18 juni 2026

Review: Jess Klein - Dream Aloud

Ondanks tien uitstekende albums is de Amerikaanse singer-songwriter Jess Klein nog redelijk onbekend, wat vast niet gaat veranderen met het deze week verschenen Dream Aloud, maar dat zou wel verdiend zijn
De naam Jess Klein had ik op een of andere manier opgeslagen en dit ondanks het feit dat ik al heel lang niet meer naar haar muziek had geluisterd. De Amerikaanse muzikante maakt inmiddels meer dan 25 jaar muziek en heeft een fraai oeuvre opgebouwd. Het is een oeuvre dat deze week is uitgebreid met Dream Aloud en het is een album dat niet onder doet voor de beste albums van Jess Klein. Het is een album dat werd gemaakt met een redelijk beperkt budget, maar dat is niet te horen. Het album klinkt in muzikaal en productioneel opzicht prachtig en de stem van Jess Klein klinkt na al die jaren alleen maar mooier. Iedereen die nog nooit van haar gehoord heeft, heeft heel wat te ontdekken.



Ik zag vorige week op de Amerikaanse muziekwebsite No Depression een artikel over het nieuwe album van de Amerikaanse singer-songwriter Jess Klein en vond het direct vanzelfsprekend om haar naam op te schrijven voor een recensie op De Krenten uit de Pop. Zo vanzelfsprekend is dat echter niet, want van de zes albums die ze sinds het bestaan van De Krenten uit de Pop uitbracht besprak ik er niet één. 

Dat ik direct enthousiast werd toen ik de naam Jess Klein zag, heeft alles te maken met de albums die ze aan het begin van haar carrière uitbracht. City Garden uit 2006, Strawberry Lover uit 2005 en vooral het geweldige Draw Them Near uit 2000 zijn albums die ik heel hoog heb zitten. Het zijn albums die Jess Klein op de kaart hadden moeten zetten als een van de betere singer-songwriters van deze tijd, maar op een of andere manier verloor ik haar na het album City Garden uit het oog, terwijl ik de verrichtingen van vrouwelijke singer-songwriters toch scherp in de gaten houd. 

Ik heb inmiddels naar de vorige albums van de Amerikaanse muzikante geluisterd en ook dat zijn albums die ruimschoots boven het maaiveld uitsteken. Het geldt ook weer voor het deze week verschenen Dream Aloud, dat gerealiseerd kon worden na een geslaagde crowdfundingcampagne. Het is een redelijk bescheiden bedrag dat Jess Klein wist op te halen voor haar nieuwe album, maar dat is niet te horen. Dream Aloud is immers een prachtig klinkend rootsalbum van een hoog niveau. 

Voor het opnemen van haar nieuwe album toog Jess Klein naar Austin, Texas, waar ze werkte met producer Mark Addison, ook bekend onder de naam Professor Feathers. De producer nam ook een groot deel van de instrumentatie voor zijn rekening en dat deed ook Jess Klein zelf met haar gitaren, maar ook de geweldige gitarist Luke Leverett werd nog aan de line-up toegevoegd, waarna het geluid op Dream Aloud ook nog werd verrijkt met klanken van de pedal steel en de cello. 

Naar verluidt gaf Jess Klein Professor Feathers de opdracht om Dream Aloud te laten klinken als iets tussen Astral Weeks (Van Morrison) en Led Zeppelin II. Dat hoor ik er nog niet direct in, maar ik heb absoluut wat met de sound van Dream Aloud. Met alle instrumenten die te horen zijn op het album en Austin, Texas, als basis voor de opnamen had ik een lekker stevig rootsalbum verwacht, maar de meeste nieuwe songs van Jess Klein zijn warm en niet al te uitbundig ingekleurd. 

Dream Aloud is voorzien van een verzorgd en gloedvol rootsgeluid en het is een geluid dat prachtig kleurt bij de stem van Jess Klein. Het is een stem die vergeleken met het alweer ruim 25 jaar oude Draw Them Near net wat ruwer en doorleefder klinkt, maar persoonlijk vind ik de stem van de Amerikaanse muzikante alleen maar mooier worden. 

Dat geldt ook voor de songs op het album, die lekker in het gehoor liggen, maar zeker niet klinken als dertien in een dozijn rootssongs. Het zijn songs die zijn voorzien van persoonlijke teksten, die zowel over vreugde als over verdriet kunnen gaan. 

Jess Klein heeft met Dream Aloud een album gemaakt dat het wederom zal moeten doen met aandacht in redelijk beperkte kring, maar met het album verdient ze veel meer aandacht. Ik heb vooral het debuutalbum van Jess Klein heel vaak beluisterd, maar ook haar deze week verschenen tiende album gaat hier nog vaak voorbij komen. Luisteren naar Dream Aloud is overigens niet zonder risico, want voor je het weet heb je er tien geweldige albums bij. Erwin Zijleman

De muziek van Jess Klein is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://jessklein.bandcamp.com/album/dreaming-aloud.



17 juni 2026

Review: The Maureens - Don't Give Up

De Nederlandse band The Maureens gaat inmiddels vijftien jaar mee en levert met haar vijfde album Don’t Give Up wederom een album af met nagenoeg perfecte popsongs die de zon uitbundig laten schijnen
De ene band heeft wat meer geluk dan de andere. De Utrechtse band The Maureens heeft het geluk niet altijd aan haar zijde, want anders was het al lang een hele grote band geweest. Het onlangs verschenen nieuwe album van de band kan gelukkig rekenen op goede recensies en daar valt niets op af te dingen. De songs van de band roepen associaties op met muziek uit een ver en minder ver verleden, maar Don’t Give Up klinkt op hetzelfde moment fris. The Maureens staat ook op haar vijfde album weer garant voor heerlijke gitaarsongs met mooie harmonieën en melodieën die je voorgoed wilt koesteren. Nu de zomer echt gaat beginnen is er behoefte aan de ultieme soundtrack en die is gemaakt door The Maureens.



Onlangs verscheen Don’t Give Up, het vijfde album van de Nederlandse band The Maureens. Het is een band die tot dusver nog niet veel aandacht heeft gekregen op De Krenten uit de Pop, want ik besprak alleen het in 2013 uitgebrachte debuutalbum van de band. Ook Don’t Give Up liet ik in eerste instantie liggen en niet omdat de muziek van de Utrechtse band me niet aanspreekt. 

Bij The Maureens denk ik eigenlijk al sinds het verschijnen van het debuutalbum aan een band die 15 tot 20 jaar te laat is geboren. Het is een gedachte die ook direct weer opkwam bij beluistering van Don’t Give Up. Het is een album dat in de jaren 90 niet had misstaan tussen de geweldige gitaarplaten van het Excelsior label van bijvoorbeeld Johan of Daryll-Ann. 

Het is ook een album dat een paar jaar eerder had kunnen concurreren met albums van alt-country pioniers als The Jayhawks en zo kan ik nog wel wat bands van naam en faam noemen die de strijd met The Maureens in de jaren 90 niet zomaar zouden hebben gewonnen, waarbij ik de naam van een Britse band als The La’s nog wel wil noemen. 

Dat ik de muziek van The Maureens afreken op de te late geboorte van de band is niet alleen oneerlijk, maar ook best bijzonder. Ik bespreek vrijwel dagelijks albums die teruggrijpen op muziek uit het verleden en vind dat meestal geen enkel probleem. Het is kennelijk het lot van The Maureens, want ik ben zeker niet de enige die de muziek van de band de afgelopen vijftien jaar grotendeels heeft genegeerd. 

Ook de grote platenmaatschappijen stonden niet te dringen, waardoor de band voor haar vijfde album is uitgeweken naar een Spaans label. Dat label heeft met Don’t Give Up wel goud in handen, want wat is het een heerlijk album. Het vijfde album van The Maureens is ook precies wat we op dit moment nodig hebben. 

Zodra de eerste noten van het album uit de speakers komen begint de zon te schijnen en is de wereld een beetje mooier en zorgelozer dan hij in werkelijkheid is. Ook Don’t Give Up herinnert aan de geweldige gitaarplaten van het Excelsior label en aan de hoogtijdagen van The Jayhawks, zonder onder te doen voor deze albums. 

De muziek van The Maureens begint qua invloeden ergens in de jaren 60, is absoluut schatplichtig aan de muziek van The Beatles, maar bezoekt ook met grote regelmaat de Amerikaanse westkust. De band is echter niet blijven hangen in de jaren 60 en 70, maar voegt ook het scherpe randje van de gitaarpop uit de jaren 90 toe aan haar songs. 

Don’t Give Up is een album vol sprankelende songs, geweldige harmonieën, prachtig gitaarwerk en heel veel zonnestralen. De ingrediënten zijn in de meeste songs hetzelfde, maar de Utrechtse band varieert meer dan voldoende om de aandacht vast te houden. Toen ik eenmaal werd gegrepen door de schoonheid van en het plezier in de songs hoorde ik echt de ene na de andere 24-karaat popsong en hoe vaker ik ze beluister, hoe dierbaarder ze me worden. 

Ik vroeg me wel direct af of The Maureens opeens een enorme sprong heeft gemaakt, maar ook de vorige albums van de band blijken vol te staan met songs die je direct wilt koesteren. The Maureens bestaat inmiddels vijftien jaar, maar de leden van de band timmerden hiervoor ook al aan de weg met bands als Silence Is Sexy en Brown Feather Sparrow. Ook dat zijn bands die uiteindelijk niet de waardering kregen die ze verdienden, maar voor The Maureens is er nog een kans op eerherstel. Luister naar het geweldige album Don’t Give Up en je hebt absoluut een heerlijke zomer. Erwin Zijleman

De muziek van The Maureens is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Nederlandse band: https://themaureens.bandcamp.com/album/dont-give-up.


Don't Give Up van The Maureens is verkrijgbaar via de Mania webshop:
LP, 24,99 euro






Review: Courtney Hartman - With You: From the Garden Shed

De Amerikaanse muzikante Courtney Hartman maakte vorig jaar indruk met het bijzonder klinkende album With You, maar ook de sobere versies van de songs van dat album zijn mooi en interessant
Het is dringen binnen de Amerikaanse rootsmuziek en ook aan goede zangeressen is er geen gebrek. Courtney Hartman trok daarom helaas weinig aandacht met het vorig jaar verschenen album With You, maar het was zeker een interessant album, al was het maar vanwege de vele gastzangeressen op het album. Op With You: From the Garden Shed worden de songs van With You nog eens uitgevoerd, maar nu zonder de gastzangeressen van vorig jaar. Ook de muziek en de zang klinken meer ingetogen en soberder dan vorig jaar, maar ook de nieuwe versies van de songs op With You: From the Garden Shed hebben wat mij betreft wat. Interessante muzikante deze Courtney Hartman.



With You, het derde album van de Amerikaanse singer-songwriter Courtney Hartman, viel vorig jaar helaas wat tussen wal en schip, maar ik ben blij dat ik het album zelf uiteindelijk toch nog oppikte. With You is immers een behoorlijk ingetogen maar ook zeer ambitieus en interessant album. 

Courtney Hartman schreef de songs voor het album samen met zeer ervaren songwriters als Saran Siskind, Tift Merritt, Ana Egge, Emily Frantz en Dawn Landes en benaderde ook voor de extra vocalen op haar album zangeressen van naam en faam onder wie Tift Merritt, Michaela Anne, Emily Frantz, Phoebe Hunt, Watchhouse en Rachel Sermanni. 

With You is een redelijk sober maar ook zeer smaakvol ingekleurd album, dat zich wat mij betreft makkelijk wist te onderscheiden van de meeste andere rootsalbums van dat moment. Courtney Hartman profiteerde flink van de andere vrouwenstemmen die waren te horen op het album, wat zeker voor liefhebbers van vrouwenstemmen als ik een ware traktatie was, maar maakte ook zelf flink wat indruk met haar mooie en emotievolle stem. 

Mijn interesse was direct gewekt toen ik de naam van Courtney Hartman zag opduiken in de releaselijsten van deze week. Ik had niet zo goed op de titel van het nieuwe album gelet, maar toen ik de titel zag wist ik direct dat With You: From the Garden Shed niet de volwaardige opvolger van het album van vorig jaar is. Op het deze week verschenen nieuww album komen alle songs van With You nogmaals voorbij, alleen dit keer zonder de extra vrouwenstemmen van vorig jaar en met een duidelijk sober klinkende muzikale begeleiding. 

Voordat Courtney Hartman begon aan de tour die volgde op haar vorige album speelde ze de songs van het album in het tuinhuisje bij haar huis voor haar dochter. Het was de plek waar de songs ooit waren ontstaan en het klonk zo mooi dat het idee ontstond voor een album met nieuwe versies van de songs. 

De songs klinken maar net een half jaar na de release van With You natuurlijk nog bekend in de oren, maar ze klinken ook duidelijk anders. De smaakvolle instrumentatie van de songs op het originele album heeft plaatsgemaakt voor de akoestische gitaar van Courtney Hartman en de Amerikaanse muzikante zingt ook net wat anders dan op haar vorige album. 

Net als de muziek is ook de zang op het album wat meer ingetogen, wat zorgt voor een duidelijk andere sfeer. Een ding is niet veranderd en dat is de hoge kwaliteit van de songs van With You. Bij eerste beluistering van With You: From the Garden Shed vond ik het album wel iets minder sterk dan het album van vorig jaar, maar na een tijdje raakte ik gehecht aan de uiterst sobere vertolkingen van de songs die vorig jaar zoveel indruk maakten. 

De songs blijven met de sobere klanken van de akoestische gitaar makkelijk overeind en ook de meer ingetogen zang van Courtney Hartman wist me na enige gewenning weer te raken. De Amerikaanse muzikante is er in geslaagd om twee totaal verschillende albums met dezelfde songs te maken en het zijn albums die allebei hun sterke punten hebben. Iedereen die het album van vorig jaar niet kent, adviseer ik om te beginnen met With You, maar als dat album je eenmaal heeft veroverd zou ik ook zeker With You: From the Garden Shed erbij pakken. Erwin Zijleman

De muziek van Courtney Hartman is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://courtneyhartman.bandcamp.com/album/with-you-from-the-garden-shed.



16 juni 2026

Review: Conrad Freling - Through the Glass of a Radiostore

Conrad Freling bracht vier jaar geleden met Never Gonna Change the World een mooi en bijzonder album uit en overtreft dit album deze week met het nog wat indrukwekkendere Through the Glass of a Radiostore
De Nederlandse muzikant Conrad Freling maakt muziek die niet helemaal in mijn muzikale straatje past, maar het deze week verschenen Through the Glass of a Radiostore wist me toch makkelijk te overtuigen. Net als het debuutalbum is ook Through the Glass of a Radiostore een album dat sfeervol en avontuurlijk is ingekleurd. De mooie klanken worden gecombineerd met de karakteristieke stem van Conrad Freling, die zijn muziek een eigen karakter geeft met zijn stem, die prachtig wordt bijgestaan door de achtergrondzang van Bette Schindler. Liefhebbers van rijk georkestreerde pop komen volledig aan hun trekken met dit fraaie album, maar ook als dit niet precies jouw smaak is zou ik zeker eens luisteren.


De Nederlandse muzikant Conrad Freling bracht bijna vier jaar geleden het album Never Gonna Change the World uit. Het is een album dat zich wat buiten mijn muzikale comfort zone bevond, al is het maar omdat ik een hele duidelijke voorkeur heb voor vrouwenstemmen. 
Verder maakte Conrad Freling op het eerste onder zijn eigen naam uitgebrachte album (met de band Seven Stars over Sicily maakte hij eerder al twee fraaie albums) rijk georkestreerde en soms wat theatraal aandoende muziek en dat is muziek die ik niet altijd kan waarderen. 

In mijn recensie van Never Gonna Change the World noemde ik echter Marc Almond en Gavin Friday als vergelijkingsmateriaal en hoorde ik af en toe ook nog iets van Radiohead, wat iets zegt over de kwaliteit van het album van Conrad Freling. De Nederlandse muzikant, die ook deel uitmaakt van de Nederlandse band The Bullfight, heeft sindsdien hard gewerkt aan de opvolger van Never Gonna Change the World en die opvolger is deze week verschenen. 

Aan mijn voorkeuren is de afgelopen jaren niets veranderd. Ik hoor nog altijd veel liever vrouwenstemmen dan mannenstemmen en rijk georkestreerde muziek vind ik maar af en toe mooi. Conrad Freling beschikt over een stem die af en toe wat kan schuren, maar de zang op het album staat me zeker niet tegen. Integendeel zelfs, want de zang op Through the Glass of a Radiostore is voor een belangrijk deel verantwoordelijk voor de bijzondere sfeer op het album. 

De stem van Conrad Freling geeft Through the Glass of a Radiostore een wat nostalgisch tintje, maar heeft ook het licht theatrale maar tegelijkertijd kwetsbare van de stemmen van Gavin Friday, Marc Almond en Thom Yorke, waardoor ik ook bij beluistering van het nieuwe album van Conrad Freling weer uitkwam bij het vergelijkingsmateriaal dat ik ook bijna vier jaar geleden noemde. 

Het is nog altijd vergelijkingsmateriaal dat slechts ten dele zinnig is, want de muziek van de Nederlandse muzikant heeft een duidelijk eigen sound, met af en toe ook nog een randje David Sylvian. Mijn voorkeur voor vrouwenstemmen wordt overigens niet helemaal genegeerd op Through the Glass of a Radiostore, want in veel songs duikt de prachtige stem van Bette Schindler op als tweede stem. 

Conrad Freling heeft ook zijn tweede album grotendeels in zijn eentje in elkaar geknutseld en levert knap werk. Naast de zeer rijke orkestraties van Theo Olsthoorn in twee tracks heeft Conrad Freling zijn songs voorzien van fantasierijke en sfeervolle klanken. Through the Glass of a Radiostore is niet vies van weidse klankentapijten, maar er gebeurt ook altijd wel iets spannends in de muziek op het album. 

De songs op het album klinken af en toe voorzichtig theatraal, maar het slaat wat mij betreft nergens door in de richting van holle bombast. De songs van Conrad Freling klinken soms groots en meeslepend, maar hebben ook altijd iets kwetsbaars. Vergeleken met het debuutalbum hebben de songs wat mij betreft aan kracht gewonnen. Ze zijn mooier en spannender ingekleurd, maar het zijn ook songs die zich makkelijker opdringen en die de competitie met de internationale concurrentie makkelijk aan kunnen. 

Conrad Freling promoot zijn muziek enthousiast op het Nederlandse muziekplatform MusicMeter, maar Through the Glass of a Radiostore verdient het ook om veel breder opgepikt te worden. Erwin Zijleman

De muziek van Conrad Freling is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Nederlandse muzikant: https://conradfreling.bandcamp.com/album/through-the-glass-of-a-radiostore-full-album.


Through the Glass of a Radiostore van Conrad Freling is verkrijgbaar via de Mania webshop:


15 juni 2026

Review: Kelsey Lu - So Help Me God

Kelsey Lu debuteerde zeven jaar geleden met het buitengewoon fascinerende album Blood en komt nu op de proppen met een nieuw album dat wat toegankelijker klinkt, maar je ook blijft verrassen met bijzondere muziek
Blood van Kelsey Lu kreeg in het voorjaar van 2019 een aantal lyrische recensies, maar al snel was iedereen het album alweer vergeten. Ik ontdekte het album zelf pas aan het eind van 2019 en was diep onder de indruk. Dat ben ik ook weer van het deze week dan eindelijk verschenen tweede album van Kelsey Lu. So Help me God lijkt een stuk toegankelijker dan Blood, maar schijn bedriegt. Ook de songs op het nieuwe album van Kelsey Lu zitten weer vol bijzondere klanken en wendingen en ook de zang van de Amerikaanse muzikant weet te verrassen. So Help Me God is een album waarover je niet te snel moet oordelen, want daarmee doe je dit fascinerende album waarschijnlijk tekort.



Blood, het debuutalbum van de Amerikaanse muzikant Kelsey Lu, die zichzelf identificeert als non-binair persoon, besprak ik op de allerlaatste dag van 2019 op De Krenten uit de Pop. Het is een album dat ik met het nodige geluk uit een wat obscuur R&B jaarlijstje had gehaald en dat me vervolgens onmiddellijk betoverde. 

Blood bevat inderdaad wel wat invloeden uit de R&B, maar met alleen het etiket R&B doe je het debuutalbum van Kelsey Lu echt flink tekort. Kelsey Lu is een klassiek geschoolde cellist die allerlei invloeden verwerkt. Ik noemde in mijn recensie invloeden uit de chamber pop, R&B, folk, avant-garde, ambient en elektronica, maar dat was zeker geen uitputtende lijst. 

Op 31 december was mijn jaarlijstje over 2019 al lang gepubliceerd, maar met de kennis van nu had Blood van Kelsey Lu absoluut een plek in de top 10 van mijn jaarlijstje verdiend. De Amerikaanse muzikant maakte de afgelopen jaren twee filmsoundtracks, maar met So Help Me God is deze week de echte opvolger van Blood verschenen. 

Met het debuutalbum wist Kelsey Lu flink de aandacht op zich te vestigen, waardoor er dit keer voor een deel van de productie van het nieuwe album een beroep kon worden gedaan op niemand minder dan Jack Antonoff en gastmuzikanten als Sampha, Kamasi Washington en Kim Gordon konden worden uitgenodigd in de studio. 

Op bandcamp heeft Kelsey Lu zelf een mooie omschrijving bedacht van het nieuwe album: “Across the record, Lu blends distorted guitars, choral swells and dark electronic pulses into a sonic landscape that moves between devotional intensity and cinematic scale. So Help Me God expands Lu’s singular creative universe - where music, visual art and performance converge into one multidisciplinary project.” 

Dat klinkt behoorlijk pretentieus, maar ik vind So Help Me God zelf een verrassend toegankelijk album. Het tweede album klinkt wat voller en warmer dan het debuutalbum van de Amerikaanse muzikant en is ook wat minder zweverig. De openingstrack Reaper klinkt als een soulsong uit de jaren 60 of 70 en dat is een associatie die vaker terugkomt, maar in Portrait Of A Lady On Fire duiken ook de orkestraties van het vorige album weer op en hoor ik ook weer wat van het zweverige van Blood. 

So Help Me God klinkt wat conventioneler dan het debuutalbum van Kelsey Lu, maar de tegenwoordig vanuit Londen opererende muzikant maakt nog altijd bijzondere muziek, zeker wanneer wordt geëxperimenteerd met ritmes en invloeden uit de jazz. Het grootste verschil met Blood hoor ik in de zang, die een stuk ijler en atmosferischer klonk op het debuutalbum. 

In de muziek op het album is nog altijd ruimte voor experiment en voor invloeden uit verschillende genres, maar Kelsey Lu heeft op So Help Me God ook nadrukkelijker gekozen voor popsongs met een kop en een staart. Ik vond So Help Me God daarom in eerste instantie een minder bijzonder album dan Blood, maar nu ik het album meerdere keren heb gehoord ben ik toch weer onder de indruk van de muzikaliteit van Kelsey Lu, die overigens ook in tekstueel opzicht diep graaft op het album. 

Hoe vaker je naar het nieuwe album van Kelsey Lu luistert, hoe mooier en interessanter het wordt en hoe meer dimensies je ontdekt in de bijzondere songs en ik heb het idee dat So Help Me God nog heel lang blijft doorgroeien. Erwin Zijleman

De muziek van Kelsey Lu is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikant: https://kelseylu.bandcamp.com/album/so-help-me-god.


So Help Me God van Kelsey Lu is verkrijgbaar via de Mania webshop:



Review: Olivia Dean, Ziggo Dome, Amsterdam, 14 juni 2026


De carrière van Olivia Dean had een lange aanloop, maar het afgelopen jaar is het snel gegaan met de Britse muzikante, die de kleine zalen definitief heeft verruild voor de grote arena's. Vorige maand stond ze in de Amsterdamse Ziggo Dome en daar stond ze gisteren opnieuw voor een uitzinnige zaal 

Laat ik maar met de deur in huis vallen: het is ongelooflijk knap wat Olivia Dean tijdens haar The Art of Loving Live Tour laat zien. De Britse muzikante heeft een show zonder al te veel poespas of visueel spektakel in elkaar getimmerd, maar werkelijk alles klopt in de één uur en drie kwartier durende set.

Het podium is strak ingericht met veel ruimte voor de band, de belichting is smaakvol en de achter de gordijnen op het podium geprojecteerde beelden zorgen ervoor dat je niets hoeft te missen. Aan het einde van de show gooit Olivia Dean er nog wat discoballen en confetti tegenaan, maar het grootste deel van de show ziet eruit als een tijdloos soulconcert zonder onnodige opsmuk.

De Britse muzikante heeft zich tijdens haar The Art of Loving Live Tour omringd met competente muzikanten, onder wie drie blazers, een uitstekende drummer en twee geweldige achtergrondzangeressen. De band tekent voor een warm soulgeluid, dat varieert van ingetogen en jazzy tot moddervet. Hier en daar krijgt de band alle ruimte, maar meestal wordt er strak gespeeld. Het biedt de perfecte basis voor de soepele stem van Olivia Dean, die zich met veel vertrouwen door de set heen werkt en indruk maakt met haar stem. Af en toe laat ze de zang even over aan de achtergrondzangeressen en ook die maken indruk.


De set is prachtig opgebouwd met een laidback start, een akoestisch intermezzo, drie subtiel uitgevoerde songs in het midden van de zaal en funky uitsmijters aan het einde van de set, inclusief een fraaie versie van Move On Up van Curtis Mayfield. De verplichte toegift begint gelukkig wat uit de mode te raken en Olivia Dean doet er ook niet aan. Na de laatste noten van Man I Need knalt I Feel Love van Donna Summer uit de speakers en danst Olivia Dean tot de gordijnen volledig zijn gesloten.

De set is niet alleen prachtig opgebouwd, maar het is ook een set die laat horen hoeveel goede songs de Britse muzikante inmiddels op haar naam heeft staan. Het zijn vooral tijdloos klinkende songs, die op het podium misschien nog wel beter uit de verf komen dan op het album. Olivia Dean is ook nog eens een innemende en ontspannen persoonlijkheid, die zich gelukkig niet verliest in eindeloos gekwebbel. Het houdt de vaart in de set, die vol hoogtepunten zit.


Ik heb de afgelopen jaren flink wat spektakel in de Ziggo Dome gezien, met het imponerende concert van Rosalía van twee maanden geleden als onbetwist hoogtepunt, maar de show van Olivia Dean laat zien dat je ook zonder spektakel een grote zaal als de Ziggo Dome aan je voeten kunt krijgen. Olivia Dean deed het alleen met haar muzikale talent en maakte wat mij betreft diepe indruk.

De Britse muzikante is zeker na de release van haar tweede album razendsnel uitgegroeid tot een wereldster en liet gisteren in de Ziggo Dome zien en horen dat ze deze nieuwe status absoluut aankan. Erwin Zijleman

14 juni 2026

Review: Ryan Adams - The Suicide Handbook (2001)

Ryan Adams nam na zijn fantastische debuutalbum Heartbreaker een aantal zeer ingetogen en melancholische songs op, die helaas op de plank bleven liggen, maar deze week alsnog zijn uitgebracht als The Suicide Handbook
De Amerikaanse muzikant Ryan Adams heeft de afgelopen vijf jaar een enorme stapel albums uitgebracht. Ik heb ze allemaal laten liggen. Deels omdat de kwantiteit het wint van de kwaliteit en deels omdat Ryan Adams een paar jaar geleden in opspraak is geraakt. Hoe goed hij 25 jaar geleden was is te horen op het deze week uitgebrachte The Suicide Handbook. Het is een album dat werd opgenomen na Heartbreaker, het solodebuut van de Amerikaanse muzikant. De uiterst sobere songs op The Suicide Handbook konden niet rekenen op de sympathie van de platenmaatschappij, maar 25 jaar later is te horen dat de platenbazen van Ryan Adams het in 2001 bij het verkeerde eind hadden.



Er kan veel veranderen in 25 jaar tijd. De Amerikaanse muzikant Ryan Adams werd 25 jaar geleden een muzikaal wonderkind genoemd en groeide snel uit tot de lieveling van zowel de critici als een grote groep liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek. 25 jaar later weten we dat ook een wonderkind te veel muziek kan uitbrengen en dan een gewoon mens blijkt te zijn. 
Ryan Adams werd bovendien door meerdere vrouwen beschuldigd van seksueel wangedrag, wat tot de dag van vandaag een flinke smet op zijn reputatie is. 

Terug naar het begin van deze eeuw. Ryan Adams had een aantal jaren aan de weg getimmerd met de alt-country band Whiskeytown, maar koos aan het eind van de jaren 90 voor een solocarrière. Dat leverde in de herfst van 2000 het werkelijk prachtige Heartbreaker op. 

Voor zijn eerste soloalbum dook de Amerikaanse muzikant de studio in met Gillian Welch en David Rawling en met producer Ethan Johns, die op dat moment vooral bekend was als de zoon van de legendarische producer Glyn Johns, maar snel zou uitgroeien tot een zeer gewilde producer. Heartbreaker is wat mij betreft een van de mooiste rootsalbums van dit millennium. Het is een album met vooral ingetogen folk- en countrysongs en het wonderschone duet met Emmylou Harris (Oh My Sweet Carolina) als hoogtepunt. 

Ryan Adams begon na Heartbreaker aan het opnemen van nieuwe songs en koos in eerste instantie voor een serie uiterst ingetogen songs. Zijn platenmaatschappij zag echter geen heil in het sobere en wat sombere album, waarna Ryan Adams samen met Ethan Johns voller ingekleurde versies van een aantal van de songs opnam. Deze songs vormden uiteindelijk het in 2001 uitgebrachte en ambitieuze Gold, dat net als Heartbreaker warm werd onthaald door de critici. 

De sobere songs van de eerdere sessie kwamen op de plank terecht en belandden deels in een nieuwe versie op Gold en op het teleurstellende derde soloalbum Demolition. De opnames die op de plank terecht kwamen werden bekend onder de naam The Suicide Handbook. De opnames uit 2001 circuleren al vele jaren op het internet, maar deze week is het verloren album alsnog officieel uitgebracht. 

The Suicide Handbook neemt je mee terug naar de jaren waarin Ryan Adams nog werd gezien als wonderkind en terecht. Ik kan me voorstellen dat de platenmaatschappij van de Amerikaanse muzikant niet direct de commerciële potentie van The Suicide Handbook zag, maar in artistiek opzicht is het album prachtig. 

Naar verluidt werden de songs vooral in de nachtelijke uren opgenomen en daar kan ik me iets bij voorstellen. De songs op het album zijn sober ingekleurd met de akoestische gitaar van Ryan Adams en hier en daar de pedal steel van Bucky Baxter en daarnaast is er de weemoedig klinkende stem van de Amerikaanse muzikant. 

Een aantal songs van The Suicide Handbook kwam zoals gezegd terecht op de albums Gold en Demolition, maar ik vind de sobere akoestische versies veel mooier en indringender. Ik heb Ryan Adams zelf ook gecanceld de afgelopen jaren, want de beschuldigingen tegen hem zijn heftig, maar met The Suicide Handbook keer ik nog even terug naar de jaren waarin de Amerikaanse muzikant niet stuk kon en bovendien zijn beste werk afleverde. Erwin Zijleman


Review: Zoh Amba - Eyes Full

Zoh Amba timmert al een aantal jaren aan de weg als jazzsaxofonist, maar kiest op het deze week verschenen Eyes Full voor een totaal andere weg met ruwe folksongs vol stevig gitaarwerk en bijzondere zang
Ik heb het vorige week even geprobeerd met Eyes Full van Zoh Amba, maar het was niet het juiste moment voor het album. Het is een album dat ver is verwijderd van de muziek die Zoh Amba tot dusver heeft gemaakt. Samen met gitarist Kevin Hyland en drummer Jim White maakt Zoh Amba ruwe songs met een mix van folk en rock. Het zijn songs die associaties oproepen met de muziek van Big Thief of de albums van frontvrouw Adrianne Lenker, maar Eyes Full is rauwer en intenser. Toen ik er een paar dagen geleden naar luisterde was het wel het juiste moment voor de nieuwe muziek van Zoh Amba en kwam het album wel binnen. Vervolgens begreep ik opeens alle superlatieven die de Amerikaanse muziekpers erover heeft opgeschreven.



De albums van de Amerikaanse muzikant Zoh Amba, die zichzelf overigens identificeert als non-binair persoon, zijn me in het verleden meer dan eens aangeprezen, maar na even luisteren was ik er snel uit dat het niets voor mij was. Op deze albums maakt de muzikant uit New York jazz en ook nog eens het soort jazz waar ik vooral heel erg nerveus van word. 

Het vorige week verschenen Eyes Full is een heel ander soort album, maar wederom waren de Amerikaanse muziekcritici eensgezind en waren de superlatieven niet van de lucht. Het nieuwe album van Zoh Amba opent met een folky song en het is er een die me niet direct overtuigde. De nerveuze jazz is in de openingstrack OCD verruild voor stevig aangezet en wat eclectisch akoestisch gitaarspel en de stem van Zoh Amba en ik werd er wederom wat nerveus van. 

Het is een stem waar ik een paar jaar geleden waarschijnlijk enorm aan had moeten wennen, maar de stem van Zoh Amba lijkt nogal op die van Big Thief zangeres Adrianne Lenker en ook de manier van zingen is vrijwel identiek. Daar moet je tegen kunnen, maar sinds Big Thief me van mijn sokken blies met haar eerste paar albums heb ik wel wat met het soort zang op Eyes Full van Zoh Amba. 

Na de wat onrustige openingstrack gooit de muzikant uit New York er ook nog wat invloeden uit de indierock tegenaan en worden de associaties met de muziek van Big Thief alleen maar sterker. Zowel de zang als de gitaren klinken wel wat ruwer en compromislozer dan in de muziek van Big Thief, wat Eyes Full een wat lo-fi karakter geeft. 

Het nieuwe album van Zoh Amba is een album dat je na een paar tracks snel opzij schuift en nooit meer beluistert of het is een album dat je maar blijft intrigeren. Net als de Amerikaanse muziekcritici was ik direct onder de indruk van het album en pakte ik het album er steeds weer bij. 

In muzikaal opzicht rammelt het behoorlijk en ook op de onvaste zang van Zoh Amba kun je heel veel aanmerken, maar op een of andere manier klopt het. Wanneer je vervolgens vaker naar het album luistert worden de songs van de muzikant uit New York beter en grijpen ze je nog wat steviger bij de strot met de ruwe zang. Ook het gitaarwerk op het album overtuigt dan nog wat makkelijker, zeker in de meest rauwe passages. 

Zoh Amba keerde voor het nieuwe album terug naar het platteland van Tennessee, waar de wortels van de Amerikaanse muzikant liggen en waar Zoh Amba niet paste, en dat hoor je in de songs, die worden gedomineerd door invloeden uit de folk, met hier en daar een randje blues en country. Het is ver verwijderd van de muziek die Zoh Amba als saxofonist maakt, maar geef mij maar Eyes Full. 

Als Big Thief niet had bestaan en Adrianne Lenker een ander beroep had gekozen zou Eyes Full uit kunnen groeien tot een sensationeel album, maar nu klinkt het uiteindelijk vooral als het album dat Adrianne Lenker nog niet heeft gemaakt. Dat doet niets af aan de prestatie die Zoh Amba levert, want als ik moet kiezen tussen de soloalbums van Adrianne Lenker en dit album kies ik met veel overtuiging voor Eyes Full. 

 Ook de muzikanten die Zoh Amba begeleiden zijn overigens geen koekenbakkers, want gitarist Kevin Hyland speelde in de band van MJ Lenderman en drummer Jim White behoeft geen nadere introductie. Het levert een album op dat je verafschuwt of dat je grijpt en als het je grijpt houdt het je voorlopig in een stevige wurggreep. Erwin Zijleman

De muziek van Zoh Amba is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikant: https://zohamba.bandcamp.com/album/eyes-full.


Eyes Full van Zoh Amba is verkrijgbaar via de Mania webshop:



13 juni 2026

Review: Olivia Rodrigo - You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love

Olivia Rodrigo schaarde zich met Sour en Guts onder de grootste popsterren van het moment en die status bevestigt ze met You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love dat nieuwe dimensies toevoegt aan haar herkenbare geluid
Olivia Rodrigo verkocht onlangs in een vloek en een zucht vier keer de Ziggo Dome uit en brengt deze week het album dat hoort bij haar wereldtour uit. You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love laat deels het inmiddels bekende Olivia Rodrigo geluid horen, maar de Amerikaanse muzikante legt ook andere accenten en heeft nieuwe muzikale helden ontdekt. De invloeden uit de indierock zijn verdwenen en hebben plaatsgemaakt voor een vleugje jaren 80 hier en daar, maar Olivia Rodrigo maakt ook nog altijd de popsongs en ballads van deze tijd. Op You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love klinkt ze volwassener dan op haar eerste twee albums en bevestigt ze haar status als een van de grootste popsterren van het moment.



Olivia Rodrigo is nog altijd pas 23 jaar oud, maar heeft met het deze week verschenen album You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love alweer haar derde album uitgebracht. De Amerikaanse popster is actief in een genre waarin de concurrentie moordend is en de waan van de dag soms regeert, maar ze liet op haar debuutalbum Sour uit 2021 direct al horen dat ze iets speciaals heeft. 

Sour is nog altijd een bijzonder knap popalbum, zeker als je je bedenkt dat Olivia Rodrigo de meeste songs voor het album schreef toen ze pas 17 jaar oud was. De belofte van Sour werd in 2023 volledig ingelost met Guts, waarna de jonge popster liet zien dat ze ook op het podium goed uit de voeten kan. En nu is er dus You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love, dat extra punten verdient voor de titel van het album. 

Olivia Rodrigo schakelde op haar vorige albums tussen aanstekelijke popsongs, mooie ballads en wat flirts met indierock en dat leek een inmiddels beproefd recept. Ook dit keer werkte ze met haar vaste producer Dan Nigro, die ook tekent voor een groot deel van de muziek op het album, terwijl voor het schrijven van de songs wederom een beroep werd gedaan op de hulp van Amy Allen. 

Alle reden dus om te veronderstellen dat You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love in het verlengde zou liggen van Sour en Guts, maar dat is slechts ten dele het geval. Veel songs op het derde album van Olivia Rodrigo zijn verrassend sober en ingetogen en invloeden uit de indierock zijn vrijwel verdwenen uit het geluid van de Amerikaanse popster. 

De invloeden uit het verleden komen dit keer vooral uit de jaren 80 met subtiele vleugjes new wave en postpunk. Olivia Rodrigo stond vorig jaar op het Britse festival Glastonbury op het podium met Robert Smith en The Cure zanger duikt ook op in What’s Wrong with Me. Ook op Sour en Guts eerde Olivia Rodrigo zo af en toe haar muzikale helden en dat doet ze ook op You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love, dat meerdere verwijzingen bevat naar de muziek van The Cure. 

Dat betekent niet dat ze opeens een new wave of postpunk album heeft gemaakt, want ook het derde album is weer een 100% popalbum. Het is wel een popalbum van een muzikante die inmiddels haar tienerjaren achter zich heeft gelaten en zich knap staande houdt in een harde wereld, al is er wel een gebroken hart bij gekomen, wat je terug ziet in de teksten van de songs. 

Ik vind You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love in muzikaal opzicht interessanter dan Sour en Guts en ook de songs vind ik beter. Ik heb vooral een zwak voor de ingetogen en sober ingekleurde songs op het album als Stupid Song, Honeybee, The Cure, Begged, Less en Cigarette Smoke, maar ook de uptempo songs op het album met vaak een jaren 80 vibe mogen er zijn. 

Zeker in de wat meer ingetogen songs op het album hoor je dat Olivia Rodrigo beter is gaan zingen. Haar stem klinkt warmer en volwassener dan op haar eerste twee albums en heeft bovendien een groter bereik, maar heeft nog altijd een karakteristiek en herkenbaar geluid. 

Olivia Rodrigo heeft er de afgelopen jaren nog flink wat grote popsterren als concurrent bij gekregen, maar ze kiest op You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love voor haar eigen weg. Het siert haar dat ze niet kiest voor de wat eendimensionale elektronische pop die momenteel zo succesvol is en ze heeft in Dan Nigro een geweldige producer gevonden. 

De Amerikaanse producer, die ook werkt met Chappell Roan, heeft You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love voorzien van een mooi geluid, waaraan af en toe strijkers zijn toegevoegd en waarin de stem van Olivia Rodrigo soms in meerdere lagen is opgenomen. Het is een geluid zonder opsmuk, wat de kracht van de songs versterkt Iedereen die nog twijfelde aan het talent van de Amerikaanse muzikante moet echt eens naar dit album luisteren. Erwin Zijleman


You Seem Pretty Sad for a Girl So in Love van Olivia Rodrigo is verkrijgbaar via de Mania webshop:


12 juni 2026

Review: Liz Lawrence - Vespers

Liz Lawrence maakte op haar vorige albums grotendeels elektronisch ingekleurde en lekker in het gehoor liggende popmuziek, maar verwerkt op Vespers de dood van haar zus met ruwe, ingetogen en emotievolle folksongs
Iedereen die de eerste vier albums van Liz Lawrence kent zal verrast worden door het nieuwe album van de Britse singer-songwriter. In mijn geval is het een aangename verrassing, want ik kon niet zo heel goed uit de voeten met haar vooral met elektronische popmuziek gevulde vorige albums, al heb ik die albums niet helemaal op de juiste waarde geschat. Het deze week verschenen album Vespers is een album dat is getekend door verlies en rouw. Liz Lawrence geeft op het album de dood van haar zus een plek en doet dit met uiterst ingetogen en ruwe folksongs. Het zijn sober ingekleurde songs die het vooral moeten hebben van de stem van Liz Lawrence en die stem is op Vespers echt prachtig.



De Britse muzikante Liz Lawrence brengt inmiddels een kleine 15 jaar albums uit. Het zijn albums waarvan ik er in het verleden drie (van de vier) heb beluisterd en dat zijn alle drie albums die ik in eerste instantie had geselecteerd voor een plekje op de krenten uit de pop, maar die uiteindelijk toch afvielen. 
Het zijn alle drie albums die ik wel interessant vond, maar bij herhaalde beluistering toch niet goed genoeg vond voor een recensie. 

Pity Party uit 2020 vond ik uiteindelijk net wat te wisselvallig, The Avalanche uit 2021 wat te veel catchy elektronische pop en Peanuts uit 2024 wat te eentonig. Ik heb de albums deze week nog eens vluchtig beluisterd en denk dat Liz Lawrence ook gewoon pech heeft gehad met mijn oordeel, want ik hoorde deze week wel degelijk het talent van de Britse muzikante op alle drie de albums. 

Het is deze week tijd voor eerherstel, want Liz Lawrence levert met Vespers een album af dat ik nog veel beter vind dan zijn voorgangers. De Britse muzikante was in het verleden niet vies van lichtvoetige elektronische popmuziek, maar Vespers ligt flink zwaarder op de maag. Liz Lawrence pakte op haar vorige albums vaak uit met elektronica en een vol geluid, maar kiest op haar nieuwe album voor behoorlijk sobere en vooral akoestische klanken. 

In de openingstrack Mt. Nephin hoor je alleen een subtiel laagje elektronica en de stem van Liz Lawrence, die vervolgens in de tweede track Where Did You Go vooral door de akoestische gitaar wordt begeleid. De akoestische gitaar domineert ook in de tracks die volgen, waarna de slottrack met strijkers afsluit. 

Op het nieuwe album van Liz Lawrence vallen me een aantal dingen op. Het eerste dat opvalt is dat ze de pop van haar vorige albums heeft verruild voor muziek met flink wat invloeden uit de folk, al is Vespers zeker geen dertien in een dozijn folkalbum. Het tweede dat opvalt is hoe mooi de stem van Liz Lawrence is op haar nieuwe album. 

Haar stem viel me op haar vorige albums niet zo op, maar op Vespers is de zang echt prachtig. Het is zang met een behoorlijk bezwerend karakter, wat ervoor zorgt dat de songs van de Britse muzikante best stevig binnenkomen. Vespers is zoals gezegd een wat zwaar album. Dat hoor je in de teksten waarin vooral de dood van haar zus centraal staat, maar je hoort het ook zeker in de stem van Liz Lawrence, die haar zang soms redelijk zwaar aanzet en heel veel gevoel heeft gelegd in haar zang. 

Dat is ook niet zo gek, want de Britse muzikante schreef de songs voor haar nieuwe album slechts een paar maanden nadat haar zus was overleden na een noodlottig ongeval. Het zorgt ervoor dat Vespers doet wat de vorige albums van Liz Lawrence bij mij niet lukte. De songs op het nieuwe album van Liz Lawrence weten me te raken met al het gevoel dat er in zit en met de schoonheid van de zang. 

De songs op Vespers werden in een korte periode geschreven en opgenomen en dat hoor je. De Britse muzikante sleutelde in het verleden flink aan haar songs, maar de songs op Vespers zijn ruw en hebben een wat lo-fi karakter. Het siert Liz Lawrence dat ze iedere keer weer een andere weg inslaat op haar albums, die ik inmiddels hoger aansla dan in het verleden, maar de weg die ze heeft gekozen op Vespers bevalt me duidelijk het best. Erwin Zijleman

De muziek van Liz Lawrence is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse muzikante: https://lizlawrence.bandcamp.com/album/vespers.


Vespers van Liz Lawrence is verkrijgbaar via de Mania webshop:



11 juni 2026

Review: zzzahara - Distant Lands

De Amerikaanse muzikante Zahara Jaime, oftewel zzzahara, heeft al een aantal albums op haar naam staan die me stuk voor stuk zijn ontgaan, maar het deze week verschenen Distant Lands is echt een geweldig indiepopalbum
Het nieuwe album van zzzahara laat flarden uit de jaren 80 horen, maar bevat veel meer invloeden uit de lo-fi en dreampop uit de jaren 90. Hier blijft het niet bij, want het project van Zahara Jaime vindt ook makkelijk aansluiting bij de indiepop en indierock van het moment. De songs van de muzikante uit Los Angeles zijn lekker eigenzinnig en voldoende stekelig, maar het zijn ook songs die zich genadeloos opdringen. Voor liefhebbers van pure pop is de muziek van zzzahara waarschijnlijk wat te ruw, maar liefhebbers van even eigenwijze als eigenzinnige popmuziek vol invloeden uit het verleden en het heden hebben er met Distant Lands een heerlijk album bij.



Alternatieve Amerikaanse muziekwebsites als Paste en Pitchfork waren de afgelopen week zeer te spreken over het album Distant Lands van zzzahara. Dat verbaast me niets, want dit is nou typisch zo’n album dat zeer in de smaak valt bij twee van mijn favoriete tipgevers. Het is ook het soort tip dat bij mij in de smaak valt, want zzzahara doet op Distant Lands zo ongeveer alles dat ik leuk vind. 

Het project van de uit Los Angeles afkomstige Zahara Jaime, die zowel Filippijns als Mexicaans bloed heeft, strooit op haar vierde album in vier jaar tijd met popliedjes waarvan ik alleen maar heel vrolijk kan worden. Het zijn popliedjes die lekker eigenwijs zijn en aangenaam rammelen, maar ondertussen verleiden ze meedogenloos en blijven ze ook nog eens makkelijk hangen. De vorige drie albums van zzzahara moet ik nog eens beluisteren, maar als ze net zo goed zijn als Distant Lands heb ik iets gemist de afgelopen jaren. 

Zahara Jaime vond de inspiratie voor haar nieuwe album in het werk van David Lynch, wiens oeuvre ze pas na zijn overlijden leerde kennen. Ik zeg met enige regelmaat over albums dat ze goed zouden kunnen dienen als soundtrack bij een vergeten David Lynch film, maar bij Distant Lands van zzzahara kan ik nog niet direct een David Lynch film bedenken. 

De muzikante uit Los Angeles maakt op haar nieuwe album muziek die past in de hokjes indiepop en indierock, maar het is indiepop en indierock met veel echo’s uit de jaren 80 en 90. Af en toe hoor ik duidelijke invloeden uit de dreampop, maar het is wel betrekkelijk ruwe dreampop, die makkelijk buiten de lijntjes van het genre kleurt. 

Het nieuwe album van het project van Zahara Jaime verdient ook zeker het etiket lo-fi, al zijn de songs op Distant Lands wel wat beter uitgewerkt en wat langer dan op een gemiddeld lo-fi album. Ik vond het nieuwe album van zzzahara bij eerste beluistering nog wel behoorlijk rammelen, maar inmiddels hoor ik een selectie geweldige popsongs, die op bijzondere wijze zijn geproduceerd door Casey Lagos, die in het verleden onder andere werkte met Cold War Kids. 

De popsongs van zzzahara zijn allemaal redelijk rechttoe rechtaan, maar ze zijn mooi ingekleurd met zowel gitaren als synths. De muzikante uit Los Angeles beschikt niet over een hele bijzondere stem, maar het is wel een stem die uitstekend past bij de aanstekelijke popsongs op Distant Lands. Het zijn songs waarin steeds weer wat anders opvalt en het is bijna altijd onweerstaanbaar lekker. 

De ene keer is het heerlijk basloopje, de volgende keer zijn het wonderschone gitaarakkoorden of catchy synths, of toch weer de stem van Zahara Jaime, die af en toe met haar zang en muziek ook op kan schuiven richting de muziek van Beach House. Distant Lands bevat 13 songs en hoe vaker ik ze hoor, hoe verslavender ze worden. 

Ik kan er nog altijd geen David Lynch film bij bedenken, maar ik vind Distant Lands van zzzahara inmiddels zo goed dat het album wat mij betreft een David Lynch film verdient. In de tussentijd kan het album ook zomaar uitgroeien tot de indiesoundtrack van de zomer van 2026, want als de songs van zzzahara eenmaal in je hoofd zitten krijg je ze niet meer uit je hoofd. Ik denk soms dat ik wat minder moet vertrouwen op Pitchfork en Paste, want veel tips komen ook niet aan, maar Distant Lands van zzzahara is absoluut een voltreffer. Erwin Zijleman

De muziek van zzzahara is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://zzzahara.bandcamp.com/album/distant-lands.



10 juni 2026

Review: A.A. Williams - Solstice

Solstice is alweer het vierde album van de Britse muzikante A.A. Williams en het is net als haar eerste en derde album een album vol flinke spanningsbogen, af en toe hoge gitaarmuren en een echt bijzonder mooie stem
De muziek van A.A. Williams was in 2020 moeilijk te plaatsen. De klassiek geschoolde muzikante was goed voor prachtig opgebouwde songs en klassiek aandoende klanken, maar ze kon ook overweg met gruizige gitaarmuren en een vleugje metal en postrock. Het is inmiddels een beproefd recept, maar het is ook een recept dat nog steeds werkt. Op het deze week verschenen album Solstice, het vierde album van A.A. Williams, heeft ze het geluid van de geweldige voorganger As the Moon Rests uit 2022 nog wat verder geperfectioneerd. De songs zijn nog wat mooier opgebouwd, het contrast tussen ingetogen passages en gitaargeweld is nog wat groter en A.A. Williams zingt echt prachtig. Een bijzonder album weer.



Zes jaar geleden debuteerde de Britse muzikante A.A. Williams met een album dat absoluut een vat vol tegenstrijdigheden mag worden genoemd. De klassiek geschoolde muzikante uit Londen verloochent haar opleiding als celliste en pianiste niet op haar debuutalbum, maar laat ook een onverwachte voorkeur voor totaal andere genres horen, waaronder metal. 

Het zorgde ervoor dat Forever Blue werd voorzien van het etiket “death gospel”, maar dat bleek een behoorlijk onzinnig label. Op Forever Blue kan de muziek van A.A. Williams af en toe uitbarsten, maar ik hoorde zelf vooral invloeden uit de postrock en nauwelijks metal en al helemaal geen gospel. 

Forever Blue is een album dat invloeden uit de neoklassieke muziek vermengd met rockmuziek en doet dit in songs waarin de spanning steeds weer prachtig wordt opgebouwd en waarin van alles gebeurt. De spanningsbogen op Forever Blue zijn bij vlagen torenhoog, zeker wanneer ingetogen passages uitmonden in hoge gitaarmuren. 

Die spanningsbogen hoor je ook in de stem van A.A. Williams, die ingetogen en bezwerend kan klinken, maar ook flink kan uithalen. Het geweldige debuutalbum van de Britse muzikante werd in 2021 gevolgd door het uiterst sobere pandemiealbum Songs from Isolation, waarop de muzikante uit Londen op uiterst sobere wijze songs van anderen vertolkte. 

Het album miste de magie van het debuutalbum, maar die magie was gelukkig weer helemaal terug op het in 2022 uitgebrachte en echt geweldige As the Moon Rests, waarop A.A. Williams het geluid van haar debuutalbum verder perfectioneerde. Op haar derde album zoekt de Britse muzikante de uitersten nog wat meer op, waardoor het album aan de ene kant subtieler, maar aan de andere kant grootser klinkt dan het debuutalbum. 

As the Moon Rests, dat mijn jaarlijstje haalde, krijgt deze week een vervolg met Solstice. Het is een ambitieus album met 11 tracks en bijna een uur muziek. De ingrediënten in de muziek van A.A. Williams zijn inmiddels bekend. Je hoort nog altijd haar klassieke achtergrond, maar ook de liefde voor gruizige gitaarmuren is gebleven. 

Ook op Solstice bouwt A.A. Williams haar songs weer prachtig op, waarbij ze dit keer nog meer aandacht heeft besteed aan contrast en dynamiek. Het klinkt bij vlagen behoorlijk bombastisch, maar A.A. Williams schakelt makkelijk van hoge gitaarmuren naar ingetogen passages, waarin alles aankomt op haar stem en wat piano- of gitaarakkoorden. 

De stem van de Britse muzikante klinkt ook op haar nieuwe album weer prachtig, zeker in de meer ingetogen passages op het album. Het knappe van de muziek van A.A. Williams is dat het, ondanks het feit dat de combinatie van een mooie vrouwenstem en veel gitaargeweld een beproefde combinatie is, muziek is die anders klinkt dan andere muziek die zich in de genres beweegt waarin A.A. Williams actief is. 

Dat heeft alles te maken met de kwaliteit van haar stem en met haar muzikaliteit. Die muzikaliteit zorgt er ook voor dat Solstice makkelijk een uur kan boeien en dit ondanks het feit dat je de spanningsbogen in de muziek van A.A. Williams na een paar tracks wel kent. Het is muziek die inmiddels vooral postrock wordt genoemd en dat is een label dat misschien niet helemaal op zijn plaats is, maar beter past bij de muziek van A.A. Williams dan het label ‘death gospel’ dat ooit werd bedacht voor haar debuutalbum. Erwin Zijleman

De muziek van A.A. Williams is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse muzikante: https://aawilliams.bandcamp.com/album/solstice.


Solstice van A.A. Williams is verkrijgbaar via de Mania webshop: