07 april 2026

Review: Kalyn Fay - Garden (ᎠᏫᏒᏅ)

De Amerikaanse singer-songwriter Kalyn Fay maakte de afgelopen tien jaar twee bijzonder mooie en veelzijdige rootsalbums en ook het deze week verschenen en echt prachtig klinkende album Garden is er weer een
Het is zeven jaar stil geweest rond Kalyn Fay, maar deze week verscheen eindelijk een nieuw album, Garden (ᎠᏫᏒᏅ). Het is een album dat volgt op twee uitstekende rootsalbums, die wat mij betreft allebei een beter lot hadden verdiend. Bible Belt en Good Company staken wat mij betreft ruimschoots boven het maaiveld uit en dat doet ook Garden. Het is een album met invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, maar ook uitstapjes richting pop. De muziek op het album is echt prachtig en dat geldt ook voor de stem van Kalyn Fay, die wederom tekent voor persoonlijke teksten. De singer-songwriter uit Oklahoma is nog vrij onbekend, maar dat moet echt gaan veranderen met het ijzersterke Garden.



Kalyn Fay haalde in 2016 met haar debuutalbum Bible Belt met veel overtuiging mijn jaarlijstje. Het eerste album van de singer-songwriter uit Tulsa, Oklahoma, was op dat moment helaas nog niet te vinden op de streamingplatforms en kreeg hierdoor niet de aandacht die het album zo verdiende, maar wat mij betreft was Bible Belt een van de allerbeste rootsalbums van 2016. 

Het is een album waarop Kalyn Fay (Barnoski) met veel gevoel vertelt over haar Cherokee wortels en over het opgroeien in de Amerikaanse Bible Belt, die er de afgelopen jaren zeker niet toleranter op is geworden. De Amerikaanse muzikante verraste niet alleen met persoonlijke teksten, maar ook met lekker in het gehoor liggende songs, die bijzonder fraai waren ingekleurd en waarin de mooie stem van Kalyn Fay de hoofdrol speelde. 

Bible Belt is inmiddels gelukkig wel overal te beluisteren en dat geldt ook voor de in 2019 verschenen opvolger Good Company, waarop Kalyn Fay liet horen dat haar debuutalbum zeker geen toevalstreffer was. Ondanks twee uitstekende albums is Kalyn Fay helaas nog altijd vrij onbekend in rootskringen, waardoor ook het deze week verschenen album Garden vooralsnog niet is overladen met aandacht. Dat verdient het album wel, want ook op Garden maakt Kalyn Fay, die zich inmiddels ziet als een non-binaire persoon, Amerikaanse rootsmuziek die een breed publiek moet kunnen aanspreken. 

De rootsmuziek van de muzikant uit Oklahoma schakelde op de vorige twee albums makkelijk tussen wat traditioneler klinkende Amerikaanse rootsmuziek en rootsmuziek met een randje pop en dat doet Kalyn Fay ook weer op Garden. Vergeleken met het debuutalbum is de muzikant uit Oklahoma inmiddels wel wat opgeschoven richting een wat moderner klinkend rootsgeluid, maar ook Garden is een album dat zowel liefhebbers van pure Amerikaanse rootsmuziek als liefhebbers van rootsmuziek met een vleugje pop zal aanspreken. 

Garden, ook geschreven als ᎠᏫᏒᏅ, is een persoonlijk album over identiteit en cultuur dat begint bij de tuin van de grootouders van Kalyn Fay en bij de Cherokee-cultuur die nog altijd belangrijk is voor de Amerikaanse muzikant. Garden is in een aantal songs een behoorlijk sober en intiem klinkend album, maar het bevat ook een aantal songs die voller zijn ingekleurd en meer neigen naar pop met een vleugje roots of naar wat atmosferisch klinkende muziek. 

Ik heb er meestal een voorkeur voor als muzikanten kiezen tussen een wat traditioneler en een wat moderner geluid, maar bij beluistering van Garden zit de veelzijdigheid van Kalyn Fay me absoluut niet in de weg. Op een of andere manier lopen de verschillende invloeden op Garden vrijwel naadloos in elkaar over en is het niet zo relevant in welk hokje het album precies past. 

Ik was op de vorige albums zeer gecharmeerd van de songs van Kalyn Fay en van de muziek en de zang en zowel de songs als de muziek en de zang klinken op Garden nog wat mooier. Kalyn Fay heeft voor de derde keer op rij een album van een zeer hoog niveau afgeleverd, dat betovert met wonderschone klanken, met songs die de fantasie prikkelen en met een stem die iets met je doet. Met name Bible Belt heeft nog altijd een bijzonder plekje in mijn hart, maar ook Garden is een album dat ik vanaf nu ga koesteren. Erwin Zijleman

De muziek van Kalyn Fay is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van het label van de Amerikaanse muzikant: https://hortonrecords.bandcamp.com/album/garden.


Garden van Kalyn Fay is verkrijgbaar via de Mania webshop:



06 april 2026

Review: deary - Birding

Luister naar Birding van deary en het is wel duidelijk waar de Britse band haar inspiratie heeft gevonden, maar er zijn op het moment niet veel dreampop albums die mooier zijn dan het debuutalbum van de band uit Londen
Na het prachtige mini-album Aurelia uit 2024 waren mijn verwachtingen hooggespannen, maar wat mij betreft maakt deary de verwachtingen meer dan waar met haar debuutalbum Birding, dat deze week is verschenen. Birding klinkt als de albums die in de late jaren ’80 en vroege jaren ’90 werden gemaakt in hokjes als slowcore en vooral dreampop. Echo’s van bijvoorbeeld The Cocteau Twins komen onmiddellijk aan de oppervlakte, maar deary borduurt zeker niet fantasieloos voort op muziek uit het verleden. Alles op Birding klinkt even mooi, maar de gitaren van de band en de zang van Dottie Cockram springen het meest in het oor. Het levert een prachtig debuutalbum op.



Aan het eind van 2024 schreef ik het volgende over het mini-album van de Britse band deary: “Luister naar Aurelia van het Britse duo deary en je hoort flarden van de hoogtepunten van de shoegaze, slowcore en vooral dreampop uit de late jaren ’80 en de jaren ’90. De leden van het Britse duo hebben zich nadrukkelijk laten inspireren door de muziek van The Cocteau Twins, maar ze hebben er ook hun eigen ding van gemaakt. Rebecca ‘Dottie’ Cockram en Ben Easton overtuigen op Aurelia met prachtige klanken en nog mooiere zang en maken beeldende muziek die de fantasie uitvoerig prikkelt, maar waarop het ook heerlijk wegdromen is. Het is jammer dat Aurelia slechts een mini-album is, maar het is er een die doet uitzien naar nog veel meer muziek van het Britse tweetal”. 

Ik laat mini-albums meestal liggen, maar de songs van deary waren wat mij betreft te mooi om te negeren. We hebben uiteindelijk nog bijna anderhalf jaar moeten wachten op nieuw werk van Dottie Cockram en Ben Easton, maar het deze week verschenen debuutalbum van deary was het wachten meer dan waard. 

Op het deze week verschenen Birding heeft het duo gezelschap gekregen van drummer Harry Catchpole, maar in muzikaal opzicht is er niet zo gek veel veranderd. Ook op Birding maakt de Britse band geen geheim van inspiratiebronnen uit het verleden. Direct vanaf de eerste noten en zeker wanneer de zang invalt had ik associaties met de muziek van bijvoorbeeld The Cocteau Twins, maar het album bevat meer invloeden uit de shoegaze, slowcore, postpunk en vooral de dreampop. 

Dat zijn de afgelopen jaren wat uitgekauwde invloeden, maar net als op het mini-album uit 2024, tikt deary ook op haar debuutalbum een hoog niveau aan. De muziek van de inmiddels tot een trio uitgebreide band bestaat uit meerdere lagen breed uitwaaiende gitaarpartijen van zowel Dottie Cockram als Ben Easton en de wat ijle zang van Dottie Cockram. 

Net als op het min-album zijn drums toegevoegd en hoewel de drumpartijen een iets grotere rol spelen dan op Aurelia, blijven de gitaren het geluid van deary domineren, hier en daar bijgestaan door wolken synths. Het gitaarwerk is goed voor beeldende en wat dromerige klanken met vaak breed uitwaaiende klankentapijten met hier en daar baslijnen die herinneren aan de postpunk. 

Het is muziek die goed past bij de stem van Dottie Cockram, die het ruimtelijke en vaak ook wat zweverige effect dat de muziek van deary heeft nog wat versterkt met haar zang. De Britse muzikante doet meer dan eens denken aan Elizabeth Fraser, de zangeres van The Cocteau Twins en niet vanwege haar stem, maar ook vanwege haar manier van zingen. Net als Elizabeth Fraser gebruikt ook Dottie Cockram haar stem deels als instrument en zijn klanken vaak belangrijker dan de teksten die ze uitspreekt. 

Er zijn de laatste jaren veel meer bands die zich hebben laten inspireren door bands als The Cocteau Twins, maar de songs van deary prikkelen mijn fantasie intenser dan de albums van andere bands met een voorliefde voor 80’s en 90’s dreampop. Ik was eind 2024 behoorlijk onder de indruk van het mini-album Aurelia, maar het deze week verschenen Birding spreekt me eigenlijk in alle opzichten net iets meer aan. De songs zijn sterker, het gitaarwerk is nog wat veelkleuriger en de stem van Dottie Cockram nog wat bedwelmender. Prachtig album! Erwin Zijleman

De muziek van deary is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Britse band: https://deary.bandcamp.com/album/birding.


Birding van deary is verkrijgbaar via de Mania webshop:



Review: U2 - Easter Lily EP

Ik had de Ierse band U2 echt al talloze malen afgeschreven toen in februari de verrassend goede EP Days of Ash verscheen, die nu wordt gevolgd door het wat mij betreft nog wat betere Easter Lily
Wat mij betreft houden muzikanten zich keurig aan de vooraf samengestelde releaselijsten, al is een muzikale verrassing op zijn tijd niet zo gek. Die verrassing kwam de afgelopen week van U2, dat dit jaar wel houdt van verrassingen. In februari verscheen uit het niets de EP Days of Ash en afgelopen vrijdag was er plotseling de EP Easter Lily. Op de nieuwe EP, die zes tracks en meer dan een half uur muziek bevat, heeft U2 de goede vorm van Days of Ash vast weten te houden en zet de band zelfs volgende stappen in de goede richting. Het is voor mij echt een enorme verrassing, want ik had echt niet meer verwacht in 2026 nog eens te zeggen dat U2 prima werk heeft afgeleverd en zeker niet twee keer op rij.



Ik was al zo’n 25 jaar totaal niet meer geïnteresseerd in de muziek van de Ierse band U2 toen in februari, op 
Aswoensdag, de EP Days of Ash verscheen. Op deze EP klonk de band, in ieder geval een deel van de tijd, weer geïnspireerd en hoorde ik iets van het vuur dat zo nadrukkelijk brandde op de albums die de band in de jaren 80 maakte. 

Van de zes tracks op Days of Ash waren er zeker vier de moeite waard en twee zelfs behoorlijk goed, wat voor mij echt een enorme verrassing was. Ik ging eerlijk gezegd uit van een eenmalige opleving of een laatste stuiptrekking van de Ierse band, maar een paar dagen geleden gooide U2 er nog een EP tegenaan. 

Easter Lily, dat vlak voor Pasen op Goede Vrijdag is verschenen, bevat nog eens zes nieuwe U2-tracks en is goed voor ruim een half uur muziek. Van de door mij verwachte terugval is geen sprake, want ook op Easter Lily klinkt U2 geïnspireerd en verrast het met songs die herinneren aan de gloriedagen van de band. 

Ik heb Easter Lily inmiddels een aantal keren beluisterd en schat de nieuwe EP van de band nog wat hoger in dan Days of Ash. Op Days of Ash zocht U2 de politieke confrontatie, maar op Easter Lily is meer ruimte voor persoonlijke thema’s en introspectie. 

Dat hoor je niet alleen in de teksten, maar ook in de muziek, die wat meer ingetogen en wat melodieuzer klinkt. Het wat minder ruwe geluid past wat mij betreft beter bij de stem van Bono, die minder geforceerd klinkt dan op Days of Ash. Adam Clayton en Larry Mullen Jr. spelen op Easter Lily zoals altijd solide, maar hebben absoluut veel invloed op het zo karakteristieke geluid van de band. 

De meeste invloed heeft echter gitarist The Edge, die op Easter Lily prachtig veelkleurig speelt. Af en toe hoor je flarden uit de roemruchte geschiedenis van de band, maar het gitaarwerk op Easter Lily heeft zich ook aangepast aan het nieuwe geluid dat U2 ook laat horen op haar nieuwe EP. 

Juist die combinatie van echo’s uit het verleden en nieuwe impulsen maakt van Easter Lily zo’n knappe EP. Nog meer dan Days of Ash hoor je in de nieuwe songs van U2 de inspiratie en bevlogenheid die zo lang ontbrak in de muziek van de Ierse band. Op Easter Lily ligt het niveau wat mij betreft nog wat hoger dan op Days of Ash, dat ook nog wel een flinke miskleun bevatte in de slottrack. 

Easter Lily bevat deze niet, al vind ik Easter Parade wel net wat minder dan de rest. De slottrack van Easter Lily is daarentegen een prachtige uitsmijter, waarin een soundscape van Brian Eno centraal staat en de zang op bijzondere wijze is vervormd. Brian Eno inspireerde de band halverwege de jaren 80 tot een van de beste albums van U2 en ook de slottrack van Easter Lily is prachtig. 

In muzikaal opzicht zit Easter Lily dichter bij de albums The Unforgettable Fire en The Joshua Tree dan op Days of Ash, maar de EP laat ook horen dat U2 veertig jaar later nog altijd bestaansrecht heeft. Ik weet niet of er nog meer in het vat zit dit jaar, naar verluidt komt er nog een nieuw album, maar na Days of Ash en zeker na Easter Lily is nieuw werk van U2 zowaar iets waar ik naar uitkijk en dat had ik een paar maanden geleden echt niet meer verwacht. Erwin Zijleman


05 april 2026

Review: Janet Jackson - Control (1986)

Janet Jackson had niet veel bijzonders laten horen op haar eerste twee albums, maar met het in 1986 verschenen en zeer vakkundig geproduceerde Control groeide de Jackson-telg terecht uit tot een wereldster
Ik had in 1986 niets met Janet Jackson, al vond ik When I Think Of You best lekker klinken. Ik was in 1986 wel gek op Prince, maar had niet door dat er op het album Control van Janet Jackson nogal wat Prince-invloeden te horen zijn. Control klinkt in productioneel opzicht inmiddels ietwat gedateerd, maar je hoort wel het vakwerk van Jimmy Jam en Terry Lewis. Nog beter zijn de songs op het album, die door Janet Jackson fraai worden vertolkt. Van Control werden er in 1986 vele miljoenen verkocht en ik begrijp inmiddels wel waarom dat zo is. Met het zwak dat ik inmiddels heb voor pop kan ik alsnog genieten van het 40 jaar oude doorbraakalbum van Janet Jackson.



Ik had in de jaren ’80 en ’90 nog niet zo heel veel met pop en liet de grote popalbums uit deze decennia daarom meestal links liggen. Ik luister tegenwoordig wel met enige regelmaat naar pop uit de jaren ’80 en ’90 en vind veel popalbums uit deze periode inmiddels behoorlijk gedateerd klinken. Onlangs heb ik me verdiept in het werk van Janet Jackson, die net als haar andere broers en zussen altijd in de schaduw stond van broer Michael, maar die in de jaren ’80 en ’90 een tijd lang behoorlijk populair was. 

Janet Jackson maakte in de eerste helft van de jaren ’80 twee albums die we maar beter zo snel mogelijk kunnen vergeten, maar met Control (1986), Rhythm Nation 1814 (1989), Janet. (1993) en The Velvet Rope (1997) leverde ze vier albums af die er absoluut mogen zijn. Het zijn vier albums waaruit het best lastig kiezen is, want ze hebben alle vier hun sterke en zwakke punten, maar ik heb uiteindelijk het meest met Control uit 1986. 

Het is het album waarmee Janet Jackson even uit de schaduw stapte van haar broer, die in 1987 zijn album Bad zou uitbrengen. Control behoorde in 1986 tot de best verkochte albums, ging meer dan tien miljoen keer over de toonbank en legde het alleen af tegen Madonna, Bon Jovi en Paul Simon. 

Ik gaf hierboven al aan dat veel popalbums uit de jaren 80 inmiddels wat gedateerd klinken en dat geldt eerlijk gezegd ook wel voor Control van Janet Jackson, al vind ik het album nog steeds fantastisch klinken. Op Control werkt Janet Jackson samen met producers en songwriters Jimmy Jam en Terry Lewis, die in de jaren ’80 en ’90 werkten met de groten der aarde en terecht werden beloond met meerdere Grammy’s en een plekje in de Rock and Roll Hall of Fame voor hun productiewerk en songwriting. 

Jimmy Jam en Terry Lewis kwamen oorspronkelijk uit de entourage van Prince en maakten deel uit van de band The Time. Die connectie met Prince hoor je op Control heel duidelijk en met name in het gebruik van elektronica en in de dominantie van ritmes op Control, al legde het album van Janet Jackson ook de basis voor het zo karakteristieke en succesvolle Jimmy Jam en Terry Lewis geluid. 

Zowel de ritmes als de elektronica op Control hebben een typisch jaren ’80 geluid, waardoor je direct hoort dat het een album uit het verleden is, maar de songs van Janet Jackson op Control hebben weinig tot niets van hun kracht verloren. Control was uiteindelijk goed voor een imposante serie singles, want met name Nasty, What Have You Done for Me Lately, When I Think of You en de ballad Let's Wait Awhile werden grote hits. 

Janet Jackson stond zoals gezegd het grootste deel van haar carrière in de schaduw van haar broer Michael, maar op Control doet ze niet veel onder voor haar broer. De songs zijn uitstekend en de zang van Janet vind ik persoonlijk veel beter dan alle kreetjes van Michael. 

Janet Jackson maakte tussen 1986 en 1997 echt prima albums, al is flink wat liefde voor pop noodzakelijk om te kunnen genieten van Control. Het is een album dat af en toe klinkt alsof Prince achter de knoppen zat. Als dat zo was geweest had Control inmiddels nog wat meer aanzien gehad dan nu het geval is, maar ook het productiewerk van Jimmy Jam en Terry Lewis is tot in de puntjes verzorgd. Ik zal niet heel vaak luisteren naar Control, maar het album is echt klassen beter dan in mijn herinnering. Erwin Zijleman


The Montvales - Path Of Totality

Het Amerikaanse duo The Montvales doet op het derde album Path Of Totality alles goed en overtuigt met een mooi rootsgeluid, lekker in het gehoor liggende songs en prachtig bij elkaar kleurende stemmen
Ik had Path Of Totality van The Montvales bijna over het hoofd gezien, maar het nieuwe album van Sally Buice en Molly Rochelson is me inmiddels heel dierbaar. Path Of Totality van The Montvales klinkt op het eerste gehoor als een wat traditioneler aandoend rootsalbum, maar de songs van het tweetal uit Tennessee hebben ook iets lichtvoetigs en een randje pop. Het zijn songs die zijn ingekleurd met vooral snareninstrumenten, wat een aangenaam en smaakvol geluid oplevert. Het is een geluid dat verder wordt opgetild door de mooie stemmen van Sally Buice en Molly Rochelson, die elkaar prachtig versterken. De prima songs op het album maken het helemaal af. Topalbum.



The Euro Americana Chart, een maandelijkse lijst met de beste rootsalbums van de maand volgens een stuk of 70 reporters, biedt absoluut ruimte aan vrouwelijke muzikanten, maar wordt het grootste deel van de tijd aangevoerd door mannelijke muzikanten. Deze maand is het anders en staat het nieuwe album van The Montvales bovenaan de lijst. 

Het is wat zuur dat ik als groot liefhebber van vrouwenstemmen juist dit album heb gemist in de week van de release, maar dankzij The Euro Americana Chart heb ik het album gelukkig toch nog redelijk op tijd ontdekt. The Montvales is een duo uit Knoxville, Tennessee, dat bestaat uit Sally Buice en Molly Rochelson. Path Of Totality is het derde album van het tweetal, maar ik was de naam The Montvales tot de publicatie van The Euro Americana Chart van april volgens mij nog niet eerder tegengekomen. 

Ik ga Sally Buice en Molly Rochelson vanaf nu wel in de gaten houden, want Path Of Totality is een erg goed album. Dat is voor een belangrijk deel de verdienste van de stemmen van Sally Buice en Molly Rochelson, want zeker bij eerste beluistering springen die het meest in het oor. Het zijn stemmen die elkaar prachtig ondersteunen, maar die elkaar ook versterken. 

Het zijn stemmen die duidelijk van elkaar verschillen, maar ze kleuren echt heel mooi bij elkaar. Ook wanneer Sally Buice en Molly Rochelson niet tegelijk zingen is de zang op hun album echt bijzonder mooi, maar als de stemmen samensmelten gebeurt er iets bijzonders. Bij het soort harmonieën dat is te horen op het album van The Montvales gaat de zang vaak voluit, maar Sally Buice en Molly Rochelson zingen ook fraai ingetogen, wat de schoonheid van de zang ten goede komt. 

Het nieuwe album van het duo uit Tennessee moet het niet alleen hebben van de vocale kracht van de twee, want ook de muziek op hun nieuwe album is heel mooi. Sally Buice speelt zelf banjo, terwijl Molly Rochelson zorgt voor een deel van het gitaarwerk. Het snarenwerk van de twee wordt aangevuld door een handvol extra muzikanten, die onder andere bijdragen van de pedal steel, mandoline, viool, bas, drums en nog wat extra impulsen van gitaren en de banjo toevoegen aan het verzorgd klinkende geluid op Path Of Totality. 

Het is een geluid dat goed past in het hokje Amerikaanse rootsmuziek met vooral invloeden uit de folk en de country, maar veel songs van het tweetal hebben ook iets lichts door ook een vleugje pop toe te voegen aan het geluid. Ik werd in eerste instantie vooral gegrepen door de zang van Sally Buice en Molly Rochelson, maar wat klinkt het nieuwe album van The Montvales lekker. 

Dat ligt niet alleen aan het fraai snarenwerk dat domineert in de muziek op het album, maar ook aan de lekker in het gehoor liggende maar ook aansprekende en vaak voorzichtig aanstekelijke songs van The Montvales. Het duo uit Knoxville heeft een album gemaakt dat in de smaak zal vallen bij liefhebbers van wat traditioneler klinkende Amerikaanse rootsmuziek, maar Path Of Totality is ook een album dat een breder publiek aan moet kunnen spreken, wat misschien ook wel blijkt uit de hoge notering in The Euro Americana Chart van deze maand. 

Ik heb het album zelf ontdekt via deze lijst en wat ben ik daar blij mee. Path Of Totality van The Montvales heeft immers alles wat nodig is om uit te groeien tot een van mijn favoriete albums van 2026, al is het jaar nog lang natuurlijk. Erwin Zijleman

De muziek van The Montvales is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van het Amerikaanse duo: https://themontvales.bandcamp.com/album/path-of-totality.


Path Of Totality van The Montvales is verkrijgbaar via de Mania webshop:



04 april 2026

Review: Maria Taylor - Story's End

Maria Taylor draait inmiddels al zo’n 35 jaar mee in de muziek en is te horen op heel veel albums, waarvan haar soloalbums helaas wat onderbelicht blijven, maar ook het deze week verschenen Story’s End is weer een prachtig album
Ik hou van de stem van Maria Taylor en dat doe ik al sinds het eerste album van Azure Ray, het duo dat ze vormde met Orenda Fink. De stem van Maria Taylor staat ook centraal op haar soloalbums en de Amerikaanse muzikante heeft er inmiddels acht gemaakt. Story’s End is deze week verschenen en is misschien wel het mooiste album van Maria Taylor tot dusver. Het is een album vol tijdloze en vaak stemmige singer-songwriter muziek, maar de muzikante uit Los Angeles kleurt ook buiten de lijntjes van het genre op een album waarop de prachtige stem van Maria Taylor is omgeven met flink wat strijkers. Story’s End is een album om eindeloos bij weg te dromen en het wordt alleen maar mooier.



De Amerikaanse muzikante Maria Taylor maakt inmiddels ruim 20 jaar soloalbums en het zijn helaas albums die gedurende de jaren steeds minder aandacht trekken. Als ik mijn favoriete album van Maria Taylor moet kiezen ga ik voor Lynn Teeter Flower uit 2007, maar ook de zes andere albums die ze tussen 2005 en 2019 maakte zijn zeer de moeite waard. 

Het zijn albums waarop de Amerikaanse muzikante vaak tijdloze singer-songwriter muziek met een hang naar de jaren 70 maakt. Van dat soort albums zijn er de afgelopen twee decennia heel veel gemaakt, maar de albums van Maria Taylor zijn van een constante en hoge kwaliteit en hadden stuk voor stuk meer aandacht verdiend. 

De muzikale verdiensten van Maria Taylor beperken zich overigens zeker niet tot haar solowerk. Ze is al sinds de vroege jaren 90 actief, maakte samen met Orenda Fink een flinke stapel uitstekende albums onder de naam Azure Ray, maakte deel uit van de band Now It's Overhead en tourde de laatste jaren ook met Bright Eyes, de band van Conor Oberst. 

Door de reünie van Azure Ray stond het solowerk van Maria Taylor de afgelopen jaren op een laag pitje, maar deze week is de opvolger van het titelloze album uit 2019 verschenen. Ook op haar nieuwe album Story’s End laat Maria Taylor weer tijdloze singer-songwriter muziek horen en het is ook dit keer muziek die geregeld teruggrijpt op de singer-songwriter albums uit de jaren 70. 

Maria Taylor kiest in de openingstrack van haar nieuwe album voor de beproefde combinatie van piano en strijkers en dat is een combinatie die ik wel kan waarderen. Het is een combinatie die op haar vorige albums wel eens een album lang stand hield, maar de tweede track van Story’s End laat een meer gitaargeoriënteerd geluid horen, dat ook fraai combineert met de weldadig ingezette strijkers. 

Maria Taylor laat in de eerste twee tracks van haar nieuwe album meerdere dingen horen. Ze laat horen dat ze kan variëren met haar geluid, dat ze songs kan schrijven die zich direct opdringen en dat ze beschikt over een mooie en warme stem, die in meerdere soorten songs uit de voeten kan. Ik was na de eerste twee songs al verkocht, maar Story’s End gaat nog acht songs door. 

Er volgt een stemmig duet met Conor Oberst, waarin subtiele gitaarakkoorden en baslijnen samenvloeien met heel veel strijkers. Die strijkers zijn de constante factor op het album, maar in muzikaal opzicht is Story’s End gevarieerder dan veel andere albums van Maria Taylor. 

Je hoort goed dat de Amerikaanse muzikante de tijd heeft genomen voor haar nieuwe songs, die allemaal met veel zorg zijn opgenomen en prachtig geproduceerd door Ben Brodin. Het inmiddels 19 jaar oude Lynn Teeter Flower was tot voor kort mijn favoriete album van Maria Taylor, maar wat ben ik inmiddels al gehecht aan Story’s End, waarop de stem van Maria Taylor nog mooier klinkt dan in het verleden en haar creativiteit song na song piekt. 

Zeker op de vroege ochtend doen de fraaie klanken van de strijkers en de prachtige stem van Maria Taylor wonderen, maar ook op de andere momenten van de dag is Story’s End een steeds trouwere metgezel. Het is jammer dat Maria Taylor steeds minder aandacht trekt met haar muziek, maar een wonderschoon album als Story’s End, dat ook in tekstueel opzicht de moeite waard is, kan toch niet onopgemerkt blijven? Erwin Zijleman

De muziek van Maria Taylor is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://mariataylor.bandcamp.com/album/storys-end.



03 april 2026

Review: Raye - THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE.

De Britse muzikante Raye heeft zich de afgelopen jaren stormachtig ontwikkeld en slaagt erin om op haar nieuwe album THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. werkelijk alles dat ze aanraakt in goud te laten veranderen
Het eerste uur van het concert van Raye in de Ziggo Dome ruim twee maanden geleden vond ik echt imponerend, maar hierna verslapte mijn aandacht wat. Ik was bang dat dit ook bij beluistering van haar nieuwe album THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. zou gebeuren, maar daar is geen sprake van. Raye schiet op haar nieuwe album alle kanten op en dat geldt zowel voor de genres als voor de zang en muziek op haar album. THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. is in alle opzichten een weergaloos album en laat goed horen dat Raye echt een enorm talent is. Ze heeft er aardig voor moeten knokken, maar inmiddels ligt de wereld aan haar voeten en dat is echt volkomen terecht.



Eerder dit jaar zag ik de Britse muzikante Raye aan het werk in de Amsterdamse Ziggo Dome. Het was bij vlagen echt heel erg goed tot bijzonder imponerend, maar het was ook veel, heel veel en soms net wat te veel naar mijn smaak. Raye schakelde met haar twintigkoppige band makkelijk tussen nogal verschillende genres, wat een bont geluid opleverde. 

Het ene moment maakte ze pure soul, het volgende moment was het toch meer jazz of bigband muziek, maar Raye kon ook uit de voeten met pure of juist georkestreerde pop, met filmmuziek, met R&B en met wat al niet meer. Het werd aan elkaar gepraat met soms net wat te lange verhalen en ondanks het feit dat de Britse muzikante pas één album op haar naam had staan, speelde ze een hele lange set. 

Die set was zo lang omdat Raye tijdens haar tour alvast stilstond bij haar nieuwe album, dat ruim twee maanden na haar concerten in Amsterdam dan eindelijk is verschenen. Door de concerten wist ik ongeveer wat ik kon verwachten van THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. (met punt) en het deze week verschenen album voldoet qua inhoud goed aan deze verwachtingen. In kwalitatief opzicht is het album echter veel beter dan ik had verwacht. 

Ook THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. is veel van alles. Het nieuwe album van Raye schiet alle kanten op en bestrijkt alle genres die ook tijdens haar concert voorbij kwamen. Nu is bijna twee uur lang staan in de Ziggo Dome best een opgave en op een gegeven moment was ik ook wel klaar met alle verhalen van de Britse muzikante, maar THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. houdt mijn aandacht makkelijk 17 songs en bijna vijf kwartier vast. 

Het nieuwe album is niet alleen veel, maar vaak ook behoorlijk bombastisch, maar het is wat mij betreft nergens over de top, al is dat een kwestie van smaak. Raye schakelt op haar nieuwe album razendsnel tussen genres, waardoor er enorm veel vaart en dynamiek in het album zit. In muzikaal en productioneel opzicht is THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. echt een fantastisch album. Het geluid is extreem vol, maar het is ook een geluid vol details en vol dynamiek. 

Raye schakelt binnen een paar noten van zoet naar ruwe klanken en heeft ook maar een paar noten nodig om een zwoele ballad om te laten slaan in een uptempo jazztrack. Ook organische klanken en elektronica vloeien soepel in elkaar over, waardoor THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. met zevenmijlslaarzen door genres en door de tijd schiet. 

Ook in vocaal opzicht heeft Raye een fascinerend album gemaakt. Net als de muziek op het album klinkt ook de zang op het album steeds weer anders en alles klinkt even goed. Raye is een geweldige soulzangeres, maar het is een soulzangeres die in alle richtingen reuzenstappen kan zetten. 

De Britse muzikante heeft een album gemaakt waarop meer gebeurt dan in een stapel albums van de meeste andere muzikanten. Af en toe vraag je je af of ze niet moet kiezen tussen genres of zich moet beperken tot één of hooguit twee genres, maar na enige gewenning is de enorme vocale en muzikale diversiteit van Raye haar grote kracht. 

Ik begon met enige reserves aan de beluistering van THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE., maar het album blies me bij eerste beluistering van mijn sokken en blijft dat doen. In de Ziggo Dome zag ik een wereldster in de dop, op THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. is Raye een wereldster. Erwin Zijleman


THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE. van Raye is verkrijgbaar via de Mania webshop:


Review: Diana Darby - Otterson

Diana Darby maakte ruim 25 jaar geleden een werkelijk prachtig debuutalbum, maar vervolgens verloor ik haar uit het oog, tot vorige week haar vijfde en wederom bijzonder mooie album Otterson op mijn pad kwam
Wat was ik in de zomer van 2025 onder de indruk van het album Naked Time van Diana Darby, maar vervolgens verloor ik de Amerikaanse singer-songwriter snel uit het oog. Vorige week dook ze weer op, nadat na een stilte van twaalf jaar haar vijfde album Otterson was verschenen. Otterson maakte onmiddellijk net zoveel indruk als Naked Time heel lang geleden. Diana Darby schrijft mooie en vaak intieme songs, die stemmig zijn ingekleurd met vooral gitaren. Het zijn songs die van een uniek eigen karakter worden voorzien door de zeer aansprekende stem van de Amerikaanse muzikante, die haar songs voorziet van een wat donkere en indringende sfeer. Prachtalbum weer.



In een wat obscure lijst met nieuwe albums kwam ik vorige week de naam Diana Darby tegen. Het is een naam die me vaag bekend voorkwam, maar het archief van De Krenten uit de Pop bood geen uitsluitsel. In mijn platenkast vond ik echter het album Naked Time en toen ik de cover zag wist ik het weer. Naked Time is het in de zomer van 2000 verschenen debuutalbum van de singer-songwriter uit Chicago, Illinois, en het is een album waar ik inmiddels bijna 26 jaar geleden enorm van onder de indruk was. 

Ik weet niet of ik in 2000 een jaarlijstje heb gemaakt en kan het in ieder geval niet meer vinden, maar als ik een lijstje heb gemaakt staat Naked Time van Diana Darby ongetwijfeld in de top 10. Ik had echt al heel lang niet meer geluisterd naar het album, maar ik bleek het nog noot voor noot te kennen. Op haar debuutalbum maakt de Amerikaanse muzikante muziek met vooral invloeden uit de country en de folk. Het is een wat traditioneel klinkend album met een vleugje Appalachenfolk, maar de muziek van Diana Darby heeft soms ook een wat rauwer randje. 

Wat het meest opvalt bij beluistering van Naked Time, dat ik destijds oppikte via de Amerikaanse website cdbaby, is de stem van Diana Darby. Het is een zeer karakteristieke stem met een flinke dosis emotie en het is een stem die je direct vanaf de eerste noten vastgrijpt. Soms hoor ik wat van Gillian Welch, maar Diana Darby heeft ook een uniek eigen geluid. 

Na haar debuutalbum verloor ik de muzikante uit Chicago uit het oog, maar ze bleef gewoon muziek maken. In 2003 verscheen het wat soberder klinkende Fantasia Ball, in 2005 het nog wat spaarzamer ingekleurde The Magdalene Laundries, waarna in 2012 het wederom prachtige Diana Darby IV (intravenous) verscheen. Na lange stilte dook Diana Darby vorige week weer op met haar vijfde album Otterson. 

Ik heb opeens niet één maar vijf albums van de Amerikaanse muzikante in handen en ze zijn allemaal mooi. Ik heb de aandacht de afgelopen week vooral gericht op Otterson en het is een album dat in het directe verlengde ligt van het inmiddels ruim een kwart eeuw oude Naked Time. 

Ook op Otterson trekt de stem van Diana Darby direct de aandacht. Het is een vrij zachte stem, maar het is een stem met heel veel expressie en gevoel. Het is een stem die me dit keer vooral aan die van de Britse folkie Kathryn Williams deed denken, maar ook op Otterson heeft Diana Darby een herkenbaar eigen geluid. 

De muzikante uit Chicago maakte haar nieuwe album grotendeels met collegamuzikant JZ Barrell en samen bespelen ze een flink aantal instrumenten, al zijn gitaren dominant op Otterson. Net als op Naked Time staan invloeden uit de folk en country centraal op Otterson en ook op haar nieuwe album maakt Diana Darby muziek die wat traditioneel aandoet. 

Ze verwerkt absoluut invloeden uit de folk zoals die in de late jaren 60 en vroege jaren 70 werd gemaakt, maar Otterson blijft zeker niet steken bij één bepaald geluid. Otterson wist me direct te overtuigen met de bijzondere stem van Diana Darby, maar ook de stemmige klanken en de aansprekende songs tillen het album een flink stuk op. 

Het is echt puur toeval dat ik het nieuwe album van Diana Darby tegenkwam en dat haar naam ergens een belletje deed rinkelen, maar wat ben ik blij met het sfeervolle Otterson en met de vier albums die eraan vooraf gingen, want ook die zijn zeer de moeite waard. Erwin Zijleman

De muziek van Diana Darby is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://dianadarby.bandcamp.com/album/otterson.



02 april 2026

Review: The Delines - The Set Up

Willy Vlautin begon na het einde van zijn band Richmond Fontaine aan het project The Delines en de band uit Portland, Oregon, is inmiddels goed voor zes prachtige albums, waaronder het vorige maand verschenen The Set Up
De muziek van The Delines beluister je bij voorkeur in de kleine uurtjes en met de ogen dicht. De bijzondere verhalen van voorman Willy Vlautin nemen je vervolgens mee op avontuur, keer op keer bijzonder fraai ondersteund door de geweldige muzikanten van de Amerikaanse band. The Set Up is in muzikaal opzicht een topalbum en het is een album dat nog wat verder wordt opgetild door de stem van zangeres Amy Boone, die ook op The Set Up weer laat horen dat ze beschikt over heel veel soul, maar ook prachtig ingetogen kan zingen. Het is inmiddels bijna vanzelfsprekend dat The Delines een album van het niveau van The Set Up aflevert, maar het is echt razend knap.



Begin vorige maand verscheen The Set Up, het zesde album van de Amerikaanse band The Delines. Van de vorige albums van de band uit Portland, Oregon, heb ik er maar één gemist (Scenic Sessions uit 2015). Ik was de afgelopen twaalf jaar heel positief over de albums Colfax (2014), The Imperial (2019), The Sea Drift (2022) en Mr. Luck & Ms. Doom (2025). Het gekke is dat ik bij alle albums die sinds het debuutalbum van The Delines zijn verschenen in eerste instantie altijd denk dat ik het geluid van de band inmiddels wel ken. 

Dat gevoel was vorige maand nog wat sterker bij eerste beluistering van The Set Up, waardoor ik overwoog om maar eens een album van The Delines te skippen. Dat veranderde toen The Set Up een wat kille avond wel heel erg mooi inkleurde en ik toch weer erg onder de indruk was van de muziek van The Delines. 

Het is sowieso een goed idee om de muziek van The Delines pas na zonsondergang te beluisteren, want de Amerikaanse band maakt muziek voor de avond en de nacht. The Set Up laat vergeleken met de vorige albums van de band misschien niet heel veel nieuws horen, maar qua niveau doet het nieuwe album echt niet onder voor zijn voorgangers. 

Ook op The Set Up vult de band de ruimte weer met zeer sfeervolle klanken. Het zijn klanken die ook dit keer vooral invloeden uit de country, de soul en de jazz bevatten, maar de muziek van The Delines is ook genre-overstijgend. Het geluid van de band uit Portland is vooral subtiel en ingetogen en neemt je mee naar een nachtclub ergens in het diepe zuiden van de Verenigde Staten. 

Ook op The Set Up wordt weer met veel gevoel en precisie gespeeld, maar de muziek van The Delines klinkt ook warm en beeldend. Hier en daar worden blazers ingezet, maar de muziek op The Set Up blijft over de hele linie redelijk ingetogen. Dat is verstandig, want hierdoor krijgt de stem van zangeres Amy Boone alle ruimte. 

The Delines bestaat uit een aantal geweldige muzikanten en een songwriter van wereldklasse, maar ook op het zesde album is Amy Boone wat mij betreft de ster van de band. De zang op The Set Up is echt prachtig. Amy Boone beschikt over heel veel soul, maar ze kan ook echt enorm goed doseren en ook als ze haar teksten voordraagt weet ze mij te overtuigen. 

Amy Boone is voor mij de ster van de band, maar de band heeft er in de persoon van Willy Vlautin nog een. De Amerikaanse muzikant heeft ook voor het zesde album van zijn band weer een serie uitstekende songs geschreven en het zijn uiteraard songs waarin Willy Vlautin zijn schrijverskunsten etaleert. The Set Up staat vol prachtige verhalen, die de ene keer worden vertelt en de andere keer echt prachtig worden gezongen. 

The Set Up geeft de gevoelstemperatuur in de ruimte een album lang een flinke boost en sorteert alvast voor op warme zomeravonden. Tegen de tijd dat die zomeravonden er zijn komt het zesde album van The Delines waarschijnlijk nog beter tot zijn recht, maar naar verluidt nam de band uit Portland zoveel songs op dat in de zomer nog een vervolg op The Set Up verschijnt. 

Ook dat zal waarschijnlijk weer een album zijn dat ik in eerste instantie laat liggen, maar misschien word ik ook een keer verstandig en schat ik een album van The Delines eens een keer direct op de juiste waarde, bijvoorbeeld door de eerste beluistering uit te stellen tot na zonsondergang. Erwin Zijleman

De muziek van The Delines is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse band: https://thedelines.bandcamp.com/album/the-set-up.


The Set Up van The Delines is verkrijgbaar via de Mania webshop:



01 april 2026

Review: David Gray - Nightjar

Tussen 2003 en 2005 nam de Britse muzikant David Gray de songs op voor zijn album Life in Slow Motion, maar er was veel meer, zoals te horen is op het soms experimentele maar vooral prachtige album Nightjar
White Ladder was in 1998 mijn eerste kennismaking met de muziek van David Gray en het is een album dat ik tot op de dag van vandaag intens koester. De albums die direct na het zo succesvolle album verschenen vond ik net wat minder interessant, maar David Gray maakte ook in deze tijd interessante muziek. Het is te horen op Nightjar, dat songs bevat die stammen uit de tijd van het album Life in Slow Motion, dat in 2005 verscheen. Het is in mijn beleving een van mijn minst favoriete albums van David Gray, maar misschien moet ik er nog eens beter naar luisteren. Nightjar is immers een prachtig album, dat vijf kwartier lang indruk maakt met typische David Gray songs en wat experimentelere tracks.



Ik dacht even dat er zomaar uit het niets een nieuw album van de Britse muzikant David Gray was verschenen deze week, maar het ligt net wat anders. David Gray maakte in de jaren 90 een aantal weinig succesvolle en nauwelijks opgemerkte albums, maar werd een wereldster met het in 1998 verschenen en echt in alle opzichten geweldige White Ladder, dat in één klap een wereldster maakte van de Britse muzikant. 

Het is een album dat zeker zou opduiken als ik een lijstje zou moeten maken met pakweg mijn 250 favoriete albums aller tijden. White Ladder is ook zo’n album dat nauwelijks of misschien zelfs wel niet te overtreffen is en als een molensteen om de nek van een muzikant kan hangen. Ook in het geval van David Gray vind ik de albums die volgden op White Ladder minder goed dan zijn meesterwerk, maar hij wist het succes in eerste instantie redelijk vast te houden. 

Toen het succes wat afnam zat de Britse muzikant helaas snel zonder platencontract, maar hij herpakte zich de afgelopen tien jaar met een serie geweldige albums, die niet heel veel onderdoen voor het onaantastbaar geachte White Ladder. In 2005 verscheen het album Life in Slow Motion. Het is een album waarop nog duidelijke echo’s van White Ladder zijn te horen, al zocht David Gray ook naar een ander geluid. 

Life in Slow Motion hoort niet bij mijn favoriete albums van David Gray, maar in commercieel opzicht was het album verrassend succesvol. David Gray was tijdens het opnemen van Life in Slow Motion zeer productief, want ook alle songs op Nightjar, dat deze week is verschenen, komen uit de opnamesessies die het album uit 2005 opleverden. 

Ik kon in eerste instantie maar weinig vinden over Nightjar, buiten een recensie waarin het een avant-garde album wordt genoemd. Dat is wat overdreven, al is er op het album wel meer ruimte voor experiment dan op Life in Slow Motion. Die ruimte voor experiment is er niet in alle songs, want Nightjar bevat ook een aantal songs die niet hadden misstaan op het album uit 2005 of zelfs op White Ladder. 

Het geldt bijvoorbeeld voor de openingstrack When I Fall in Love, waarin het uit duizenden herkenbare David Gray geluid te horen is. Nightjar bevat meer typische David Gray tracks, maar ook een aantal tracks waarin de Britse muzikant experimenteert met andere geluiden en minder conventionele songstructuren. 

Ik begrijp daarom wel dat de songs op Nightjar niet zijn toegevoegd aan de eind vorig jaar verschenen luxe editie van Life in Slow Motion, waarop wel twee nieuwe songs waren te horen, die in alternatieve versies terugkeren op Nightjar. Nightjar is wat mij betreft een album dat op zichzelf staat binnen het oeuvre van David Gray. 

Het knappe van Nightjar is dat het aan de ene kant een typisch David Gray album is, maar tegelijkertijd ook wat toevoegt aan zijn oeuvre. Ik was in 2005 niet zo gek op Life in Slow Motion en luister eigenlijk nooit meer naar dat album, maar Nightjar vind ik echt prachtig. Het album bevat misschien een paar wat overbodige experimenten, maar ook een aantal songs die niet onderdoen voor het mooiste dat David Gray tot dusver heeft gemaakt. Ik heb de Britse muzikant sinds zijn laatste paar albums weer extreem hoog zitten en ook met Nightjar heeft hij een album gemaakt dat ik nog vaak ga beluisteren de komende tijd en dat je vijf kwartier lang op het puntje van de stoel houdt. Erwin Zijleman


Nightjar van David Gray is verkrijgbaar via de Mania webshop: