zondag 24 maart 2019

Jenny Lewis - On The Line

Jenny Lewis schudt de even aangename als onweerstaanbare popliedjes weer uit haar mouw op haar nieuwe soloplaat en laat de zon uitbundig schijnen
Jenny Lewis maakte een aantal prima platen met haar band Rilo Kiley en heeft inmiddels net zoveel soloplaten op haar naam staan. Ik denk altijd dat ze nog veel beter kan, maar ondertussen is ook On The Line weer een plaat met popliedjes waarvan je alleen maar heel vrolijk kunt worden. Bijgestaan door een aantal topmuzikanten en producer Ryan Adams (die inmiddels wat minder makkelijk aan werk zal komen) verleidt Jenny Lewis met het ene na het andere lome en volstrekt tijdloze popliedje en neemt ze je mee op een tijdreis die begint in de jaren 70 en eindigt in het heden.


Jenny Lewis was tussen 1998 en 2008 de frontvrouw van de uit Los Angeles afkomstige band Rilo Kiley. De band had de steun van de critici, maar de vier albums die Rilo Kiley tussen 2001 en 2007 uitbracht waren niet zo goed als de critici ons deden geloven (al kwam More Adventurous uit 2004 aardig in de buurt). 

Jenny Lewis begon al aan een solocarrière voordat het doek was gevallen voor Rilo Kiley en is inmiddels alweer toe aan haar vierde soloplaat. On The Line is de opvolger van het bijna vijf jaar oude The Voyager, dat ik net wat beter vond dan zijn twee voorgangers. 

Bij Rilo Kiley had ik altijd het idee dat de band nog veel beter kon en dat gevoel heb ik ook bij Jenny Lewis. Ze zingt makkelijk, schrijft geweldige popliedjes en heeft een netwerk vol geweldige muzikanten en producers. Het talent om een klassieker te maken is er, maar vooralsnog neemt Jenny Lewis genoegen met feelgood platen vol aanstekelijke popliedjes met een vleugje roots. 

Het door de inmiddels wat in opspraak geraakte Ryan Adams geproduceerde The Voyager was zo’n feelgood plaat en ook het deze week verschenen On The Line is er een. Jenny Lewis poseerde op de cover van haar vorige album nog een in veelkleurig jasje, maar laat nu haar decolleté zien. Nodig is het niet, want haar aangename popliedjes bevatten al meer dan voldoende verleidingskracht. 

On The Line werd net als zijn voorganger geproduceerd door Ryan Adams (hier en daar bijgestaan door Shawn Everett en Beck), wat momenteel helaas geen aanbeveling is, al staan de muzikale kwaliteiten van het voormalige wonderkind natuurlijk niet ter discussie. Naast Ryan Adams werd een keur aan zeer ervaren sessiemuzikanten naar de studio gehaald, onder wie pianist Benmont Tench en meesterdrummer Jim Keltner. 

Het zijn gelouterde muzikanten en producers die On The Line hebben voorzien van een fraai, maar ook erg degelijk retro geluid, dat in het Engels fraai wordt omschreven als “hazy”. Het is een geluid dat mij zo nu en dan doet denken aan het geluid van Aimee Mann, maar de nieuwe plaat van Jenny Lewis flirt ook met de zonnige popmuziek van The Go-Go’s en frontvouw Belinda Carlisle. 

Het is een geluid dat prima past bij de soepele stem van Jenny Lewis, die de songs ook op On The Line weer moeiteloos naar haar hand zet. Een mooie productie, een warm feelgood geluid, popsongs die na één keer horen in het geheugen zitten en een stem die alles wat vast is doet smelten; het zijn kwaliteiten waarop menig muzikant stik jaloers zal zijn, maar ook dit keer heb ik het idee dat Jenny Lewis beter kan. 

Dat betekent natuurlijk niet dat On The Line een tegenvallende plaat is. Het is net als zijn voorganger een plaat die 11 songs en 43 minuten lang vermaakt met songs die je al je hele leven lijkt te kennen. Ik blijf nog even hopen op de echte klassieker, maar het wachten is ook met het nu verschenen On The Line weer bijzonder aangenaam. Erwin Zijleman



 

zaterdag 23 maart 2019

Lucy Rose - No Words Left

Britse singer-songwriter maakte al een aantal aardige albums, maar zet een reuzenstap met haar nieuwe album vol bijzondere klanken
De vorige platen van Lucy Rose trokken stuk voor stuk mijn aandacht, maar ik vond ze uiteindelijk net niet goed of onderscheidend genoeg. Het is allemaal anders op het nu verschenen No Words Left. Het nieuwe album van Lucy Rose is voorzien van een bijzonder mooie en uiterst subtiele instrumentatie. Het is een opvallend veelkleurige en veelzijdige instrumentatie, maar ook een verrassend subtiele. Het is een instrumentatie die steeds nieuwe dingen laat horen, maar het is ook een instrumentatie die uitstekend past bij de prachtige stem van Lucy Rose, die haar voorgaande werk met speels gemak overtreft.


Ik volg de Britse singer-songwriter Lucy Rose inmiddels al een aantal jaren en ken de drie albums die ze sinds 2012 heeft uitgebracht vrij goed. 

Het zijn platen die wat mij betreft over liepen van belofte, al is het maar vanwege de mooie stem van de singer-songwriter uit het Britse Warwickshire, maar ik moet ook concluderen dat geen van de platen de belofte zodanig waarmaakte dat een plekje op mijn BLOG was te rechtvaardigen. 

Uiteindelijk vond ik geen van de eerste drie albums van Lucy Rose onderscheidend genoeg, maar de mooie stem van de Britse singer-songwriter maakte me absoluut nieuwsgierig naar album nummer 4. Dat album is nu verschenen en, laat ik maar met de deur in huis vallen, is met afstand het meest overtuigende album van Lucy Rose tot dusver. 

Lucy Rose heeft haar geluid de afgelopen jaren flink versoberd en op No Words Left gaat ze nog een stapje verder. De nieuwe plaat werd wederom geproduceerd door Tim Bidwell, die No Words Left heeft voorzien van een ingetogen en opvallend sfeervol geluid. Het is een subtiel maar ook warm geluid, waarin organische klanken de basis vormen. 

Het zijn klanken die geweldig passen bij de mooie stem van Lucy Rose, die sinds haar debuut alleen maar beter is gaan zingen. Wanneer No Words Left genoeg heeft aan een paar gitaarakkoorden en de mooie stem van Lucy Rose, kan de Britse zangeres zich meten met de grote folkies uit het verleden en vindt ze aansluiting bij folkies uit het heden als Laura Marling. 

No Words Left heeft meestal genoeg aan prachtig ingetogen klanken, maar producer Tim Bidwell laat deze met enige regelmaat uitwaaien in atmosferische soundscapes, wat de vierde plaat van Lucy Rose voorziet van een bijzonder geluid. Het is een geluid dat opvallend breed uit kan waaien, maar de Britse singer-songwriter is ook niet bang voor bijna minimalistische akkoorden. 

Folkies uit heden en verleden dragen zinvol vergelijkingsmateriaal aan, maar wanneer Lucy Rose kiest voor de minder platgetreden paden, hoor ik ook wel wat van Kate Bush, ondanks het feit dat de stemmen van de twee Britse zangeressen als dag en nacht van elkaar verschillen. 

Net als de vorige platen van Lucy Rose staat No Words Left vol met aangenaam klinkende en smaakvol gearrangeerde songs en is er altijd die stem die makkelijk overtuigt. De instrumentatie maakt voor een belangrijk deel het verschil. Er is weliswaar een heel arsenaal aan instrumenten ingezet bij het opnemen van de vierde plaat van Lucy Rose, maar er wordt geen noot te veel gespeeld. 

Ook de zang op de plaat is net wat mooier en trefzekerder dan de vorige keer, terwijl de combinatie van instrumentatie en zang de nieuwe plaat van Lucy Rose het onderscheidende karakter geeft dat de vorige keer nog net ontbrak. Dat Lucy Rose met No Words Left de belofte voorbij is zal inmiddels duidelijk zijn. Erwin Zijleman