16 juni 2024

Shelby Lynne - I Am Shelby Lynne (1999)

Na een traumatische jeugd in Alabama leed Shelby Lynne een kwakkelend bestaan in Nashville, tot ze in 1999 op de proppen kwam met het in alle opzichten legendarische album I Am Shelby Lynne
De Amerikaanse muzikante Shelby Lynne heeft een fraai stapeltje albums op haar naam staan, maar met afstand haar beste album is wat mij betreft I Am Shelby Lynne uit 1999. Het is een album dat volgde op een aantal matig ontvangen Nashville country albums. Op I Am Shelby Lynne kiest Shelby Lynne voor de Amerikaanse rootsmuziek uit het diepe zuiden van de Verenigde Staten. Het album is voorzien van een tijdloos en warm klinkend geluid, dat prachtig is geproduceerd door Bill Bottrell. De grootste kracht van I Am Shelby Lynne schuilt echter in de prachtige stem van Shelby Lynne, die de songs op haar doorbraakalbum met veel gevoel vertolkt. Het levert wat mij betreft een klassieker op.



Shelby Lynne Moorer was pas zeventien jaar oud toen haar vader voor haar ogen haar moeder doodschoot en hierna zijn eigen leven beëindigde. Ze nam de verzorging van haar vier jaar jongere zus Allison op zich en verruilde, toen die ook op eigen benen kon staan, het ouderlijk huis in Jackson, Alabama, voor Nashville, Tennessee, om in de voetsporen van haar muzikale ouders te treden. 

In Nashville kreeg de talentvolle muzikante, die zich vanaf dat moment Shelby Lynne noemde, vrijwel onmiddellijk een platencontract, maar echt van de grond kwam haar carrière niet. Tussen 1989 en 1995 maakte Shelby Lynne maar liefst vijf albums, die allemaal in de onderste regionen van de country charts terecht kwamen. Haar carrière leek in de tweede helft van de jaren 90 min of meer ten einde, maar in 1999 sloeg Shelby Lynne keihard terug met het album I Am Shelby Lynne. 

Er zouden nog elf studioalbums volgen en Shelby Lynne maakte bovendien een prachtig album met haar ook in de muziek actieve en eveneens succesvolle Allison Moorer, maar wat mij betreft steekt I Am Shelby Lynne er flink bovenuit in het fraaie oeuvre van de Amerikaanse muzikante. 

Voor I Am Shelby Lynne liet Shelby Lynne haar thuisbasis Nashville tijdelijk achter zich en keerde ze terug naar Alabama, waar ze met de op dat moment vooral van Sheryl Crow bekende producer Bill Bottrell de studio in dook. In deze studio verdween Nashville ook in muzikaal opzicht uit beeld, want op I Am Shelby Lynne eert de Amerikaanse muzikante de muziek die in de jaren 70 in het diepe zuiden van de Verenigde Staten werd gemaakt. 

I Am Shelby Lynne bevat nog wel wat invloeden uit de country, maar is ook geworteld in de soul en rhythm & blues, met hier en daar ook nog een vleugje jazz en rock ‘n roll. Het album moet haast wel beïnvloed zijn door het album dat Dusty Springfield aan het eind van de jaren 60 in Memphis maakte, maar Shelby Lynne eert ook de rijke muziekgeschiedenis van de staat waarin ze opgroeide. 

Bill Bottrell tekent op I Am Shelby Lynne niet alleen voor een prachtige en opvallend warm klinkende productie, maar nam bovendien flink wat koffers met instrumenten mee naar de studio, waarna een aantal gastmuzikanten het album nog wat voller inkleurden. Ik vind vooral het gitaarwerk op het album heel erg mooi, maar ook de sfeervolle bijdragen van strijkers zijn zeer trefzeker. I Am Shelby Lynne werd door de productie van Bill Bottrell vergeleken met Sheryl Crow’s Tuesday Night Music Club, maar het album van Shelby Lynne klinkt authentieker en had ook decennia eerder kunnen zijn gemaakt. 

De songs op het album zijn indrukwekkend en het geluid is prachtig, maar I Am Shelby Lynne is vooral een album waarop de stem van Shelby Lynne imponeert. De Amerikaanse muzikante zingt met veel gevoel en minstens evenveel soul en levert wat mij betreft in vocaal opzicht een van de beste albums aller tijden af. De stem van Shelby Lynne zou nog veel vaker prachtig klinken, maar de zang op I Am Shelby Lynne is me net wat dierbaarder en dat geldt ook voor de songs en de muziek op het album. 

Shelby Lynne trok de afgelopen jaren niet heel veel aandacht met haar albums, maar die aandacht verdient ze wel, want zeker haar laatste albums zijn weer uitstekend. I Am Shelby Lynne verdient nog veel meer, want dit is een album dat eigenlijk iedereen gehoord moet hebben. Erwin Zijleman


I Am Shelby Lynne van Shelby Lynne is verkrijgbaar via de Mania webshop:


The Whiskey Charmers - Streetlights

De Amerikaanse band The Whiskey Charmers draait al een tijdje mee, maar zet een flinke stap vooruit op haar nieuwe album Streetlights, dat opvalt door fraaie alt-country met een hoofdrol voor mooi gitaarwerk en uitstekende zang
Carrie Shepard en Lawrence Daversa vormen de basis van de uit Detroit, Michigan, afkomstige band The Whiskey Charmers. Dat leverde de afgelopen negen jaar een aantal prima albums op, maar zo goed als op Streetlights hoorde ik de band nog niet. Op hun nieuwe album klinken Carrie Shepard en Lawrence Daversa net wat moderner en bovendien is de productie mooier dan op de voorgangers. Streetlights trekt direct de aandacht met fraai en bij vlagen lekker stevig gitaarwerk en ook de mooie stem van Carrie Shepard trekt makkelijk de aandacht. Ook de songs op het album liggen bijzonder lekker in het gehoor, waardoor dit zomaar het doorbraakalbum van The Whiskey Charmers zou kunnen worden.



Ik besprak op de krenten uit de pop nog niet eerder een album van de Amerikaanse band The Whiskey Charmers, maar ik volg de band rond Carrie Shepard en Lawrence Daversa al wel een kleine tien jaar. Ik vond de vorige albums van de band uit Detroit, Michigan, zeker niet slecht, maar er waren altijd albums die ik net wat interessanter vond, waardoor de muziek van The Whiskey Charmers steeds tussen wal en schip viel. 

Het is dit keer anders, want het deze week verschenen vijfde album van de band sprong er voor mij direct in positieve zin uit. Binnen The Whiskey Charmers draait veel om Carrie Shepard en Lawrence Daversa, van wie laatstgenoemde tekent voor het grootste deel van het gitaarwerk en de achtergrondzang, terwijl Carrie Shepard tekent voor ondersteunend akoestisch gitaarwerk en de leadzang. 

De mooie stem van Carrie Shepard, de fraaie ondersteuning van Lawrence Daversa en het uitstekende gitaarwerk van zijn hand trekken nadrukkelijk de aandacht bij beluistering van Streetlights. The Whiskey Charmers maken op hun nieuwe album gitaar georiënteerde Amerikaanse rootsmuziek die af en toe lekker stevig mag klinken en waarin de zang een zeer voorname rol speelt. 

Carrie Shepard en Lawrence Daversa doen niet alles met zijn tweeën, want de band bestaat op Streetlights ook uit een zeer competent spelende ritmesectie, waarna het geluid van The Whiskey Charmers nog wordt aangevuld met de bijzondere klanken van de theremin. Streetlight laat vergeleken met de vorige albums van The Whiskey Charmers geen muzikale aardverschuiving horen, maar desondanks vind ik het album een stuk aansprekender dan zijn voorgangers. 

Streetlights klinkt wat ruwer dan het vorige werk van de band uit Detroit en dat bevalt me uitstekend. De gitaren krijgen op het album alle ruime en benutten deze op fraaie wijze. Het gitaarwerk op Streetlights is melodieus, maar Lawrence Daversa kan ook flink uithalen. Streetlights klinkt niet alleen ruwer, maar ook wat moderner dan de vorige albums van The Whiskey Charmers. De band maakt nog altijd authentiek klinkende alt-country, maar het soms wat oubollige tintje van de vroege albums is verdwenen. 

Het gitaarwerk op het album springt als eerste in het oor bij beluistering van Streetlights, maar ook de prachtige zang van Carrie Shepard draagt stevig bij aan de hoge kwaliteit van het vijfde album van Streetlights. De Amerikaanse muzikante wordt subtiel ondersteund door Lawrence Daversa, die zich vooral concentreert op het snarenwerk, maar de achtergrondzang heeft zeker meerwaarde. 

Ik heb de vorige albums van The Whiskey Charmers voor de zekerheid ook nog maar eens beluisterd. Het zijn prima albums, maar de overtuiging en schoonheid die ik hoor op Streetlights hoor ik net niet op de vorige albums van de band. In Nederland is de band uit Detroit volgens mij niet heel erg bekend, maar Streetlights is een album dat ook hier hoge ogen moet kunnen gooien en dat met name bij liefhebbers van wat stevigere en gitaar georiënteerde Americana zeer in de smaak moet kunnen vallen. Toen ik de releaselijst van deze week zag, hield ik rekening met een bijrol voor The Whiskey Charmers, maar Carrie Shepard en Lawrence Daversa eisen dit keer op fraaie wijze de hoofdrol op. Erwin Zijleman

De muziek van The Whiskey Charmers is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse band: https://thewhiskeycharmers.bandcamp.com/album/streetlights.


15 juni 2024

Jenny Don't & The Spurs - Broken Hearted Blue

Zangeres Jenny Don’t en haar band The Spurs vinden op Broken Hearted Blue de grootse vorm en combineren op fraaie en zeer energieke wijze invloeden uit de garagerock, de rockabilly en de country
Ik was tot dusver nog niet heel erg onder de indruk van de muziek van Jenny Don’t & The Spurs, maar het deze week verschenen vierde album van de band uit Portland, Oregon, vind ik een stuk beter. De band zoekt de inspiratie vooral in het verleden en verwerkt uit dit verleden uiteenlopende invloeden. Countrymuziek staat centraal op Broken Hearted Blue, maar Jenny Don’t & The Spurs voegen er lekker ruwe invloeden aan toe. De ritmesectie speelt prima, maar de gitarist van de band steelt de show met prachtig snarenwerk. Ook Jenny Don’t trekt nadrukkelijk de aandacht met een stem die herinnert aan grote countryzangeressen van weleer. Het levert een heerlijk album op.



Jenny Don’t (echte naam: Jenny Connors) en haar band The Spurs timmeren inmiddels een aantal jaren aan de weg en leveren met Broken Hearted Blue hun vierde album af. De band uit Portland, Oregon, vermengde op haar eerste albums invloeden uit de countrymuziek met invloeden uit de garagerock, een genre dat ook wel wat oneerbiedig ‘cowpunk’ wordt genoemd. 

De albums van Jenny Don’t en haar band werden de afgelopen jaren steeds beter, maar ook het in 2021 verschenen Fire On The Ridge vond ik persoonlijk nog niet meer dan leuk. Ik had dan ook geen overdreven hoge verwachtingen van Broken Hearted Blue, maar op het vierde album laten Jenny Don’t & The Spurs enorme groei horen. 

Het heeft deels te maken met de geluidskwaliteit, want waar de vorige albums nogal rammelden knalt Broken Hearted Blue uit de speakers. Producer Collin Hegna heeft knap werk geleverd, want de muziek en de zang zijn op het album fraai in balans en alles klinkt even ruimtelijk. 

Jenny Don’t & The Spurs hebben naast zang genoeg aan gitaren, bas en drums en vooral het gitaarwerk op Broken Hearted Blue is prachtig. Gitarist Christopher March speelt breed uitwaaiende gitaarlijnen, maar is ook niet vies van stevige riffs. In twee tracks duikt een pedal steel op, maar meestal klinkt de muziek van Jenny Don’t & The Spurs vrij elementair. 

Het is muziek die je meestal ver mee terug neemt in de tijd, zeker wanneer The Spurs zich laten inspireren door rockabilly uit de jaren 50 en garagerock uit de jaren 60. Het zijn invloeden die worden gecombineerd met invloeden uit de countrymuziek uit dezelfde periode. Zeker wanneer het tempo hoog is, is het gitaarwerk op het album imponerend goed, maar ook de ritmesectie speelt ijzersterk. 

Het combineert allemaal prachtig met de stem van Jenny Don’t. De Amerikaanse muzikante roept met haar stem herinneringen op aan countryzangeressen uit vervlogen tijden en combineert heel veel power en energie met een aangename snik. Ik vond het in het verleden zoals gezegd wel leuk, maar Broken Hearted Blue houdt je tien songs lang in een wurggreep. 

Countrymuziek en garagerock zijn wel vaker vermengd, denk bijvoorbeeld aan de geweldige albums van Jason & The Scorchers, maar de stem van Jenny Don’t zorgt toch weer voor een heel ander geluid. Broken Hearted Blue zal vooral in de smaak vallen bij liefhebbers van wat traditionelere en bij voorkeur wat stevigere Amerikaanse rootsmuziek. Dat is normaal gesproken niet de muziek die ik er als eerste uit pik, maar het vierde album van Jenny Don’t & The Spurs kan ik maar moeilijk weerstaan. 

Zowel de muziek als de zang op het album zijn zo energiek dat ook de eigen energie alleen maar een boost kan krijgen wanneer Broken Hearted Blue uit de speakers komt. Ik ging er van uit dat ik het na een paar keer horen wat minder interessant zou vinden, maar dat is zeker niet het geval. Met name de zang en het gitaarwerk zijn zo goed dat ik steeds weer naar het album wordt getrokken, waardoor de songs steeds meer blijven hangen. 

Fire On The Ridge kreeg drie jaar geleden al behoorlijk goede recensies, maar ik vind Broken Hearted Blue een paar klassen beter. Ik luister de laatste tijd vooral naar moderner klinkende Amerikaanse rootsmuziek, met bij voorkeur een beetje pop, maar ook het zeer oorspronkelijk klinkende Broken Hearted Blue van Jenny Don’t & The Spurs gaat er in als koek. Erwin Zijleman

De muziek van Jenny Don't & The Spurs is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse band: https://jennydontandthespurs.bandcamp.com/album/broken-hearted-blue.


Broken Hearted Blue van Jenny Don't And The Spurs Below The Waste van Goat Girl is verkrijgbaar via de Mania webshop:



14 juni 2024

Amanda Bergman - Your Hand Forever Checking On My Fever

Ruim acht jaar na haar zo bijzondere debuutalbum keert de Zweedse singer-songwriter Amanda Bergman terug met het fraaie Your Hand Forever Checking On My Fever, waarop wederom haar bijzondere stem centraal staat
Er verschenen de afgelopen week nogal wat albums van vrouwelijke singer-songwriters, maar het tweede album van Amanda Bergman was voor mij een zekerheid. Dat dankt de Zweedse muzikante, die ook een boerderij runt, aan haar inmiddels ruim acht jaar oude solodebuut Docks, dat indruk maakte met geweldige songs, een fraai geluid en een zeer karakteristieke stem. Het zijn ook de belangrijkste ingrediënten op het deze week verschenen Your Hand Forever Checking On My Fever, dat laat horen dat Amanda Bergman het op bijzondere wijze vertolken van een serie zeer aantrekkelijke songs nog niet is verleerd. Goed dat ze terug is en ook Your Hand Forever Checking On My Fever smaakt naar veel meer.



Aan het begin van 2016 bracht de Zweedse singer-songwriter Amanda Bergman haar debuutalbum Docks uit. Het is een album dat ik zelf pas aan het eind van dat jaar ontdekte, toen Docks opdook in een aantal jaarlijstjes. Die notering in jaarlijstjes begreep ik onmiddellijk, want Docks was in meerdere opzichten een intrigerend album. 

Dat was het allereerst vanwege de stem van Amanda Bergman, die ik zelf omschreef als een combinatie van de stemmen van Marianne Faithfull, Nico, Amanda Lear en Maria McKee. Het was voor mij een stem waaraan ik heel even moest wennen, maar die Docks absoluut voorzag van een eigen geluid. 

Ook in muzikaal opzicht sprak Docks zeer tot de verbeelding. Het debuutalbum van Amanda Bergman werd grotendeels ingekleurd door de leden van haar band Amason en ze werd verder bijgestaan door Kristian Mattsson (aka The Tallest Man on Earth), met wie ze destijds getrouwd was. Het is een geluid dat ik omschreef als muziek waarin de Scandinavische zomer en winter samenkwamen. De aansprekende songs van de Zweedse muzikante lieten zich ook nog eens door van alles en nog wat beïnvloeden en konden zowel uit de voeten met traditioneel klinkende folk en country als met Fleetwood Mac achtige pop. 

Het is allemaal al weer ruim acht jaar geleden, maar toen deze week het nieuwe album van de Zweedse muzikante verscheen was ik onmiddellijk bij de les. Your Hand Forever Checking On My Fever voelde ondanks het verstrijken van al die jaren direct aan als een warm bad. Amanda Bergman runt overdag een boerderij op het Zweedse platteland, maar als de zon onder is, is er gelukkig weer tijd voor muziek. 

Your Hand Forever Checking On My Fever wordt net als Docks voor een belangrijk deel gedragen door de bijzondere stem van Amanda Bergman, die in een Britse recensie wordt omschreven als “a voice that could haunt an empty house”. Het is een stem die niet bij iedereen in de smaak zal vallen, maar ik vind de zang van Amanda Bergman op haar nieuwe album nog een stuk mooier en bovendien toegankelijker dan op haar debuutalbum. Het is een stem met een ruw en hees randje, wat verleidingskracht en doorleving toevoegt aan de zang op het album. 

De Zweedse muzikante liet op haar debuutalbum al horen dat ze een uitstekend songwriter is en die vaardigheid heeft ze geperfectioneerd op Your Hand Forever Checking On My Fever. De songs op het album kregen vorm achter de piano en het zijn songs die deels nogal donker van aard zijn met rouw als terugkerend thema, maar het album kan ook zonnig klinken en reflecteren op het moederschap. 

Het zijn popsongs waarvan je alleen maar zielsgelukkig kunt worden, want wat dringt Your Hand Forever Checking On My Fever zich genadeloos en aangenaam op. Het zijn ook dit keer popsongs die Fleetwood Mac in haar beste jaren (en die strekken zich wat mij betreft uit tot en met de jaren 80) had kunnen maken, maar waarin de vibe van het mondaine Los Angeles is verruild voor die van het Zweedse platteland en waarin ook meer dan eens iets van een jonge Joni Mitchell doorklinkt. 

Het is helaas heel lang stil geweest rond Amanda Bergman, maar ook met Your Hand Forever Checking On My Fever heeft de Zweedse muzikante weer een prachtalbum gemaakt. Erwin Zijleman


Your Hand Forever Checking On My Fever van Amanda Bergman is verkrijgbaar via de Mania webshop:


Margaux - Inside The Marble

Margaux moet concurreren met hele hordes jonge vrouwelijke singer-songwriters in het indiesegment, maar haar debuutalbum Inside The Marble weet zich op alle fronten verrassend makkelijk te onderscheiden
Inside The Marble van Margaux (Bouchegnies) begint als een redelijk standaard indiepop en indierock album, maar naarmate het album vordert maakt de muzikante uit Brooklyn, New York, steeds meer indruk met een fascinerende instrumentatie, mooie zang en songs die de fantasie uitvoerig prikkelen. In muzikaal opzicht slaat Inside The Marble steeds weer andere wegen in, maar de klanken van Margaux en haar medemuzikanten blijven ook bijzonder aangenaam. Het is flink dringen in het genre waarin Margaux opduikt met haar debuutalbum, maar Inside The Marble is een album dat absoluut opvalt in het enorme aanbod van het moment.



De wijk Brooklyn in New York moet inmiddels zo ongeveer op elke straathoek een talentvolle jonge vrouwelijke singer-songwriter met een voorliefde voor indiepop en indierock hebben rondlopen, want de albums van nieuwkomers in het genre blijven maar komen. Ik heb er de afgelopen tijd zo veel gehoord en de lat ligt inmiddels zo hoog dat ik niet meer zo snel onder de indruk ben van het volgende nieuwe talent in de genoemde genres, maar zo af en toe zit er een album tussen dat flink boven het maaiveld uitsteekt. Inside The Marble van Margaux is wat mij betreft zo’n album. 

Margaux is de Amerikaanse singer-songwriter Margaux Bouchegnies, die werd geboren in Seattle en na haar studie psychologie in New York terecht is gekomen in de florerende muziekscene van Brooklyn. Haar debuutalbum Inside The Marble opent ijzersterk met DNA, dat vooral een hele goede popsong is. In muzikaal opzicht klinkt het aangenaam en ook de zang van Margaux is uitstekend, maar in deze opzichten onderscheidt de openingstrack zich nog niet heel nadrukkelijk van alles dat er al is. Uiteindelijk draait er echter veel om de goede popsong en Margaux laat direct horen dat ze deze kunst uitstekend beheerst. 

Dat ze ook in muzikaal en vocaal opzicht niet alleen binnen de lijntjes van de indiepop en indierock van het moment kleurt wordt vervolgens ook snel duidelijk. De muzikante heeft haar debuutalbum samen met de mij onbekende producer Sahil Ansari voorzien van een bijzonder mooi geluid, waar naar verluidt jaren aan is gewerkt. Dat is ook wel te horen, want Inside The Marble is in muzikaal opzicht een fascinerend album. Margaux Bouchegnies kan zelf uit de voeten op flink wat instrumenten, waaronder gitaren, bas en uiteenlopende keyboards, terwijl Sahil Ansari vooral drums, percussie en ritmes toevoegt aan de songs. Gastmuzikanten vullen het geluid op Inside The Marble verder aan met strijkers, blazers en de pedal steel. 

Waar ik bij beluistering van de openingstrack vooral werd gegrepen door een verbluffend goede popsong, raakte ik bij verdere beluistering van het album vooral onder de indruk van de bijzondere instrumentatie. Margaux heeft haar songs volgestopt met instrumenten en creëert een geluid dat soms raakt aan de indiepop en indierock van het moment, maar er soms ook flink ver van verwijderd is. Het is een geluid dat een deel van de tijd bijzonder aangenaam voortkabbelt op de achtergrond en dat, zeker in de meest dromerige tracks, doet verlangen naar broeierige zomeravonden, maar de muziek op Inside The Marble kan ook bont en complex zijn. 

Ook met haar stem maakt Margaux makkelijk indruk. Ze zingt, net als zoveel van haar collega’s in het genre, vrij zacht, maar de zang op Inside The Marble is mooier en beter dan op de meeste andere albums die ik de laatste tijd heb gehoord. Zeker voor een debuutalbum is de kwaliteit van de muziek en de zang verrassend hoog en ook de songs van de New Yorkse muzikante zijn van hoog niveau. Dat de teksten vooral over het volwassen worden gaan is misschien niet heel origineel, maar de songs zijn verrassend complex en avontuurlijk. 

Het zijn songs die zich breed hebben laten beïnvloeden en die zich, met name wanneer de instrumenten de ruimte krijgen, ver buiten de kaders van de indierock en indiepop van het moment bewegen, met uitstapjes richting de klassieke muziek en hierbij zelfs een subtiel laagje progrock. Het levert een bijzonder album op van een wat mij betreft zeer interessant nieuw talent. Erwin Zijleman

De muziek van Margaux is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://margauxtosleep.bandcamp.com/album/inside-the-marble.



13 juni 2024

Rose Hotel - A Pawn Surrender

Het tweede album van Rose Hotel, het alter ego van de Amerikaanse muzikante Jordan Reynolds, valt op door een bijzondere mix van genres, door een lekker vol en tijdloos geluid en zeker ook door een uitstekende stem
De muzikale verrichtingen van de Amerikaanse muzikante Jordan Reynolds waren me tot voor kort ontgaan, maar ik ben zeer gecharmeerd van het tweede album van haar project Rose Hotel. A Pawn Surrender verwerkt zowel invloeden uit het verleden als uit het heden en is niet vies van een genre meer of minder. Het levert een bonte mix van Amerikaanse rootsmuziek, rock, psychedelica en pop op en het is een mix die zich onmiddellijk opdringt. Het klinkt allemaal erg mooi en aangenaam, maar Jordan Reynolds blijkt ook nog eens voorzien van een hele mooie en karakteristieke stem, die het bijzondere karakter van de songs van Rose Hotel nog wat verder versterkt.



Jordan Reynolds is een singer-songwriter uit Atlanta, Georgia, die de afgelopen jaren werkte met onder andere de bands Neighbor Lady en Susto en met de als een komeet omhoog geschoten Faye Webster en die in 2019 bovendien een album afleverde onder de naam Rose Hotel. De Amerikaanse muzikante keert deze week terug met het tweede album van Rose Hotel en A Pawn Surrender is niet alleen een overtuigend, maar ook een heel opvallend album. 

Dat opvallende zit hem vooral in de verschillende genres die Jordan Reynolds voorbij laat komen op het album. A Pawn Surrender is een album met flink wat invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, maar ik hoor ook volop invloeden uit de psychedelica, uit de folkrock en uit de indierock en zo zijn er nog wel wat invloeden die voorbij komen op het tweede album van Rose Hotel, waaronder een aangenaam randje pop. 

Het zorgt er voor dat A Pawn Surrender wat lastig is te plaatsen en het album je bovendien wat heen en weer sleurt tussen verschillende muziekstijlen en uiteenlopende decennia uit de geschiedenis van de popmuziek. Op hetzelfde moment zorgen de meeste songs op het album voor een feest van herkenning, want de songs van Jordan Reynolds zijn niet alleen aansprekend maar ook zeer toegankelijk. 

Ik hoor dit jaar heel veel albums die op elkaar lijken, maar daar hoort het tweede album van Rose Hotel in ieder geval niet bij. A Pawn Surrender citeert weliswaar rijkelijk uit het verleden, maar ik ken geen recent album dat zo klinkt als het tweede album van Rose Hotel. Het is een album dat ook nog eens echt geweldig klinkt, want samen met de mij onbekende producers Damon Moon en Graham Tavel en de mij wel bekende Drew Vandenberg heeft Jordan Reynolds een rijk en veelzijdig geluid in elkaar geknutseld. 

Het is een lekker vol en warm geluid, dat de ruimte op aangename wijze vult, waarna wat stekelige accenten van met name gitaren zorgen voor de altijd welkome eigenzinnigheid. De meeste instrumenten zijn lekker stevig aangezet, wat zorgt voor een wat nostalgisch maar ook zeer aangenaam geluid. Wanneer de pedal steel zijn werk doet zit Rose Hotel opeens midden in de Amerikaanse rootsmuziek, maar de Amerikaanse muzikante maakt ook lekker gruizige rootsmuziek als het moet, waarbij het gitaarwerk in positieve zin opvalt. 

Al die mooie klanken zijn onderdeel van een serie aansprekende songs, die niet alleen een tijdloos karakter hebben, maar die ook fris en modern klinken. Het zijn songs die goed bij elkaar passen, maar de songs op A Pawn Surrender zijn ook veelzijdig genoeg om de aandacht makkelijk een album lang vast te houden. 

Dat doet het tweede album van Rose Hotel het makkelijkst met het nog niet besproken sterkste wapen van Jordan Reynolds, want dat is haar stem. Het is een stem die verleidelijk en dromerig kan klinken, maar het is ook een stem die makkelijk overeind blijft in de wat stevigere tracks op het album en die het tijdloze of wat nostalgische karakter van de songs op het album fraai kan versterken. 

Er verschenen de afgelopen week heel veel albums, waaronder albums van een aantal persoonlijke favorieten, maar A Pawn Surrender van Rose Hotel was een van de eerste albums die me overtuigde de afgelopen week en is sindsdien alleen maar beter geworden. Erwin Zijleman

De muziek van Rose Hotel is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://rosehotel.bandcamp.com/album/a-pawn-surrender.


A Pawn Surrender van Rose Hotel is verkrijgbaar via de Mania webshop:



12 juni 2024

Interview Arooj Aftab (mei 2024)

Voor de Mania interviewde ik onlangs de Pakistaanse muzikante Arooj Aftab (gepubliceerd in Mania 408: https://www.platomania.nl/mania-magazine/408/). Het volledige interview is hieronder te vinden.


De Pakistaanse muzikante Arooj Aftab leverde in 2021 met Vulture Prince een van de meest verrassende albums van 2021 af en bereikte hoge noteringen in nogal wat aansprekende jaarlijstjes. Dat deed ze met een uniek eigen geluid, dat in geen enkel hokje paste. Deze maand verscheen haar nieuwe album Night Reign. Ik sprak Arooj Aftab in New York via Zoom.

Je zette jouw eerste stappen in de muziek toen je opgroeide in Lahore in Pakistan. Hoe zag de muziekscene in Lahore er uit?
Ik was een gewone tiener die van gitaar spelen hield en U2 songs coverde, maar ik pikte ook andere dingen op. Pakistan heeft een hele rijke cultuur en een grote liefde voor uiteenlopende vormen van kunst. De muziekscene van Lahore was heel divers met geweldige klassieke muzikanten en ook popmuzikanten, maar er was ook volop toegang tot Westerse popmuziek (redactie: op de Wikipedia pagina over Arooj Aftab wordt een beeld geschetst van een samenleving die geen toegang bood tot invloeden van buiten, maar dit is onjuist).

Op je 19e vertrok je naar de Verenigde Staten en ging je studeren aan het prestigieuze Berklee College of Music in Boston. Wat heb je daar geleerd?
Ik heb er vooral heel veel goede vrienden gemaakt, met wie ik nog steeds muziek maak en van wie ik heel veel heb geleerd. Ik heb er verder geleerd wat jazzmuziek is en hoe je op een vrije manier muziek kunt maken. Ik had geen enkele muziekopleiding gehad toen ik naar Boston ging. Verder weet ik hoe ik een microfoon moet aansluiten en muziek moet opnemen, wat ook vaak van pas komt.

Hoe kwam je vervolgens terecht in de jazz-scene van New York?
Studenten van Berklee College of Music die filmmuziek willen maken gaan naar L.A., songwriters gaan naar Nashville en iedereen die vooral wil improviseren gaat naar New York. Ik kwam er terecht met veel bevriende muzikanten en werd direct verliefd op New York, waar je iedere avond een van je muzikale helden op het podium kunt zien. Ik kwam er in een tijd van een diepe recessie en een tijd waarin niemand geld verdiende, maar muziek maken kon altijd.

Jouw album Vulture Prince groeide in 2021, toch wel verrassend, uit tot de lieveling van de critici en haalde heel veel jaarlijstjes. Hoe heb je dit ervaren?
Het was een hele grote verrassing. Mijn muziek was zo anders dan andere muziek. Het was van alles en tegelijkertijd ook niets. Ik had niet verwacht dat het zo goed ontvangen zou worden, maar ik ben blij dat mensen er naar wilden luisteren en er iets mee konden.

Ik beschreef jouw muziek zelf als een mix van klassieke muziek, new age, minimal music, en wereldmuziek met snufjes jazz en reggae, maar dat zegt iemand die jouw muziek niet kent natuurlijk helemaal niets. Hoe beschrijf je jouw muziek zelf?
Mensen willen muziek in hokjes duwen en dat begrijp ik, maar zelf doe ik het liever niet. Ik hou er ook niet van als mensen mijn muziek mystiek of transcendentaal noemen. Het is een eerlijke mix van allerlei invloeden die me dierbaar zijn. Ik noem het de laatste tijd ‘fun jazz’.

Jouw nieuwe album Night Reign heeft nog steeds het unieke geluid van Vulture Prince, maar het album klinkt ook net wat toegankelijker en zeker ook jazzier. Hoe zie je dit zelf?
Het is inderdaad jazzier en wat scherper, maar het is ook een wat vrolijker album dat het leven viert. Het bevat ook meer invloeden dan het vorige album. Het is voor mij een geëvolueerde versie van Vulture Prince.

Night Reign klinkt als een album van de nacht. Zijn de songs in de nacht geschreven of is het album in de nacht opgenomen, zoals Taylor Swift deed met de songs op Midnights?
Nee, het album is overdag opgenomen, maar de songs gaan wel allemaal over zaken die in de nacht spelen, dat geeft bijna vanzelf een nachtelijke sfeer aan de songs kennelijk.

Op het nieuwe album werk je nog steeds met jouw vaste band, die ook op Vulture Prince was te horen, maar je hebt ook een aantal gastmuzikanten uitgenodigd zoals Cautious Clay, Moor Mother, James Francies en Chocolate Genius. Wat voegen ze toe aan jouw songs?
Ik heb een aantal van mijn nieuwe muzikale vrienden uitgenodigd en ben zo gelukkig dat deze geweldige muzikanten op mijn album willen spelen. Chocolate Genius is bijvoorbeeld echt een genie. Bij het schrijven van de songs probeerde ik na te denken over toevoegingen van andere muzikanten en ze wilden allemaal mee doen. Ze voegen nieuwe kleuren en nieuwe energie toe aan mijn muziek.

Jouw teksten zijn nog steeds voor een groot deel in het Urdu. Hoe belangrijk is het voor jou om in het Urdu te zingen?
Urdu is een bijzondere taal. Het is een hele indirecte, romantische en metaforische taal en een taal waarmee ik heel veel kwijt kan in een paar zinnen zodat ik me op de muziek kan concentreren. Daar hou ik van, maar ik ben steeds meer tweetalig, dus als er een Engelstalige song op komt hou ik die niet langer tegen.

Je speelt dit jaar op veel festivals. Komt jouw muziek niet beter tot zijn recht in intiemere zalen?
Ik hou van allebei. Spelen in de buitenlucht heeft iets speciaals. Je voelt de wind, mensen zitten in het gras. Het geeft vrijheid en je kunt wat harder spelen. Mijn muziek is beeldend en dat komt buiten goed tot zijn recht.

Wat zijn jouw plannen voor de rest van het jaar?
Touren, touren en touren. En als het album uit is ga ik nadenken over nieuwe songs.

Arooj Aftab is dit jaar nog een aantal keren in Nederland te zien, onder andere op North Sea Jazz, Lowlands, Le Guess Who? en November Music.

Check ook haar geweldige album Night Reign:

Erwin Zijleman



Interview néomí (mei 2024)

Voor de Mania interviewde ik onlangs de Nederlands-Surinaamse muzikante néomí (wordt gepubliceerd in Mania 409). Het volledige interview is hieronder te vinden.


De Nederlands-Surinaamse muzikante Neomi Speelman maakte als néomí de afgelopen twee jaar indruk met de goed ontvangen EP’s Before en After. Met somebody’s daughter heeft ze haar debuutalbum uitgebracht. Ik sprak néomí een paar dagen na de release van het album.

Kun je iets vertellen over het opnameproces van jouw debuutalbum? Wanneer ben je begonnen, hoe ging het in zijn werk?
Ik ben vorig jaar zomer begonnen, in juni. Vanaf dat moment heb ik samen met Will Knox (redactie: een Britse singer-songwriter en producer, die eerder werkte met onder andere Dotan en Duncan Laurence) een aantal dagen per week gewerkt aan het album in zijn studio in Haarlem. In januari hadden we het gevoel dat het album klaar was, al is er altijd nog wel iets te verbeteren.

Je eerste twee EP’s kregen de titels Before en After, waar verwees dit naar en waar zou je jouw debuutalbum plaatsen?
Before bevat songs die ik schreef voor ik echt als muzikant aan de slag ging en After de songs die ik hierna schreef. Ik zie dit echt als twee verschillende fasen. somebody’s daughter komt in de fase hierna, After After dus.

Before en After lijken in tekstueel opzicht vooral gericht op de pieken en dalen in de liefde en het volwassen worden. Zijn dit ook de belangrijkste thema’s op het nieuwe album?
Het nieuwe album gaat ook wel over de liefde, maar vooral over een strijd die ik van binnen heb gevoerd. Over een periode waarin ik boosheid heb leren kennen als emotie en een periode waarin ik de liefde voor mezelf weer heb leren vinden en hier mee om heb leren gaan.

Jouw muziek wordt vooral omschreven als folkpop, die hier en daar de kant van de indiepop op gaat. Hoe omschrijf je jouw muziek zelf?
Ik herken me daar wel in, als mensen het me vragen kom ik meestal zelf ook met iets als folky indie pop.

Wat zijn jouw belangrijkste muzikale inspiratiebronnen van het moment? En de belangrijkste inspiratiebronnen buiten de muziek? Wat zijn jouw muzikale helden uit het verleden, met welke muziek ben je opgegroeid?
Ik haal inspiratie vooral uit gebeurtenissen in mijn leven, maar soms ook uit films. Ik luister niet echt naar muziek van anderen om inspiratie op te doen, maar ik heb natuurlijk wel mijn muzikale helden. Bon Iver en Ben Howard bijvoorbeeld, maar van langer geleden ook Bob Dylan en Joni Mitchell.

Je hebt zowel Nederlandse als Surinaamse wortels. Zijn jouw Surinaamse wortels terug te horen in jouw muziek?
Mijn moeder is geboren in Paramaribo, dus ik ben half Surinaams. Dat hoor je niet in de instrumentatie op mijn album, maar hopelijk wel in de liefde voor de muziek en de soul en de passie in mijn songs en zang.

Je ging op je 15e naar Amsterdam voor een muziekopleiding. Welke dromen had je toen en in hoeverre heb je die waargemaakt?
Ik dacht natuurlijk dat ik direct de nieuwe Beyoncé zou worden, maar werd direct met mijn neus op de feiten gedrukt. Er waren daar heel veel goede muzikanten en ik heb tijdens de opleiding vooral gehoord dat ik niet goed genoeg was. Dat was vervelend, maar het heeft me ook strijdbaar en ambitieus gemaakt. Het heeft er ook voor gezorgd dat ik op zoek ben gegaan naar wie ik ben, waar mijn eigenheid zit.

Je moet kiezen:
Taylor Swift of Lana Del Rey: Lana Del Rey
Phoebe Bridgers of Lorde: Phoebe Bridgers
Adele of Laura Marling: Laura Marling
Bon Iver of Ben Howard: ai, die is gemeen. Ehh, toch Bon Iver
John Martyn of Nick Drake: Nick Drake
Jonathan Jeremiah of Harry Styles: Ai, ook gemeen. Jonathan Jeremiah is een bevriende muzikant, maar ik ben gek op Harry Styles. Toch Harry Styles dus.
Billie Eilish of Olivia Rodrigo: Billie Eilish
Rosalía of Dua Lipa: Lastig, maar toch Rosalía, ze doet zulke bijzondere dingen
BBC of NPO: BBC
Glastonbury of Lowlands: Tja, dit wordt in Nederland gepubliceerd en ik hou echt van Nederland, maar ik heb ook ambitie. Glastonbury dus.
Paradiso of de Ziggo Dome: Ik hou van intieme concerten, dus wat dat betreft Paradiso, maar ik ben ook ambitieus. Oke, liever tien keer Paradiso dan één keer de Ziggo Dome.

Kiezen: Je wordt gevraagd als vierde lid van boygenius, je mag een album maken met Jack Antonoff of Aaron Dessner of je wint de Popprijs op Noorderslag?
Dan ga ik voor een album maken met een topproducer, maar ik kies niet een van deze twee.

Wat is het verhaal rond de twee korte intermezzo’s halverwege het album?
Het zijn opnames waarin je onder andere mijn ouders hoort. Een beetje een ode aan mijn ouders dus, maar ook een speciale overgang. Met name bij het vinyl zorgt het voor een speciaal effect, op Spotify komt dit minder goed over.

Twee songs op het album hebben een datum en tijdstip in de titel, wat is het verhaal hier achter? En waarom is de slottrack op afwijkende wijze opgenomen?
De songs zijn op die momenten geschreven. Ze hadden oorspronkelijk geen titel. Uiteindelijk hebben ze wel een titel gekregen, maar ik wilde de werktitels ook laten staan. De slottrack op het album is eigenlijk een demo, maar ik vond hem perfect zo en wilde er niets meer aan doen, dat zou de magie wegnemen.

Het album blijkt te bestaan uit twee delen. Het eerste deel is wat lichtvoetiger en bevat meer invloeden uit de pop, het tweede deel is wat meer ingetogen en melancholischer. Zie je dat zelf ook zo?
Ja, dat klopt. Het heeft te maken met een gebeurtenis in mijn leven en het proces dat er op volgde. Eerst de gebeurtenis, dan rouw, dan acceptatie. Je hoort dat terug in de songs.

Beyonce maakte een countryalbum en ook het nieuwe album van Lana Del Rey zal een countryalbum worden. Wat voor soort album zou jij willen maken wanneer je een keer een andere kant op zou willen en waarom?
Folk en country zitten dicht bij elkaar dus als ik echt iets anders zou moeten kiezen zou ik kiezen voor een album met invloeden uit de soul, jazz en jungle. Nee, ik zou een echt rockalbum maken met invloeden uit de grunge. Geen idee hoe lang ik dit vol zou houden, maar een album moet lukken.

Wat wil je zeggen met de titel van het album?
Toen het minder goed met me ging had ik veel gesprekken met een goede vriendin en die zei vaak tegen me dat ik niet moest vergeten dat ik altijd de dochter van mijn ouders zou blijven. Dat vond ik mooi en is blijven hangen.

Wat wil je zeggen met de foto op de cover van jouw nieuwe album?
Ik wilde dat het er uit zou zien als iemand’s dochter. Ik heb niet zo veel met mode, poespas of perfecte plaatjes, maar de dichtgeknoopte blouse moet onschuld laten zien. Dit contrasteert dan met de onderkant die iets rauwers moet symboliseren. Ik hoop dat het bepaalde emoties oproept, dat het mensen nieuwsgierig maakt naar de muziek.

Je werkt nu al een tijdje samen met producer Will Knox. Als je voor je tweede album een producer zou mogen kiezen, wie zou het dan worden?
Ik werk heel graag samen met Will, we zijn echt maatjes. Als ik een andere producer zou moeten kiezen zou ik gaan voor Blake Mills (redactie: Amerikaanse muzikant en producer van onder andere Feist, Daisy Jones & The Six, Perfume Genius en Laura Marling).

Hoe ziet de rest van het jaar er voor jou uit?
Ik doe nu een clubtour ter promotie van het album. Ik doe ook een aantal shows in Engeland en sta op Best Kept Secret. Binnenkort kondig ik nog wat andere dingen aan. Daarna ga ik naar Londen verhuizen en wil ik weer even terug dalen naar mezelf. Gewoon lekker de hond uitlaten en zomaar wat muziek maken, alleen voor mezelf. Daar kijk ik echt naar uit. Maar eerst touren.


Check ook haar geweldige album somebody's daughter:















Erwin Zijleman

Goat Girl - Below The Waste

De Britse band Goat Girl maakte de afgelopen jaren al twee hele goede albums en voegt met het duidelijk anders klinkende Below The Waste een fascinerend hoofdstuk toe aan haar nu al fascinerende oeuvre
De eerste twee albums van de Londense band Goat Girl werden terecht overladen met zeer positieve recensies. De Britse band liet zich op deze albums vooral inspireren door postpunk, maar sleepte er vervolgens van alles bij, waardoor Goat Girl niet het zoveelste bandje was dat zich fantasieloos liet inspireren door de hoogtijdagen van het genre. Op haar derde album slaat Goat Girl net wat andere wegen in. Het tempo op Below The Waste ligt een stuk lager, de sfeer is donkerder en de songs zijn gelaagder en experimenteler. Het is absoluut even wennen, maar de schoonheid en kracht van het nieuwe geluid van Goat Girl komen snel aan de oppervlakte. Fascinerende band.



Ondanks twee zeer memorabele albums is de Britse band Goat Girl de cultstatus nog niet helemaal ontgroeid, maar desondanks heeft het deze week verschenen derde album van de band niet te klagen over aandacht en dat is ook dit keer volkomen terecht. 

Clottie Cream (Lottie Pendlebury), Naima Jelly (Naima Bock), L.E.D. (Ellie Rose Davies) en Rosy Bones (Rosy Jones) debuteerden in het voorjaar van 2018 met een fascinerend titelloos album, waarop het viertal uit Londen er in veertig minuten maar liefst 19 tracks doorheen joeg. De muziek van Goat Girl werd vooral in het hokje postpunk geduwd, maar verwerkte net zo makkelijk invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, lo-fi en de jazz en hier bleef het niet bij. 

Het memorabele debuutalbum van Goat Girl, dat terecht opdook in flink wat jaarlijstjes, werd aan het begin van 2021 overtroffen door het nog veel betere On All Fours. Op het album, waarop de aan een solocarrière begonnen Naima Bock werd vervangen door Holly Hole (Holly Mullineaux), koos Goat Girl voor meer invloeden uit de postpunk en bovendien voor langere songs, waarvan er dit keer dertien in 55 minuten pasten. On All Fours was in muzikaal en vocaal opzicht klassen beter dan het debuutalbum van de Londense band, maar de songs van het viertal liepen gelukkig nog altijd over van avontuur. 

We zijn inmiddels weer ruim drie jaar verder en deze week keert Goat Girl terug met een nieuw album. Ellie Rose Davies heeft de band inmiddels verlaten, waardoor Goat Girl is gereduceerd tot een trio. Rosy Jones, Lottie Pendlebury en Holly Mullineaux kiezen op Below The Waste ook voor een wat ander geluid, maar het is nog altijd typisch Goat Girl. 

Vergeleken met de vorige twee albums van de band uit Londen klinkt Below The Waste flink trager en veel donkerder. De springerige popsongs die de vorige albums zo leuk maakten schitteren door afwezigheid en ook de opgewekte koortjes en zwierige synths zijn op het nieuwe album nauwelijks te horen. Goat Girl schuift op haar derde album nog wat verder op richting de postpunk en verrast hiernaast met nogal stemmige en soms sober ingekleurde tracks, die hier en daar ook folky kunnen klinken. 

De meeste tracks op Below The Waste zijn overigens minder sober dan ze lijken. Goat Girl heeft een album gemaakt dat met name bij beluistering met de koptelefoon tot leven komt. De songs van het Britse drietal bestaan uit meerdere lagen en blijken veelkleuriger dan op het eerste gehoor het geval lijkt. Met name de bassen en gitaren spelen een dominante rol in het nieuwe geluid van Goat Girl, hier en daar verrijkt met onder andere viool, piano en een flinke handvol andere instrumenten. 

Het is allemaal prachtig geproduceerd door de band en door John Spud Murphy, die eerder mooie dingen deed voor onder andere Lankum. De donkere klanken worden gecombineerd met de fraai onderkoelde zang die ook de vorige albums zo bijzonder maakte en die ook dit keer zorgen voor wat extra schoonheid en eigenzinnigheid in het geluid van Goat Girl. 

Ook ik moest even wennen aan Below The Waste, dat een aantal verleidingen van de vorige twee albums mist, maar wanneer je het album een paar keer gehoord hebt komen steeds meer fraaie details aan de oppervlakte en worden de donkere songs van Goat Girl steeds mooier en indringender. Het kost dus even wat moeite, maar hierna kun je alleen maar concluderen dat de teller voor Goat Girl nu op drie fascinerende prachtalbums staat. Erwin Zijleman

De muziek van Goat Girl is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse band: https://goatgirl.bandcamp.com/album/below-the-waste.


Below The Waste van Goat Girl is verkrijgbaar via de Mania webshop:



AUROA - What Happened To The Heart?

AURORA is op haar nieuwe album What Happened To The Heart? goed voor ruim een uur muziek en in dat uur komt zoveel voorbij dat het je duizelt, maar de Noorse muzikante overtuigt ook met bijzondere muziek
What Happened To The Heart? is mijn eerste kennismaking met de muziek van AURORA. Het is een overweldigende kennismaking, want de muziek van de muzikante uit Stavanger kan op haar nieuwe album alle kanten op. AURORA kan op haar nieuwe album klinken als een gelouterde popster, maar ook als een duistere Scandinavische ijsprinses, als een getergde folkie of als een muzikante die er stevig op los experimenteert. Het was bij eerste beluistering zeker even wennen, maar hoe vaker ik naar What Happened To The Heart? luister, hoe meer in onder de indruk ben van de veelzijdige muziek en zeker ook van de fantastische stem van de bijzondere Noorse muzikante AURORA.



De Noorse muzikante AURORA heeft inmiddels een handvol albums op haar naam staan, maar ik moet eerlijk toegeven dat ik tot voor kort nog nooit naar haar muziek had geluisterd. Waarom dat zo is weet ik niet precies, maar ik ging er tot voor kort van uit dat AURORA wat eenzijdige, eendimensionale en over het algemeen nogal bombastische elektronische popmuziek maakte. 

Nieuwsgierig geworden door de bijna zonder uitzondering zeer lovende recensies voor haar nieuwe album What Happened To The Heart? heb ik het toch een keer geprobeerd met de muziek van AURORA, waarna ik al snel kon concluderen dat haar muziek niet eenzijdig of eendimensionaal is en ook zeker niet is te omschrijven als bombastische elektronische popmuziek. 

AURORA is het alter ego van de uit Stavanger afkomstige Aurora Aksnes, die als tiener al haar eerste muziek uitbracht. Haar vorige albums ken ik nog niet, maar de zeer lovende recensies voor What Happened To The Heart? begrijp ik inmiddels volledig. Op haar nieuwe album maakte de Noorse muzikante incidenteel nogal stevig aangezette popsongs, maar ze kan ook uit de voeten met juist hele kleine en intieme popsongs. 

Stevig aangezette popsongs zijn er momenteel in overvloed en vind ik over het algemeen niet zo interessant, maar de popsongs van AURORA hebben iets bijzonders. Het is het bijzondere dat ik ook hoor in de songs van Lorde, die iets uit andere windstreken toevoegt aan haar songs. Dat doet AURORA ook, want haar songs hebben iets typisch Scandinavisch. De zang heeft vaak een wat onderkoeld karakter en dat komt ook terug in de muziek op het album. 

De stem van AURORA is overigens een bijzonder sterk wapen en dat wordt dan ook volledig ingezet op What Happened To The Heart?, waarop de stem van de Noorse muzikante vaak in meerdere lagen uit de speakers komt. Hoe mooi de stem van AURORA is hoor je nog wat beter in de meer ingetogen en intieme songs op het album, waarin de muzikante uit Stavanger ook laat horen dat ze over een enorm bereik beschikt. 

De kleiner uitgevoerde popsongs op het album hebben mijn voorkeur, maar ook als AURORA wat meer uitpakt is er heel veel te horen in haar muziek. Ook als de Noorse muzikante schijnbaar kiest voor toegankelijke popsongs gebeurt er in muzikaal opzicht van alles en ook in vocaal opzicht laat AURORA veel meer horen dan de meeste van haar concurrenten. 

What Happened To The Heart? bevat maar liefst zestien tracks en meer dan een uur muziek en in dat uur schiet het alle kanten op. Het ene moment is de muziek teruggebracht tot de essentie en voel je hooguit een zwoel briesje, het volgende moment pakt de Noorse muzikante in alle opzichten flink uit en trekt een zware storm over. 

Intieme folk met een tokkelende gitaar loopt moeiteloos over in met een batterij synths flink vol ingekleurde pop en weer terug en op een of andere manier klinkt het in de songs van AURORA volkomen logisch, ook als ze je opeens de dansvloer op trekt. De fluisterzachte songs doen wel wat denken aan Billie Eilish, maar een paar noten later is AURORA een Scandinavische ijsprinses, die je een donker bos in sleurt, waarna ze zomaar kan verrassen met Mediterrane of oriëntaalse invloeden of een flinke dosis Kate Bush. Het is veel, heel veel zelfs, maar uiteindelijk valt bijna alles op zijn plek. Erwin Zijleman


What Happened To The Heart? van AURORA is verkrijgbaar via de Mania webshop:


11 juni 2024

Bloomsday - Heart Of The Artichoke

Bloomsday, het alter ego van de Amerikaanse muzikant Iris James Garrison, trok twee jaar geleden in kleine kring de aandacht, maar verdient nu echt alle aandacht voor het zeer fraaie Heart Of The Artichoke
Albums met sfeervolle klanken en een mix van indiefolk en Amerikaanse rootsmuziek zijn er volop en ook albums die de aandacht trekken met een mooie stem zijn in ruime mate verkrijgbaar. Op Heart Of The Artichoke van Bloomsday zijn zowel de muziek als de zang bijzonder mooi en het project van de Amerikaanse muzikant Iris James Garrison verrast ook nog eens met een serie uitstekende songs. De muzikant uit Brooklyn, New York, zet op het debuutalbum van Bloomsday een flinke stap vooruit en levert een album af dat zeker niet onder doet voor de betere albums van het moment. Het is dringen in de genres waarin Iris James Garrison zich beweegt, maar dit is echt een topalbum.



Van Bloomsday verscheen bijna precies twee jaar geleden het mini-album Place To Land. Het mini-album trok de aandacht met sfeervolle indiepop, indiefolk en indierock, met een hele mooie stem en met een fraaie en veelkleurige instrumentatie. Mede door de beperkte speelduur, maar ook door de vele raakvlakken met de muziek van de groten in de genoemde genres, maakte Bloomsday niet direct een onuitwisbare indruk, maar het mini-album was wel goed genoeg om de naam te onthouden. 

Bloomsday is een project van de uit Brooklyn, New York, afkomstige singer-songwriter Iris James Garrison, die zichzelf ziet als non-binair persoon. De Amerikaanse muzikant maakte Place To Land met zeer bescheiden middelen, maar kon op het deze week verschenen debuutalbum Heart Of The Artichoke wat grootser uitpakken. Het album werd opgenomen in de studio van het duo Babehoven (check absoluut hun eerder dit jaar verschenen prachtalbum Water's Here In You) in upstate New York. Babehoven’s Ryan Albert produceerde het album, waarop meerdere gastmuzikanten uit de New Yorkse muziekscene zijn te horen. 

Bloomsday maakte op het eerder verschenen mini-album al indruk met een mooi geluid, maar het geluid op Heart Of The Artichoke is nog mooier. Het is een warm en sfeervol geluid, dat vergeleken met de vorige songs van Bloomsday wat meer invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek bevat, met hier en daar een gruizige gitaar. Iris James Garrison schuurde op het mini-album van twee jaar geleden vrij dicht tegen de muziek van onder andere Phoebe Bridgers en Lucy Dacus aan, maar laat op Heart Of The Artichoke een meer eigen geluid horen. 

Het is een geluid dat is te karakteriseren als een mix van indiefolk en Amerikaanse rootsmuziek, al laat de muziek van Bloomsday zich niet altijd in een hokje duwen. Ik ben zeer gecharmeerd van het geluid op het album, dat aan de ene kant ingetogen en sfeervol is, maar ook is gevuld met heel veel mooie details, waaronder prachtige bijdragen van de pedal steel. Het is een wat loom en dromerig geluid dat het vast goed gaat doen op mooie zomerdagen, maar dat ook bij alle regen van het moment aangenaam klinkt. 

Door de zeer fraaie instrumentatie op het album en de net wat andere mix van stijlen heeft Bloomsday op Heart Of The Artichoke zoals gezegd een meer eigen geluid en dit wordt versterkt door de zang op het album. Iris James Garrison overtuigde twee jaar geleden al vrij makkelijk met mooie zang, maar de zang op Heart Of The Artichoke is nog een stuk mooier. Het is vrij zachte zang, maar de muzikant uit Brooklyn zingt prachtig zuiver en met veel precisie en gevoel. De combinatie van de sfeervolle klanken en de echt hele mooie zang is voor mij al vrijwel onweerstaanbaar, maar het debuutalbum van Bloomsday valt ook nog eens op door persoonlijke songs die zich stuk voor stuk moeiteloos opdringen. 

Iris James Garrison is momenteel zeker niet de enige die muziek maakt als de muziek die is te horen op Heart Of The Artichoke, waardoor verzadiging op de loer ligt. Ik laat daarom steeds meer albums in de genoemde genres liggen, maar het debuutalbum van Bloomsday kan er wel eens een zijn die er uit springt in het enorme aanbod van het moment en uitgroeit tot een belangrijk album. Vooralsnog ben ik in ieder geval zeer te spreken over het uitstekende Heart Of The Artichoke. Erwin Zijleman

De muziek van Bloomsday is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikant: https://bl00msday.bandcamp.com/album/heart-of-the-artichoke.


Heart Of The Artichoke van Bloomsday is verkrijgbaar via de Mania webshop:
LP (plasma), 34,99 euro
CD, 16,99 euro









10 juni 2024

Carly Pearce - hummingbird

Het was een lange weg voor Carly Pearce, maar inmiddels behoort ze tot de smaakmakers van de countrypop, wat ze nog eens bevestigt met het meer tegen authentieke Amerikaanse rootsmuziek aanleunende hummingbird
Iedereen die op basis van haar eerste twee albums twijfelde over de talenten van Carly Pearce werd over de streep getrokken door het indrukwekkende breakup album 29: Written In Stone, waarmee ze zich schaarde onder de beteren binnen de Nashville countrypop. Met het deze week verschenen hummingbird laat Carly Pearce horen dat ze binnen de countrypop nog altijd met de besten mee kan, maar hummingbird is een album dat ook liefhebbers van wat authentieker klinkende Amerikaanse rootsmuziek aan moet kunnen spreken. Invloeden uit de pop hebben een flinke stap terug gedaan op een album dat zowel in muzikaal als in vocaal opzicht makkelijk overtuigt.



Carly Pearce wist al op hele jonge leeftijd dat haar hart bij de muziek lag. Ze speelde op haar elfde in een bluegrass band in Kentucky en liet op haar zestiende de schoolbanken achter zich om aan de slag te gaan als zangeres in het pretpark Dollywood. Op haar negentiende vertrok ze naar Nashville, waar het leven in eerste instantie zwaar was, maar vanaf 2016 begon het harde werken te lonen. 

Haar door Busbee geproduceerde debuutalbum Every Little Thing werd in 2017 goed ontvangen in Nashville en ook het in 2020 verschenen titelloze album, tevens het laatste werk van producer Busbee voor zijn dood, deed het uitstekend in de Amerikaanse country kringen. Ik had destijds nog geen groot zwak voor countrypop, wat anders waren de albums destijds niet aan mijn aandacht ontsnapt. Carly Pearce maakte immers ook op haar eerste twee albums in kwalitatief opzicht uitstekende countrypop en het is countrypop waarin de balans niet doorslaat richting aalgladde Nashville pop. 

Carly Pearce trok aan het begin van 2021 voor het eerst mijn aandacht met het door haar echtscheiding geïnspireerde mini-album 29, dat later dat jaar werd uitgebreid tot een volwaardig breakup album, 29: Written In Stone. Op het album was het aandeel van authentiek klinkende Amerikaanse rootsmuziek gegroeid, maar er zat ook nog altijd flink wat pop in de muziek van de singer-songwriter uit Nashville. 

Vorig jaar verscheen nog een live-album met de tracks van 29, maar deze week duikt Carly Pearce op met een nieuw album. Het is een album waar ik met hoge verwachtingen aan begon, want vorig jaar ben ik definitief gevallen voor de charmes van de betere countrypop uit Nashville en in dit genre behoort Carly Pearce sinds 29: Written In Stone tot de smaakmakers. 

Op hummingbird werkt de muzikante uit Nashville, net als op 29: Written In Stone, samen met producers Shane McAnally and Josh Osborne. Het nieuwe album ligt ook in het verlengde van zijn voorganger, al hebben invloeden uit de traditionele countrymuziek flink aan terrein gewonnen. Carly Pearce maakt nog altijd muziek die past in het hokje countrypop, maar de verhouding tussen country en pop is opgeschoven richting de wat authentieker klinkende Amerikaanse rootsmuziek. 

De producers van het album hebben het album voorzien van een lekker vol geluid vol gitaren, mandoline, banjo, dobro, pedal steel, viool, orgels en keyboards en een strak spelende ritmesectie als basis. Met name door de belangrijke rol voor de viool klinkt hummingbird in muzikaal opzicht met grote regelmaat als een wat traditioneler klinkend countryalbum, maar de songs op het album neigen qua structuur misschien net wat meer richting de Nashville countrypop. 

Rootspuristen hoeven zich echter zeker niet af te laten schrikken door het dunne laagje pop op het nieuwe album van Carly Pearce. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal fantastisch en ook de songs op het album zijn stuk voor stuk zeer aansprekend. Het wordt allemaal nog wat overtuigender door de zang van Carly Pearce, die beschikt over de gedroomde stem van een country(pop)zangeres. Ik heb het afgelopen jaar zoals gezegd een enorm zwak voor countrypop en dan vooral voor countrypop met veel meer country dan pop. Met hummingbird heb ik er een favoriet album in deze categorie bij. Erwin Zijleman


hummingbird van Carly Pearce is verkrijgbaar via de Mania webshop: