maandag 16 september 2019

Ric Ocasek (1944-2019)


Ric Ocasek werd geboren in Baltimore, groeide op in Cleveland, maar verhuisde naar Boston toen hij begin jaren 70 als fulltime muzikant aan de slag ging. De Amerikaanse muzikant speelde in eerste instantie in een niet al te succesvolle folk band, maar raakte geïnspireerd door alternatieve bands als The Velvet Underground en Roxy Music en door de frisse wind die de New Yorkse new wave in de tweede helft van de jaren 70 door de popmuziek liet waaien. 


Toen die frisse wind ook Boston bereikte formeerde Ocasek met een aantal bevriende muzikanten The Cars. Het titelloze debuut van de band verscheen in 1978 en was, mede door de hitsingle My Best Friend’s Girl, direct een voltreffer. De aanstekelijke muziek van The Cars deed het niet alleen uitstekend bij de liefhebbers van de Amerikaanse new wave, maar wist ook een breed popmuziek te verleiden. 

De populariteit van The Cars zakte na het uitstekende tweede album Candy-O helaas wat in, maar kreeg weer een boost met het in 1984 verschenen Heartbeat City, waarop onder andere de singles You Might Think en Drive waren te vinden. Ric Ocasek was inmiddels ook begonnen aan een solocarrière, waardoor er van The Cars na de opleving halverwege de jaren 80 helaas weinig meer werd vernomen. 

Ric Ocasek maakte uiteindelijk een stapeltje prima soloplaten, maar deze wisten het succes van de albums van The Cars nooit te benaderen. Ocasek was succesvoller als producer voor onder andere Guided By Voices, Hole, Jonathan Richman en vooral Weezer, maar hij schreef toch het liefst zijn eigen songs. 

Dat de Amerikaanse muzikant het schrijven van geweldige songs niet was verleerd, liet hij horen op het in 2011 verschenen comeback album van The Cars, Move Like This, dat herinnerde aan de hoogtijdagen van de band. Het was een album dat naar veel meer smaakte, maar dat meer bleef helaas uit. Ric Ocasek overleed gisteren op 75-jarige leeftijd. Erwin Zijleman

 

zondag 15 september 2019

The Lumineers - III

The Lumineers worden vaak versleten als eendagsvlieg, maar maken nu diepe indruk met een gedurfd en bloedmooi album van jaarlijstjesniveau
Denk aan The Lumineers en vrijwel iedereen zal op de proppen komen met het niemendalletje Ho Hey. Je zou bijna vergeten dat de Amerikaanse band al twee uitstekende albums maakte en deze twee albums worden nu op alle fronten overtroffen door het prachtige III. III vertelt een aantal prachtige verhalen, maar maakt vooral indruk met een uiterst sobere instrumentatie en met zang waar de emotie en melancholie van af spat. III is een introspectief album zonder enige opsmuk, maar het is ook een album met songs die stuk voor stuk onder de huid kruipen en die je na één keer horen alleen maar wilt koesteren. Voor mij een van de mooiste en meest indrukwekkende albums van 2019 tot dusver.


De Amerikaanse band The Lumineers dook in 2012 op met het niemendalletje Ho Hey. De eerste single van de band uit Denver, Colorado, klonk op het eerste gehoor misschien nog wel aardig, maar na een paar keer horen werd het bloedirritant. Helaas wordt de band sindsdien vereenzelvigd met het eerste wapenfeit en dat is zonde, doodzonde zelfs. 

Het titelloze debuut van The Lumineers was buiten Ho Hey een prima album en het door de critici volledig afgebrande Cleopatra vond ik nog veel beter en zelfs bijna van jaarlijstjesniveau. Deze week verscheen III en ik vrees dat ook het derde album van The Lumineers op weinig positieve woorden van de critici hoeft te rekenen. Ik begrijp er helemaal niets van, want ook het derde album van de Amerikaanse band is van hoog niveau. 

III is niet alleen het derde album van de band, maar ook een album dat bestaat uit drie delen. III opent fraai ingetogen met het door piano gedomineerde Donna, dat uiteindelijk vooral wordt gedragen door de vocalen vol emotie. Zanger Wesley Schultz maakte indruk op de vorige twee albums van de band, maar zingt nog veel beter op het derde album van de band. 

The Lumineers doken ooit op in het kielzog van bands die oude folk omarmden en invloeden uit de folk zijn ook op III nadrukkelijk aanwezig. De band uit Denver, Colorado, laat zich op haar nieuwe album echter minstens net zo stevig beïnvloeden door de tijdloze popmuziek uit de jaren 70 en creëert een geluid dat zich lastig laat vergelijken met de muziek van  anderen, al komt het af en toe in de buurt van het eveneens door mij bewonderde The Love Bellow.

Vergeleken met zijn twee voorgangers is III een nog wat meer ingetogen plaat. De meeste songs op het album zijn voorzien van spaarzame akoestische klanken met hier en daar fraaie pianoaccenten maar verder zonder al te veel opsmuk. Het accent ligt daarom op de zang en op de songs en beiden zijn op III van hoog niveau. Wesley Schultz heeft een bijzonder stemgeluid en zingt op het nieuwe album van The Lumineers vol gevoel, terwijl de songs op het album, ondanks het sobere geluid, makkelijk overtuigen en even makkelijk blijven hangen. 

De ingetogen songs vertellen mooie verhalen over verschillende personages die het leed in bakken krijgen aangedragen. Het voorziet de ingetogen songs op het album van extra lading en gevoel en dat laat je als luisteraar niet onberoerd. Iedere keer dat ik naar III luistert maakt het album meer indruk en iedere keer komen de songs van de band wat meer aan. The Lumineers zullen waarschijnlijk voor eeuwig worden geassocieerd met de meezinger Ho Hey, maar iedereen die het nieuwe album van de band om die reden laat liggen doet zichzelf flink tekort. 

III is een donker album vol ruwe emotie en schoonheid dat na drie delen ook nog wat extra’s biedt, waaronder een hele fraaie versie van Leonard Cohen’s Democracy. Cleopatra, het vorige album van The Lumineers, noemde ik eerder al een album van bijna jaarlijstjesniveau. Dat jaarlijstjesniveau wordt op III 50 minuten lang gehaald en ik heb het idee dat de sobere songs van de Amerikaanse band nog lang niet zijn uitgegroeid. Erwin Zijleman

De muziek van The Lumineers is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse band: https://the-lumineers.bandcamp.com/album/iii.



 

zaterdag 14 september 2019

Fischer-Z - Swimming In Thunderstorms

Fischer-Z maakte in een ver verleden drie prachtige albums op rij en herhaalt dat kunstje vele jaren later met de release van het geweldige Swimming in Thunderstorms
Na meerdere mislukte comebacks dook de Britse band Fischer-Z vier jaar geleden op met een ijzersterk album. Na een nog wat betere opvolger trekt de band rond John Watts de lijn nu door op het prachtige Swimming in Thunderstorms. Ook op het nieuwe album van de band hoor je weer flarden van het zo herkenbare Fischer-Z geluid uit de late jaren 70 en vroege jaren 80, maar de tijd heeft natuurlijk niet stil gestaan. De stem van John Watts klinkt iets kwetsbaarder, maar zijn pen is nog altijd vlijmscherps. Het nieuwe album bevat een serie geweldige songs, die allemaal net iets anders klinken, maar stuk voor stuk zijn voorzien van de zo bijzondere Fischer Z twist.


Met Word Salad (1979), Going Deaf For A Living (1980) en Red Skies Over Paradise (1981) maakte de Britse band Fischer-Z drie albums die ik schaar onder de betere albums van de late jaren 70 en vroege jaren 80. De band timmerde met name in Nederland stevig aan de weg, maar na drie uitstekende albums was de koek helaas op. 

Voorman John Watts, die met zijn uit duizenden herkenbare stem het geluid van Fischer-Z voor een belangrijk deel bepaalde, begon aan een solocarrière, die in artistiek opzicht veelbelovend begon, maar in commercieel opzicht compleet mislukte.

Pogingen om Fischer-Z nieuw leven in te blazen mislukten keer op keer, tot de band in 2015 opdook met het uitstekende This Is My Universe, dat wel weer in de buurt kwam van de eerste drie albums van de Britse band. Het kunstje werd herhaald op het twee jaar geleden verschenen Building Bridges, dat nog net wat overtuigender was dan zijn voorganger. Met Swimming In Thunderstorms voltooit de band rond John Watts nu de tweede serie van drie uitstekende Fischer-Z albums. 

Ook op Swimming In Thunderstorms horen we weer het typische Fischer-Z geluid en het is een geluid dat de tand des tijd uitstekend heeft doorstaan. Natuurlijk is er flink wat veranderd sinds de vroege jaren 80. John Watts haalt de hoogste noten niet meer zo makkelijk als een aantal decennia geleden en zingt hierdoor net wat lager dan in de jonge jaren van de band, overigens zonder zijn zo karakteristieke geluid te verliezen. 

Wat verder is gebleven is de grote variëteit. Het knappe van Word Salad, Going Deaf For A Living en Red Skies Over Paradise was dat de band in iedere song weer anders klonk en dat geldt misschien nog wel in sterkere mate voor de laatste drie albums van de band. John Watts is altijd een groot songwriter geweest en is het kunstje nog niet verleerd. Swimming In Thunderstorms staat vol tijdloze popsongs en het zijn stuk voor stuk popsongs waarin John Watts zijn kunsten als songwriter etaleert. De Britse muzikant citeert veelvuldig uit de rijke historie van de popmuziek, maar voegt ook een bijzondere twist toe aan zijn songs. In zijn teksten is John Watts nog steeds vlijmscherp en worden niet alleen prachtige verhalen verteld, maar ook misstanden aan de kaak gesteld, wat de songs op Swimming In Thunderstorms voorziet van urgentie. 

Op het nieuwe album werkt John Watts met een wat grotere band, waardoor een wat voller maar ook hechter geluid is te horen. Swimming In Thunderstorms bevalt me daarom nog net wat beter dan zijn twee voorgangers en behoort in het oeuvre van Fischer-Z tot de allerbeste albums. John Watts schreef maar liefst 14 songs voor zijn nieuwe album en zwakke songs zitten er niet tussen. Op Swimming In Thunderstorms is er relatief veel ruimte voor meer ingetogen songs, waarin de John Watts prachtig kwetsbaar klinkt, maar ook de flirts met pop en reggae die altijd deel hebben gemaakt van het geluid van Fischer-Z zijn op het nieuwe album te horen. 

Fischer-Z was dankzij drie klassiekers lange tijd een mooie herinnering uit het verleden, maar met This Is My Universe, Building Bridges en Swimming in Thunderstorms staan er nu drie albums tegenover die er niet voor onderdoen en hopelijk zit er dit keer wel meer in het vat. Tot het zover is valt er genoeg te ontdekken op het werkelijk prachtige Swimming In Thunderstorms. Erwin Zijleman



 

vrijdag 13 september 2019

Dakota - Here's The 101 On How To Disappear

Van de stapel .....
Iedere week verschijnen stapels nieuwe albums. Ook na een strenge selectie is het veel meer dan ik kan plaatsen op deze BLOG, waardoor iedere week albums op de stapel terecht komen. Helaas komen deze albums hier over het algemeen niet meer af. Om de echte parels een tweede kans te geven, besteed ik vanaf nu op iedere vrijdag aandacht aan een album van de stapel dat echt veel te mooi is om te laten liggen.
Deze week.... Here's The 101 On How To Disappear van de Amsterdamse band Dakota.



Eerder dit jaar verscheen het debuut en mogelijk ook direct de zwanenzang van de Amsterdamse band Dakota en wat is het een prachtplaat
Vele maanden lag het debuut van de Nederlandse band Dakota op de stapel, mar toen ik het album eindelijk beluisterde was ik direct verliefd. Het is een album dat extra lading krijgt door het trieste verhaal dat komt met het album van de Amsterdammers en dat naar grote hoogten groeit door al het moois op het album. Here's The 101 On How To Disappear is een vast vol tegenstrijdigheden, dynamiek en avontuur, maar de songs van Dakota zijn ook songs van het type dat je onmiddellijk wilt omarmen en koesteren. Er zijn dit jaar wel meer goede debuten verschenen, maar er zijn er niet veel zo goed als dit prachtdebuut, dat hopelijk geen zwanenzang wordt.


Inmiddels alweer vele maanden geleden kreeg ik via een lezer van deze BLOG de tip om eens naar het debuut van de Nederlandse band Dakota te luisteren. Dat kwam er vanwege het enorme aanbod van nieuwe muziek helaas steeds maar niet van, maar onlangs kwam ik de naam van de band weer tegen op een lijstje met albums die ik nog eens moest beluisteren. Toen ik dat deed was ik vrij snel onder de indruk van Here's The 101 On How To Disappear, het debuut van de Amsterdamse band. 

Na wat onderzoek op het Internet kwam ik vervolgens al snel het trieste verhaal tegen dat samengaat met de release van dit debuut. Dakota werd een paar jaar geleden opgericht door vier vriendinnen en kwam in eerste instantie niet echt van de grond, tot de band verscheen in een succesvolle Nederlandse film. Vervolgens ging het lopen voor Dakota en kon de band haar debuut opnemen. Here's The 101 On How Yo Disappear verscheen aan het begin van het jaar en werd goed ontvangen. Er leek een gouden toekomst aan te breken voor de Amsterdamse band, maar het succes leverde ook een hoop druk op. De zangeres van de band had al een leven van psychische problemen achter zich en kon de druk van het succes niet aan. 

Haar drie vriendinnen in de band deden wat vriendinnen in zo’n geval moeten doen. Ondanks het aanstormende succes werd de stekker uit Dakota getrokken, waarmee het zo veelbelovende debuut ook direct de zwanenzang van de band lijkt te worden. Het is doodzonde, want het debuut van de Amsterdamse band is een geweldig debuut. 

Dakota maakt op Here's The 101 On How To Disappear even aanstekelijke als stekelige indie-rock waarin uiteenlopende invloeden zijn verwerkt. De band heeft zich absoluut laten inspireren door dreampop uit de jaren 90, maar doet gelukkig veel meer dan het reproduceren van het inmiddels uit duizenden herkenbare dreampop geluid. Dakota vermengt invloeden uit de dreampop met indie-rock, postpunk en psychedelica, maar citeert ook uit de archieven van onder andere de Westcoast pop en de garagerock, om nog maar eens twee genres te noemen. 

De Amsterdamse band verrast met songs die zich direct genadeloos opdringen, maar het zijn ook songs vol avontuur. De ruimtelijke gitaarlijnen op het album doen steeds iets dat je niet verwacht en hetzelfde geldt voor de ritmes en de baslijnen op Here's The 101 On How To Disappear. Dakota klinkt het ene moment tegendraads of op zijn minst stekelig, maar verleidt een paar noten later met geweldige melodieën of onweerstaanbare refreinen. 

De twee kanten die je hoort in de muziek van de Amsterdamse band hoor je ook in de zang, die zwoel en verleidelijk, maar ook onderkoeld en melancholisch kan klinken. Het doet me meer dan eens denken aan de muziek van Warpaint, maar Dakota is er ook absoluut in geslaagd om een eigen geluid te creëren. Het is een geluid dat ook nog eens prachtig is opgenomen, want op Here's The 101 On How To Disappear hoor je alle details en buitelen de instrumenten op bijzondere wijze over elkaar heen. 

Sinds ik het debuut van Dakota heb ontdekt ben ik langzaam maar zeker verliefd geworden op het album. Steeds weer ben ik onder de indruk van de dynamiek op het album, van de manier waarop lieflijk om kan slaan in rauw, van de emotievolle zang en de bijzondere koortjes, van het geweldige gitaarwerk op het album en van de songs die stuk voor stuk zijn begonnen als ruwe diamanten, maar die inmiddels stralen en fonkelen. 

Het maakt het feit dat Dakota de titel van haar debuut wel erg serieus heeft genomen alleen maar pijnlijker. De Amsterdamse band heeft eerder dit jaar een prachtdebuut afgeleverd, maar moest er noodgedwongen mee stoppen voor het album goed kon landen. Hopelijk zien we deze prachtband nog eens terug. Erwin Zijleman

Een fysieke release is er helaas nooit gekomen, maar de digitale versie van het debuut van Dakota is verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de band: https://musicdakotamusic.bandcamp.com/album/heres-the-101-on-how-to-disappear.

 

donderdag 12 september 2019

Christof van der Ven - You Were The Place

De Nederlandse muzikant Christof van der Ven levert een intiem en emotievol breakup album af, maar ook een album van een bijzondere schoonheid
Christof van der Ven liet Brabant een paar jaar geleden achter zich om zijn geluk te beproeven als muzikant in Ierland. Het heeft hem geen windeieren gelegd, want na een grote tour met Bear’s Den levert de Nederlandse muzikant nu een album af waarmee hij internationaal mee doet. You Were The Place staat vol met prachtig klinkende indie-folk, die zowel vol als uiterst sober kan klinken. Het past prachtig bij de bijzondere stem van Christof van der Ven, die op zijn nieuwe album een misgelopen liefdesrelatie van zich af zingt. You Were The Place komt door alle melancholie hard aan, maar verrast ook met songs vol fraaie accenten en diepgang.


Christof van der Ven verliet als jonge twintiger zijn Brabantse geboortedorp om zijn droom na te jagen. Hij vestigde zich in Ierland en probeerde zijn brood te verdienen als muzikant. Dat lukt tot nu toe heel aardig. 

De tegenwoordig vanuit Londen opererende Christof van der Ven mocht als support-act mee met een aantal Ierse bands en schopte het uiteindelijk zelfs tot tourlid van de zeer succesvolle Ierse band Bear’s Den. Verder maakte de Nederlandse muzikant vorig jaar het warm onthaalde soloalbum Empty Handed en nu is er dan een tweede album. 

Empty Handed kon mij vorig jaar nog niet volledig overtuigen, maar het deze week verschenen You Were The Place is een stuk beter. De Nederlandse muzikant maakt ook op zijn tweede album mooi verzorgde indie-folk, die hier en daar dicht tegen de muziek van het al eerder genoemde Bear’s Den schuurt, maar ook meer ingetogen of juist uitbundiger kan klinken. 

In de meest uitbundige momenten maakt Christof van der Ven de muziek die Coldplay had kunnen maken als het na het eerste album had gekozen voor introspectie in plaats van het grote gebaar, maar You Were The Place bevat ook een aantal zeer intieme songs die juist weer herinneren aan onder andere Fleet Foxes en aan de eerste stapjes van Bon Iver in de muziek (stapjes die ik overigens meer kan waarderen dan zijn meest recente werk). 

Bijgestaan door een aantal muzikale vrienden (onder wie leden van Bear’s Den en Matthew & The Atlas en de talentvolle multi-instrumentalist Emma Gatrill, die eerder dit jaar het album van Rozi Plain zo prachtig inkleurde) heeft Christof van der Ven een prachtig klinkend album opgenomen. Er is hoorbaar veel zorg besteed aan de arrangementen op en de productie van het album, de laatste van de hand van Marcus Hamblett (Villagers, Bear's Den), waardoor in alle songs veel moois is verstopt. You Were The Place klinkt hier en daar flink vol, maar het is ook een album dat ademt en intiem klinkt. 

Ook in vocaal opzicht is het tweede album van Christof van der Ven een sterk album. De Nederlandse muzikant beschikt over een bijzondere stem en het is een stem vol gevoel en emotie. Bij beluistering van You Were The Place slaat zich een deken vol melancholie om je heen. Dat is ook niet zo gek, want Christof van der Ven schreef de songs voor zijn nieuwe album na het stuklopen van een prille maar intense liefdesrelatie. Het maakt van You Were The Place een echt breakup album en het is in dit hokje een hele mooie. 

Het is bijzonder hoe warme, atmosferische en soms bijna sprookjesachtige klanken worden gecombineerd met zang vol pijn en teksten vol poëzie. Het voorziet het album van een bijzondere lading, zeker wanneer het tempo laag ligt en de instrumentatie relatief sober is gehouden, maar ook de grootser klinkende songs van Christof van der Ven kruipen makkelijk onder de huid. Het levert een album met internationale allure op, waarmee de Nederlandse muzikant bewijst dat hij een paar jaar geleden een verstandige keuze heeft gemaakt. Erwin Zijleman

De muziek van Christof van der Ven is ook verkrijgbaar via zijn bandcamp pagina: https://christofvanderven.bandcamp.com/album/you-were-the-place.



 

woensdag 11 september 2019

TaxiWars - Artificial Horizon

TaxiWars klinkt op haar derde album wat minder rauw en eclectisch en imponeert niet alleen met muzikale hoogstandjes maar ook met geweldige songs
Ik kon niet zo goed uit de voeten met de eerste twee album van de Belgische band TaxiWars, maar het derde album van de band is een voltreffer. De band die dEUS-voorman Tom Barman vijf jaar geleden formeerde en die verder bestaat uit een stel geweldige en gelouterde jazzmuzikanten heeft dit keer wat meer aandacht besteed aan de songs en het zijn songs die niet alleen overlopen van avontuur, maar ook vermaken met een combinatie van jazz, soul, funk, hiphop en nog veel meer. Ook in muzikaal opzicht is het smullen. De ritmesectie van de band speelt de sterren van de hemel en hiernaast is er het fraaie saxofoonspel van Robin Verheyen. Het is Tom Barman die het vervolgens mag afmaken met zijn bijzondere stem die de muziek van TaxiWars nog wat onderscheidender maakt. 


Artificial Horizon is het derde album van de Belgische band TaxiWars. De band werd vijf jaar geleden geformeerd door dEUS voorman Tom Barman en saxofonist Robin Verheyen. De twee rekruteerden in jazzkringen een ritmesectie en niet veel later verscheen het titelloze debuut van de band. 

Het is een debuut dat me wel intrigeerde, maar waarvan ik uiteindelijk onvoldoende kon genieten. Met opvolger Fever uit 2016 gebeurde eigenlijk hetzelfde, waardoor ik niet met hele hoge verwachtingen begon aan het deze week verschenen derde album van de band, dat ik inmiddels al een ruim een maand in huis heb. 

Artificial Horizon bevalt me echter een stuk beter dan zijn twee voorgangers. TaxiWars heeft op haar derde album gekozen voor een wat minder rauw en eclectisch geluid. Op Artificial Horizon draait het wat meer om de songs en die zijn toegankelijker dan we van de band gewend zijn. Lekker in het gehoor liggende deuntjes maakt TaxiWars gelukkig nog steeds niet, maar het strijkt bij mij niet langer tegen de haren in. 

In de openingstrack Drop Shot wordt de bijna gesproken zang van Tom Barman gecombineerd met een prachtig subtiel spelende ritmesectie, al even subtiel pianospel, een experimentelere elektronische onderlaag en dialogen uit Franse films. Na enige tijd mag Robin Verheyen lekker zwoel saxofoonspel toevoegen en krijgt de wat rauwe zang van Tom Barman gezelschap van heerlijk soulvolle vocalen. Het doet wel wat denken aan de muziek van het legendarische Morphine, waarvoor Tom Barman naar verluidt een stevig zwak heeft.

Het is nog altijd muziek met veel invloeden uit de jazz die TaxiWars maakt, maar het schuurt minder dan in het verleden. In de tweede track worden de invloeden uit de jazz gecombineerd met een beetje soul en funk en een flinke hiphop injectie in de ritmes. Het is wederom de ritmesectie die de meeste aandacht trekt, want wat spelen bassist Nicolas Thys en drummer Antoine Pierre avontuurlijk, maar op hetzelfde moment strak en trefzeker. Tom Barman zingt en rapt er weer vrolijk op los, Robin Verheyen voegt wat stoten saxofoon toe en een dameskoortje voegt een snufje Prince toe aan de muziek van TaxiWars. 

Het is goed te horen dat de band inmiddels een tijdje bestaat, want wat hoor je op Artificial Horizon een geoliede machine. Waar de ritmesectie normaal gesproken de gaten dicht, treden drums en bas bij TaxiWars nadrukkelijk op de voorgrond en vullen de saxofoon en de piano van Robin Verheyen de gaten. Tom Barman doet de rest met zijn bijzondere combinatie van zang, gesproken woord en rap. 

Het is knap hoe TaxiWars pure jazz kan doen omslaan in broeierige soulvolle pop en omgekeerd. Het is ook knap hoe de Belgische band een album heeft gemaakt vol muzikale hoogstandjes, maar er dit keer ook in is geslaagd om redelijk makkelijk in het gehoor liggende songs af te leveren, met het meeslepende Different Or Not als mijn favoriet. 

Artificial Horizon staat vol met muziek die Tom Barman niet kwijt kan in dEUS, maar het is ook muziek die nadrukkelijk zijn stempel bevat. Zeker wanneer Robin Verheyen los gaat op zijn saxofoon heb ik associaties met Bowie’s Blackstar, maar TaxiWars draait de hand ook niet om voor een sobere piano ballad waarin Tom Barman alle aandacht naar zich toe mag trekken, tot zijn medemuzikanten invallen en de song weer een andere kant op sleuren. 

TaxiWars heeft al met al een razend knap album afgeleverd. Het is een album waarop de muzikale grenzen continu verlegd worden, maar dat ook gewoon vermaakt met songs die afwisselend verbazen en ontroeren. En iedere keer dat ik het album hoor is het weer beter. Erwin Zijleman

De muziek van de Belgische band is ook verkrijgbaar via bandcamp: https://taxiwars.bandcamp.com/album/artificial-horizon.



 

dinsdag 10 september 2019

Tinariwen - Amadjar

Tinariwen neemt je mee naar een fascinerende sterrenhemel in de woestijn en bezweert en hypnotiseert zoals maar weinig andere bands dit kunnen
De muziek van Tinariwen kwam ooit als een donderslag bij heldere hemel, maar inmiddels zijn we wel gewend aan het bijzondere geluid van de Afrikaanse band en de soortgenoten die volgden. Desondanks blijft de muziek van Tinariwen compleet ongrijpbaar. Het grotendeels tijdens een reis door de woestijn opgenomen Amadjar klinkt was lomer, losser en traditioneler dan de laatste albums van de band en bezweert en hypnotiseert van de eerste tot en met de laatste noot. Het zich langzaam voortslepende geluid van de band sleept je moeiteloos mee naar een andere wereld, waarin het gitaarspel nog altijd van een bijzondere schoonheid is. Uitstekend album weer.


Het eerste dat opvalt bij het bekijken van het boekje bij het nieuwe album van Tinariwen, is dat de Afrikaanse band dit keer flink wat gastmuzikanten heeft uitgenodigd, onder wie Warren Ellis (The Bad Seeds), Cass McCombs en de van Sun O))) bekende Stephen O’Malley. Ik had daarom verwacht dat Amadjar wat Westerser, strakker en geproduceerder zou klinken dan de vorige albums van de band, maar het tegendeel blijkt het geval. 

Tinariwen stond eind vorig jaar op een festival in het Marokkaanse deel van de Sahara en begon hierna aan de zware reis naar Nouakchott in Mauritanië. 

De vooral uit leden van de Toeareg nomaden bestaande band maakte er een productieve reis van. Onderweg werden in eerste instantie vooral songs geschreven, maar uiteindelijk werd een groot deel van het nieuwe album van de band opgenomen tijdens sessies in de open lucht. Eenmaal aangekomen in Nouakchott werd het album verder afgemaakt en vervolgens in Tamanrasset, Algerije en in Parijs verder opgepoetst en voorzien van de bijdragen van de eerder genoemde gastmuzikanten. 

De basis van Amadjar klinkt door de opnames in de woestijn lomer, losser en traditioneler dan Tinariwen de afgelopen jaren liet horen en herinnert aan de eerste albums van de band. Tinariwen wordt vaak verweten dat het op al haar albums hetzelfde klinkt, maar dat heeft vooral te maken met het feit dat de muziek zo verwijderd is van de Westerse popmuziek dat de nuances onze Westerse oren snel ontgaan. Ik vind het persoonlijk ook niet zo erg dat Tinariwen vasthoudt aan haar eigen geluid, want het is een geluid dat nog altijd een hypnotiserende of in ieder geval bezwerende uitwerking op me heeft. Bovendien klinkt Amadjar duidelijk anders dan zijn wat meer up-tempo voorganger.

De woestijn blues van de Malinese band wordt nog altijd gedragen door zich langzaam voortslepende klanken, door spannende ritmes, door wat monotoon aandoende zang en door geweldig gitaarwerk. Het is nog altijd gitaarwerk dat geïnspireerd lijkt door het gitaarwerk van flink wat psychedelische rockbands uit de jaren 60, maar op een of andere manier past het perfect bij de verder authentiek Afrikaans aandoende klanken. 

Omdat het album deels onderweg en in de openlucht werd opgenomen heeft een groot deel van Amadjar wel wat van een eindeloze jamsessie onder de fascinerende sterrenhemel in de woestijn, waar later wat accenten aan zijn toegevoegd. De bijdragen van de gasten zijn gelukkig subtiel gebleven en sluiten goed aan bij het eigen geluid van Tinariwen. Zo voegt Stephen O’Malley hooguit wat extra dreiging toe aan de songs waarin hij meespeelt en gaat Tinariwen niet aan de haal met de drones van Sunn O))). Amadjar blijft hierdoor een album dat uit een andere tijd en een andere wereld lijkt te komen. 

Laat Amadjar met stevig volume uit de speakers komen en je wordt deelgenoot van de fascinerende reis die Tinariwen eind vorig jaar maakte. Beluister het album met de koptelefoon en er ontgaat je geen noot van het wederom prachtige gitaarspel op de plaat. Tinariwen creëert ook op haar nieuwe album weer een uniek muzikaal universum en het is een universum waarin ik nog altijd bijzonder graag vertoef. Erwin Zijleman

De muziek van Tinariwen is ook verkrijgbaar via bandcamp: https://tinariwenmusic.bandcamp.com.



 

maandag 9 september 2019

Frankie Cosmos - Close It Quietly

Frankie Cosmos schudt de briljante popliedjes of flarden van popliedjes ook op haar nieuwe album weer uit de mouw en verleidt meedogenloos
Frankie Cosmos heeft over inspiratie kennelijk niet te klagen, want de New Yorkse singer-songwriter is alweer toe aan haar vierde album. Close It Quietly duurt bijna 40 minuten en in die 40 minuten komen maar liefst 21 songs voorbij. Het zijn songs die niet doen aan een zorgvuldige opbouw maar de essentie direct de wereld in slingeren. Een zwak voor lo-fi is daarom waarschijnlijk vereist om van dit album te kunnen houden, maar als dat zwak er is, is de liefde voor dit album al snel onvoorwaardelijk. Frankie Cosmos betovert ook dit keer met dromerige en fluisterzachte popliedjes met hier en daar een rauw randje. De 21 songs vliegen voorbij, maar je kunt er gelukkig bijna eindeloos naar blijven luisteren.


Ik heb al sinds de jaren 90 een haat-liefde verhouding met albums die in het hokje lo-fi worden geduwd. Aan de ene kant heb ik een enorm zwak voor charmante rammelpop of rammelrock en diepe bewondering voor songwriters die er in slagen om briljante popliedjes van twee minuten of nog minder te maken, maar aan de andere kant doet het ook altijd zeer om te moeten constateren dat flarden van een briljant popliedje met wat meer moeite hadden kunnen worden uitgewerkt tot een voor altijd memorabele popsong. 

Beide gevoelens komen ook weer op bij beluistering van het nieuwe album van Frankie Cosmos. Het alter ego van de New Yorkse singer-songwriter Greta Kline (dochter van acteur Kevin Kline) debuteerde een jaar of vijf geleden en is met Close It Quietly alweer toe aan haar vierde album. 

De albums van Frankie Cosmos duren steeds wat langer, maar bevatten ook steeds meer songs. Close It Quietly bevat 39 minuten muziek en in die 39 minuten komen maar liefst 21 songs voorbij, waarvan er slechts één boven de drie minuten klokt en zes songs de anderhalve minuut niet eens vol maken. 

Ondanks mijn gemengde gevoelens over lo-fi albums had ik een enorm zwak voor de vorige albums van Frankie Cosmos en ook Close It Quietly vind ik weer geweldig. De singer-songwriter uit New York maakt ook op haar nieuwe album fluisterzachte popsongs en rocksongs of flarden van popsongs of rocksongs en het zijn stuk voor stuk songs om te koesteren. 

Frankie Cosmos nam haar eerste twee albums in haar uppie op in haar New Yorkse slaapkamer, maar sinds het vorig jaar verschenen Vessel werkt ze met een band. Het zorgt voor een wat voller geluid, maar ondanks de bijdragen van haar band en de coproductie van de met name van Fleet Foxes en The War On Drugs bekende Gabe Wax, is Frankie Cosmos er ook op haar nieuwe album weer in geslaagd om de intimiteit die haar eerste albums zo bijzonder maakte te behouden. 

Close It Quietly bevat zoals gezegd 21 songs en het zijn vrijwel zonder uitzondering songs die lak hebben aan de conventies van het perfecte popliedje. Frankie Cosmos strooit driftig met honingzoete melodieën en geweldige refreinen en vergeet de voorzichtige opbouw van een song. Het is aan de ene kant jammer, want ik ben er van overtuigd dat de New Yorkse muzikante ook 21 perfecte popliedjes van drie minuten of meer af had kunnen leveren, maar aan de andere kant hebben de korte popsongs of flarden van popsongs op Close It Quietly een charme die nauwelijks is te weerstaan. 

Popsongs terugbrengen tot de essentie is een kunst en het is een kunst die Frankie Cosmos uitstekend beheerst. Frankie Cosmos heeft ook op haar vierde album weer een voorkeur voor dromerige popliedjes met fluisterzachte vocalen, maar ze kan ook uit de voeten met meer ingetogen folky songs en met redelijk ingetogen rocksongs vol verwijzingen naar de rockbands uit de jaren 90 als Throwing Muses of Belly. 

Gabe Wax heeft het wat rommelige geluid op de eerste albums van Frankie Cosmos omgetoverd tot een mooi verzorgd geluid, dat voldoende variatie biedt om de aandacht 21 songs lang vast te houden. Het had van mij ook best drie keer zo lang mogen duren, maar zo is het ook goed. Heel goed zelfs. Erwin Zijleman 

De muziek van Frankie Cosmos is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://ingridsuperstar.bandcamp.com.


 

zondag 8 september 2019

I Am Oak - Osmosis

Alweer het zesde album van I Am Oak en het is er net als de vorige albums een om te bewonderen en te koesteren
Thijs Kuijken maakt inmiddels al ruim tien jaar muziek als I Am Oak een heeft in die ruim tien jaar inmiddels zes albums afgeleverd. Album nummers zes, Osmosis, ligt deels in het verlengde van zijn voorgangers, maar laat ook weer een net wat ander geluid horen. Bovendien laat de Utrechtse muzikant op al zijn albums groei horen en dat doet hij ook dit keer. Osmosis heeft een dromerig en ontspannend geluid met invloeden uit de folk en de rock en een 70’s feel, maar I Am Oak doet ook altijd dingen die je niet verwacht, waardoor steeds meer schoonheid en avontuur aan de oppervlakte komt.


I Am Oak, de band rond de Utrechtse muzikant Thijs Kuijken, heeft in de afgelopen tien jaar een bijzonder fraai oeuvre opgebouwd. Osmosis is alweer het zesde album van I Am Oak en het is wederom een album van grote schoonheid.

Thijs Kuijken slaagt er iedere keer weer in om zijn door folk, rock en slowcore beïnvloede muziek anders te laten klinken en ook Osmosis klinkt weer net wat anders dan de vorige albums van de band. Thijs Kuijken schreef de meeste songs dit keer achter de piano en het is dan ook niet zo gek dat dit instrument een wat voornamere rol heeft gekregen op het nieuwe album van I Am Oak. 

Ook Osmosis laat weer een vooral ingetogen geluid horen. Het is een geluid vol invloeden uit de folk, maar door het lage en bezwerende tempo van de songs, wordt de muziek van I Am Oak ook met enige regelmaat in het hokje slowcore geduwd. Het ingetogen geluid van de band mag af en toe ook ontsporen met gruizige gitaaruithalen, wat Osmosis weer meer de kant van de rock op duwt. Hiernaast maakt Thijs Kuijken op het zesde album van zijn band muziek die herinnert aan de tijdloze singer-songwriter muziek uit de jaren 70, wat het album weer een net wat andere kant op duwt. 

Net als op de vorige albums benevelt I Am Oak met uiterst ingetogen klanken, maar een verrassing ligt altijd op de loer, waardoor de muziek van de Utrechtse muzikant de fantasie stevig prikkelt. Op Osmosis worden aangenaam voortkabbelende pianoakkoorden met enige regelmaat doorsneden met prachtig ruw gitaarwerk, maar de bijzondere accenten die zijn aangebracht in de muziek op Osmosis zijn even vaak bijzonder subtiel. In het verleden was er nog wel eens twijfel over de zang van Thijs Kuijken, maar vergeleken met de vroege albums van de band is Utrechtse singer-songwriter, die ook vrijwel alle instrumenten op het album bespeelt, veel beter gaan zingen, waardoor de zang nu prominent in de mix mag staan.

I Am Oak maakte al een aantal uitstekende albums, maar het oeuvre van de band laat ook een stijgende lijn zien en horen. Het is een lijn die wordt doorgetrokken op Osmosis dat ik weer net wat sterker vind dan het vorige album van de band. Het is deels de verdienste van de betere zang op het album, maar het is vooral de bijzondere sfeer op het album die de songs op het album nog een stukje verder omhoog tilt. 

I Am Oak maakte in het verleden een aantal melancholische albums en ook Osmosis is niet vies van een dosis melancholie. Aan de andere kant straalt de muziek op het door de natuur geïnspireerde album een vredige rust uit door de laid-back 70’s sfeer en klinken de organische klanken op het album puur. 

I Am Oak heeft een album gemaakt waarbij het bijzonder lekker wegdromen is, maar het is ook een album vol geheimen, die je stuk voor stuk wilt ontrafelen. Dat laatste kan ik zeker aanraden, want er gebeurt van alles in de loom klinkende songs van de Thijs Kuijken. Het levert voor de zesde keer een prachtalbum van I Am Oak op en het is ook dit keer een album dat iets unieks toevoegt aan het inmiddels rijke en unieke oeuvre van de Utrechtse muzikant. Erwin Zijleman

De muziek van I Am Oak is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van het label van de band: https://snowstar.bandcamp.com/album/osmosis.



 

zaterdag 7 september 2019

The Highwomen - The Highwomen

The Highwomen imponeren met geweldige vocalen en harmonieën, maar ook in muzikaal en artistiek opzicht is het debuut van deze supergroep van een bijzonder hoog niveau
Het bij elkaar zetten van vier geweldige muzikanten is nog geen garantie voor succes. Veel van de ‘supergroepen’ die in het verleden zijn geformeerd vielen uiteindelijk tegen. Het geldt gelukkig niet voor The Highwomen. Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby blazen je van je sokken met de geweldige zang en harmonieën op het album, maar samen met topproducer Dave Cobb en een aantal geweldige muzikanten staat het viertal ook garant voor een prachtig geluid in songs die stuk voor stuk pareltjes zijn. Met de songs op het album, zouden Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby allemaal een prachtalbum hebben gemaakt, maar het totaal overtreft in dit geval met afstand de som der delen. Geweldig album van deze gelegenheidsband. 


The Highwomen is een gelegenheidsband waarvoor in de jaren 60, 70 en 80 absoluut het predicaat ‘supergroep’ uit de kast zou zijn getrokken. Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby verdienden de afgelopen jaren allemaal hun sporen binnen de Amerikaanse rootsmuziek en zijn met zijn vieren goed voor een mooi stapeltje ijzersterke rootsalbums (waarvan de laatste van Natalie Hemby helaas niet de aandacht kreeg die het album zo verdiende). 

De naam van het viertal verwijst natuurlijk naar The Highwayman, de gelegenheidsband die halverwege de jaren 80 werd geformeerd door countrysterren Johnny Cash, Willie Nelson, Waylon Jennings en Kris Kristofferson. Dat een supergroep lang niet altijd goed is voor grootse daden werd overigens bewezen door dit roemruchte kwartet, dat ondanks een aardig debuut nooit echt wist te imponeren. 

Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby doen dat wel, waarbij het natuurlijk helpt dat de vier jonge zangeressen momenteel op de toppen van hun kunnen presteren, terwijl het beste er bij een aantal van de heren van The Highwayman wel af was in de tweede helft van de jaren 80 en de ego’s een stukje groter waren dan die van The Highwomen. 

De openingsnoten van het titelloze debuut van The Highwomen zijn voor soulzangeres Yola, maar hierna barst het countrygeweld los. De vier zangeressen laten individueel horen wat ze kunnen, maar het debuut van het viertal staat natuurlijk ook vol met harmonieën. Het zijn harmonieën van het soort dat goed is voor koude rillingen en kippenvel en in beide gevallen van genot. 

Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby beschikken stuk voor stuk over stemmen die gemaakt zijn voor de countrymuziek, maar klinken ook allemaal net wat anders. Dat hoor je wanneer ze een voor een het voortouw nemen in de songs op het album, maar de verschillen verdwijnen onmiddellijk wanneer de stemmen van de vier op prachtige wijze samenvloeien. 

Ook in muzikaal opzicht bewandelen de vier normaal gesproken verschillende wegen. Waar Maren Morris op haar laatste album koos voor schaamteloos hitgevoelige countrypop, kennen we Natalie Hemby van wat traditioneler klinkende rootsmuziek, terwijl Amanda Shires en Brandi Carlile bij voorkeur de wat alternatievere hoeken van het genre opzoeken. 

Op het debuut van de vier domineert de wat traditionelere of in ieder geval tijdloze Amerikaanse rootsmuziek en staat alles in dienste van vier geweldige stemmen. Het zijn deze stemmen die bij eerste beluisteringen van het album alle aandacht opeisen, maar luister ook zeker naar de geweldige muzikanten op het album en naar de bijzonder fraaie productie van wie anders dan Dave Cobb, die het debuut van The Highwomen heeft voorzien van het tijdloze en gloedvolle geluid dat past bij al het vocale geweld op het album. Het is een geluid dat prachtig ingetogen kan klinken, maar The Highwomen durven ook flink gas te geven, wat het album voorziet van veel passie en energie. 

Met Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby beschikken The Highwomen over vier getalenteerde songwriters, maar ook bij het schrijven van de songs werd niets aan het toeval overgelaten en droegen onder andere Jason Isbell, Ray LaMontagne, Lori McKenna en Miranda Lambert een steentje bij, terwijl natuurlijk Jimmy Webb, die 34 jaar geleden tekende voor de titeltrack van het debuut van The Highwayman, werd aangetrokken voor de titeltrack van het debuut van The Highwomen. 

Enige liefde voor countrymuziek is een vereiste om te kunnen genieten van de muziek van de gelegenheidsband van Amanda Shires, Brandi Carlile, Maren Morris en Natalie Hemby, maar voor liefhebbers van Amerikaanse rootsmuziek is het smullen, terwijl muziekliefhebbers met een duidelijke voorkeur voor vrouwenstemmen binnen de Amerikaanse rootsmuziek zich bij beluistering van dit fraaie album alleen maar in het paradijs kunnen wanen. Erwin Zijleman


 

vrijdag 6 september 2019

Suzy V - Sound Of The Sea

Van de stapel .....
Iedere week verschijnen stapels nieuwe albums. Ook na een strenge selectie is het veel meer dan ik kan plaatsen op deze BLOG, waardoor iedere week albums op de stapel terecht komen. Helaas komen deze albums hier over het algemeen niet meer af. Om de echte parels een tweede kans te geven, besteed ik vanaf nu op iedere vrijdag aandacht aan een album van de stapel dat echt veel te mooi is om te laten liggen.
Deze week.... Sound Of The Sea van Suzy V
Komt overigens op een goed moment, want later deze maand is Suzy V te zien tijdens de Popronde, zie https://www.popronde.nl/profiel/10348.


Suzy V overrompelt op haar debuut met een mix van aanstekelijke pop en Siciliaanse folk die betovert en bezweert
Luister naar de openingstrack van Sound Of The Sea en je bent om. De Amsterdamse singer-songwriter Suzy V creëert op haar debuut een volkomen uniek geluid, waarin invloeden uit de wat weemoedige Siciliaanse volksmuziek een belangrijke rol spelen. Het levert muziek op die garant staat voor mooie beelden op het netvlies en het stevig prikkelen van de fantasie. Suzy V maakt hiernaast aanstekelijke en soms jazzy pop, die wel wat doet denken aan Caro Emerald, wat niet zo gek is omdat Caro Emerald gitarist en producer Wieger Hoogendorp het debuut van Suzy V produceerde. Sound Of The Sea is een debuut dat overloopt van belofte, maar het is ook een debuut dat je meerdere malen verbaast en betovert.


Hoeveel debuterende muzikanten maken met de eerste noten van hun debuut direct een onuitwisbare indruk? Het zijn er niet heel veel denk ik, maar de Nederlandse singer-songwriter Suzy V doet het. 

Haar debuut Sound Of The Sea opent met mediterrane klanken, die je onmiddellijk de set van The Godfather op sleuren, al is dat vooral mijn associatie. Helemaal onzinnig is die associatie overigens niet. Suzy V kwam via haar half-Italiaanse moeder in aanraking met de Siciliaanse folk en nam de liefde voor de muziek van dit prachtige Italiaanse eiland over. 

Het is muziek vol warme klanken en zonnestralen maar het is ook muziek vol melancholie, want ook daaraan is op het Italiaanse eiland dankzij de gewelddadige geschiedenis geen gebrek. Het is muziek die prachtig past bij de uitstekende zang van Suzy V en het is muziek die haar debuut voorziet van een uniek eigen geluid, dat in de openingstrack Gone Tomorrow van een bijzondere schoonheid is. 

Invloeden uit de Siciliaanse folkmuziek keren met grote regelmaat terug op Sound Of The Sea en voorzien het album van Suzy V van een beeldend of zelfs filmisch karakter. Luister naar de muziek van Suzy V en de bijzondere beelden verschijnen bijna vanzelf op het netvlies. Zeker wanneer de Amsterdamse singer-songwriter het tempo laag houdt, maakt ze indruk met gevoelige zang die uitstekend gedijt in het bijzondere klankentapijt op het album, dat hier en daar opschuift richting Portishead.

Sound Of The Sea is vaak een wat donker en bezwerend album, maar het debuut van Suzy V heeft ook een lichtvoetige kant. Wanneer de Nederlandse singer-songwriter kiest voor aanstekelijke pop of uptempo jazzy songs, hoor je goed dat ze het album samen met de van Caro Emerald bekende Wieger Hoogendorp heeft gemaakt. 

Het is niet zo makkelijk om lekker in het gehoor liggende popliedjes te combineren met zoveel Siciliaanse melancholie, maar op het debuut van Suzy V vloeien de twee werelden op bijna organische wijze samen. Het levert een album op dat zoals gezegd direct een onuitwisbare indruk maakt en dat vervolgens makkelijk de aandacht vast weet te houden. 

De jazzy en poppy songs op het album hebben wat mij betreft een wat minder bijzonder geluid en spreken me daarom net wat minder aan, maar ook in deze songs houdt de jonge Suzy V zich als zangeres moeiteloos staande. 

Het geluid van Wieger Hoogendorp is dankzij Caro Emerald inmiddels wereldberoemd en ook op Sound Of The Sea steekt het in productioneel en instrumentaal opzicht allemaal knap in elkaar, al zijn een aantal wat meer pop georiënteerde songs wat minder onderscheidend. Het is een overigens zeer beperkt aantal mindere momenten dat absoluut wordt gecompenseerd door de momenten waarin Suzy V uitpakt met haar Siciliaanse roots. 

In die songs lijkt de Amsterdamse singer-songwriter bij de hand genomen door Ennio Morricone of een andere grote Italiaanse componist en maakt ze muziek die van alles met je doet en die nieuwsgierig maakt naar alles wat Suzy V nog voor je in petto heeft. Suzy V is overigens het alter ego van Suzanne ten Brink en ze is inderdaad de dochter van een bekende tv-presentator. Dat zou best een handige kruiwagen kunnen zijn, maar die heeft Suzy V met al haar talent en het unieke geluid op Sound Of The Sea helemaal niet nodig. Wat een bijzonder album. Erwin Zijleman



 

donderdag 5 september 2019

Joan Shelley - Like The River Loves The Sea

Joan Shelley laat zich inspireren door de Amerikaanse folk uit vervlogen tijden en levert een ingetogen, intiem en bloedstollend mooi album af
Joan Shelley kwam er de afgelopen jaren bekaaid af op deze BLOG, maar inmiddels ben ik flink onder de indruk van haar oeuvre en dan met name van haar laatste album Like The River Loves The Sea. Het is een album met mooie ingetogen folksongs die vooral herinneren aan de hoogtijdagen van de Laurel Canyon folk uit de jaren 60 en 70. Het op IJsland opgenomen album is sober gearrangeerd, waardoor de fluisterzachte stem van Joan Shelley alle aandacht krijgt. Het is een stem die alle aandacht opeist en die makkelijk onder de huid kruipt. Hetzelfde geldt voor de tijdloos klinkende songs van de Amerikaanse singer-songwriter die met haar nieuwe album diepe indruk maakt.


De Amerikaanse singer-songwriter Joan Shelley was in het verleden niet zo happig op het (snel) beschikbaar maken van haar muziek via de streaming media diensten, waardoor haar albums, in ieder geval op deze BLOG, niet de aandacht kregen die ze verdienden. 

De singer-songwriter uit Louisville, Kentucky, doet het tegenwoordig anders, want het deze week verschenen Like The River Loves The Sea is direct te vinden op onder andere Spotify, Apple Music en bandcamp, waar ook de rest van het bijzonder fraaie oeuvre van de Amerikaanse singer-songwriter is te vinden. 

Like The River Loves The Sea is de opvolger van het ruim twee jaar geleden verschenen titelloze album, waarop Joan Shelley zeer succesvol samenwerkte met Wilco voorman Jeff Tweedy, die het album mede produceerde. Voor haar nieuwe album trok Joan Shelley helemaal naar IJsland, waar de Amerikaanse muzikant James Elkington, in kleine kring bekend van de band The Zincs, tekende voor een belangrijk deel van het instrumentarium en de coproductie, terwijl een beperkt aantal IJslandse muzikanten zorg droeg voor de verdere inkleuring van het album en ook Will Oldham nog een paar noten mee zong. 

De meeste muzikanten die hun inspiratie zoeken op IJsland keren terug met een album vol atmosferische en zweverige klanken, maar op het nieuwe album van Joan Shelley is er niet zo gek veel veranderd ten opzichte van de vorige albums van de Amerikaanse singer-songwriter. 

Like The River Loves The Sea is, net als zijn voorgangers, geworteld in de Amerikaanse folk uit de jaren 60, waarbij Joan Shelley vooral aansluit bij de vaandeldragers van de Laurel Canyon scene met Joni Mitchell voorop, maar ook invloeden van alternatievere smaakmakers als Linda Perhacs, Karen Dalton en Judee Sill hebben hun weg gevonden in de muziek van de singer-songwriter uit Louisville. 

Vergeleken met een groot deel van deze singer-songwriters beschikt Joan Shelley over een bijzonder aangename en makkelijk in het gehoor liggende stem. De vocalen op Like The River Loves The Sea zijn over het algemeen fluisterzacht, maar het zijn ook vocalen vol emotie, wat de songs van Joan Shelley een bijzondere lading geeft. 

De mooie heldere en zachte vocalen op het album worden gecombineerd met een op het eerste gehoor ook zeer sobere instrumentatie, maar het door de akoestische gitaar gedomineerde geluid wordt hier en daar subtiel versterkt door strijkers en synthesizers. Zeker wanneer Joan Shelley kiest voor traditioneel aandoende folksongs heeft ze ook wel wat van Gillian Welch, maar het merendeel van de songs zoekt de inspiratie in het California van de jaren 60 en niet in de Appalachen. 

Ik heb de meeste releases van Joan Shelley de afgelopen jaren onvoldoende aandacht gegeven, maar inmiddels ben ik behoorlijk in de ban van een intiem en wonderschoon oeuvre en dan vooral van de prachtige stem van Joan Shelley en de bijzondere wijze waarop ze haar songs vertolkt. Binnen dit oeuvre kan Like The River Loves The Sea wat mij betreft met de beste albums mee. Erwin Zijleman

De muziek van Joan Shelley is ook verkrijgbaar via haar bandcamp pagina: https://joanshelley.bandcamp.com/album/like-the-river-loves-the-sea.