Natalie McIntyre debuteerde in de zomer van 1999 als Macy Gray met het briljante On How Life is. Ondanks haar zeker niet alledaagse stem (bij de beschrijving van haar stem komen zowel Mickey Mouse als de heliumballon met grote regelmaat voorbij) leek een prachtige carrière als soulzangeres slechts een kwestie van tijd, maar op één of andere manier is het er nooit echt van gekomen. Dat ligt voor een deel aan de kwaliteit van de platen die Macy Gray na On How Life Is uitbracht, maar waarschijnlijk speelde ook het bijzondere karakter van haar stem een rol bij het uitblijven van de echte doorbraak. Persoonlijk vind ik alle platen die Macy Gray de afgelopen 13 jaar heeft uitgebracht de moeite waard, al blijft On How Life Is natuurlijk onovertroffen. Begin vorig jaar overtuigde Macy Gray slechts ten dele met Covered; een plaat met 16 voor de hand en minder voor de hand liggende vertolkingen van het werk van anderen. Covered bevatte een aantal geweldige tracks (met name haar vertolkingen van Creep van Radiohead en Here Comes The Rain Again van The Eurythmics zullen me nog wel even bij blijven), maar helaas ook een aantal tracks die ik na één keer horen al zat was. Covered was daarom niet goed genoeg voor een plekje op deze BLOG, maar opvolger Talking Book is dat wel. Talking Book heeft als ondertitel "Macy Gray’s Love Letter To Stevie Wonder On The 40th Anniversary Of His Classic Album" en dat is precies wat het is. Op Talking Book vertolkt Macy Gray integraal de legendarische plaat van Stevie Wonder en ze doet dit op buitengewoon smaakvolle en gepassioneerde wijze. Waar Macy Gray op Covered haar uiterste best deed om het werk van anderen naar haar hand te zetten, blijft ze dit keer relatief dicht bij de originelen (een enkele uitzondering daar gelaten; Superstition is bijvoorbeeld omgetoverd tot een lome ballad). Macy Gray’s versie van Talking Book is hierdoor een prachtig eerbetoon aan één van de beste en meest invloedrijke platen uit de geschiedenis van de popmuziek, maar het is uiteindelijk ook een plaat die iets toevoegt aan deze klassieker. Op Talking Book klinkt Macy Gray eindelijk weer eens niet als die zangeres met die krankzinnige stem, maar als een fantastische soulzangeres met een geheel eigen geluid. Met de songs op Talking Book is uiteraard helemaal niets mis en de band die op de plaat is te horen speelt de pannen van het dak. Macy Gray hoeft daarom niet veel meer te doen dan te zingen en dat doet ze op fantastische wijze. Ik heb direct na beluistering van deze versie van Macy Gray het origineel weer eens uit de kast gehaald. Dit blijft natuurlijk onovertroffen, maar ik weet zeker dat ik ook de versie van Macy Gray nog regelmatig uit de kast zal halen. Met Talking Book is Macy Gray weer helemaal terug en kan ze eindelijk een poging gaan doen om On How Life Is te overtreffen. Voorlopig kan ik echter best uit de voeten met Talking Book. Erwin Zijleman
Voor liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek is het jaarlijstje van No Depression nog altijd een lijstje om naar uit te kijken. Het legendarische alt-country tijdschrift is weliswaar een aantal jaren geleden helaas opgedoekt, maar de No Depression website leeft tot dusver voort en biedt de liefhebber van Amerikaanse rootsmuziek met enige regelmaat waardevolle tips. Van de top 50 van No Depression (met een terechte eerste plek voor Iris Dement en een opvallende 50e plek voor de niet-rootsmuzikant Fiona Apple) heb ik bijna de helft besproken op deze BLOG, maar de nummer twee uit de lijst heb ik vreemd genoeg gemist. Dat ik The Carpenter van The Avett Brothers heb gemist is bijzonder, want ik was drie jaar geleden bijna lyrisch over hun vorige plaat I And Love And You; een plaat die ik overigens via het jaarlijstje van een andere Amerikaanse muzieksite (PopMatters) oppikte. The Carpenter ligt in het verlengde van zijn voorganger, maar laat een nog net wat toegankelijker geluid horen. The Avett Brothers maken nog altijd muziek die zo lijkt weggelopen uit de jaren 70 en verwerken voornamelijk invloeden uit de country, folk en pop. Ondanks het gebruik van een behoorlijk traditioneel instrumentarium in een aantal songs, klinkt de muziek van The Avett Brothers verrassend lichtvoetig. De broertjes Avett grossieren op The Carpenter in perfecte popliedjes, die ondanks de ruim aanwezige invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek bijna Beatlesque klinken, zeker in de wat meer uptempo songs (die overigens misschien nog wel meer aan 10cc doen denken). Wanneer The Avett Brothers wat meer gas terug nemen doet het wel wat denken aan de muziek van The Eagles of The Jayhawks; nog twee bands die het perfecte popliedje hoog in het vaandel hadden staan. Door het bijzonder toegankelijke karakter van de muziek van The Avett Brothers hoeft de band niet te rekenen op de sympathie van alle liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek. Dat is aan de ene kant begrijpelijk, maar het is ook jammer, want The Avett Brothers maken wel degelijk rootsmuziek (in de breedste zin van het woord) van hoog niveau. The Carpenter is niet alleen een plaat met even aanstekelijke als hoogstaande popliedjes, maar het is ook een prachtig klinkende plaat, wat met een producer van het kaliber van Rick Rubin ook niet zo gek ik. Als ik moet kiezen tussen de ballads, de uptempo popliedjes en de wat stevigere songs, kies ik voorlopig voor de ballads, maar ook met de andere songs is niets mis. In tegenstelling tot drie jaar geleden duiken The Avett Brothers dit jaar nauwelijks op in de jaarlijstjes, maar hun fraaie tweede plek in de jaarlijst van No Depression is als je het mij vraagt volkomen terecht. The Carpenter is de zoveelste hele mooie plaat van een band die al lang wereldberoemd had moeten zijn. Echt veel te mooi om te laten liggen. Erwin Zijleman