zondag 14 oktober 2018

Annie Oakley - Words We Mean

Trio uit Oklahoma City verrast met een mooie mix van roots en pop en stemmen om te koesteren
Het debuut van Annie Oakley heb ik al een tijdje in huis en het is een debuut dat me snel dierbaar is geworden. Het drietal uit Oklahoma City, Oklahoma, overtuigt op haar debuut met lekker in het gehoor liggende songs, een warm en organisch klinkende instrumentatie vol fraaie details en vooral met drie prachtige stemmen. Het zijn stemmen die elkaar fraai versterken in geweldige harmonieën, maar ook solo blijven de drie zangeressen uit de band makkelijk overeind. Annie Oakley schotelt ons op haar debuut een aangename mix van roots en pop voor en het is een mix die al snel naar veel en veel meer smaakt.


Annie Oakley is een legendarische figuur uit de geschiedenis van het Amerikaanse Wilde Westen. Aan het eind van de 19e eeuw maakte deze Annie Oakley furore als scherpschutter. Haar schietkunsten vertoonde ze niet op het slagveld, maar tijdens shows als de Wild West shows van de al even legendarische Buffalo Bill, die werden bezocht door alles en iedereen tussen boeren en presidenten. 

Annie Oakley is ook de naam van een band en deze band bracht deze week haar debuut uit. Het is een band uit Oklahoma City, Oklahoma, die bestaat uit de zussen Grace en Sophia Babb en Nia Personette. De zussen Babb spelen akoestische gitaar en zingen, terwijl Nia Personette zingt en viool speelt. 

Het zijn drie jonge vrouwen die zich een paar jaar geleden in de kijker speelden op folkfestivals in het mid-Westen van de Verenigde Staten en vervolgens de tijd hebben genomen voor hun debuut. Words We Mean werd opgenomen in Oklahoma City waar piano, steel gitaar, banjo en bas en drums werden toegevoegd door een stel prima muzikanten. 

Oklahoma City bracht ons eerder de geweldige Carter Sampson en ook de muziek van Annie Oakley zal waarschijnlijk zeer in de smaak vallen bij de liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek. Alleen al door het instrumentarium heeft de muziek van Annie Oakley veel raakvlakken met de Amerikaanse folk en country, maar ook in vocaal opzicht voelen de drie zangeressen van Annie Oakley zich als een vis in het water in deze genres. 

Aan de release van Words We Mean ging een uitgebreide crowdfunding campagne vooraf en het blijkt zinvol besteed geld. Annie Oakley maakt op haar debuut vooral ingetogen en akoestische rootsmuziek, maar door het grote aantal instrumenten klinkt de muziek van het drietal mooi vol en bovendien afwisselend. 

De instrumentatie op Words We Mean is mooi verzorgd en zal niet alleen gewaardeerd worden door de liefhebbers van pure Amerikaanse rootsmuziek, maar ook door muziekliefhebbers die folk en country het liefst zien aangelengd met wat pop. Het zorgt er voor dat het debuut van Annie Oakley buitengewoon aangenaam voortkabbelt, maar ook in artistiek opzicht interessant is. 

Wat voor de instrumentatie geldt, geldt ook zeker voor de vocalen. Grace, Nia en Sophia zingen als de beste rootsprinsessen, maar ze zoeken ook met enige regelmaat de pop op. Zeker in de bijzonder fraaie harmonieën op de plaat roept dit associaties met de geweldige eerste plaat van Wilson Phillips uit 1990, wat ik persoonlijk zeer kan waarderen. Ook in vocaal opzicht is Words We Mean van Annie Oakley overigens een zeer gevarieerde plaat. De drie zangeressen vertrouwen niet alleen op de bijzonder fraaie harmonieën, maar maken ook solo indruk met mooi verzorgde vocalen vol gevoel. 

Al met al ben ik zeer te spreken over het debuut van Annie Oakley. Het is niet alleen een hele lekkere plaat, maar ook een knappe plaat en een plaat die op fraaie wijze bruggen slaat tussen roots en pop. En ik ga het debuut van Annie Oakley alleen maar leuker vinden. Erwin Zijleman

Het debuut van Annie Oakley is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van Horton Records: https://hortonrecords.bandcamp.com/album/annie-oakley-words-we-mean.

 

zaterdag 13 oktober 2018

David Bowie - Loving The Alien (1983-1988), box-set

Nog maar een lijvige box-set die de carrière van David Bowie samenvat. Een mindere periode, maar het blijft Bowie
Loving The Alien (1983-1988) laat horen wat Bowie na zijn briljante platen uit de jaren 70 en het al even indrukwekkende Ashes To Ashes uit 1980 deed. Kort door de bocht sprong hij over van de alternatieve naar de mainstream pop en haalde hij sloten met geld binnen, maar ook Bowie in net wat mindere doen is nog altijd een zeer interessant muzikant, die met name tijdens de Serious Moonlight Tour uit 1983 nog in uitstekende vorm stak. Voor de rest is het zoeken naar hoogtepunten in deze uit de kluiten gewassen box-set, maar ze zijn er absoluut.


De carrière van David Bowie wordt sinds zijn trieste dood samengevat in even lijvige als prijzige box-sets. 

Na Five Years (1969-1973), dat overigens vlak voor zijn dood verscheen, Who Can I Be Now? (1974-1976) en A New Career In A New Town (1977-1982) zijn we inmiddels halverwege de jaren 80 aanbeland; een periode die wordt samengevat op de box-set Loving The Alien (1983-1988). 

Het is op voorhand een veel minder interessante periode dan de periodes die door de voorgaande drie box-sets werden afgedekt, maar de minst interessante periode uit de carrière van David Bowie moest nog komen (de box-set over de periode 1989-1994 kan men met een gerust hart overslaan. 

Het is de periode die volgt op de Berlijnse trilogie en het minstens even sterke Scary Monsters uit 1980 en het is een periode die begint bij de release van Let’s Dance in 1983. Let’s Dance is in commercieel opzicht een van de meest geslaagde platen van David Bowie, maar in artistiek opzicht is het toch duidelijk minder interessant dan de serie platen die Bowie tussen 1970 en 1980 maakte. 

Aan de hand van co-producer Nile Rodgers maakt David Bowie op Let’s Dance de overstap naar een mainstream geluid dat qua productie perfect past in de jaren 80. De plaat opent  nog redelijk sterk met de singles Modern Love, China Girl (met een glansrol voor gitarist Stevie Ray Vaughan) en Let’s Dance, maar hierna zakt de plaat flink in en is weinig meer te horen van de vernieuwingsdrang die Bowie op zijn platen uit de jaren 70 en op Scary Monsters liet horen. 

Het legde de Britse muzikant echter geen windeieren. De plaat ging in aanzienlijke hoeveelheden over de toonbank en werd gevolgd door een tour die Bowie van de concerthallen van de Isolar en de Isolar II tours naar de stadions van de Serious Moonlight tour bracht. 

De Isolar en Isolar II tours, wat mij betreft de beste tours van de Britse muzikant, zijn uitvoerig gedocumenteerd, maar van de Serious Moonlight tour was er nog niet veel en nog niets van goede kwaliteit. Daar komt nu verandering in, want de Loving The Alien bevat een prima registratie van de Serious Moonlight tour, wat mij betreft de meest waardevolle plaat in deze box-set. 

Bowie klinkt minder donker dan tijdens zijn Berlijnse jaren, maar vertolkt zijn oudere werk nog op gloedvolle en bijzonder overtuigende wijze en speelt bovendien flink wat prima songs die geen plek kregen tijdens de Isolar tours. 

Na Let’s Dance volgde Tonight, dat nog wel een aantal hele aardige singles bevatte en Never Let Me Down, een van de zwakste broeders in het oeuvre van Bowie. Dat vond hij kennelijk zelf ook, want Bowie stemde zelf nog in met de aan de box-set toegevoegde remake van de plaat. Deze nieuwe versie is in productioneel en instrumentaal opzicht inderdaad een stuk mooier en interessanter dan het origineel, dat inmiddels wel erg gedateerd klinkt met zijn galmende 80s productie, maar de songs zijn wat mij betreft niet goed genoeg om er een echt goede plaat van te maken, laat staan een Bowie klassieker. Wel een aardige poging overigens en hoorbaar met liefde gemaakt. 

Never Let Me Down werd gevolgd door een nog grootsere stadion tour, de Glass Spider toe, die uiteraard ook van de partij is in deze box-set. Aardig, maar Bowie in topvorm horen we wat mij betreft niet, al is de band echt heel goed, terwijl het combineren van theater en muziek in de stadions totaal niet uit de verf kwam. Hierna volgen nog flink wat remixes en rarities en een enkele nooit verschenen song, maar dit is wat mij betreft voor de liefhebber. 

Het zorgt er voor dat de spoeling wat dun is dit keer, zeker vergeleken met de vorige twee box-sets. De registratie van de Serious Moonlight tour is uitstekend en verdient een zelfstandige release en de nieuwe versie van Never Let Me Down is bijzonder. That’s it. Gelukkig staat alles ook gewoon op Spotify, want alleen voor de Serious Moonlight registratie geef ik niet zoveel geld uit, ook al geniet ik behoorlijk van deze nieuwe portie Bowie, die ook in een wat mindere periode interessanter was dan de meeste van zijn tijdgenoten. Erwin Zijleman

 

Anna St. Louis - If Only There Was A River

Folkie uit Los Angeles slaat op knappe wijze een brug tussen stokoude folk en eigentijdse Amerikaanse rootsmuziek
Toen Anna St. Louis vorig jaar opdook met haar eerste EP wist ik het al: "dit wordt een hele grote". De jonge singer-songwriter uit Los Angeles moest het vervolgens nog wel even waar maken met haar volwaardige debuut en doet dat nu op indrukwekkende wijze. Ze heeft haar plaat voorzien van een mooie maar ook avontuurlijke instrumentatie en voorziet deze vervolgens van vocalen die van alles met je doen. If Only There Was A River combineert ook nog eens op fraaie wijze invloeden uit een ver verleden met invloeden uit het heden, waardoor Anna St. Louis iets toevoegt aan alles dat er al is. Knap.


Anna St. Louis ontdekte ik bijna een jaar geleden, nadat ze op de website musicmeter.nl (aanrader) werd omschreven als “Mazzy Star met een country twist”. Het maakte me direct nieuwsgierig, want Mazzy Star is een van mijn favoriete bands en voor country heb ik absoluut een zwak. 

Uiteindelijk hoorde ik op haar debuut EP, die overigens alleen op cassette (!) en digitaal werd uitgebracht vooral folk, maar dankzij de flirts met blues, country en vooral psychedelica was de omschrijving op musicmeter.nl zo af en toe toch treffend. 

Alle reden dus om uit te kijken naar het volwaardige debuut van Anna St. Louis en dat debuut is nu verschenen. If Only There Was A River opent direct prachtig met een intro waarin een warm klinkende akoestische gitaar gezelschap krijgt van strijkers, die af en toe een rare vervormde twist mee krijgen. Het zorgt er voor dat alle aandacht uit gaat naar de muziek van Anna St. Louis wanneer ze begint te zingen. 

Dat was op haar EP een reden voor alle aandacht en dat is het nog steeds. Als Anna St. Louis gaat zingen wordt je direct een aantal decennia terug geworpen in de tijd en meegenomen naar de oude folkies die in de jaren 60 de heuvels rond Laurel Canyon bij Los Angeles bevolkten. De zang van Anna St. Louis heeft iets bezwerends en donkers, maar haar stem is ook gewoon mooi en klinkt bovendien urgent, waardoor er niet veel tijd nodig is om van haar debuut te gaan houden. 

De muzikante die werd geboren in Kansas, maar inmiddels Los Angeles haar thuisbasis noemt, maakte haar eerste EP nog in haar eentje, maar riept voor haar debuut de hulp in van onder andere Kyle Thomas (King Tuff) en Kevin Morby, die de plaat produceerden, en van drummer Justin Sullivan (Night Shop) en multi-instrumentalist Oliver Hill (Pavo Pavo), die If Only There Was A River hebben voorzien van een ingetogen, maar ook veelkleurig klankentapijt. 

Net als op haar eerste EP kiest Anna St. Louis op haar eerste album vooral voor invloeden uit de folk en het is de Amerikaanse folk uit een ver verleden. De Amerikaanse muzikante ontsnapt echter makkelijk aan het etiket retro, door allerlei invloeden aan haar muziek toe te voegen, waaronder ook dit keer flink wat invloeden uit de country en de psychedelica. Het zorgt er voor dat de muziek van Anna St. Louis zowel stokoud als eigentijds kan klinken en dat is knap. 

Anna St. Louis neemt op If Only There Was A River af en toe de tijd voor de instrumentatie, waardoor haar zang beter uit de verf komt en zich steeds nadrukkelijker opdringt. De songs van de Amerikaanse singer-songwriter zouden ook door Nico en door Mazzy Star kunnen zijn vertolkt, maar Anna St. Louis vindt het perfecte evenwicht tussen bezwering en verleiding. 

If Only There Was A River is ook nog eens een plaat die uitnodigt tot volledig uitpluizen, waarbij je steeds meer bijzondere dingen hoort. Het debuut van Anna St. Louis is voorzien van een donker en broeierig geluid, maar het is ook een geluid vol bijzondere wendingen en onderscheidende accenten. Wat voor de instrumentatie geldt, geldt ook voor de stem van de singer-songwriter uit Los Angeles. Anna St. Louis kan op haar debuut alle kanten op en overtuigt net zo makkelijk in een indringende folksong als in een losjes gespeelde countrysong. 

Haar eerste EP liep wat mij betreft al over van de belofte, maar al het talent komt er op If Only There Was A River uit, en hoe. Het is een plaat die in een week tijd is uitgegroeid tot een plaat om te koesteren en de groei is er nog lang niet uit. Het is momenteel dringen binnen de Amerikaanse rootsmuziek, maar ook dit is een talent om zeer nadrukkelijk in de gaten te houden. Erwin Zijleman

De digitale versie van If Only There Was A River van Anna St. Louis is verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://annastlouis.bandcamp.com/album/if-only-there-was-a-river-4.



 

vrijdag 12 oktober 2018

Saint Sister - Shape Of Silence

Noord-Iers duo betovert met wonderschone “atmosfolk” vol toverkracht en bezwering en stemmen om intens van te houden
Het debuut van Saint Sister zal in deze week vol releases waarschijnlijk vaak over het hoofd worden gezien. Het is doodzonde, want het Noord-Ierse duo heeft een plaat gemaakt die in muzikaal opzicht intrigeert en in vocaal opzicht imponeert. De instrumentatie kan worden getypeerd als sprookjesachtig terwijl aan de stemmen van Gemma Doherty en Morgan MacIntyre best het predicaat hemels mag worden opgehangen. Het debuut van het tweetal staat vol atmosferische klanken en prachtige zang, maar wat gebeurt er veel op deze plaat, die je zeker bij beluistering met de koptelefoon maar blijft betoveren en bezweren. Prachtplaat.


Saint Sister is een duo uit Noord-Ierland dat bestaat uit Gemma Doherty en Morgan MacIntyre. De twee hebben het landelijke Noord-Ierland inmiddels verruild voor de grote stad en opereren vanuit het Ierse Dublin. De muziek van het tweetal is wat mij betreft echter niet de muziek van de grote stad, maar muziek vol ruimte die associaties oproept met uitgestrekte vlaktes of donkere bossen. 

Het is muziek die hier en daar het label folktronica krijgt opgeplakt en dat is op het eerste gehoor geen gekke omschrijving. De prachtig bij elkaar kleurende stemmen van Gemma Doherty en Morgan MacIntyre zouden ook niet misstaan in de folk, terwijl de instrumentatie op hun debuut lijkt te worden gedomineerd door elektronica. 

Toch vind ik Shape Of Silence van Saint Sister geen paat die je recht doet met het label folktronica. Hiervoor klinkt de muziek van het Noord-Ierse tweetal te organisch, terwijl hiernaast het tempo veel lager ligt dan gebruikelijk in de folktronica. De basis van de muziek van Saint Sister wordt gevormd door ijle piano en harp klanken en twee geweldige stemmen, die elkaar subtiel ondersteunen, maar elkaar ook naar grote hoogten kunnen tillen. 

Het tempo op Shape Of Silence ligt laag, maar door hier en daar subtiel beats toe te voegen klinkt het niet heel loom of sloom. Naast beats voegt Saint Sister op fraaie wijze allerlei elektronica toe aan haar geluid, wat prachtig samenvloeit met de harp en piano klanken en atmosferische soundscapes creëert. De muziek van Saint Sister is hierdoor soms sprookjesachtig en soms bedwelmend. 

Het is muziek die alle kanten op kan schieten. Soms hoor ik wat van de New Age van Enya, soms hoor ik het zweverige van The Cocteau Twins, maar de twee Noord-Ierse muzikanten kunnen ook opschuiven richting de triphop van Portishead of Massive Attack, al is het wel een sobere triphop variant, of herinneringen oproepen aan de vernieuwingsdrang van Kate Bush. 

Zeker bij beluistering met de koptelefoon hoor je hoeveel subtiele details zijn toegevoegd aan het geluid van het tweetal, wat de songs op Shape Of Silence voorziet van diepte en avontuur. Ik heb de term sprookjesachtig al een keer gebruikt en dit is een term die bij mij vaak naar boven komt bij beluistering van de muziek van Saint Sister. 

Het sprookjesachtige karakter op het debuut van het Noord-Ierse duo wordt eindeloos versterkt door de prachtige zang op de plaat. Gemma Doherty en Morgan MacIntyre zingen vaak prachtig ingetogen en altijd loepzuiver. Het is razend knap hoe ze hun stemmen tegen elkaar aanleggen en tekenen voor harmonieën die alleen maar mooier en mooier worden. Het zijn stemmen die op een of andere manier ook nog een laag instrumenten toevoegen aan het bijzondere geluid op het debuut van Saint Sister, bijvoorbeeld wanneer de meeste echte instrumenten een stap terug doen en alles van de stembanden van Gemma Doherty en Morgan MacIntyre moet komen. 

Shape Of Silence is een plaat die je wat vaker moet horen en is daarom wat ongelukkig getimed in een week met een overdaad aan releases (de week voor kerst zou beter zijn geweest), maar als je eenmaal de tijd hebt genomen neemt de schoonheid en betovering van het debuut van Saint Sister alleen maar toe en wordt het dozijn songs op dit debuut een dozijn songs om intens lief te hebben en te koesteren. 

Atmosfolk noemt The Irish Times het en dat is mooi gevonden. Het is atmosfollk die doet verlangen naar ijsbloemen op de ramen en naar lange en aardedonkere avonden en nachten. Hier en daar hoor ik al een kerstklokje en lijkt de zomer van het moment totaal verdwenen. Zonder enige twijfel de grootste verrassing van de afgelopen week dit wonderschone en buitengewoon intrigerende debuut. Erwin Zijleman

Het debuutalbum van Saint Sister is verkrijgbaar via de eigen webshop van het duo: https://shop.saintsisterband.com.

 

donderdag 11 oktober 2018

Adrianne Lenker - abysskiss

Big Thief zangeres komt met uiterst sobere en bij vlagen ook uiterst sombere plaat die zijn schoonheid pas na een tijd prijsgeeft
Adrianne Lenker maakte met haar band Big Thief twee geweldige platen met indie-rock vol invloeden, maar duikt nu op met een soloplaat. Het is een grotendeels akoestische soloplaat met intieme folksongs geworden. Het zijn songs die het je niet altijd makkelijk maken, al is het maar omdat Adrianne Lenker geen groot zangeres is, maar het zijn ook songs die je uiteindelijk diep kunnen raken omdat de singer-songwriter uit New York je op intieme en indringende wijze deelgenoot maakt van haar leven, dat niet altijd over rozen ging. Een ruwe, eerlijke en pure plaat die na enige gewenning groeit en groeit.


Adrianne Lenker kennen we als boegbeeld van de Amerikaanse band Big Thief, die met Masterpiece uit 2016 en Capacity uit 2017 twee geweldige platen afleverde. 

Het zijn platen die allebei openen met een uiterst ingetogen akoestische folksong, maar hierna uitbarsten in een aangenaam rammelende mix van onder andere indie-rock, shoegaze, dreampop, noiserock en psychedelica. 

Helaas kregen de platen van de band uit Brooklyn, New York, maar weinig aandacht, maar ik vind het zelf nog altijd twee platen om te koesteren, waardoor ik absoluut nieuwsgierig was naar de soloplaat van de frontvrouw van de band. 

Het deze week verschenen abysskiss is niet de eerste soloplaat van Adrianne Lenker, maar de opvolger van het in 2014 verschenen titelloze debuut Hours Were The Birds, dat op bandcamp is te vinden en verscheen voordat Adrianne Lenker toetrad tot Big Thief. Ook abysskiss opent met een uiterst sobere folksong, maar waar de platen van Big Thief na de openingstrack kiezen voor de rock, blijft Adrianne Lenker op abysskiss de zeer ingetogen akoestische folk trouw. 

Nu overtuigde de muziek van Big Thief me vrijwel direct, maar moest ik wel wat wennen aan de soms wat onvaste stem van de frontvrouw van de band. Op abysskiss moeten we het vooral doen met deze stem, die meestal wordt begeleid door een akoestische gitaar, al duiken hier en daar ook een elektrische gitaar, een piano en wat zeer spaarzaam ingezette synths op. 

De songs op abysskiss klinken relatief eenvoudig en bij eerste beluistering ook zeker niet heel gevarieerd. Adrianne Lenker is verder zoals gezegd geen groot zangeres. Ze klinkt wat onvast en in een van de tracks lijkt ze er af en toe zelfs flink naast te zitten, maar abysskiss is gelukkig gemaakt zonder de steeds vaker opduikende Auto Tune technologie, die alle plooien glad strijkt, maar ook de emotie uit de vocalen haalt. 

De soloplaat van Adrianne Lenker klinkt ruw, puur en eerlijk en dit zorgt er voor dat ik na wat eerste aarzelingen toch ben gaan houden van de soloplaat van de Big Thief zangeres. abysskiss werd geproduceerd door Luke Temple, die ook wat aan de instrumentatie toevoegt, maar de plaat klinkt alsof Adrianne Lenker hem op haar slaapkamer heeft opgenomen, wat bijdraagt aan de intimiteit van de plaat. 

De tweede soloplaat van de singer-songwriter uit New York bevat songs die gedurende een aantal jaren werden geschreven en dat verklaart dat het songs zijn vol diepe dalen, maar ook een enkel lichtpuntje. Op abysskiss mogen we diep in de ziel kijken van Adrianne Lenker en het is een ziel die het aardse bestaan niet altijd makkelijk vindt. Het geeft een bijzondere lading aan een plaat waaraan bijna iedereen zal moeten wennen, maar die over het vermogen beschikt om je diep te raken en dat blijft een schaars goed. Ik ben nu al benieuwd naar de nieuwe plaat van Big Thief, maar ook deze soloplaat van Adrianne Lenker had ik zeker niet willen missen. Erwin Zijleman

De soloplaat van Adrianne Lenker is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://adriannelenker.bandcamp.com/album/abysskiss.



 

woensdag 10 oktober 2018

Lady Gaga & Bradley Cooper - A Star Is Born, Original Motion Picture Soundtrack

Remake van een legendarische film met een al even legendarische soundtrack pakt verrassend goed uit
Bij A Star Is Born denk ik vooral aan de legendarische soundtrack van Barbara Streisand en Kris Kristofferson uit 1976. Ik had dan ook geen hoge verwachtingen van de remake van Bradley Cooper en Lady Gaga, maar deze remake is verrassend sterk. Het begint met aangename 70s rock met een vleugje roots van eerstgenoemde, maar als Lady Gaga de hoofdrol opeist wordt de soundtrack van de nieuwe versie van A Star Is Born steeds beter. De zang komt uit haar tenen en de popprinses heeft echt veel meer soul dan ik had verwacht. Eerst een aangename en tijdloze plaat, maar hij wordt echt steeds beter.

A Star Is Born is een film uit 1937 met Janet Gaynor en Fredric March in  de hoofdrollen. De film vertelt het verhaal van een filmster die wel wat ziet in een jonge zangeres en haar op sleeptouw neemt. Uiteraard worden de twee verliefd en krijgen ze een relatie. De jonge zangeres wordt vervolgens steeds populairder, terwijl de oudere filmster steeds verder wegzakt in zijn alcoholverslaving en depressie. 

Ik ken de film uit 1937 niet en ook de eerste remake uit 1954 met Judy Garland en James Mason heb ik nooit gezien, maar ken wel de tweede remake uit 1976. In deze remake spelen muzikanten Barbara Streisand en Kris Kristofferson de hoofdrollen en is de oude filmster een popster geworden. De soundtrack bij de film was destijds zeer succesvol en ging wereldwijd naar verluidt 15 miljoen keer over de toonbank. 

Onlangs verscheen de derde remake van A Star Is Born in de bioscoop en dit keer spelen popster Lady Gaga en filmster en muzikant Bradley Cooper de hoofdrollen. Beiden waren zeker niet de eerste keus van initiator Clint Eastwood, die eigenlijk Beyonce en Johnny Depp wilde strikken. Ik heb de film nog niet gezien, maar de eerste recensies zijn zeer positief. Ook de soundtrack bij de film kan tot dusver rekenen op lovende kritieken en ik begrijp inmiddels waarom. 

De soundtrack bij de 2018 versie van A Star Is Born bevat zo’n 70 minuten muziek, inclusief enkele korte soundbites en dialogen uit de film, en het is muziek die je vooral mee terugneemt naar de rockmuziek en de singer-songwriter muziek uit de jaren 70. De filmfragmenten voegen niet zoveel toe aan de soundtrack en hadden wat mij betreft achterwege gelaten kunnen worden (er is overigens ook een versie zonder de fragmenten). Ze halen ook wat de vaart uit het album, dat hier en daar naar grote hoogten stijgt. 

Op het eerste deel van de plaat horen we vooral Bradley Cooper, die aangename rockmuziek met een vleugje Amerikaanse roots maakt. Op een gegeven moment wordt de rol van Lady Gaga belangrijker en laat de popprinses horen dat ze geweldig kan zingen, wat ze natuurlijk ook al liet horen op het onderschatte Joanne uit 2016. En het wordt alleen maar beter.

De soundtrack van de 2018 versie van A Star Is Born bevat vooral tijdloze popliedjes met een zwak voor drama, maar het klinkt allemaal geweldig. In muzikaal opzicht klinkt het allemaal degelijk maar smaakvol, wat ook niet anders kan met bijdragen van onder andere muzikanten Lukas Nelson en Jason Isbell en producer Dave Cobb. Laatstgenoemden voorzien het 70s rockgeluid dat een belangrijke rol speelt op de plaat vaak van een laagje roots, met hier en daar geweldig gitaarspel. 

Af en toe mogen de muzikanten de hoofdrol opeisen, maar het zijn toch vooral de stemmen van Bradley Cooper en Lady Gaga die in de spotlights staan, met een hoofdrol voor Lady Gaga die de soul in de piano duetten met Bradley Cooper en in de songs waarin ze er alleen voor staat uit de tenen haalt, met een fraaie versie van La Vie En Rose, een aantal geweldige duetten en zeer overtuigende solo tracks als hoogtepunten. 

Beide stemmen klinken warm en gloedvol en klinken bovendien krachtig, wat deze nieuwe soundtrack voorziet van veel energie. Het er wel erg hard ingemixte geluid van een dolenthousiast publiek klinkt wat nep, maar het draagt wel bij aan het jaren 70 gevoel dat de plaat geeft. Binnenkort de film maar eens zien, maar de soundtrack is alvast zeer de moeite waard. Een zeer aangename verrassing, vooral van Lady Gaga. Erwin Zijleman



 

Town Of Saints - Celebrate

Fins/Nederlandse band omarmt dit keer de folk, maar blijft strooien met songs vol passie en avontuur
Na de jaarlijstjesplaat No Place Like This moest Town Of Saints maar eens door gaan breken naar een groot publiek, maar in plaats van de doorbraak volgde een periode van bezinning. Heta Salkolahti en Harmen Ridderbos gingen terug naar de basis en kiezen op Celebrate voor wat soberder klinkende songs met veel meer invloeden uit de folk. Af en toe mag de rem er echter ook af en betovert Town Of Saints toch weer met veelkleurige en avontuurlijke popmuziek, die is geworteld in de folk, maar ook alle kanten op mag schieten. Een derde prachtplaat van de Fins/Nederlandse band.


Het is precies vijf jaar geleden dat ik voor het eerst kennis maakte met de muziek van Town Of Saints. 

De band rond de Nederlandse muzikant Harmen Ridderbos en de Finse muzikante Heta Salkolahti, imponeerde op haar debuut Something To Fight With met  avontuurlijke muziek die alle kanten op schoot. 

Something To Fight With klonk zo groots en meeslepend als een band als Editors, raakte qua sprankelend avontuur aan The Arcade Fire, maar maakte ook geen geheim van haar grote liefde voor folk. 

De belofte van het geweldige debuut werd volledig waargemaakt met de tweede plaat No Place Like This, die in de lente van 2016 verscheen. De tweede plaat van Town Of Saints was nog wat veelzijdiger dan het al alle kanten op springende debuut en sleepte er nog flink wat invloeden uit de jaren 80 bij. 

Na de tour die volgde op de jaarlijstjesplaat No Place Like This was het echter tijd voor bezinning. Harmen Ridderbos en Heta Salkolahti bleven uiteindelijk samen over en hervonden het plezier in de muziek door met eenvoudige middelen nieuwe songs te schrijven. Een akoestische gitaar of een piano, de viool van Heta Salkolahti en de stemmen van de twee leden van het eerste uur, met een hoofdrol voor de expressieve vocalen van Harmen Riderbos, vormde de basis voor alle songs die uiteindelijk terecht zouden komen op Celebrate, dat toch weer als band werd gemaakt.

Een aantal van de songs op de nu verschenen plaat blijft waarschijnlijk betrekkelijk dicht bij de sober ingekleurde demo’s die het tweetal opnam als voorbereiding op Town Of Saints 2.0, maar een aantal andere songs op de plaat werd toch weer ingekleurd op de wijze waarmee Town Of Saints op haar eerste twee platen zoveel opzien baarde. 

Het betekent echter niet dat Celebrate verder gaat waar No Place Like This twee jaar geleden ophield. Celebrate blijft veel dichter bij de folk, die de band altijd dierbaar was, maar vaak wel wat naar de achtergrond verdween, en kiest over het algemeen ook voor een wat minder uitbundige instrumentatie. 

Het is een instrumentatie waarin de viool van Heta Salkolahti een voornamere rol speelt dan in het verleden, wat het folky aspect in de muziek van de band benadrukt. Zeker wanneer de instrumentatie wat uitbundiger is en Harmen Ridderbos nog net wat expressiever zingt, hoor ik nog wel wat van de oude vergelijking met The Arcade Fire, maar het is wel The Arcade Fire dat de studio in de stad heeft verruild voor een blokhut op het Canadese platteland en dat haar hart heeft verloren aan de folk. 

Town Of Saints blijft een band die het avontuur en de veelzijdigheid opzoekt, want de wat meer folky songs op de plaat kunnen zich zowel laten beïnvloeden door de akoestische folk van Dylan als door de Keltische folk zoals The Waterboys die wel eens maakte en Mumford & Sons nog steeds maakt. Maar Celebrate kan ook zomaar teruggrijpen op crooners uit de jaren 50, op de uitbundige muziek van The Counting Crows, op de indringende folk-noir van 16 Horsepower of opschuiven richting stevigere songs met een punky attitude. 

En zo schiet de Fins/Nederlandse band uiteindelijk toch weer alle kanten op en strooit het met songs vol avontuur, maar ook vol emotie en bezinning. De verleiding is net wat minder makkelijk dan op de eerste twee platen van de band, maar na enige gewenning vind ik Celebrate toch weer minstens net zo mooi, wat best een prestatie van formaat mag worden genoemd. Erwin Zijleman

De digitale versie van Celebrate is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van Town Of Saints: https://snowstar.bandcamp.com/album/celebrate-2.



 

dinsdag 9 oktober 2018

My Baby - MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night

My Baby evolueert in een wat lager tempo dan voorheen, maar voegt toch weer heel wat invloeden toe aan haar zo unieke geluid
Op voorhand was ik een beetje bang dat ik last zou gaan krijgen van My Baby moeheid, maar zeker toen ik wat vaker naar MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night had geluisterd was ik toch weer diep onder de indruk. My Baby zet wat kleinere stapjes dan in het verleden, maar voegt stiekem toch weer wat invloeden aan haar zo bijzondere geluid toe. De band klinkt bovendien wat subtieler en bezwerender en durft vergeleken met het zo energieke live-geluid flink gas terug te nemen. Het is zo langzamerhand een bijzonder fascinerend oeuvre waaraan My Baby bouwt en ook deze plaat is er weer een om te koesteren.

Het is al weer bijna vijf jaar geleden dat het debuut van My Baby verscheen. My Baby Loves Voodoo! is een plaat die wat mij betreft zo langzamerhand mag worden toegevoegd aan de klassiekers uit de geschiedenis van de Nederlandse popmuziek. 

Ik heb de plaat eerder deze week nog eens beluisterd en was direct weer onder de indruk van de heerlijk broeierige mix van funk, soul, gospel, rock en vooral blues. 

My Baby groeide de afgelopen jaren niet alleen uit tot één van de beste live-bands van het land, maar slaagde er ook in om haar geluid verder te laten evolueren op Shamanaid uit 2015 en Prehistoric Rhythm uit 2017. 

Op deze platen verdween de blues wat naar de achtergrond en werd het geluid van My Baby aangevuld met invloeden uit de psychedelica, de wereldmuziek, de elektronica en de dance. Het is een geluid dat inmiddels redelijk is uitgekristalliseerd, waardoor de vierde plaat van de Amsterdamse band, zeker op het eerste gehoor, wat minder nieuwe invloeden laat horen dan zijn voorgangers. 

MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night is soms mysterieus en bezwerend door flink wat invloeden uit de wereldmuziek en met name Oosterse klanken, maar de plaat kan ook zweterig en funky klinken of opschuiven richting de dansvloer. 

De vierde plaat van de band laat een grotendeels bekend geluid horen, maar als je goed luistert hoor je dat My Baby zich ook op MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night weer heeft vernieuwd. De invloeden die de band verwerkt zijn voor een belangrijk deel gelijk gebleven, maar My Baby heeft al deze invloeden wel wat meer samengesmolten tot een eigen geluid. Het is een geluid dat mij vooral bevalt wanneer de band lekker loom klinkt en zo nu en dan wat mysterieuze klanken uit de speakers komen. 

Alles wat de muziek van My Baby zo goed en onweerstaanbaar maakte op de eerste platen is nog aanwezig op MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night, maar de band speelt wel wat subtieler. De zo kenmerkende gitaarlijnen van de band worden spaarzamer ingezet en ook de overweldigende beats komen minder vaak uit de speakers. Het is een geluid dat me wel bevalt. Op het podium mag My Baby over me heen walsen met meedogenloze beats en een dosis energie om bang van te worden, maar op de plaat hoor ik het liever wat subtieler. 

MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night laat veel subtiele accenten horen en ook de zang van Cato van Dijck is net wat subtieler en zeker ook soulvolle en vooral  jazzier. De vierde plaat van de Amsterdamse band laat sowieso meer invloeden uit de jazz horen en voegt daarom toch weer een invloed toe aan het al zo rijke geluid. Ook invloeden uit de swamp rock zijn overigens dominanter aanwezig dan op de vorige plaat en ook de liefde voor voodoo is de band gelukkig nog niet kwijt en aan het eind van de plaat duikt ook nog een vleugje triphop op. 

Het zijn misschien wat kleinere stapjes die My Baby zet op haar vierde plaat, maar het zijn wel kleine stapjes die het geluid van de band flink verrijken. Iedere keer dat ik naar MOUNAIKI ~ By The Bright Of Night luister hoor ik weer nieuwe dingen en iedere keer bevalt de plaat me weer net wat beter. Bij oppervlakkige beluistering klinkt het allemaal bekend, maar uiteindelijk vind ik het toch een wereld van verschil, waardoor ook de vierde plaat van My Baby weer groei laat horen en diepe, diepe indruk maakt. Erwin Zijleman

De digitale versie van de nieuwe plaat van My Baby is ook verkrijgbaar via bandcamp: https://mybaby.bandcamp.com/album/mounaiki-by-the-bright-of-night.



 

maandag 8 oktober 2018

Molly Burch - First Flower

Molly Burch slingert je ook dit keer heen en weer tussen verleden en heden op een plaat vol diepgang en verleiding
Molly Burch wist met haar debuut op te vallen dankzij een bijzondere stem en het op knappe wijze laten samenvloeien van invloeden uit het verre verleden en het heden. Op haar tweede plaat heeft ze het recept van haar debuut vervolmaakt. De gitaren galmen en zweven nog wat mooier, Molly Burch zingt nog wat nonchalanter en zwoeler, de songs spreken nog net wat meer aan en in de teksten durft Molly Burch meer van zichzelf te laten zien, wat zorgt voor meer diepgang en emotie. Het levert een plaat op die deze week mee kan met de grote en met de betere releases. Knappe plaat.


De Amerikaanse singer-songwriter Molly Burch debuteerde zo’n anderhalf jaar geleden met Please Be Mine. Het was een plaat die zich wat mij betreft vrij makkelijk wist te onderscheiden van al die andere platen die momenteel verschijnen binnen de Amerikaanse rootsmuziek. 

De singer-songwriter uit Austin, Texas, slaagde hier in door uiteenlopende invloeden te verwerken in haar muziek, door een bijzondere sfeer te creëren en vooral door haar bijzondere stemgeluid. Please Be Mine kleurde hierdoor veelvuldig buiten de lijntjes van de Amerikaanse rootsmuziek en sloeg bovendien op knappe wijze een brug tussen het verleden en het heden. 

Eerder deze week verscheen het tweede album van Molly Burch en First Flower laat horen dat Molly Burch het geluid van haar debuut heeft vervolmaakt en heeft voorzien van diepgang. Op haar tweede plaat gebruikt Molly Burch voor een belangrijk deel dezelfde ingrediënten als op haar debuut. Haar muziek zit nog altijd vol echo’s uit een ver verleden, waarbij de singer-songwriter uit Austin vaak terug gaat naar de late jaren 50 en vroege jaren 60. Molly Burch put uit de archieven van countrymuziek uit deze periode en uit die van de Phil Spector girlpop, wat een warm en authentiek klinkend geluid oplevert. 

Het knappe van de muziek van Molly Burch is dat de Amerikaanse singer-songwriter de invloeden uit het verleden prachtig laat samenvloeien met invloeden uit het heden, waardoor ze net zo makkelijk aansluit bij Patsy Cline en Dusty Springfield als bij Angel Olsen en Cat Power, om maar eens een paar namen te noemen. 

First Flower borduurt nadrukkelijk voort op het debuut van Molly Burch en is hierdoor iets minder verrassend dan dit debuut, maar de Amerikaanse singer-songwriter heeft haar geluid wel geperfectioneerd. Met name de gitaarlijnen vol galm voorzien haar geluid nog altijd van een unieke sfeer. Het is een sfeer die niet zou misstaan in een film van David Lynch en ook de stem van Molly Burch zou niet misstaan in deze films. 

Molly Burch zingt makkelijk en kan met haar stem meerdere kanten op, waardoor ze anders klinkt dan de meeste van haar soortgenoten. Ook in haar vocalen slaat ze een brug tussen verleden en heden, waardoor First Flower het ene moment zwoel en nostalgisch en het volgende moment urgent en eigentijds klinkt. 

Ik moest anderhalf jaar geleden nog wel even wennen aan het bijzondere geluid van Molly Burch, maar dit keer was ik vrijwel onmiddellijk overtuigd. Hierna wint de plaat nog wel even aan kracht, bijvoorbeeld omdat de gitaarlijnen alleen maar mooier en zweveriger worden en omdat de singer-songwriter uit Austin haar songs heeft voorzien van meer diepgang door in haar teksten dieper in haar eigen persoonlijkheid te graven. Haar debuut liep anderhalf jaar geleden vooral over van belofte, maar die belofte maakt Molly Burch met First Flower echt meer dan waar. Erwin Zijleman

First Flower van Molly Burch is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://mollyburch.bandcamp.com/album/first-flower.



 

zondag 7 oktober 2018

Cat Power - Wanderer

Cat Power vergeet de bombast van haar vorige plaat en keert terug naar intieme popliedjes vol weemoed en schoonheid
Sun uit 2012 was achteraf bezien geen geslaagd experiment, al was het in commercieel opzicht de meest succesvolle plaat uit het oeuvre van Cat Power. Na een serie tegenslagen om bang van te worden keert Chan Marshall terug naar de basis en imponeert ze met bloedmooie popliedjes vol weemoed en vooral invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek. Wanderer is een plaat zonder opsmuk, maar vol emotie. Het is een plaat die direct onder de huid kruipt en niet van plan is om daar weg te gaan. Er was veel twijfel rond Cat Power, maar met deze prachtplaat neemt Chan Marshall alle twijfel weg.


Het is een tijd stil geweest rond Cat Power. Het laatste wapenfeit van de Amerikaanse singer-songwriter Chan Marshall stamde tot voor kort uit 2012 en het is zeker geen onomstreden wapenfeit. 

Op Sun strooide Chan Marshall zes jaar geleden zeer driftig met elektronica, beats en een behoorlijk vol en overweldigend geluid. Sun was hierdoor mijlenver verwijderd van de platen waarmee de singer-songwriter, die werd geboren in Atlanta, Georgia, maar inmiddels al geruime tijd vanuit New York opereert, ooit doorbrak. 


Ik vond Sun zes jaar geleden wel een spannende plaat, maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik de plaat sindsdien niet meer heb beluisterd. Ik grijp in het geval van Cat Power nog steeds naar meer ingetogen prachtplaten als Moon Pix uit 1998 of You Are Free uit 2003 of juist naar het uiterst soulvolle The Greatest uit 2006. 

Het zijn platen die vanaf nu stevige concurrentie krijgen van Cat Power’s nieuwe plaat, want met Wanderer revancheert Chan Marshall zich op indrukwekkende wijze voor de wat tegenvallende voorganger. 

In de zes jaar die zijn verstreken sinds de release van The Sun is er nogal wat gebeurd in het leven van Chan Marshall. Een zeldzame ziekte kostte haar bijna het leven, ze beviel betrekkelijk onverwacht van een zoon en raakte ook nog eens verzeild in een stevig conflict met haar platenmaatschappij waarmee ze uiteindelijk ook brak. Het is niet eens alles, want er kwamen ook nog verbroken relaties, verslavingen en psychische problemen voorbij in het enerverende maar niet altijd makkelijke leven van Chan Marshall. 


Wanderer kwam er dus niet zonder slag of stoot, maar wat is het een mooie en rustgevende plaat geworden. Waar voorganger Sun opviel door een overvol geluid, kiest Chan Marshall op een nieuwe plaat vooral voor een behoorlijk ingetogen geluid met een belangrijke rol voor de akoestische gitaar en de piano. In muzikaal opzicht keert Chan Marshall vooral terug naar de folk en blues van haar vroege platen, al flirt ze zeer incidenteel ook nog met de soul die zo dominant aanwezig was op het succesvolle en bejubelde The Greatest. 


Wanderer opent met een ruim een minuut durende en wat pastoraal klinkende song, maar hierna landt de plaat in stemmige organische klanken en de nog altijd betoverend mooie stem van Chan Marshall. Ik vind de Amerikaanse singer-songwriter persoonlijk het best in stemmig ingekleurde songs met zwoele vocalen en die songs zijn ruim vertegenwoordigd op Wanderer. 


Cat Power keert op haar nieuwe plaat terug naar de Amerikaanse rootsmuziek en vergeet alle blinkende lichtjes van haar vorige plaat, die het in commercieel opzicht overigens goed deed. Verrassende gast op Wanderer is Lana Del Rey die tekent voor een mooi duet, maar minstens even verrassend is Cat Power’s cover van Rihanna’s Stay; een cover die hier en daar fel bekritiseerd wordt, maar ik vind de van alle opsmuk ontdane versie van Chan Marshall wel geslaagd. 


Amerikaanse rootsmuziek staat centraal op de nieuwe plaat van Cat Power, maar Chan Marshall geeft haar eigen draai aan invloeden uit deze muziek en heeft zeker geen typische rootsplaat gemaakt. Het is wel een plaat die van alles met je doet. De intieme en vaak wat donkere songs van Cat Power op Wanderer kwamen bij mij direct flink binnen en de impact van de ingetogen en vaak wat weemoedig klinkende songs wordt alleen maar groter naarmate ik ze vaker hoor. 


Na 38 minuten sluit de plaat net zo pastoraal als hij is begonnen, maar de betovering is na deze 38 minuten compleet. In commercieel opzicht moet Chan Marshall vast een flinke veer laten met Wandere, maar in artistiek opzicht schuurt ze dicht tegen haar allerbeste werk aan en misschien heeft ze zelfs wel haar beste plaat afgeleverd. Goed dat ze terug is. Erwin Zijleman


De digitale versie van Wanderer van Cat Power is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://catpower.bandcamp.com/album/wanderer.




 


zaterdag 6 oktober 2018

Jaimee Harris - Red Rescue

Jonge Texaanse singer-songwriter verruilt de goot voor een plekje tussen de groten van de Texaanse rootsmuziek
Jaimee Harris dacht het na de middelbare school even te gaan maken in de muziekscene van Austin, Texas, maar dat viel toch wat tegen. Na een aantal zware jaren is dan eindelijk haar langverwachte debuutalbum verschenen en deelt Jaimee Harris de mokerslag uit die ze een paar jaar geleden al in gedachten had. Jaimee Harris excelleert op haar debuut als zangeres en overtuigt als songwriter. De steun van de juiste mensen uit de scene van de Texaanse muziekhoofdstad maakt het af met een fraai en gloedvol geluid dat alle uithoeken van de Texaanse rootsmuziek verkent. Grootse plaat.


Jaimee Harris groeide op in Waco, Texas, en kreeg al op jonge leeftijd belangstelling voor muziek. Toen haar vader haar op een dag meenam naar het Austin City Limits Festival en de jonge Jaimee onder andere Emmylou Harris, Buddy & Julie Miller en Patty Griffin had zien optreden, wist ze precies wat ze later wilde worden en waar ze zich wilde vestigen. 

Na de middelbare school vertrok Jaimee Harris in 2009 dan ook naar Austin, Texas, en begon ze een onzeker bestaan als muzikant in de lokale bars en cafés. Het talent van de jonge Texaanse muzikante werd echter zeker niet direct onderkend en langzaam maar zeker gleed Jaimee Harris af richting de zelfkant van de samenleving en zocht ze haar geluk in alcohol en drugs. 

Toen ze zelfs kort achter de tralies belandde, was duidelijk dat het roer om moest. Jaimee Harris liet de drank en drugs staan en begon haar eigen songs te schrijven, hierbij bijgestaan door muzikale mentoren als Jimmy LaFave en Betty Soo en een aantal prima muzikanten uit de Austin scene. 

Naar het debuut van Jaimee Harris werd inmiddels al een aantal maanden reikhalzend uitgekeken, maar inmiddels is de plaat dan eindelijk verschenen. Red Rescue werd vorige week op de prima muzieksite American Highways onthaald als het debuut van het jaar, terwijl Jaimee Harris direct werd toegevoegd aan de hoofdrolspelers binnen de Americana van het moment. Het zijn grote woorden, maar als ik luister naar het debuut van Jaimee Harris kan ik ze alleen maar beamen en bevestigen. 

Jaimee Harris vertrok ooit naar Austin met een krachtige stem en die heeft ze nog steeds. Het is een stem vol warmte en emotie en het is bovendien een stem die alle kanten op kan, waardoor Jaimee Harris binnen de Americana op een breed terrein uit de voeten kan. Het is een stem die wat met je doet, waardoor haar songs direct binnen komen.

De Texaanse singer-songwriter is nog altijd jong (ze vierde eerder dit jaar haar 28e verjaardag), maar door haar zware eerste jaren in Austin heeft ze wel de nodige levenservaring opgedaan. Dat hoor je in haar songs, die minder onbezorgd klinken dan je iemand van haar leeftijd zou verwachten, en dat hoor je ook in haar stem, die verrassend veel emotie en doorleving laat horen. 

Red Rescue werd gemaakt met haar vaste band en met producer Craig Ross, die ondere bekend is van zijn werkt met Patty Griffin. Jaimee Harris zong op de laatste twee platen van de in 2017 overleden Jimmy LaFave en de Texaanse singer-songwriter is op zijn beurt te horen op de titeltrack van de plaat; een van de vele hoogtepunten op dit debuut.

Red Rescue is een veelzijdige plaat, die binnen de Amerikaanse rootsmuziek meerdere kanten op schiet, maar altijd past binnen de rootsmuziek zoals die in Austin wordt gemaakt (Real Americana music from Austin, Tx noemt ze het op haar website). Het is rootsmuziek die niet bang is voor uitstapjes richting rock en incidenteel pop, maar echt stevig of poppy wordt het debuut van Jaimee Harris nergens. 

Producer Craig Ross heeft gezorgd voor een vol geluid dat ook voorzichtig buiten de lijntjes van de rootsmuziek kleurt en het is een geluid dat uitstekend past bij de krachtige stem van Jaimee Harris, die in vocaal opzicht diepe indruk maakt op haar debuut. 

Het levert een modern klinkende rootsplaat op, maar het is een moderne rootsplaat met respect voor de tradities van het genre, wat goed is te horen wanneer het volle en moderne geluid even wordt verruild voor slechts een akoestische gitaar en Jaimee Harris zorgt voor het kippenvel. En Red Rescue is ook nog eens een plaat die alleen maar beter en indrukwekkender wordt. Bijzonder imponerend debuut. Erwin Zijleman

Het debuut van Jaimee Harris is verkrijgbaar via haar eigen webstore: https://www.jaimeeharris.com/store/red-rescue.

 

vrijdag 5 oktober 2018

Bonny Doon - Longwave

Amerikaanse band maakt klassieke gitaarplaat met evenveel zonnestralen als donkere wolken
Lome gitaarloopjes, nog lomere zang en songs vol melancholie; het is de donkere kant van de Amerikaanse band Bonny Doon, die op Longwave echter ook driftig strooit met zonnestralen en de herinnering aan een mooie zomerdag. Een heerlijke plaat om bij weg te dromen, totdat je door hebt hoe goed de volstrekt tijdloze gitaarliedjes van de Amerikaanse band zijn. 2018 heeft al een aantal uitstekende gitaarplaten opgeleverd en ook dit is er weer een. Een van de betere van het stel zelfs.


De website van het digitale Amerikaanse tijdschrift Paste Magazine (de papieren versie bestaat al een jaar of acht niet meer) houdt wanneer het gaat om muziek wel van terugkijken. Toen september er op zat, stond op de Paste Magazine website dan ook vrijwel direct een lijstje met de beste platen uit de eerste drie kwartalen van 2018 online. 

Hieronder een aantal van mijn persoonlijke favorieten, een aantal platen waar ik niet zo veel mee heb en een aantal platen die ik maar eens snel moest gaan ontdekken. Het heeft een voltreffer opgeleverd, want één van de platen uit het lijstje van Paste Magazine blijft hier maar uit de speakers komen en ik kan niet wachten tot het vinyl is gearriveerd. 


Het gaat om Longwave van de Amerikaanse band Bonny Doon. De band uit Detroit, Michigan, debuteerde in het voorjaar van 2017 met een plaat die wel wat goede ideeën liet horen, maar wat mij betreft toch teveel rammelde en zich te weinig wist te onderscheiden. Omdat ik het debuut van de Amerikaanse band wel degelijk veelbelovend vond, verbaast het me dat ik de tweede plaat van de band al weer iets meer dan een half jaar geleden compleet heb gemist. Ik heb er volgens mij niets over gelezen, totdat Paste Magazine de plaat nog eens bejubelde in haar voorlopige jaarlijstje. 


Paste omschrijft Longwave van Bonny Doon nog altijd als lo-fi en noemt het tijdloze karakter van de muziek van de band en het melancholische maar toch ook zonnige karakter van de songs van de band als sterke punten. Wat mij betreft is Bonny Doon de lo-fi op haar tweede plaat ontgroeid, maar het tijdloze karakter van de muziek van de band en de balans tussen zonnestralen en donkere wolken kan ik alleen maar onderschrijven. 


De webshop van Rough Trade omschrijft de muziek van Bonny Doon als “Cosmic American Music” en dat vind ik wel een mooie omschrijving. De muziek van de band uit Detroit is opvallend loom en valt op door zweverige klanken die fraai worden gecombineerd met inventieve gitaarloopjes, maar het is ook muziek die is geworteld in de tradities van de Amerikaanse gitaarmuziek. 


Hier en daar hoor ik wel wat van lo-fi pioniers Pavement en Guided By Voices, maar Bonny Doon kiest niet voor flarden van popsongs en levert in 40 minuten tien heerlijke popsongs af, waarvan er vier de grens van vijf minuten passeren en waarin er ook ruimte is voor wat psychedelisch experiment. Naast associaties met de muziek uit de hoogtijdagen van de lo-fi, hoor ik ook wat van The Velvet Underground en wat uit de 70s folkrock en countryrock, maar ik hoor veel meer van bands als Smog en The Silver Jews of van bands van het moment als Winterpills en Real Estate, om maar eens wat namen te noemen. 


Bonny Doon komt misschien uit Detroit, maar lijkt Californische genen te hebben. De gitaarmuziek van de band kan heerlijk zonnig klinken, wat vervolgens weer prachtig contrasteert met alle melancholie in de songs van de band. Longwave van Bonny Doon is de soundtrack van die laatste mooie zomerdag, die je nog heel veel keren wilt herbeleven. 


Op het eerste gehoor klinkt het nog wat (s)loom en eentonig, maar uiteindelijk heeft de tweede plaat van Bonny Doon een bezwerende uitwerking en worden de lome en donkere gitaarsongs van de band alleen maar mooier en mooier. De ultieme plaat om bij weg te dromen, maar ook een plaat om volledig uit te pluizen, want wat staat er veel moois op Longwave van Bonny Doon. Een van de betere gitaarplaten van 2018 wat mij betreft. Erwin Zijleman


Longwave van Bonny Doon is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de band: https://bonnydoon.bandcamp.com/album/longwave.