Woman You Want laat een veelzijdig geluid horen met invloeden uit de folk, pop en rock en het is een geluid waarin met name het gitaarwerk nadrukkelijk de aandacht opeist. De veelzijdige stem van Eliza Shaddad eist deze aandacht nog wat nadrukkelijker op. Vergeleken met het debuut klinkt het tweede album van de Britse muzikante wat toegankelijker, maar de songs op The Woman You Want zitten vol verrassende wendingen, waardoor het album eigenlijk alleen maar interessanter wordt.


The Woman You Want is het tweede album van de Britse singer-songwriter Eliza Shaddad en de opvolger van het in 2018 verschenen Future. Dat laatste album heb ik deze week pas voor het eerst beluisterd en het bevalt me wel. Op haar debuut klinkt de muzikante met Schotse en Soedanese wortels soms een beetje als PJ Harvey in haar beginjaren, maar Future laat ook horen dat Eliza Shaddad een veelzijdig en getalenteerd muzikante is. 

Dat hoor je nog veel beter op het deze week verschenen The Woman You Want, dat nog een stuk sterker is dan het debuut, dat ik drie jaar geleden helaas niet heb opgemerkt. Het debuut van Eliza Shaddad deed me zoals gezegd denken aan PJ Harvey en dat is een naam die ook zo nu en dan opkomt bij beluistering van The Woman You Want. Dat ligt vooral aan het gitaarspel op het album, maar ook de manier van zingen doet wel wat denken aan PJ Harvey en dan vooral PJ Harvey in haar jongere jaren. 

Vergeleken met Future klinkt het tweede album van de Britse muzikante wat minder ruw of wat gepolijster, het is maar net hoe je het bekijkt. Het tweede album van Eliza Shaddad heeft bovendien een wat consistenter geluid, al laat ze nog steeds horen dat ze meerdere kanten op kan. 

Op Future was hier en daar nog wel te horen dat Eliza Shaddad een geschoold jazzmuzikante is, maar op The Woman You Want is vooral gekozen voor lekker in het gehoor liggende popliedjes zonder al teveel experiment. Dat is misschien jammer, maar aan de andere kant is de muzikante met Schotse en Soedanese wortels zeer bedreven in het schrijven en vertolken van lekker in het gehoor liggende maar ook interessante popliedjes. 

Het zijn popliedjes waarin invloeden uit de pop en rock worden gecombineerd met een folky twist en het zijn popliedjes die aan van alles doen denken, al kan ik er niet precies de vinger op leggen. Minstens twee keer had ik associaties met de muziek van ‘Til Tuesday, het bandje waarmee Aimee Mann in de jaren 80 opdook, maar meer dan een associatie is het niet en het is er bovendien een die zomaar plaats kan maken voor Portishead, om nog een naam te noemen. 

Net als het debuut van Eliza Shaddad valt ook album nummer twee op door prima gitaarwerk, waarvoor onder andere de van Michael Kiwanuka bekende Micheal Jablonka tekent. Het is gitaarwerk dat is ondergebracht in een verder vrij sober geluid, waarin de ritmesectie de basis legt en veel ruimte wordt vrijgehouden voor de stem van de Britse muzikante. 

Ondanks de schoonheid van de arrangementen en alle subtiliteiten in de instrumentatie is het wat mij betreft deze stem die het album boven het maaiveld uittilt. Eliza Shaddad beschikt over een mooie zuivere stem, maar het is ook een krachtige stem en een stem die makkelijk van kleur kan verschieten. 

Het album opent met een aantal behoorlijk toegankelijke songs, maar de muzikante, die tegenwoordig vanuit Cornwall opereert, zoekt naarmate het album vordert ook steeds vaker het experiment en laat dan een verrassend bonte mix van invloeden horen. Het zijn de toegankelijke songs op het album die het makkelijkst de aandacht trekken, maar Eliza Shaddad maakt uiteindelijk de meeste indruk met de songs die laten horen dat we te maken hebben met een zeer talentvolle muzikante, die absoluut een breed publiek verdient met dit album. Erwin Zijleman

De muziek van Eliza Shaddad is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse muzikante: https://elizashaddad.bandcamp.com/album/the-woman-you-want.



woensdag 21 juli 2021

Johnny Lloyd - La La La

De Britse muzikant Johnny Lloyd blijft maar verbazen met het ene na het andere album en net als op de vorige albums staat ook het deze week verschenen La La La vol met geweldige songs
Ik ontdekte het debuut van de Britse muzikant Johnny Lloyd min of meer bij toeval, maar nog geen twee jaar later heb ik een aardig stapeltje albums van hem in huis. De productiviteit van de Brit kent geen grenzen, maar dat gaat niet ten koste van de kwaliteit. Ook het deze week verschenen La La La (het zevende album in twee jaar tijd) staat weer vol met geweldige songs. Het zijn tijdloos klinkende songs die werkelijk alle kanten op schieten, want zo veelzijdig als op La La La was Johnny Lloyd nog niet. De Britse muzikant lag een jaar of drie geleden nog in de goot, maar laat nog maar eens horen dat hij een zeer getalenteerd songwriter is. Bijzondere kerel.


De Britse muzikant Johnny Lloyd heeft een verleden in een aantal Britse rockbands, waaronder zijn huidige band Tribes, maar de meeste indruk maakte hij wat mij betreft met zijn in 2019 verschenen soloalbum Next Episode Starts In 15 Seconds en met de soloalbums die hij sindsdien uitbracht. 

Next Episode Starts In 15 Seconds is een album dat volgde op een aardedonkere en zelfdestructieve periode in het leven van de Britse muzikant en het is een album vol intieme songs, die me af en toe wel wat deden denken aan die van Elliott Smith, met wie het helaas minder goed afliep. 

Sinds zijn debuut, dat overigens samenviel met het vaderschap, maakt Johnny Lloyd werkelijk aan de lopende band muziek. In 2019 volgde na het debuutalbum nog de verzameling demo’s Low Fidelity Vol. 1, die in 2020 werd gevolgd door de volgende verzameling demo’s Low Fidelity Vol. 2 en het echte tweede album van Johnny Lloyd, Cheap Medication. In 2020 verscheen ook nog een filmsoundtrack van zijn hand, I Hate Suzie, en ook dit jaar bracht de Britse muzikant al een filmscore uit, Rare Beasts. 

De twee soundtracks had ik nog niet opgemerkt, maar vier albums en ruim drieënhalf uur muziek in twee jaar tijd vind ik ook al een hele indrukwekkende score, zeker als je je bedenkt dat bijna alle songs van Johnny Lloyd goed zijn. Deze week verscheen alweer een nieuw album van Johnny Lloyd en ook La La La is weer een geweldig album. 

Op het vorig jaar verschenen Cheap Medication schoot de muziek van Johnny Lloyd al alle kanten op, maar op La La La maakt de muzikant uit Londen het nog wat bonter. Het album opent zwoel en soulvol, schakelt vervolgens over naar 80s pop, gaat in de derde track nog twee decennia verder terug in de tijd, om via stemmige 70s singer-songwriter pop en Britse folk uit dezelfde periode terecht te komen bij de donkere postpunk van de vroege jaren 80. 

La La La is dan pas op de helft en schakelt op de tweede helft van het album nog wat genres bij, waaronder aan Bob Dylan herinnerende folk, 90s Britpop en een ode aan Ronnie Wood, die uiteraard is gegoten in klanken die herinneren aan The Rolling Stones in veel jongere jaren. 

Net als zijn voorgangers klinkt ook La La La weer als een album dat spontaan is opgenomen in een paar dagen tijd, maar ondertussen zijn de songs van Johnny Lloyd weer raak en hoe. De Britse muzikant tovert het ene na het andere briljante popliedje uit de hoge hoed, kleurt ze verrassend trefzeker in, zingt lekker nonchalant en slaagt er ook nog eens in om steeds weer andere invloeden te verwerken in zijn meestal tijdloos klinkende songs. 

Net als de vorige albums van Johnny Lloyd is ook La La La weer een album om heel vrolijk van te worden, maar ondertussen raak ik ook steeds meer overtuigd van het enorme talent van de muzikant uit Londen, die er in is geslaagd om in twee jaar tijd een respectabel oeuvre op te bouwen. 

Door de wel erg grote variatie leek La La La me op het eerste gehoor net wat minder dan Cheap Medication of Next Episode Starts In 15 Seconds, maar het nieuwe album van Johnny Lloyd staat vol groeibriljanten. Heel veel aandacht krijgen zijn albums tot dusver niet, maar ik kan iedere muziekliefhebber alleen maar adviseren om heel snel aan te haken, voor je het weet zijn er immers nog veel meer albums om in te halen. Erwin Zijleman

De muziek van Johnny Lloyd is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse muzikant: https://johnnylloyd.bandcamp.com/album/la-la-la-2.


La La La van Johnny Lloyd is verkrijgbaar via de Mania webshop: