zondag 23 januari 2022

Jana Horn - Optimism

De Amerikaanse singer-songwriter Jana Horn combineert op haar debuut Optimism een prachtige stem met sterke songs en een uiterst sobere maar ook bijzonder mooie instrumentatie
Jana Horn probeerde het al eens eerder met haar debuutalbum Optimism, maar destijds kreeg het album nauwelijks aandacht. Dat gaat dit keer hopelijk veranderen, want de Amerikaanse muzikante heeft niet alleen een bijzonder mooi, maar ook een verrassend album afgeleverd. Die verrassing zit vooral in de instrumentatie, die relatief sober is, maar ook anders klinkt dan alles dat er al is. Het is een instrumentatie die ook nog eens prachtig kleurt bij de heldere stem van Jana Horn, die haar teksten met veel gevoel en precisie voordraagt. Optimism is een album dat de aandacht makkelijk vasthoudt en waarnaar je alleen maar ademloos kunt luisteren. Een volgende ontdekking in het nog zeer prille muziekjaar 2022.


Jana Horn is een singer-songwriter uit Austin, Texas, die deze week debuteert met Optimism. Het is een album waarop de eenvoud regeert. In de openingstrack moet je het in eerste instantie doen met wat spaarzame aanslagen op de akoestische gitaar, een akkoord wil ik het nog niet eens noemen, en de prachtige stem van de Amerikaanse muzikante, al duikt na verloop van tijd een stemmige trompet op. 

De meeste andere songs op Optimism zijn wel wat voller ingekleurd, maar heel groot is het verschil niet. Het vraagt veel van de zang van Jana Horn, maar die is op haar debuutalbum prachtig. De Texaanse muzikante, die opgroeide in een gelovige gemeenschap in Texas, beschikt over een warm en heldere stem, maar ook over een stem die haar teksten met veel gevoel en urgentie kan voordragen. De zang op Optimism is vaak fluisterzacht, wat goed past bij de subtiele klanken op het album. 

Door de sobere instrumentatie en de zachte zang is Optimism van Jana Horn geen album dat je op de achtergrond moet laten voortkabbelen, maar dat je met volledige aandacht moet beluisteren. Jana Horn verleidt dan prachtig met haar heldere stem, maar ook de instrumentatie op het album zit vol mooie details. 

Het gitaarwerk is in de openingstrack wel erg elementair, maar op de rest van het album zijn vaak prachtige gitaarlijnen te horen, die in veel gevallen worden gecombineerd met relatief diepe baslijnen, die Optimism voorzien van een zeer subtiel vleugje postpunk. Dat is uiteindelijk niet het hokje waar ik het debuut van Jana Horn in zou stoppen, want Optimism is toch vooral een folkalbum. 

Het is een folkalbum dat meer dan eens herinnert aan de folk zoals die in de jaren 60 en 70 werd gemaakt in de Laurel Canyon bij Los Angeles, maar het debuut van Jana Horn laat veel meer horen dan een vleugje Joni Mitchell. Optimism doet me wel wat denken aan de muziek van Jessica Pratt en zeker ook Kathryn Williams, die zich natuurlijk stevig door folk uit het verre verleden hebben laten inspireren, maar ik hoor ook wel wat van jaren 90 bands als The Sundays of zelfs The Cranberries in de muziek van Jana Horn, zeker als de gitaarlijnen wat ruwer en de baslijnen nog wat dieper zijn. 

Het levert een debuut af dat zomaar kan uitgroeien tot een van de sensaties van 2022 en dat is best bijzonder voor een album dat al in 2018 werd opgenomen en in 2020 al eens in een kleine oplage op vinyl werd uitgebracht. De Amerikaanse muzikante nam het album op met leden van de band Knife On The Water, die het album fraai hebben ingekleurd en met hun instrumenten subtiel om de stem van Jana Horn heen draaien. 

Jana Horn had oorspronkelijk de ambitie om als schrijver haar geld te verdienen en is ook een afgestuurd auteur van fictie, maar haar eerste stappen als muzikant zijn zeer verdienstelijk en ook in haar teksten kan ze haar literaire ambities goed kwijt. 

Met name door de zeer sobere en subtiele instrumentatie klinkt Optimism anders dan de meeste andere albums van het moment en ook anders dan andere albums die kiezen voor een uiterst sobere instrumentatie. In muzikaal opzicht is Optimism van Jana Horn het perfecte voorbeeld van het begrip ‘less is more’, want het album heeft echt niets meer nodig dan de klanken die zijn te horen. Ook de zang van Jana Horn heeft geen behoefte aan tierelantijntjes. De Amerikaanse muzikante draagt haar teksten hier en daar bijna voor, maar blijft zingen. Het betoverde me vrijwel onmiddellijk. Erwin Zijleman

De muziek van Jana Horn is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://janahorn.bandcamp.com/album/optimism-3.


Optimism van Jana Horn is verkrijgbaar via de Mania webshop:



zaterdag 22 januari 2022

Mountaineer - Lewis & Clark

De Nederlandse muzikant Marcel Hulst werkte jaren aan het tweede album van Mountaineer en levert een album af dat van de eerste tot en met de laatste noot betovert met songs waarvan je alleen maar zielsgelukkig kunt worden
Marcel Hulst had met twee albums van de band Maggie Brown en het debuut van Mountaineer al drie parels uit de Nederlandse popmuziek op zijn naam staan, maar op Lewis & Clark legt hij de lat nog wat hoger. Het tweede album van Mountaineer is een zeer ambitieus album, waaraan de Nederlandse muzikant zich makkelijk had kunnen vertillen, maar het is geweldig album geworden. De vaak wat folky songs op het album worden steeds weer verrijkt met fraaie versiersels, stappen met zevenmijlslaarzen door de geschiedenis van de popmuziek en kijken niet op een invloed meer of minder, maar Lewis & Clark is ook een fraaie eenheid en een album waarmee het heerlijk ontsnappen is aan de toch wat donkere wereld van het moment.


De naam Marcel Hulst zal niet bij iedere muziekliefhebber een belletje doen rinkelen, maar voor mij is hij de man achter twee van de beste Nederlandse gitaarplaten aller tijden. Die twee albums maakte Marcel Hulst met de band Maggie Brown. Het titelloze debuut van de band uit 2014 en Another Place uit 2017 kregen niet overdreven veel aandacht, maar ik trek ze nog met grote regelmaat uit de kast en ben iedere keer weer verrast door de schoonheid en veelzijdigheid van de muziek van Maggie Brown. 

Het zijn niet de enige wapenfeiten van Marcel Hulst, want de Nederlandse muzikant maakte in 2015 als Mountaineer ook nog het prachtige 1974, dat het volle geluid van Maggie Brown verruilde voor zeer sfeervolle en voornamelijk ingetogen klanken. 1974 van Mountaineer is inmiddels bijna zeven jaar oud en krijgt deze week gezelschap van Lewis & Clark. 

Marcel Hulst heeft jaren gewerkt aan het nieuwe album van Mountaineer en heeft inmiddels onderdak gevonden bij het sympathieke Concerto Records. Dat Marcel Hulst lang heeft gewerkt aan het tweede album van Mountaineer is direct vanaf de eerste noten duidelijk. Lewis & Clark is een ambitieus album dat start bij het debuutalbum van Mountaineer, maar vervolgens in alle richtingen grote stappen zet. 

De meeste songs op het album hebben een vrij sobere basis die bestaat uit de akoestische gitaar en de stem van Marcel Hulst, maar die basis wordt keer op keer verrijkt met prachtige versiersels, waarbij de Nederlandse muzikant alles uit de kast trekt. De ene keer zijn het stemmige pianoakkoorden, de volgende keer fraaie koortjes, dromerige keyboards, een stemmige blaasinstrument of een vanuit de achtergrond opduikende pedal steel. 

Net als op de albums van Maggie Brown en op het debuut van Mountaineer, is Marcel Hulst op Lewis & Clark een meester in het aan elkaar smeden van invloeden en de tijd. Lewis & Clark kan worden getypeerd als Amerikaanse rootsmuziek, maar het is veel meer dan dat. Het is een album dat de inspiratie vaak zoekt in folk uit de jaren 60 en 70, maar net als de albums van Maggie Brown kan ook de muziek van Mountaineer zomaar opeens een aantal decennia vooruit schieten in de tijd. 

Lewis & Clark is een album over jeugddromen, die zich in het geval van Marcel Hulst vooral in de Verenigde Staten afspeelden, maar de Nederlandse muzikant is ook niet blind voor de soms harde realiteit in het land. Lewis & Clark is niet alleen een album vol wonderschone popliedjes, die je na één keer horen voorgoed wilt koesteren, maar Marcel Hulst is er ook in geslaagd om deze popliedjes aan elkaar te smeden tot een eenheid. 

Lewis & Clark vertelt een verhaal dat je vasthoudt zoals bijvoorbeeld The Wall van Pink Floyd dat zo goed kan. Het is een verhaal dat steeds weer net wat andere wegen in slaat, maar alles op het album is raak en ondanks de verschillen tussen de songs sluit alles naadloos op elkaar aan.

Het album is prachtig ingekleurd en fraai geproduceerd, maar ook de zeer aangename stem van de Nederlandse muzikant, die hier en daar herinnert aan die van Elliott Smith, draagt nadrukkelijk bij aan het prachtige eindresultaat. 

De LP is tien songs lang betoverend mooi, op Spotify is het twaalf songs lang prachtig en de (spotgoedkope) cd of de bandcamp download houden je zelfs vijftien tracks lang gevangen in de muzikale schoonheid en overtuigingskracht van Mountaineer. 

Lewis & Clark is naar eigen zeggen het album dat Marcel Hulst als twintig jaar wilde maken. Ik kan alleen maar concluderen dat hij het geflikt heeft, al hoop ik natuurlijk wel dat er naast de twee prachtalbums van Maggie Brown (check deze albums zeker eens) en de al even mooie twee van Mountaineer nog veel muziek van zijn hand bij komt de komende jaren. Erwin Zijleman

De muziek van Mountaineer is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Nederlandse muzikant: https://mountaineer-music.bandcamp.com/album/lewis-clark.


Lewis & Clark van Mountaineer is verkrijgbaar via de Mania webshop:



vrijdag 21 januari 2022

Marvin Lee Aday (Meat Loaf) 1947-2022

 


Vorig jaar overleed Jim Steinman, de man achter vele bombastische meesterwerken, waaronder natuurlijk Bat Out Of Hell van Meat Loaf. Het is een album dat Jim Steinman het liefst zelf had ingezongen en vervolgens onder zijn eigen naam had uitgebracht, maar de Amerikaanse songwriter en arrangeur was, helaas voor hem, een beperkt zanger.

In de zoektocht naar een geschikte zanger voor het album kwam Steinman uiteindelijk uit bij Marvin Lee Day, beter bekend als Meat Loaf. De zwaarlijvige Amerikaanse zanger tilde de geweldige songs, de monumentale instrumentatie de fantastische arrangementen van Jim Steinman en de heerlijk pompeuze productie van Todd Rundgren naar een hoger plan en de rest is geschiedenis.

Bat Out Of Hell groeide uit tot één van de best verkochte albums aller tijden en ook het zestien jaar later verschenen Bat Out Of Hell II deed het geweldig. Zeker Bat Out Of Hell uit 1977 heeft decennia na de release nog niets van zijn glans verloren en is niet alleen een klassieker, maar misschien ook wel het beste rockalbum in zijn soort.

Marvin Lee Day maakte als Meat Loaf nog een flinke stapel albums en stond tot op hoge leeftijd op het podium, maar Bat Out Of Hell wist hij uiteraard nooit meer te overtreffen of zelfs maar te benaderen.

Dat de Amerikaanse muzikant, die in de jaren 70 na een optreden vaak langdurig aan de zuurstof moest, nog 74 jaar oud is geworden is een klein wonder. Dankzij het fenomenale album uit 1977 zullen we hem echt nooit vergeten. Erwin Zijleman

Eliza Gilkyson - Songs From The River Wind

Eliza Gilkyson levert met Songs From The River Wind een prachtig en authentiek ingekleurd rootsalbum af, vol mooie verhalen en sterke songs en uiteraard de prachtige stem van de Amerikaanse muzikante
Ik heb de muziek van Eliza Gilkyson over het algemeen genomen niet heel scherp op het netvlies (of trommelvlies), maar voor het deze week verschenen Songs From The River Wind heb ik voor de afwisseling eens wel de tijd genomen. Daar zal ik niet snel spijt van krijgen, want was is het nieuwe album van Eliza Gilkyson een mooi album geworden. De instrumentatie op het album is wat traditioneel, maar ook zeer smaakvol, met een hoofdrol voor flink wat snareninstrumenten. De songs met vooral invloeden uit de folk en de country vertellen mooie verhalen en de zang van de Amerikaanse muzikante is prachtig. Het levert een doorleefd rootsalbum op dat iedere keer weer net wat meer indruk maakt.


De Amerikaanse singer-songwriter Eliza Gilkyson debuteerde in 1987 en heeft inmiddels een flinke stapel albums op haar naam staan. Hiernaast is ze met enige regelmaat te horen op albums van collega rootsmuzikanten als Grant Peeples, Tom Russell en op die van de projecten als More Than A Song en Red Horse. Bovendien speelde ze een vocale hoofdrol op het album Eolian Minstrel van de Zwitserse harpvirtuoos Andreas Vollenweider. 

Ik moet toegeven dat ik haar albums zelf meestal laat liggen. De naam van Eliza Gilkyson komt op deze BLOG voor in een handvol recensies van albums van anderen, maar ik besprak nog niet eerder een album van haar hand. Ik weet niet precies waarom dit zo is, maar het grote aanbod aan nieuwe albums binnen het genre zal ongetwijfeld een rol spelen. 

Eliza Gilkyson heeft haar nieuwe album uitgebracht in een relatief rustige releaseweek, waardoor het deze week verschenen Songs From The River Wind wel kon rekenen op voldoende aandacht. Ik heb de meeste muziek van de Amerikaanse muzikante zoals gezegd laten liggen de afgelopen decennia, maar als het allemaal zo goed is als het nieuwe album van Eliza Gilkyson heb ik heel wat in te halen. 

De Amerikaanse singer-songwriter maakt op Songs From The River Wind wat traditioneel aandoende Amerikaanse rootsmuziek met vooral invloeden uit de folk en de country, maar de meer traditionele insteek zit me zeker niet in de weg. Integendeel zelfs, het album klinkt prachtig.

Eliza Gilkyson maakte haar nieuwe album voor een belangrijk deel met muzikant en producer Don Richmond. Laatstgenoemde tekende samen met Eliza Gilkyson voor de productie van het album en nam bovendien een groot deel van de instrumentatie voor zijn rekening, hier en daar bijgestaan door een handvol gastmuzikanten. 

De instrumentatie op en productie van Songs From The River Wind zijn prachtig. In deze instrumentatie komt een heel arsenaal aan snareninstrumenten voorbij, die zorgen voor een rijk maar ook subtiel geluid. Een aantal achtergrondvocalisten, een viool, een mandoline en nog wat andere instrumenten, maken het fraaie geluid op het album compleet. 

Songs From The River Wind laat zich beluisteren als een traditioneel rootsalbum, maar het is eerder de Texaanse traditionele rootsmuziek dan de variant uit Nashville. Door alle snareninstrumenten en de smaakvolle aanvullingen klinkt het nieuwe album van Eliza Gilkyson warm en vol, maar de muziek op het album is nog altijd sober genoeg om de stem van de Amerikaanse muzikante alle ruimte te geven. 

Die stem is voor mij de grootste verrassing op het album. Eliza Gilkyson is de 70 inmiddels gepasseerd, maar haar stem klinkt op Songs From The River Wind loepzuiver. Het is bovendien een stem vol emotie en doorleving, waardoor alle songs op het album flink binnen komen. 

Ik mag het oeuvre van Eliza Gilkyson decennia lang grotendeels genegeerd hebben, maar ik ben zeer onder de indruk van het prachtige Songs From The River Wind dat ook nog eens mooie verhalen vertelt. Amerikaanse rootsmuziek hoeft van mij niet altijd zo traditioneel te klinken als op dit album, maar het nieuwe album van Eliza Gilkyson is dertien songs lang prachtig en een ideale soundtrack voor de donkere winteravonden van het moment. Zeer warm aanbevolen aan een ieder die ook maar iets heeft met Amerikaanse rootsmuziek. Erwin Zijleman


Songs From The River Wind van Eliza Gilkyson is verkrijgbaar via de Mania webshop:

donderdag 20 januari 2022

Eve Adams - Metal Bird

De Amerikaanse muzikante Eve Adams kiest op Metal Bird voor een bijzondere en vaak bezwerende instrumentatie, wat in combinatie met haar bijzondere stem een fascinerend album oplevert
Metal Bird is mijn eerste kennismaking met de muziek van Eve Adams, maar wat ben ik onder de indruk van dit album. De muzikante uit Los Angeles verwerkt invloeden uit verschillende genres, kiest voor een bijzondere instrumentatie die steeds anders klinkt maar altijd zeer trefzeker is, schrijft geweldige songs en vertolkt deze ook nog eens op bezwerende wijze met haar mooie stem. Het is vanaf de eerste noten ongrijpbaar, maar op hetzelfde moment grijpt dit donkere album je bij de strot. Naarmate je het album vaker hoort, dringen de bijzondere songs van Eve Adams zich steeds nadrukkelijker op en groeit Metal Bird door tot een album dat je eindeloos wilt koesteren.


De Amerikaanse singer-songwriter Eve Adams heeft al een aantal albums op haar naam staan, maar het deze week verschenen Metal Bird is mijn eerste kennismaking met haar muziek. Het is een indrukwekkende kennismaking, want de muzikante uit Los Angeles, California, heeft een album afgeleverd dat zich direct bij eerste beluistering genadeloos opdringt. 

Direct in de openingstrack maakt Eve Adams indruk met bijzondere klanken en een even bijzondere stem. Die bijzondere klanken bestaan in de openingstrack vooral uit mooie gitaarlijnen en niet goed te identificeren geluiden. Het klinkt allemaal behoorlijk sober, maar ieder accent in de bijzonder klinkende instrumentatie is raak. 

Metal Bird intrigeert door de bijzondere instrumentatie onmiddellijk, maar ook de stem van de Amerikaanse muzikante fascineert onmiddellijk. Eve Adams heeft een stem die alle kanten op kan. Soms hoor je het zwoele van Hope Sandoval van Mazzy Star, soms hoor je een folkie die zo lijkt weggelopen uit de Laurel Canyon in de jaren 60, maar Eve Adams kan ook jazzy klinken. 

Ook de tweede track op het album opent met sobere gitaarklanken, maar al snel duiken strijkers en een saxofoon op en nemen de jazzy en wat psychedelische invloeden in de muziek van Eve Adams toe. Het doet wel wat denken aan het sensationeel goede debuutalbum van de Schotse band Faiground Attraction, maar bij Eve Adams gaat vergelijkingsmateriaal maar heel even mee. 

Iedere track op het album klinkt weer net wat anders. De instrumentatie is over het algemeen redelijk sober, maar door de subtiele toevoegingen, die ook van atmosferisch klinkende keyboards kunnen komen, klinkt de muziek van de Amerikaanse muzikante ook vol en avontuurlijk. En donker, want veel songs op het album hebben een bijna beklemmende sfeer.

Wat voor de instrumentatie op Metal Bird geldt, geldt ook voor de stem van Eve Adams, die al net zo makkelijk van kleur verschiet. De zang van de muzikante uit Los Angeles is vaak loom en dromerig en zwoel en verleidelijk, maar Eve Adams legt ook veel gevoel en zeggingskracht in haar vocalen. 

De combinatie van de altijd bijzondere klanken en de altijd fascinerende stem levert een album op dat ik direct bij eerste beluistering heb omarmd, maar dat nog altijd nieuwe dingen laat horen. Het is een album vol beeldende songs, die niet zouden misstaan in een film of serie van David Lynch en die met zijn allen de soundtrack van het ultieme seizoen van Twin Peaks zouden kunnen vullen. Metal Bird is een persoonlijk album dat in zware tijden werd gemaakt en bovendien in tijden waarin Eve Adams met de metalen vogel heen en weer pendelde tussen Los Angeles en Montreal.

Metal Bird is over het algemeen genomen een behoorlijk toegankelijk album, maar door alle bijzondere twists in de instrumentatie en de dominerende donkere tinten zoekt het album wel de grenzen op. Met name het gitaarwerk in deze instrumentatie vind ik fantastisch, maar het is toch vooral de stem van Eve Adams en haar indringende voordracht die haar nieuwe album heel ver boven de middelmaat uit tillen.

Zeker bij beluistering van dit album met een wat hoger volume of met de koptelefoon heeft Metal Bird een bijna hypnotiserende of op zijn minst bezwerende uitwerking en bij herhaalde beluistering van het album wordt deze kracht eerder sterker dan zwakker. Het album doet het prachtig bij de aanhoudende mistvlagen van het moment en ook het seizoen past prachtig bij dit sfeervolle maar ook zo donkere album. Heel veel aandacht gaat Metal Bird van Eve Adams vast niet krijgen, maar dit album is echt om te janken zo mooi. Erwin Zijleman

De muziek van Eve Adams is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://eveadams.bandcamp.com/album/metal-bird-3.


Metal Bird van Eve Adams is verkrijgbaar via de Mania webshop:



woensdag 19 januari 2022

Elvis Costello & The Imposters - The Boy Named If

Elvis Costello en zijn band The Imposters doen op The Boy Named If of ze Elvis Costello en The Attractions zijn en de opvolger van My Aim is True en This Year’s Model opnemen en wat klinkt het goed
De Britse muzikant Elvis Costello heeft de afgelopen 45 jaar gewerkt aan een zeer omvangrijk en ook zeer divers oeuvre. Het is een oeuvre waar ik soms mee uit de voeten kan en soms ook helemaal niet. Zijn beste platen vind ik waarschijnlijk zijn eerste twee albums en op die albums wordt stevig voortgeborduurd op het deze week verschenen The Boy Named If. Flink wat songs op het album herinneren aan de tijd van My Aim Is True uit 1977 en This Year’s Model uit 1978, al schiet The Boy Named If ook een heleboel andere kanten op. Het album bevat een aantal ingetogen songs, maar ik hoor ook vaak de ruwe energie van de eerste twee albums. Elvis Costello en The Imposters hebben met The Boy Named If een topalbum afgeleverd.


Het is dit jaar 45 jaar geleden dat My Aim Is True, het debuut van Elvis Costello, verscheen. De Britse muzikant heeft inmiddels een zeer omvangrijk oeuvre opgebouwd, maar persoonlijk beperk ik me over het algemeen tot een beperkt stapeltje Elvis Costello albums. My Aim Is True (1977), This Year’s Model (1978), Armed Forces (1979), Imperial Bedroom (1982), King Of America (1986), Painted From Memory (1998), The Delivery Man (2004) en Look Now (2018) zijn de albums die ik de afgelopen jaren nog wel eens heb beluisterd. Niet heel vaak overigens, want ik ben geen heel groot fan van Elvis Costello. 

Ik ben wel altijd nieuwsgierig naar nieuw werk van de Britse muzikant en zo af en toe weet hij me te verrassen, zoals met het behoorlijk ingetogen en sfeervolle Look Now uit 2018. Dit album maakte de Britse muzikant met zijn band The Imposters en de naam van deze band prijkt ook op het deze week verschenen The Boy Named If. Desondanks is Look Now een totaal ander album dan het deze week verschenen The Boy Named If. 

Waar Elvis Costello op Look Now vooral terugkeerde naar zijn wat meer ingetogen en sfeervolle werk, domineren op The Boy Named If invloeden uit het hele vroege werk van de Britse muzikant. Elvis Costello viert later dit jaar zijn 68e verjaardag, maar op zijn nieuwe album is hij weer even de ‘angry young man’ uit de pioniersjaren van de Britse punk. 

Vanaf de eerste noten van het album gooien Elvis Costello en zijn band de beuk er in en herleven de tijden van de vroege albums van de Britse muzikant. The Boy Named If klinkt als de opvolger van My Aim Is True uit 1977 en This Year’s Model uit 1978. Deze albums maakte Elvis Costello met zijn toenmalige band The Attractions, die qua bezetting overigens niet zo gek veel afwijkt van de huidige bezetting van The Imposters. De band heeft in de afgelopen vijf decennia beter leren spelen en Elvis Costello is beter gaan zingen, maar The Boy Named If heeft de ruwe energie en het stekelige van de vroege albums van Elvis Costello. 

De eerste twee albums van Elvis Costello verschenen in de hoogtijdagen van de Britse punk, maar met dit genre had en heeft de muziek van de Britse muzikant niet zoveel te maken. Hiervoor steken de songs van Britse muzikant te knap in elkaar en zijn teveel invloeden uit de periode voor de punk te horen. The Boy Named If klinkt voller en rijker dan de eerste twee albums die Elvis Costello met The Attractions maakte, maar het heerlijk zeurende orgeltje is gelukkig van de partij. 

Het was knap hoe Elvis Costello en The Imposters op Look Now de zoetere kant van de Britse muzikant nieuw leven in bliezen en het is minstens net zo knap hoe Elvis Costello en zijn band op The Boy Named If terugkeren naar het geluid van de allereerste albums die ze zo’n 45 jaar geleden opnamen. Die albums waren verre van eenvormig en The Boy Named If is nog wat veelzijdiger. Elvis Costello en zijn band tekenen op hun nieuwe album voor dertien uitstekende songs, die ondanks het feit dat het album vanwege de coronapandemie werd samengesteld uit individuele bijdragen heerlijk hecht klinkt. Wanneer ik een album van Elvis Costello uit de kast trek kies ik altijd voor een klein stapeltje binnen zijn oeuvre. The Boy Named If ga ik zeker aan dat stapeltje toevoegen. Erwin Zijleman


The Boy Named If van Elvis Costello & The Imposters is verkrijgbaar via de Mania webshop:


Blood Red Shoes - GHOSTS ON TAPE

Blood Red Shoes levert een enorm zwaar aangezet en behoorlijk donker of zelfs duister album af, maar tussen al het muzikale geweld hoor je ook een aantal uitstekende en verrassend avontuurlijke songs
Van Blood Red Shoes ken ik het uitstekende debuut en nog een van de andere albums, maar ik heb de muziek van het Britse duo ook vaak laten liggen. Het nieuwe album van het duo uit Brighton bevalt me echter uitstekend. Ghosts On Tape is voorzien van een loodzware instrumentatie met flink wat elektronica en een al even zware productie. De zware maar fascinerende klanken worden soms gecombineerd met de rauwe strot van Steven Ansell, maar meestal met de aangename stem van Laura-Mary Carter. Het levert een album vol memorabele songs, torenhoge spanningsbogen, heel veel dynamiek en de nodige verrassende wendingen op.


Ik ben tot dusver geen heel groot fan van de Britse band Blood Red Shoes. Van de vorige vijf albums die het duo bestaande uit Laura-Mary Carter en Steven Ansell heeft uitgebracht heb ik de meeste laten liggen, maar album nummer zes bevalt me vooralsnog uitstekend. GHOSTS ON TAPE (ik zal het één keer met de voorgeschreven hoofdletters doen) begint en eindigt met een wat vervormd pianoriedeltje en wat atmosferische klanken, maar hier tussenin walst het Britse tweetal over je heen met een zwaar aangezet elektronisch geluid. 

In de openingstrack Comply horen we de vervormde zang van Steven Ansell, die zich met gepassioneerde zang staande houdt tussen al het elektronische geweld. Ik ben niet altijd gek op elektronische geluidsmuren, maar de openingstrack van het nieuwe album van Blood Red Shoes bestaat uit een heleboel lagen en bouwt de spanning prachtig op. 

Ook in de tweede track Morbid Fascination (seriemoordenaars staan centraal op het album) is het geluid van Blood Red Shoes behoorlijk zwaar aangezet en voorzien van een flinke batterij elektronica. De muur van geluid wordt dit keer echter gecombineerd met de aangename stem van Laura-Mary Carter. Het klinkt allemaal behoorlijk donker en dreigend en er komt nogal wat elektronisch geweld uit de speakers zetten, maar Blood Red Shoes levert ook een geweldig popliedje af met de tweede track op het album. 

Laura-Mary Carter tekent ook voor de vocalen in Murder Me, dat wederom is voorzien van flink volle elektronische klankentapijten, maar dat opvalt door de loodzware drums, die voor de afwisseling eens helemaal vooraan in de mix staan. Na wat vervormde geluiden vervolgt het album met het rauwe Give Up, waarin Steven Ansell het uitschreeuwt terwijl de keyboards duistere klanken over ons uitstorten. Het klinkt bijzonder, maar als het aan mij ligt verzorgt Laura-Mary Carter de vocalen bij Blood Red Shoes. Give Up tekent overigens wel voor prachtige synths met een hoog 80s en 90s gehalte en voor fraaie spanningsbogen. 

Blood Red Shoes maakt zeker niet de muziek waar ik vaak en graag naar luister, maar de ruwe verleiding van Ghosts On Tape is lastig te weerstaan. In Sucker gooit Laura-Mary Carter het vol op de verleiding, terwijl op de achtergrond de instrumentatie steeds dreigender wordt en de drums wederom een opvallende plek in de mix hebben gekregen. 

Begging lijkt in eerste instantie een redelijk rechttoe rechtaan gitaarsong, maar omdat de echte uitbarsting uitblijft en het opbouwen van de spanning nu juist achterwege wordt gelaten, voegt Blood Red Shoes weer een verrassende track toe aan haar zesde album. Het door Steven Ansell gezongen I Am Not You is vervolgens wel de rechttoe rechtaan gitaarsong, al klinken de synths weer bijzonder, beuken de drums er genadeloos op los en voegt Laura-Mary Carter honingzoete contrasten toe in de zang. 

Iets over de helft van het album slaat de verzadiging bij mij wat toe, maar de aardedonkere popliedjes van het Britse duo blijven goed en in iedere track gebeurt er weer iets anders en vaak iets onverwachts. Ghosts On Tape is, in ieder geval voor mij, geen album voor elk moment, maar zo op zijn tijd klinkt het allemaal fantastisch en blijft Blood Red Shoes me maar verbazen met een meedogenloos geluid, maar ook altijd onverwachte accenten en verrassende wendingen. Als de vorige vijf albums van de band ook zo goed zijn heb ik Blood Red Shoes de afgelopen jaren hopeloos onderschat. Erwin Zijleman

De muziek van Blood Red Shoes is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van het Britse tweetal: https://bloodredshoes.bandcamp.com/album/ghosts-on-tape.


GHOSTS ON TAPE van Blood Red Shoes is verkrijgbaar via de Mania webshop:



dinsdag 18 januari 2022

Grace Cummings - Storm Queen

De Australische muzikante Grace Cummings maakt indruk met sterke songs en mooie klanken, maar intrigeert en imponeert met een hele bijzondere stem, die haar album eindeloos de hoogte in tilt
Na haar fascinerende maar ook overweldigende debuut was ik zeker nieuwsgierig naar het tweede album van Grace Cummings, maar had ik er geen hele hoge verwachtingen van. Storm Queen blijkt echter een waar meesterwerk, waarop de songs ijzersterk zijn en de instrumentatie keer op keer prachtig is. Waar ik de stem van de Australische muzikante op haar debuutalbum van alles wat teveel vond, is deze stem het sterkste wapen op Storm Queen. Grace Cummings zingt op Storm Queen vol gevoel en zeggingskracht en omdat ze dit keer ook wat zachter zingt is de impact van de zang maximaal. Het is een stem waar je van moet houden, maar als je er van houdt is dit een album dat keer als keer aankomt als een mokerslag.


Bijna drie jaar geleden kwam ik voor het eerst in aanraking met de muziek van de Australische singer-songwriter Grace Cummings. Haar debuut Refuge Cove viel absoluut op in het aanbod van dat moment en intrigeerde me hopeloos, maar uiteindelijk wist het album me toch niet volledig te overtuigen. 

Dat lag niet aan de mooie en ingetogen instrumentatie en ook zeker niet aan de sterke songs op het album, maar vooral aan de stem van de Australische muzikante. Grace Cummings beschikt over een rauwe, krachtige en ook wat zware stem, die wel wat met me deed, maar die ik uiteindelijk toch wat te zwaar aangezet vond en bovendien niet zo goed vond passen bij de akoestische folk op Refuge Cove. 

Grace Cummings keert deze week terug met haar tweede album, Storm Queen. Het is een mooie typering van de Australische muzikante, want ook op haar nieuwe album komen de vocalen met orkaankracht uit de speakers. Toch vind ik Storm Queen een beter album dan het intrigerende Refuge Cove. Een veel beter album zelfs, want waar de stem van de muzikante uit Melbourne me op haar debuut uiteindelijk net wat teveel in de weg zat, tilt deze stem Storm Queen keer op keer naar grote hoogten. 

De stem van Grace Cummings blijft er absoluut een waar je van moet houden, maar iedereen die na beluistering van het debuut van de Australische muzikante afhaakte vanwege de zang, adviseer ik om haar nieuwe album toch eens te proberen. Storm Queen is hier en daar net wat voller ingekleurd en geproduceerd, waardoor de muziek en de zang wat meer in balans zijn en bovendien doseert Grace Cummings het gebruik van haar stem dit keer veel beter, waardoor je niet alleen de kracht maar ook de schoonheid in haar stem hoort. 

Het geluid op het album is hier en daar net wat voller dan op het debuutalbum, maar ook Storm Queen is over het algemeen genomen een behoorlijk ingetogen en grotendeels akoestisch ingekleurd album, dat qua net zo goed gecombineerd zou kunnen worden met fluisterzachte zang. 

Grace Cummings heeft een stem die het goed zou doen in wat stevigere rockmuziek, maar ook op Storm Queen verkent ze dit pad niet. De instrumentatie is wat rijker dan op het debuut, maar de nadruk ligt nog steeds op de zang en deze is, zeker na enige gewenning, prachtig. Grace Cummings vertolkt haar songs met hart en ziel en stort de nodige emotie over je uit. De Australische muzikante haalt hier en daar zo krachtig uit dat je bang bent dat de ruiten het gaan begeven, maar ze zingt dit keer ook zacht en gevoelig, wat het album voorziet van veel dynamiek. 

Zeker in de net wat voller ingekleurde songs zijn muziek en zang prachtig in balans, maar ook als Grace Cummings kiest voor een uiterst sobere instrumentatie met bijna uitsluitend akoestische gitaar of de piano, is haar muziek van een bijzondere schoonheid. Natuurlijk heb ik ook haar debuutalbum er nog even bij gepakt, maar dat overtuigt me nog altijd niet volledig. 

Grace Cummings laat op Storm Queen een indrukwekkende groei horen en heeft een album afgeleverd dat je ruw bij de strot grijpt en pas los laat wanneer de slottrack na ruim 40 minuten eindigt. In die 40 minuten kan het alle kanten op met Grace Cummings, die nog altijd uit de voeten kan met folk, maar dit keer toch vooral een veelzijdige singer-songwriter is. Storm Queen is niet geschikt voor iedereen, maar ik vind het een buitengewoon imponerend album. Erwin Zijleman

De muziek van Grace Cummings is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Australische muzikante: https://gracecummings.bandcamp.com/album/storm-queen.


Storm Queen van Grace Cummings is verkrijgbaar via de Mania webshop:



maandag 17 januari 2022

Cat Power - Covers

Chan Marshall, oftewel Cat Power, laat ook op haar derde album dat is gevuld met songs van anderen horen dat ze het vertolken van andermans songs echt tot in de perfectie beheerst
Bij de aankondiging van een volgend Cat Power album met covers overheerste bij mij teleurstelling, ook al bewees Chan Marshall al twee keer eerder dat ze dit kunstje uitstekend beheerst. Van de drie albums met covers vind ik Covers na een paar keer horen
de beste. Cat Power bestrijkt dit keer een breed terrein, maar het maakt uiteindelijk niet zoveel uit of ze een song van Lana Del Rey of een song van Iggy Pop vertolkt. De Amerikaanse muzikante maakt immers ook op Covers haar eigen songs van de songs van anderen. Covers is sfeervol maar betrekkelijk sober ingekleurd, waardoor het vaak aankomt op de stem van Chan Marshall en die is ook dit keer prachtig, net als de rest van het album.


Cat Power, het alter ego van de Amerikaanse muzikante Chan Marshall, debuteerde halverwege de jaren 90 en heeft inmiddels een flink stapeltje albums op haar naam staan. Van deze albums vind ik persoonlijk het uit 1998 stammende Moon Pix de beste, maar ook albums als You Are Free uit 2003 en The Greatest uit 2006 springen er wat mij betreft uit in het oeuvre van Cat Power. 

Ruim drie jaar na het eveneens uitstekende Wanderer keert Chan Marshall terug met een nieuw album. Covers bevat, zoals de titel al doet vermoeden, songs van anderen, al staat er ook een Cat Power song op het album. Nu ben ik lang niet altijd gecharmeerd van albums met vrijwel uitsluitend songs van anderen, maar Chan Marshall beheerst de kunst van het vertolken van andermans songs uitstekend en slaagt er verrassend vaak in om er haar eigen songs van te maken. 

Covers is dan ook niet het eerste album waarop de songs van anderen domineren, want Chan Marshall maakte er al twee. Zowel The Covers Record uit 2000 en Jukebox uit 2008 reken ik niet tot mijn favoriete Cat Power albums, maar heel veel minder dan de hierboven genoemde albums zijn ze niet en ik vind het zeker geen overbodig album, zoals zoveel andere albums met covers. 

Ook voor Covers heeft Chan Marshall weer een opvallende serie songs geselecteerd. Met songs van onder andere Frank Ocean, Lana Del Rey, The Pogues, Bob Seger, Iggy Pop, Jackson Browne, Nick Cave, The Replacements en Billie Holiday schiet Covers alle kanten op en waar op albums met covers meestal de gebaande paden worden bewandeld, kiest Cat Power voor een andere weg. 

Het zijn in de meeste gevallen niet de bekendste songs van de muzikanten die Chan Marshall heeft geselecteerd voor dit album, wat het ook net wat makkelijker om haar eigen songs te maken van deze songs, al blijft het een hele kunst. Net als op de vorige twee albums slaagt Cat Power er echter ook op Covers weer in om haar eigen songs te creëren. 

In veel gevallen zijn de originelen nauwelijks meer te herkennen en klinkt het album als een typisch Cat Power album. Het is een Cat Power album dat aansluit bij haar wat meer ingetogen albums. De instrumentatie op Covers is niet heel uitbundig, maar wel zeer trefzeker. Er wordt knap gemusiceerd op het album, waarbij zowel de wat jazzy gitaarlijnen als de soepel spelende ritmesectie opvallen. Hiernaast is er vaak een belangrijke rol voor de piano, wat van Covers een sfeervol album maakt. 

Als ik echt moet kiezen heb ik liever een album met eigen songs van Chan Marshall dan de volgende collectie covers, maar op deze nieuwe verzameling is heel weinig aan te merken. Covers klinkt over het algemeen als een Cat Power album, waarop hier en daar associaties opduiken bij songs die vaag bekend klinken. 

De fraaie instrumentatie speelt een belangrijke rol op dit album, maar Chan Marshall is ook een uitstekend zangeres, die haar eigen songs of de songs van anderen met veel gevoel vertolkt. Cat Power liet met The Greatest uit 2006 horen dat ze ook een geweldig soulalbum kan maken en hoewel ik Covers zeker niet wil bestempelen als soulalbum, klinken meerdere songs op het album wel degelijk soulvol. Covers is al met al prima album en zeker niet het tussendoortje dat een album met uitsluitend songs van anderen zo vaak is. Erwin Zijleman


Covers van Cat Power is verkrijgbaar via de Mania webshop:


zondag 16 januari 2022

The Lumineers - BRIGHTSIDE

De Amerikaanse band The Lumineers opent het muziekjaar 2022 met een serie geweldige songs, die het inmiddels vertrouwde geluid van de band laten horen, maar die ook net wat anders klinken
Met III maakte de uit Denver, Colorado, afkomstige band The Lumineers wat mij betreft een van de allerbeste albums van 2019. De lat lag daarom hoog voor album nummer vier, maar ook Brightside is een geweldig album. De tot een duo uitgedunde band musiceert wat losser dan op de vorige twee albums, maar door de instrumentatie en vooral door de zang is het vanaf de eerste noten weer typisch The Lumineers. Hier en daar hoor je een vleugje van The Beatles, maar je hoort toch vooral de buitengewoon lekker in het gehoor liggende folkpop van de Amerikaanse band, die met Brightside het feelgood album heeft gemaakt dat we zo hard nodig hebben, al duurt het helaas maar een half uurtje.


De Amerikaanse band The Lumineers dook in 2012 op met de meezinger Ho Hey, wat ik persoonlijk nou niet zo’n sterkte track vond (en na verloop van tijd zelfs een behoorlijk irritante track). Het in hetzelfde jaar verschenen titelloze debuutalbum van de band uit Denver, Colorado, was gelukkig een stuk beter, maar ik raakte pas echt onder de indruk van de muziek van The Lumineers toen in 2016 het ijzersterke Cleopatra verscheen. 
De lat lag nog wat hoger op het in 2019 verschenen III, dat zelfs de tweede plek van mijn jaarlijstje over het betreffende jaar wist te halen. 

The Lumineers zijn inmiddels uitgedund tot een duo en keren helemaal aan het begin van het muziekjaar 2022 terug met hun vierde album. BRIGHTSIDE (het moet kennelijk met hoofdletters, maar dat doe ik maar één keer) heb ik inmiddels al een aantal weken in mijn bezit en is in die weken, net als zijn twee voorgangers, uitgegroeid tot een persoonlijke favoriet. 

Laat ik echter beginnen met een flinke tegenvaller. Brightside bevat slechts dertig minuten en zes seconden muziek en dat is voor een volwaardig album wel erg weinig. In dat half uur doen Jeremiah Fraites en Wesley Schultz gelukkig wel weer mooie dingen. Brightside laat, met name door de zo karakteristieke stem van Wesley Schultz, weer het herkenbare The Lumineers geluid horen en dat voelt aan als een warm bad. 

Ik was op de vorige drie albums zeer gecharmeerd van de stem van de Amerikaanse muzikant en ook op Brightside is de zang wat mij betreft prachtig, zeker wanneer Wesley Schultz de noten uit zijn tenen haalt. Ook in muzikaal opzicht laat het vierde album van de Amerikaanse band een inmiddels bekend horen, al legt het duo uit Colorado ook wel wat andere accenten. 

Net als op de vorige twee album koos de band voor producer Simone Felice en mocht technicus en co-producer David Baron het geluid nog wat verder versieren. Vergeleken met het terecht bejubelde III is Brightside een wat minder uitbundig en ook wat minder theatraal album. Het vierde album van The Lumineers bevat een aantal behoorlijk ingetogen en spaarzaam ingekleurde songs, die vooral vertrouwen op de zang van Wesley Schultz, zoals in het prachtige door gitaren en zang gedragen Never Really Mine. 

Ook in de meer ingetogen songs hoor je meestal het inmiddels zeer herkenbare pianospel waarmee de albums van The Lumineers zich makkelijk weten te onderscheiden, maar Jeremiah Fraites en Wesley Schultz, die zelf tekenen voor de meeste instrumenten op Brightside, kiezen incidenteel ook voor wat stevigere songs, die weer een nieuwe kant van The Lumineers laten horen. 

Ik had bij beluistering van het album overigens meerdere keren associaties met de muziek van The Beatles en dat is me niet bijgebleven van de vorige drie albums van The Lumineers. Ook op Brightside maakt de Amerikaanse band weer buitengewoon aangenaam en makkelijk in het gehoor liggende folkpop, maar zowel in vocaal als in muzikaal opzicht vind ik ook dit album weer een stuk beter dan die van de concurrenten in het genre. 

Er is zoals gezegd maar één ding jammer en dat is dat het album er na net iets meer dan 30 minuten alweer op zit. Ik ben na die dertig minuten nog lang niet verzadigd, waardoor er niets anders opzit dan het album nogmaals opzetten of een van de voorgangers uit de kast te trekken. Wanneer ik Brightside niet beoordeel op de kwantiteit maar op de kwaliteit heb ik echter niets te klagen. Weer een prima album van een van mijn favoriete bands van deze tijd en wat word ik vrolijk van dit album. Erwin Zijleman

De muziek van The Lumineers is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse band: https://the-lumineers.bandcamp.com/album/brightside.


BRIGHTSIDE van The Lumineers is verkrijgbaar via de Mania webshop:



zaterdag 15 januari 2022

Jamestown Revival - Young Man

De Amerikaanse band Jamestown Revival maakte in 2019 flink wat indruk met het zeer fraaie San Isabel, maar het deze week verschenen Young Man is nog veel mooier en indrukwekkender
Liefhebbers van gouden keeltjes en subtiele rootsklanken konden in 2019 niet om San Isabel van de Amerikaanse band Jamestown Revival heen. Het tweetal uit Austin, Texas, keert deze week terug met een nieuw album en legt de lat nog wat hoger. Ook op Young Man is de zang van een bijzondere schoonheid, is de instrumentatie subtiel en smaakvol en zijn de songs aangenaam en tijdloos, maar Jonathan Clay en Zach Chance maken wat mij betreft nog wat meer indruk dan op hun vorige album. Young Man vult de ruimte met prachtige klanken en geweldige songs, waarna de geweldige stemmen van de twee de genadeklap uitdelen. Ik blijf maar naar dit album luisteren en het wordt echt alleen maar mooier.


De Amerikaanse band Jamestown Revival was voor mij een van de grote verrassingen van 2019. De band uit Austin, Texas, maakte op San Isabel, overigens al het derde album van Jamestown Revival, diepe indruk met twee prachtig bij elkaar kleurende stemmen, met een subtiele maar wonderschone instrumentatie en met een serie tijdloze rootssongs. 

Het is ook het recept voor het deze week verschenen Young Man, waarop de Texaanse band de draad van het terecht geprezen San Isabel weer oppakt. Heel veel veranderd is er niet. De stemmen van Jonathan Clay en Zach Chance klinken nog altijd prachtig en versterken elkaar op fraaie wijze, de subtiele instrumentatie is ook dit keer  zeer smaakvol en ook op Young Man maakt Jamestown Revival muziek die ook een aantal decennia geleden gemaakt had kunnen worden. 

Jonathan Clay en Zach Chance werken al samen sinds hun jeugd in het Texaanse Magnolia en dat hoor je op Young Man. De stemmen van de twee passen niet alleen perfect bij elkaar, maar vullen elkaar ook op bijzonder fraaie wijze aan, wat je vooral goed hoort in de meest ingetogen songs op het album. Het herinnert aan The Everly Brothers, CSN&Y en aan Simon & Garfunkel, maar de twee muzikanten uit Austin hebben ook een duidelijk eigen geluid. 

Vergeleken met San Isabel klinkt de zang op Young Man nog wat subtieler en wat mij betreft ook nog wat mooier. Ook de instrumentatie is nog wat subtieler dan op het al zo zorgvuldig ingekleurde vorige album van het tweetal. Net als op het vorige album bestaat de basis van de muziek van Jamestown Revival uit subtiele klanken van snareninstrumenten, waar vervolgens nog subtielere accenten aan zijn toegevoegd. 

De muziek op het album is zacht, wat Jonathan Clay en Zach Chance de mogelijkheid biedt om zacht te zingen, wat niet alleen zorgt voor een duidelijk eigen geluid, maar ook voor een geluid dat een garantie biedt op kippenvel. Young Man is prachtig opgenomen, waardoor de smaakvolle klanken en vocalen ook nog eens glashelder uit de speakers komen. 

Ik had na San Isabel hoge verwachtingen rond het nieuwe album van Jamestown Revival, maar Young Man overtreft ze op alle fronten. De instrumentatie, met natuurlijk een rol voor de pedal steel, is prachtig en de zang is betoverend mooi, maar ook de songs op het nieuwe album van Jamestown Revival zijn van een zeer hoog niveau. Het zijn vooral tijdloze rootssongs, die ook uit de hoogtijdagen van de 70s countryrock hadden kunnen komen, maar het klinkt geen moment gedateerd. 

Jamestown Revival beperkt zich op haar nieuwe album overigens niet alleen tot de Amerikaanse rootsmuziek, want ook invloeden uit de psychedelica en de 70s singer-songwriter muziek hebben hun weg gevonden naar de songs van het Amerikaanse tweetal, wat zorgt voor voldoende variatie.

Young Man is een vooral ingetogen album, maar wanneer Jonathan Clay en Zach Chance hier en daar net was meer gas geven, hoor je dat ze ook in net wat stevigere songs tot grote hoogten stijgen met net wat krachtigere vocalen en een wat voller geluid, al kan de muziek van het tweetal wat mij betreft niet ingetogen genoeg zijn.

Young Man is een album dat je tien songs lang meeneemt naar hele mooie herinneringen uit het verleden en dat tien songs lang een bijzonder hoog niveau weet vast te houden. San Isabel was in 2019 een album vol belofte, maar op het fantastische Young Man is Jamestown Revival de belofte ver voorbij en legt het de lat helemaal aan het begin van het muziekjaar 2022 angstig hoog. Erwin Zijleman


Young Man van Jamestown Revival is verkrijgbaar via de Mania webshop:


vrijdag 14 januari 2022

Mick Flannery & Susan O'Neil - In The Game

De Ierse muzikanten Mick Flannery en Susan O’Neil staan op het vorig jaar verschenen In The Game garant voor kippenvel dankzij zeer smaakvolle klanken en vooral dankzij heel veel vocaal vuurwerk
Ik heb geen idee waarom ik dit album vorig jaar heb laten liggen, want direct bij eerste beluistering was ik diep onder de indruk van In The Game van Mick Flannery en Susan O’Neil. De twee Ierse muzikanten maken indruk met een zeer smaakvolle instrumentatie en met een veelheid aan genres, maar imponeren met twee geweldige stemmen, die ook nog eens prachtig bij elkaar blijken te passen. In The Game bevat natuurlijk invloeden uit de Ierse muziek, maar invloeden uit de soulvolle Americana domineren op een album dat zelfs de koudste en donkerste winteravond prachtig weet te verwarmen. Een weergaloos album, dat ik zelf helaas net wat te laat heb ontdekt.


Vandaag brandt het muziekjaar 2022 definitief los en dus kijk ik voor één van de laatste keren of misschien zelfs wel voor de allerlaatste keer terug op het muziekjaar 2021. Ik doe dit met een album dat in flink wat jaarlijstjes opdook een paar weken geleden en dat eigenlijk ook niet had misstaan in mijn jaarlijstje. 

Ik heb het over In The Game van Nick Flannery & Susan O’Neil, dat om onduidelijke redenen aan mijn aandacht is ontsnapt een paar maanden geleden. Het zal ongetwijfeld te maken hebben gehad met een idioot groot aantal releases in de betreffende week, maar voor een album van de schoonheid van In The Game zijn geen geldige excuses te bedenken. 

Nu let ik bij de muziek van de Ierse muzikant Mick Flannery wel vaker niet goed op, want alleen zijn in 2019 verschenen titelloze album, zijn zesde album, wist een plekje op deze BLOG te veroveren. De muziek van de eveneens Ierse Susan O’Neil kwam nog helemaal niet aan bod op deze site, al maakte zij voor zover ik kan zien slechts één album onder de naam SON. 

De combinatie van de talenten van de twee Ierse muzikanten is er een die in de categorie 1+1=3 valt. Zowel Mick Flannery als Susan O’Neil beschikt over een behoorlijk expressieve stem. De stem van Susan O’Neil beschikt ook nog eens over een heerlijk ruw randje, terwijl Mick Flannery beschikt over een stem waar je de melancholie in bakken af kunt scheppen. 

Ierse muzikanten blijven over het algemeen dicht bij de roots van hun vaderland en ook In The Game bevat hier en daar wat invloeden uit de Ierse muziek. Het deels in Cork en deels in Los Angeles opgenomen album blijft echter zeker niet hangen in de Ierse folk en verwerkt veel meer invloeden uit de Americana. 

In The Game is voorzien van een behoorlijk toegankelijk en aangenaam warm geluid. Het is een vooral organisch geluid zonder al te veel opsmuk, dat verder is versierd met hier en daar flink wat strijkers en ook nog wat blazers. Zeker de wat Americana getinte songs op het album vallen makkelijk in de smaak. De bluesy en soulvolle klanken doen het heerlijk op een donkere winteravond, waarop de smaakvolle instrumentatie waarschijnlijk het best tot zijn recht komt. Zeker in de soulvolle tracks is het gitaarwerk prachtig en hoewel ik lang niet altijd een liefhebber ben van strijkers, klinken de aanzwellende violen op In The Game prachtig. 

In muzikaal opzicht overtuigt In The Game makkelijk, maar het zijn de stemmen van de twee Ierse muzikanten die verantwoordelijk zijn voor het enorm hoge niveau van het album. Mick Flannery en Susan O’Neil nemen afwisselend het voortouw in de vocalen en tekenen natuurlijk ook voor prachtige duetten. De zang op het album loopt over van passie en emotie en doet het het best wanneer er ook nog flink wat melancholie bij komt kijken. Het kleurt allemaal prachtig bij de aangename en toegankelijke instrumentatie, die de stemmen van de twee alle ruimte geeft. 

Ik liet het album zoals gezegd liggen een paar maanden geleden, maar direct bij eerste beluistering van In The Game was het album goed voor kippenvel en dat gevoel is niet meer verdwenen. Mick Flannery en Susan O’Neil tillen elkaar ruim 50 minuten lang naar grote hoogten, waarbij het niet uitmaakt welk genre domineert. Dat zijn er overigens flink wat, want naast Ierse muziek, folk, country, blues en soul, is zelfs een gospel uitbarsting de twee niet teveel. Wat een album. Erwin Zijleman

De muziek van Mick Flannery & Susan O'Neil is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de twee Ierse muzikanten: https://mickflannery.bandcamp.com.



donderdag 13 januari 2022

Ronnie Spector (1943-2022)


Er is in de media nog niet overdreven veel aandacht voor de dood van Ronnie Spector, terwijl haar invloed op de popmuziek tot op de dag van vandaag groot is. Ronnie Spector werd in 1943 geboren als Veronica Bennett en dook aan het eind van de jaren 50, samen met haar zus en haar nicht, op als het trio The Ronettes.

Het trio was in de eerste jaren niet erg succesvol, maar alles veranderde toen Phil Spector het trio aan het werk zag en zich opwierp als producer en beschermheer. Met hits als Be My Baby, Baby I Love You en Walking In The Rain scoorde het trio enkele hele grote hits en werden The Ronettes een van de belangrijkste exponenten van de Phil Spector girl pop, die tot op de dag van vandaag invloed heeft op de popmuziek.

De grillige Phil Spector raakte snel uitgekeken op The Ronettes en spoorde Veronica Bennett aan om een solocarrière te starten. Die kwam niet echt van de grond, maar de twee traden wel in het huwelijk waarna Veronica Bennett Ronnie Spector werd. We weten inmiddels dat Phil Spector ze niet allemaal op een rijtje had, maar Ronnie Spector ondervond het aan den lijve in een huwelijk vol geweld en gekte, dat na een paar jaar werd ontbonden.

Ronnie Spector hield na de scheiding vast aan haar naam, probeerde het met een nieuwe versie van The Ronettes en als soloartiest, maar ondanks talloze pogingen kwam haar carrière nooit meer echt van de grond en blijven we haar herinneren van die paar briljante singles van The Ronettes. Het is niet heel veel, maar Ronnie Spector is desondanks veel meer dan een voetnoot in de geschiedenisboeken van de popmuziek. Erwin Zijleman