Tyler Childers maakt wederom diepe indruk met een traditioneel aandoend maar volstrekt tijdloos countryalbum dat groeit en groeit
De Amerikaanse muzikant Tyler Childers leverde eind 2017 een ijzersterk countryalbum af, dat terecht warm werd onthaald. Country Squire borduurt voort op zijn voorganger en is minstens even sterk. Ook het nieuwe album van Tyler Childers is voorzien van een warm, gloedvol en volstrekt tijdloos geluid, staat vol met songs die na een paar keer horen memorabel zijn en overtuigt met vocalen die perfect kleuren bij het mooie geluid op het album. Country Squire klinkt bij eerste beluistering als een album dat je al decennia kent en koestert en dat is knap. De afgelopen jaren zijn flink wat nieuwe countryhelden opgestaan. Tyler Childers bewijst met Country Squire dat hij een plekje tussen deze nieuwe helden verdient.
Tyler Childers kreeg eind 2017 in de Verenigde Staten de handen op elkaar voor zijn uitstekende tweede album Purgatory, dat door de Amerikaanse muziekpers werd geschaard onder de betere countryalbums van het jaar.
Het album verscheen begin 2018 ook in Nederland en ook hier werd het album van de Amerikaanse muzikant enthousiast onthaald.
Tyler Childers liet op Purgatory een wat traditioneel aandoend countrygeluid horen, maar het was ook een countrygeluid dat aansloot bij dat van nieuwe countryhelden als Sturgill Simpson (die het album produceerde), Chris Stapleton, Colter Wall, Brent Cobb en Corb Lund.
Op zijn nieuwe album Country Squire, wederom geproduceerd door Sturgill Simpson, gaat de muzikant uit Paintsville, Kentucky, verder waar hij in 2017 ophield. Ook Country Squire zal zeer in de smaak vallen bij liefhebbers van traditionele country, maar ook liefhebbers van alternatieve of rauwere countrymuziek zullen het nieuwe album van Tyler Childers waarschijnlijk wel kunnen waarderen.
Purgatory ontleende een belangrijk deel van zijn kracht aan de verzorgde en bijzonder fraaie instrumentatie en deze is ook op Country Squire dik in orde. Tyler Childers kiest ook dit keer voor een vol geluid waarin gitaren, piano en een pedal steel zorgen voor een fraaie basis, waar de wederom nadrukkelijk aanwezige viool vervolgens prachtig doorheen snijdt. Country Squire klinkt net als zijn voorganger warm en gloedvol en tovert bijna onmiddellijk fraaie beelden van road trips door de Verenigde Staten op het netvlies.
Het geluid van Tyler Childers sluit aan op de country zoals die een aantal decennia geleden werd gemaakt, maar de muzikant uit de Appalachen schuwt ook een net wat rauwer of psychedelisch aandoend geluid niet. Muziekliefhebbers met een allergie voor traditionele country moeten niet aan dit album beginnen, maar een ieder met een zwak voor Amerikaanse rootsmuziek hoort op Country Squire veel moois.
Het geluid op het album is prachtig, maar ook de songs van Tyler Childers en zijn verhalen zijn van hoog niveau. Country Squire is zo’n album dat je bij eerste beluistering al jaren lijkt te kennen, maar het is ook een album dat steeds wat meer indruk maakt. Het is deels de verdienste van het bijzonder mooie en aangename geluid op het album, maar ook de prima stem van de Amerikaanse muzikant draagt flink bij aan de kwaliteit van het album.
Purgatory vond ik bij eerste beluistering net wat te traditioneel en ook bij eerste beluistering van Country Squire had Tyler Childers me niet direct te pakken. Wanneer je eenmaal in de ban raakt van dit album, en dat gebeurde bij mij na twee of drie songs, is de bezwering echter snel compleet en ontvouwt zich een volstrekt tijdloos rootsalbum dat net zo goed in de jaren 70 als in het heden past.
Purgatory groeide na de eerste aarzeling uit tot mijn favoriete rootsplaten van 2018 en ik heb het idee dat Country Squire dezelfde route gaat afleggen. Dat ik Tyler Childers inmiddels schaar onder de smaakmakers binnen de countrymuziek van het moment zal inmiddels duidelijk zijn. Erwin Zijleman
20 augustus 2019
19 augustus 2019
The Murder Capital - When I Have Fears
The Murder Capital maakt een met postpunk doordrenkt album dat bij iedere luisterbeurt weer een stukje beter en urgenter klinkt
Met het prachtdebuut van Fontaines D.C. kregen we eerder dit jaar eindelijk weer eens een gitaarplaat in handen die er echt toe deed. Stadgenoten The Murder Capital herhalen dit kunstje nu met een debuut dat makkelijk indruk maakt, maar vervolgens beter en beter wordt. Invloeden uit de postpunk staan centraal op het debuut van de band uit Dublin, maar The Murder Capital laat zich gelukkig niet volledig in het keurslijf van de postpunk dwingen en sleept er ook andere invloeden bij. Het levert een album op dat, net als het album van Fontaines D.C., laat horen dat er gelukkig nog steeds jonge honden zijn die een goede gitaarplaat willen en kunnen maken.
2019 is tot dusver een matig jaar wanneer het gaat om gitaarplaten van jonge honden, al maakt de jaarlijstjesplaat van Fontaines D.C. heel veel goed en is ook het debuut van Black Midi er wat mij betreft een die flink boven het maaiveld uitsteekt.
Net als Fontaines D.C. komt ook The Murder Capital uit het Ierse Dublin en net als Fontaines D.C. heeft ook The Murder Capital een debuut afgeleverd waar de urgentie van af spat.
De twee bands uit Dublin vissen deels in dezelfde vijver. Ook op When I Have Fears van The Murder Capital spelen invloeden uit de postpunk een belangrijke rol. De band uit Dublin begint bij Joy Division, maar ook invloeden van de onderschatte maar minstens even legendarische band The Sound, niet voor niets de favoriete band van de jonge Ieren, zijn duidelijk hoorbaar.
When I Have Fears is geproduceerd door topproducer Flood, die flink wat postpunk klassiekers op zijn naam heeft staan, maar ook werkte met onder andere Depeche Mode, The Smashing Pumpkins, Nick Cave en U2. Het klinkt allemaal door op het debuut van The Murder Capital.
Het breed uitwaaiende gitaarspel heeft af en toe wel wat van U2 in haar jonge jaren, terwijl de ritmesectie en de zang je onmiddellijk mee terugnemen naar de hoogtijdagen van de eerste postpunk golf. The Murder Capital verwerkt echter ook invloeden uit de indie-rock en de post-rock uit de jaren 90 in haar muziek en heeft ook goed geluisterd naar de dynamiek en het drama in de muziek van Nick Cave. When I Have Fear klinkt vaak rauw, maar de Ierse band kan ook prachtig ingetogen klinken of flirten met de grootse en toegankelijke postpunk van bands als Editors en White Lies.
Net als bij Fontaines D.C. moest ik vooral wennen aan de zang, maar de wat onvaste en niet altijd even zuivere zang draagt op een of andere manier ook bij aan de urgentie die van het debuut van de band uit Dublin af spat. Wanneer When I Have Fear uit de speakers knalt neemt The Murder Capital me met grote regelmaat mee terug naar de jaren 80, maar het debuut van de band klinkt geen moment gedateerd.
De Ierse band heeft een album afgeleverd dat vrij makkelijk overtuigt, maar het is ook een album dat nog lang beter wordt. Bij eerste beluistering vond ik When I Have Fear zeker niet van het niveau van Dogrel van Fontaines D.C., maar het debuut van The Murder Capital komt steeds dichter in de buurt. Het gitaarwerk op de plaat is zeer trefzeker, terwijl de drummer van de band zorgt voor de verrassing in het geluid van de band. Wat verder opvalt is dat de band het tempo vaak verrassend laag houdt en veel ruimte open laat in haar geluid, wat When I Have Fear voorziet van een bijzondere en vaak donkere sfeer.
Zeker wanneer de muziek van de band zich wat nadrukkelijker opdringt grijpt The Murder Capital je stevig bij de strot met haar intense muziek. Het is muziek die me steeds meer doet denken aan die van The Sound, wat een goede reden is om de prachtplaten van deze band er ook weer eens bij te pakken. Al met al een bijzonder fraai debuut van deze band uit Dublin, dat dit jaar vooralsnog de hoofdstad van de goede gitaarplaten is. Erwin Zijleman
Met het prachtdebuut van Fontaines D.C. kregen we eerder dit jaar eindelijk weer eens een gitaarplaat in handen die er echt toe deed. Stadgenoten The Murder Capital herhalen dit kunstje nu met een debuut dat makkelijk indruk maakt, maar vervolgens beter en beter wordt. Invloeden uit de postpunk staan centraal op het debuut van de band uit Dublin, maar The Murder Capital laat zich gelukkig niet volledig in het keurslijf van de postpunk dwingen en sleept er ook andere invloeden bij. Het levert een album op dat, net als het album van Fontaines D.C., laat horen dat er gelukkig nog steeds jonge honden zijn die een goede gitaarplaat willen en kunnen maken.
2019 is tot dusver een matig jaar wanneer het gaat om gitaarplaten van jonge honden, al maakt de jaarlijstjesplaat van Fontaines D.C. heel veel goed en is ook het debuut van Black Midi er wat mij betreft een die flink boven het maaiveld uitsteekt.
Net als Fontaines D.C. komt ook The Murder Capital uit het Ierse Dublin en net als Fontaines D.C. heeft ook The Murder Capital een debuut afgeleverd waar de urgentie van af spat.
De twee bands uit Dublin vissen deels in dezelfde vijver. Ook op When I Have Fears van The Murder Capital spelen invloeden uit de postpunk een belangrijke rol. De band uit Dublin begint bij Joy Division, maar ook invloeden van de onderschatte maar minstens even legendarische band The Sound, niet voor niets de favoriete band van de jonge Ieren, zijn duidelijk hoorbaar.
When I Have Fears is geproduceerd door topproducer Flood, die flink wat postpunk klassiekers op zijn naam heeft staan, maar ook werkte met onder andere Depeche Mode, The Smashing Pumpkins, Nick Cave en U2. Het klinkt allemaal door op het debuut van The Murder Capital.
Het breed uitwaaiende gitaarspel heeft af en toe wel wat van U2 in haar jonge jaren, terwijl de ritmesectie en de zang je onmiddellijk mee terugnemen naar de hoogtijdagen van de eerste postpunk golf. The Murder Capital verwerkt echter ook invloeden uit de indie-rock en de post-rock uit de jaren 90 in haar muziek en heeft ook goed geluisterd naar de dynamiek en het drama in de muziek van Nick Cave. When I Have Fear klinkt vaak rauw, maar de Ierse band kan ook prachtig ingetogen klinken of flirten met de grootse en toegankelijke postpunk van bands als Editors en White Lies.
Net als bij Fontaines D.C. moest ik vooral wennen aan de zang, maar de wat onvaste en niet altijd even zuivere zang draagt op een of andere manier ook bij aan de urgentie die van het debuut van de band uit Dublin af spat. Wanneer When I Have Fear uit de speakers knalt neemt The Murder Capital me met grote regelmaat mee terug naar de jaren 80, maar het debuut van de band klinkt geen moment gedateerd.
De Ierse band heeft een album afgeleverd dat vrij makkelijk overtuigt, maar het is ook een album dat nog lang beter wordt. Bij eerste beluistering vond ik When I Have Fear zeker niet van het niveau van Dogrel van Fontaines D.C., maar het debuut van The Murder Capital komt steeds dichter in de buurt. Het gitaarwerk op de plaat is zeer trefzeker, terwijl de drummer van de band zorgt voor de verrassing in het geluid van de band. Wat verder opvalt is dat de band het tempo vaak verrassend laag houdt en veel ruimte open laat in haar geluid, wat When I Have Fear voorziet van een bijzondere en vaak donkere sfeer.
Zeker wanneer de muziek van de band zich wat nadrukkelijker opdringt grijpt The Murder Capital je stevig bij de strot met haar intense muziek. Het is muziek die me steeds meer doet denken aan die van The Sound, wat een goede reden is om de prachtplaten van deze band er ook weer eens bij te pakken. Al met al een bijzonder fraai debuut van deze band uit Dublin, dat dit jaar vooralsnog de hoofdstad van de goede gitaarplaten is. Erwin Zijleman
Abonneren op:
Posts (Atom)

