Ik ben nog altijd hopeloos verliefd op de EP waarmee de Nederlandse muzikante Pitou tien jaar geleden debuteerde. Dat ligt vooral aan haar onweerstaanbaar mooie stem, maar ook haar songs hebben iets bijzonders. Dat geldt in nog veel sterkere mate voor de songs op het deze week verschenen P2. Op haar tweede album laat Pitou een nog veelzijdiger geluid horen dan op haar debuutalbum en zorgt ze voor flinke contrasten. P2 is niet alleen een album van een van de beste zangeressen van het moment, maar ook een album van een eigenzinnige muzikante, die niet bang is om haar grenzen te verleggen. Ik moest af en toe flink wennen aan de bijzondere wendingen op P2, maar wat is het een mooi en bijzonder album.
De Nederlandse muzikante Pitou (Nicolaes) bracht bijna tien jaar geleden haar eerste EP uit. De zeven vooral sobere en intieme folksongs op de EP waren allemaal even mooi en lieten vooral een geweldige zangeres horen. Met de in 2018 verschenen EP I Fall Asleep So Fast bevestigde Pitou nog maar eens haar status als enorme belofte voor de toekomst en liet ze bovendien horen dat ze in muzikaal opzicht en als songwriter enorm was gegroeid.
Bijna op de dag af drie jaar geleden verscheen dan eindelijk het debuutalbum van Pitou en de Amsterdamse muzikante maakte de belofte van haar EP’s meer dan waar met het geweldige Big Tear. Ook op Big Tear hoor je een geweldige zangeres die voor kippenvel zorgt in de intieme folksongs, maar het album laat ook een eigenzinnige muzikante horen, die in haar songs continu de grenzen opzoekt en het experiment niet schuwt.
Pitou haalde met Big Tear overtuigend mijn jaarlijstje en toen ik het album vorige week weer eens beluisterde vond ik het eigenlijk alleen maar mooier en indrukwekkender geworden. Drie jaar na haar debuutalbum keert Pitou deze week terug met haar tweede album, P2 (leuk gevonden titel), waar ik met hooggespannen verwachtingen aan begon.
Voordat ik begon aan het album wist ik al dat de muziek van de Amsterdamse muzikante wel eens de bocht uit kan vliegen en dat doet het nieuwe album wat mij betreft direct in de openingstrack Too Good To Go, waar ik bij eerste beluistering vooral nerveus van werd of zelfs rode vlekken van kreeg. Inmiddels ben ik er wel aan gewend, maar het is zeker niet mijn favoriete track op het album.
In het prachtige Pirate dat volgt, hoorde ik wel weer direct de magie van Pitou. Ze beschikt wat mij betreft over een van de mooiste stemmen van het moment en dat hoor je toch het best in de folky songs van Pitou. Pirate begint als een redelijk sobere folksong, maar wordt steeds weer op andere manieren verrijkt tot een typische Pitou song.
Die versiersels laat Pitou juist achterwege in Morning Star, dat het vooral moet hebben van de echt prachtige zang. P2 schakelt continu tussen het soort songs dat we kennen van Pitou en songs waarin ze haar vleugels nog wat verder uitslaat. Ook in Fish is de zang fantastisch, maar ook de spannende muziek in de track en de bijzondere opbouw van de song trekken nadrukkelijk de aandacht.
Meer dan Big Tear schiet P2 echt alle kanten op en dat vond ik persoonlijk wel even wennen. Net als de openingstrack is ook To Do What een track waar ik in eerste instantie vooral wat onrustig van werd, maar het is ook een song die het album voorziet van een bijzondere dynamiek. Pitou laat zich op P2 niet beperken tot hetgeen dat iedereen van haar verwacht en dat siert haar.
Het ene moment betovert ze je met verstilde akoestische klanken en een echt prachtige stem, het volgende moment slaan de stoppen even door en hoor je een totaal andere muzikante die vooral vertrouwt op elektronica en expressieve zang. Het zorgt ervoor dat P2 nog veel meer dan Big Tear een album is dat tijd verdient.
Dankzij de folky songs op het album, en die zijn in de meerderheid, vind ik P2 al een geweldig album, maar P2 is ook veel meer dan een album met betoverend mooie folksongs. Toen ik de openingstrack vijf keer achter elkaar had beluisterd hoorde ik er opeens wel wat in en dat geldt ook voor de andere wat afwijkende tracks op het album, dat nog maar eens laat horen dat Pitou behoort tot het allerbeste dat de Nederlandse popmuziek momenteel te bieden heeft. Erwin Zijleman

