De Australische band Howling Bells maakte de afgelopen twintig jaar vier albums, waarvan met name het eerste album erg goed was. Na twaalf jaar stilte en vier soloalbums van frontvrouw Juanita Stein keert Howling Bells toch weer terug met een nieuw album. Het is een geïnspireerd klinkend album dat wat steviger klinkt dan een aantal van de andere albums van de band, maar het klinkt erg goed. Juanita Stein trekt ook dit keer de meeste aandacht met haar geweldige stem, maar ook haar twee medemuzikanten laten nadrukkelijk van zich horen op het werkelijk uitstekende Strange Life, dat laat horen dat het zo herkenbare Howling Bells geluid er nog steeds toe doet.
De Australische band Howling Bells debuteerde bijna twintig jaar geleden met een geweldig titelloos album. Het is een album waarop de band een mooi en veelzijdig geluid vol invloeden liet horen. Al deze invloeden werden verpakt in toegankelijke maar ook avontuurlijke songs, die het talent van de band onderstreepten. Howling Bells maakte echter de meeste indruk met de stem van frontvrouw Juanita Stein, die zich soepel meebewoog met het gevarieerde geluid van de Australische band.
Ik omschreef het destijds overigens een stuk mooier in de Plato.NL nieuwsbrief: “Het titelloze debuut van Howling Bells staat vol met even zwoele als duistere muziek, die het beste van Slowdive, Mazzy Star, My Bloody Valentine en The Velvet Underground lijkt te verenigen en net zo makkelijk uit de voeten kan met slowcore, shoegaze en dreampop als met country-noir, psychedelica en indierock. Het debuut van Howling Bells is een plaat vol invloeden uit een ver verleden, maar klinkt desondanks eigentijds en bij vlagen zelfs vernieuwend, wat de plaat alleen maar extra kracht en magie geeft”.
Het titelloze debuutalbum uit 2006 werd in 2009 gevolgd door Radio Wars, dat wat doorsloeg richting pop. Ik vond en vind Radio Wars een redelijk album, maar vergeleken met het debuutalbum van Howling Bells was het een flinke tegenvaller. Het was psychedelischer klinkende The Loudest Engine uit 2011 was net wat beter, maar het eerherstel kwam met Heartstrings uit 2014, waarop de inmiddels naar Engeland uitgeweken bands de invloeden van de eerste drie albums combineerde in een aansprekend rockgeluid.
De afgelopen twaalf jaar hebben we het moeten doen met de vier, overigens uitstekende, soloalbums van frontvrouw Juanita Stein, die op deze albums koos voor singer-songwriter muziek, Americana en 70s pop. Twaalf jaar na het vierde album van Howling Bells keert de nog altijd vanuit het Verenigd Koninkrijk opererende band terug met Strange Life. Het is een geïnspireerd klinkend album, waarop de tot een trio uitgedunde band verder gaat waar het vorige album in 2014 ophield.
Ook Strange Life is weer een vooral rock georiënteerd album, waarop invloeden uit de shoegaze en indierock centraal staan. Juanita Stein verwerkte op haar soloalbums flink wat invloeden uit de Americana, maar deze zijn niet terug te horen op het nieuwe album van Howling Bells. De band riep in het verleden altijd associaties op met de muziek van Mazzy Star, een van mijn favoriete bands aller tijden, en die hoor ik nog altijd, al zijn ze wel wat minder prominent dan op de wat psychedelischer getinte albums.
Strange Life is vergeleken met deze albums wat ruwer en gruiziger en ook dat geluid past uitstekend bij de stem van Juanita Stein, die dit keer wel wat aan Lana Del Rey doet denken. Juanita Stein tilt het geluid van haar band nog altijd flink op met gloedvolle vocalen en voegt met grote regelmaat een zwoel tintje toe aan de gruizige songs van de band.
Hier en daar hoor ik ook nog wel wat van dat glorieuze en inmiddels twintig jaar oude debuutalbum, al laat Strange Life ook horen dat Howling Bells in muzikaal opzicht flink is gegroeid. Ik had na al die jaren stilte niet meer gerekend op een terugkeer van de van oorsprong Australische band, maar Strange Life is echt geen moment een overbodige herhalingsoefening. Erwin Zijleman
