vrijdag 3 januari 2014

Deafheaven - Sunbather

Ik kijk altijd met veel interesse naar de lijstjes van metacritic.com. Deze Amerikaanse site verzamelt de waardeoordelen van een groot aantal, vooral Amerikaanse, muzieksites en dat levert vaak verrassende resultaten op. Neem nu het jaarlijstje van metacritic. Ook in de top 10 van metacritic staan platen die ik in heel veel jaarlijstjes ben tegen gekomen (Laura Marling, My Bloody Valentine, Daft Punk, Jason Isbell, Tim Hecker, Julia Holter), maar de nummer 1 is een vreemde eend in de bijt. Een hele vreemde eend in de bijt. Ik kon mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en heb Sunbather van Deafheaven, ondanks de waarschuwingen, uit de speakers laten komen. Het kwam aan als een mokerslag. De openingstrack hakt er meteen in. Scheurende gitaren met heel veel feedback, beukende drums die klinken als mitrailleur salvo’s, door merg en been gaand geschreeuw op de achtergrond en een tempo om bang van te worden. Een hokje is er niet voor te vinden. Psychedelische speedmetal, Darker blackmetal, shoegaze on speed, post-metal; er zijn velen die het geprobeerd hebben, maar niemand komt er uit. Zeker voor de minder geoefende luisteraar (en daar reken ik mezelf toe in dit genre of er aan gerelateerd genres) is beluistering van Sunbather van Deafheaven een zware beproeving. In de eerste vier minuten ben ik heel vaak bijna afgehaakt, maar geduld wordt beloond. Na een minuut of vier blijkt dat er wel degelijk structuur in de muziek van de band uit San Francisco zit en na 5 minuten is er zelfs ruimte voor een periode van rust, waarin slechts een mooi gitaarloopje voorbij komt. Wanneer de plaat vervolgens weer uitbarst ben je opeens gewend aan de muziek van Deafheaven en hoor je niet langer lawaai maar muziek. De muren gitaargruis worden opeens gecombineerd met geweldige gitaarsolo’s, de beukende ritmes staan opeens als een huis en de perioden van rust contrasteren niet alleen prachtig met de zeer heftige uitbarstingen, maar doen je ook verlangen naar deze uitbarstingen. Sunbather van Deafheaven opent met een allesverwoestende explosie, maar wanneer na de eerste track de stofwolken optrekken heb je een plaat in handen die even makkelijk intrigeert als afschrikt en zo nu en dan wonderschone muziek laat horen. In de tweede track ligt het geweld even achter je en verrast Deafheaven met pianoklanken en post rock achtige gitaarloopjes. Het is slechts een moment van bezinning, want in de derde track barst het weer los. De opening is bijna gelijk aan die in de eerste track, maar vreemd genoeg hoeven de vingers niet meer in de oren. De mix van post-rock, noise, oorverdovende noise, shoegaze, progrock en diverse smaken metal houdt nu de aandacht makkelijk vast en dwingt naar het zoeken van schoonheid en leven onder al het puin. Let wel, dit is nog altijd geen muziek om op te zetten wanneer je niet alleen bent en aan de koptelefoon zou ik ook niet beginnen (dat kost je je oren), maar toen ik eenmaal gewend was aan de niet alledaagse muziek van Deafheaven, bleek Sunbather snel licht verslavend. Ik veer nog altijd het meest enthousiast op wanneer Deafheaven wonderschone muziek maakt met vooral invloeden uit de post rock, maar ik weet ook zeker dat deze muziek zonder al het lawaai er om heen veel minder krachtig zou zijn. Sunbather doet af en toe wel wat denken aan Mogwai in haar hefstigste dagen, al worden de jongens van Mogwai door Deafheaven gedegradeerd tot een paar schooljongens die denken een beetje lawaai te maken. Een plaat als Sunbather van Deafheaven gaat mijn jaarlijstje nooit halen en ik begrijp ook niet waarom de verzamelde critici juist met deze plaat uit de hoge hoed zijn gekomen in de jaarlijst van metacritici, maar aan de andere kant heeft Sunbather van Deafheaven wel de nodige vooroordelen weggenomen, heeft de plaat me gestimuleerd om beter te luisteren en om niet meteen af te haken wanneer muziek tijdelijk herrie is. Sunbather zal de komende maanden niet vaak meer uit de speakers komen, maar als de plaat er uit komt ga ik er wel van genieten, vooral tussen al het verwoestende geweld door. Erwin Zijleman