16 februari 2026

Review: David Byrne, AFAS Live, Amsterdam, 15 februari 2025

David Byrne maakt indruk met een in visueel opzicht fascinerende show en een knap uitgevoerde setlist, die zwaar leunt op het oeuvre van zijn roemruchte band uit de jaren 70 en 80
David Byrne nam jaren geleden al afscheid van het rockconcert dat we kennen, maar heeft zijn bijzondere show nog wat verder geperfectioneerd. Zijn band wandelt over het podium met draagbare instrumenten, maar zetten moeiteloos het funky en dansbare geluid neer dat Talking Heads in de jaren 70 en 80 op de kaart zette. Het levert anderhalf uur visueel en muzikaal vermaak van hoog niveau op.

            foto door Robert Kloosterman

Direct bij aankomst in de AFAS Live trekt het volledig lege podium de aandacht. Er zijn geen instrumenten te zien en ook verder is het podium helemaal leeg. Dit verandert als David Byrne met drie muzikanten het podium op komt. De drie muzikanten hebben een draagbaar instrument (cello, viool en keyboards) en zijn net als David Byrne gestoken in een oranje overall. Met zijn vieren zijn ze goed voor een wonderschone versie van de Talking Heads song Heaven, die minstens net zo bekend is van het debuutalbum van Simply Red.

In de tweede song, Everybody Laughs, komen ook de andere muzikanten het podium op. Allemaal gekleed in een oranje overall en allemaal voorzien van draagbare instrumenten. Naast vier achtergrondvocalisten (en tevens dansers) laat David Byrne zich bijstaan door een gitarist, een bassiste, een toetsenist en maar liefst vier percussionisten. Het is een bijzondere opstelling, maar het klinkt fantastisch. Dat geldt ook voor de stem van David Byrne, die ook in de openingstrack al indruk maakte met zijn zo herkenbare stem, die de tand des tijd verrassend goed heeft doorstaan.

Met de Talking Heads song And She Was zit de sfeer er direct goed in en wordt ook het scherm op het podium gebruikt voor het visuele spektakel dat David Byrne laat zien tijdens zijn Who Is The Sky? tour. Het visuele spektakel bestaat niet alleen uit achtergrondprojecties, waarin een aantal keren plaats is voor een kritische blik op de huidige politieke toestand in de Verenigde Staten, maar ook uit een zorgvuldig uitgedachte choreografie waarin David Byrne en zijn medemuzikanten steeds weer op net wat andere wijze over het podium bewegen.

David Byrne leunt in de setlist overigens zwaar op het werk van zijn roemruchte band Talking Heads, die tussen 1977 en 1988 tien uitstekende albums maakte. De helft van de setlist bestaat uit Talking Heads songs en het zijn alle bekende songs van de band. Ook de Talking Heads klassiekers doen het uitstekend in de versies van de bijzondere band van David Byrne, waarin de bassiste meerde keren een glansrol opeist en ook de percussionisten een hoofdrol spelen. David Byrne was met het verwerken van invloeden uit de Afrikaanse muziek en de funk zijn tijd ooit ver vooruit, maar ook decennia later klinken de songs van Talking Heads nog fris en energiek.

             foto door Robert Kloosterman

Mooi moment in de set is het moment waarop David Byrne zijn appartement in New York op het scherm projecteert en terugkijkt op de coronapandemie, die New York zwaar trof en die veel impact had op het persoonlijke leven van de Amerikaanse muzikant. David Byrne besteed er twee songs aan, zijn eigen My Appartment Is My Friend en de opvallende Paramore cover Hard Times. Het geeft een mooi inkijkje in de persoon David Byrne, die veel sympathieker over komt dan zijn reputatie doet vermoeden.

Hoogtepunten in de set blijven echter de bekendste songs van Talking Heads, waaronder fantastische versies van Slippery People, Psycho Killer, Life During Wartime (met projecties over demonstraties tegen ICE) en Once In A Lifetime. Het zijn songs waarin niet alleen de bassiste, maar ook de percussionisten een hoofdrol opeisen en het publiek makkelijk uit de stoelen komt voor de nog altijd zeer dansbare muziek van de Amerikaanse muzikant. 

Met een fraaie versie van Everybody's Coming to My House en een energieke versie van Talking Heads klassieker Burning Down The House komt na ruim half uur een einde aan een strak geregisseerde en in visueel opzicht aantrekkelijke show, waarin David Byrne laat horen dat de songs die hij in zijn jonge jaren schreef er nog altijd toe doen en zich er bovendien toe lenen om opnieuw uitgevonden te worden. Alle lof dus voor de inmiddels 73 jaar oude muzikant en zijn geweldige band. Erwin Zijleman

Review: Howling bells - Strange Life

Juanita Stein richtte de afgelopen jaren alle aandacht op haar solocarrière, maar na twaalf jaar stilte verschijnt er gelukkig toch nog een nieuw album van haar band Howling Bells en het is een uitstekend album geworden
De Australische band Howling Bells maakte de afgelopen twintig jaar vier albums, waarvan met name het eerste album erg goed was. Na twaalf jaar stilte en vier soloalbums van frontvrouw Juanita Stein keert Howling Bells toch weer terug met een nieuw album. Het is een geïnspireerd klinkend album dat wat steviger klinkt dan een aantal van de andere albums van de band, maar het klinkt erg goed. Juanita Stein trekt ook dit keer de meeste aandacht met haar geweldige stem, maar ook haar twee medemuzikanten laten nadrukkelijk van zich horen op het werkelijk uitstekende Strange Life, dat laat horen dat het zo herkenbare Howling Bells geluid er nog steeds toe doet.



De Australische band Howling Bells debuteerde bijna twintig jaar geleden met een geweldig titelloos album. Het is een album waarop de band een mooi en veelzijdig geluid vol invloeden liet horen. Al deze invloeden werden verpakt in toegankelijke maar ook avontuurlijke songs, die het talent van de band onderstreepten. Howling Bells maakte echter de meeste indruk met de stem van frontvrouw Juanita Stein, die zich soepel meebewoog met het gevarieerde geluid van de Australische band. 

Ik omschreef het destijds overigens een stuk mooier in de Plato.NL nieuwsbrief: “Het titelloze debuut van Howling Bells staat vol met even zwoele als duistere muziek, die het beste van Slowdive, Mazzy Star, My Bloody Valentine en The Velvet Underground lijkt te verenigen en net zo makkelijk uit de voeten kan met slowcore, shoegaze en dreampop als met country-noir, psychedelica en indierock. Het debuut van Howling Bells is een plaat vol invloeden uit een ver verleden, maar klinkt desondanks eigentijds en bij vlagen zelfs vernieuwend, wat de plaat alleen maar extra kracht en magie geeft”. 

Het titelloze debuutalbum uit 2006 werd in 2009 gevolgd door Radio Wars, dat wat doorsloeg richting pop. Ik vond en vind Radio Wars een redelijk album, maar vergeleken met het debuutalbum van Howling Bells was het een flinke tegenvaller. Het was psychedelischer klinkende The Loudest Engine uit 2011 was net wat beter, maar het eerherstel kwam met Heartstrings uit 2014, waarop de inmiddels naar Engeland uitgeweken bands de invloeden van de eerste drie albums combineerde in een aansprekend rockgeluid. 

De afgelopen twaalf jaar hebben we het moeten doen met de vier, overigens uitstekende, soloalbums van frontvrouw Juanita Stein, die op deze albums koos voor singer-songwriter muziek, Americana en 70s pop. Twaalf jaar na het vierde album van Howling Bells keert de nog altijd vanuit het Verenigd Koninkrijk opererende band terug met Strange Life. Het is een geïnspireerd klinkend album, waarop de tot een trio uitgedunde band verder gaat waar het vorige album in 2014 ophield. 

Ook Strange Life is weer een vooral rock georiënteerd album, waarop invloeden uit de shoegaze en indierock centraal staan. Juanita Stein verwerkte op haar soloalbums flink wat invloeden uit de Americana, maar deze zijn niet terug te horen op het nieuwe album van Howling Bells. De band riep in het verleden altijd associaties op met de muziek van Mazzy Star, een van mijn favoriete bands aller tijden, en die hoor ik nog altijd, al zijn ze wel wat minder prominent dan op de wat psychedelischer getinte albums. 

Strange Life is vergeleken met deze albums wat ruwer en gruiziger en ook dat geluid past uitstekend bij de stem van Juanita Stein, die dit keer wel wat aan Lana Del Rey doet denken. Juanita Stein tilt het geluid van haar band nog altijd flink op met gloedvolle vocalen en voegt met grote regelmaat een zwoel tintje toe aan de gruizige songs van de band. 

Hier en daar hoor ik ook nog wel wat van dat glorieuze en inmiddels twintig jaar oude debuutalbum, al laat Strange Life ook horen dat Howling Bells in muzikaal opzicht flink is gegroeid. Ik had na al die jaren stilte niet meer gerekend op een terugkeer van de van oorsprong Australische band, maar Strange Life is echt geen moment een overbodige herhalingsoefening. Erwin Zijleman


Howling Bells - Strange Life is verkrijgbaar via de Mania webshop: