De Britse muziekpers is al decennia zeer bedreven in het creëren van een hype, maar de Nederlandse media konden er de afgelopen twee jaar ook wat van. De Amsterdamse band Hiqpy werd de afgelopen twee jaar uitgebreid bejubeld zonder al te veel muziek te hebben uitgebracht, maar moest nog wel even een debuutalbum opnemen. Slow Death Of A Good Girl, het debuutalbum van Hiqpy, is deze week verschenen en het is een prima album geworden. Hiqpy is zeer bedreven in het schrijven van catchy songs met zowel invloeden uit de indierock als uit de pop en vaak een jaren 90 vibe. De band bestaat echter ook uit prima muzikanten en beschikt over een prima zangeres, wat Slow Death Of A Good Girl in alle opzichten interessant maakt.
De naam Hiqpy zoemt inmiddels al ruim twee jaar nadrukkelijk rond, maar tot deze week had ik nog geen noot van de muziek van de Nederlandse band gehoord. Dat is niet zo gek, want Hiqpy concentreerde zich lange tijd op het live-circuit en zette pas vorig jaar de eerste single op de streamingplatforms. Ik luister eigenlijk nooit naar singles, maar er stonden er inmiddels vijf online en deze zijn allemaal terug te vinden op het deze week dan eindelijk verschenen debuutalbum Slow Death Of A Good Girl, dat ook nog zeven nieuwe tracks bevat.
Er is de afgelopen twee jaar heel veel geschreven over Hiqpy en hierbij werden de superlatieven maar zelden geschuwd. Ik begon dan ook met torenhoge verwachtingen aan de beluistering van het debuutalbum van de Amsterdamse band, maar was eerlijk gezegd ook wel op mijn hoede voor een enorme hype.
Ik heb het debuutalbum van Hiqpy inmiddels een aantal malen beluisterd en begrijp inmiddels waarom de Nederlandse band de afgelopen twee jaar zo enthousiast is onthaald. De songs op Slow Death Of A Good Girl liggen namelijk ontzettend lekker in het gehoor en klinken op een of andere manier direct bekend in de oren.
Hiqpy laat zich op haar debuutalbum vooral beïnvloeden door indierock, postpunk en shoegaze uit het verleden en met name uit de jaren 90, maar is ook niet vies van een flinke dosis pop. Op de website van de band zelf wordt gesproken over een Pokémon (geen idee of dit hetzelfde is als een ‘lovechild’) van Kurt Cobain en Arianne Grande, maar zelf hou ik het erop dat Hiqpy alles dat de afgelopen decennia leuk was in de indierock en pop in een blender heeft gegooid en er een zeer smakelijke mix van heeft gebrouwen.
Daar moet je wel wat voor kunnen en dat zit wel goed bij de leden van de Amsterdamse band, die elkaar op de popafdeling van het hoofdstedelijke conservatorium tegenkwamen. Dat de band bestaat uit geschoolde muzikanten is goed te horen op Slow Death Of A Good Girl, dat niet alleen mooi, maar ook spannend klinkt.
Hiqpy begint op haar debuutalbum vaak bij de aanstekelijke pop- of rocksong en kleurt in eerste instantie redelijk netjes binnen de lijnen. Veel songs op Slow Death Of A Good Girl ontsporen echter wanneer het einde nadert en dan laat Hiqpy horen wat het in muzikaal opzicht kan.
Zeker het af en toe wild ontsporende gitaarwerk klinkt bijzonder lekker, maar ook de wat lastiger te doorgronden passages conflicteren fraai met de wat toegankelijkere klanken die Hiqpy produceert. Slow Death Of A Good Girl staat vol met aansprekende songs, klinkt in muzikaal opzicht zowel lekker als fantasierijk en is vakkundig geproduceerd door de ervaren Brit Danton Supple, die een CV heeft om bang van te worden en onder andere werkte met Elbow en Coldplay.
Nog niet genoemd, maar ook heel belangrijk voor de sound van Hiqpy is de stem van frontvrouw Abir Hamam, die beschikt over een aansprekende stem, maar ook over een eigen geluid. Het voorziet het geluid van Hiqpy van nog wat meer vertrouwen en elan.
Er is de afgelopen twee jaar heel druk gedaan over Hiqpy en er wordt momenteel wel heel driftig gestrooid met superlatieven. Er valt wat mij betreft best wat aan te merken op het debuutalbum van de Amsterdamse band, maar het is absoluut een goed debuutalbum en een album dat in Nederland en ver daarbuiten de aandacht moet kunnen trekken. Ik vind het ondanks de bij voorbaat enorm hoge verwachtingen een aangename verrassing. Erwin Zijleman

