10 oktober 2026

Review: Sarah Julia - The Fear That This Is Real

Met The Fear That This Is Real levert het Nederlandse duo Sarah Julia een razendknap debuutalbum af dat opvalt door fraaie en stemmige klanken, eigenzinnige songs en vooral twee prachtig bij elkaar kleurende stemmen.
Het debuutalbum van het duo Sarah Julia duurt helaas maar net 30 minuten, maar in die 30 minuten komt er heel veel moois voorbij. De Nederlandse zussen maken muziek met zowel invloeden uit de traditionele folk uit het verleden als de indiefolk van het moment, wisten een Amerikaanse topproducer te strikken en tekenen voor eigenzinnige songs, maar de meeste indruk maken de twee met hun stemmen. Het zijn stemmen die individueel prachtig klinken, maar die nog wat mooier worden wanneer ze worden gecombineerd in wonderschone harmonieën. Het is flink dringen binnen de folkmuziek van het moment, maar om een hoogstaand album als The Fear That This Is Real kan niemand heen.



De naam Sarah Julia zingt inmiddels al een tijdje rond, maar ik had nog niet eerder naar de muziek achter de naam Sarah Julia geluisterd. Ik had eerlijk gezegd het idee dat het om één persoon ging, maar het is een duo dat bestaat uit de zussen Sarah en Julia Nauta. Ik heb echt niet goed opgelet de afgelopen twee jaar, want de Nederlandse zussen brachten in 2024 en 2025 twee goed ontvangen EP’s uit en tekenden een platencontract bij het gerenommeerde Nettwerk label.

Ze wisten niemand minder dan de van Adrianne Lenker bekende Philip Weinrobe te strikken voor de productie van hun debuutalbum. Het deze week verschenen album The Fear That This Is Real werd opgenomen in Woodstock, New York en naar verluidt waren er slechts zes dagen nodig om de tien tracks van het album live op te nemen. 

Het debuutalbum van Sarah Julia is een ingetogen folkalbum en daar zijn er op het moment echt heel veel van en misschien wel te veel. Probeer dan als twee Nederlandse zussen maar eens op te vallen, maar met The Fear That This Is Real hebben Sarah en Julia Nauta wat mij betreft een onderscheidend album gemaakt en bovendien een album dat zich kan meten met alles wat de laatste tijd in het genre is verschenen. 

We hebben momenteel geen gebrek aan goede folkzangeressen en ook mooie harmonieën zijn in ruime mate beschikbaar. De stemmen van Sarah en Julia zijn echter mooier dan de meeste andere stemmen in de folk van het moment. In de stemmen van de twee hoor je echo’s van de grote folkzangeressen uit het verleden en het zijn stemmen die op elkaar lijken, maar ook net wat van elkaar verschillen. 

Wanneer Sarah en Julia hun stemmen combineren in harmonieën, gebeurt er iets bijzonders en dat is iets dat eigenlijk alleen zingende zussen lukt. De stemmen van de twee vloeien samen in harmonieën van een bijna onwerkelijke schoonheid en die zijn bij mij keer op keer goed voor kippenvel. De stemmen van Sarah en Julia zijn niet alleen heel mooi, maar de zussen gebruiken hun stemmen ook op bijzondere wijze, wat een geheel eigen geluid oplevert. 

Dat eigen geluid hoor je ook terug in de muziek op The Fear That This Is Real. De songs van Sarah Julia zijn in een aantal gevallen sober en stemmig ingekleurd, maar het album bevat ook een wat uitbundiger ingekleurde track, waarin ook de zang wat steviger is aangezet. Ik vind de meest ingetogen songs op The Fear That This Is Real het mooist, maar de net wat voller klinkende songs zorgen wel voor variatie en dragen ook zeker bij aan het eigen geluid van de Nederlandse zussen. 

Het is pas het debuutalbum van Sarah Julia, maar The Fear That This Is Real klinkt geen moment als een debuutalbum. De songs van Sarah en Julia zitten knap in elkaar, zijn keer op keer prachtig en origineel ingekleurd en worden prachtsongs door de bijzondere stemmen van de twee, die het beste in elkaar naar boven halen. Wat The Fear That This Is Real nog wat knapper maakt, is dat Sarah en Julia durven te experimenteren, wat een album oplevert dat je meerdere keren moet horen voordat alles op zijn plek valt. 

Het is jammer dat muziekwebsites als Paste en Pitchfork het debuutalbum van Sarah Julia nog niet op het netvlies hebben, want The Fear That This Is Real had zeker niet misstaan tussen hun aanbevelingen voor deze week. Erwin Zijleman


The Fear That This Is Real van Sarah Julia is verkrijgbaar via de Mania webshop:


09 oktober 2026

Review: Frankie Rose - Hila

Frankie Rose heeft een enorme staat van dienst met indierockbands die ik hoog heb zitten, maar haar solowerk vind ik niet altijd goed, al zet ze met haar uitstekende nieuwe album Hila wel een aantal hele interessante stappen.
Ik heb Hila van Frankie Rose niet direct opgepikt. Het album ging bij een eerste, vluchtige beluistering wat langs me heen, een ervaring die ik in het verleden wel vaker heb gehad met de albums van de Amerikaanse muzikante. Hila is geen album dat je op de achtergrond moet laten voortkabbelen want dan blijft er inderdaad niet veel van over. Bij aandachtige beluistering blijkt het echter een heel mooi album met bijzondere klankentapijten, maar ook interessante songs. Het klinkt flink anders dan de wat tegen de synthpop aanleunende voorganger, maar Frankie Rose verwerkt ook absoluut invloeden van haar vorige albums op het bijzondere Hila, dat op fraaie wijze uiteenlopende invloeden combineert op een donker maar ook sfeervol album.



De Amerikaanse muzikante Frankie Rose heeft haar sporen in de popmuziek inmiddels ruimschoots verdiend. Ze maakte deel uit van roemruchte bands als Fine Place, Beverly, Crystal Stilts en vooral Dum Dum Girls en Vivian Girls, maar maakt inmiddels ook al meer dan vijftien jaar soloalbums. 

Met haar solowerk komt Frankie Rose er tot dusver bekaaid van af op De Krenten uit de Pop, want van haar zes eerder verschenen soloalbums besprak ik er maar twee. Ik was in 2017 behoorlijk enthousiast over het album Cage Tropical, waarop Frankie Rose makkelijk schakelde tussen zeer verschillende genres, en ook het in 2023 verschenen en vooral met lichtvoetige synthpop gevulde Love as Projection viel zeker in de smaak. 

Het zijn ook allebei albums die niet helemaal in mijn muzikale straatje passen en dat was de reden voor het laten liggen van de andere soloalbums van de Amerikaanse muzikante. Onlangs verscheen haar nieuwe album Hila en ook dat is een album dat niet helemaal aansluit op mijn muzieksmaak. 

Ook op Hila heeft Frankie Rose de elektronica stevig omarmd. Haar vorige album werd in het hokje synthpop geduwd en ook Hila bevat een beperkt aantal songs die met enige fantasie als synthpop zijn te bestempelen. Die zijn vooral aan het begin van het album te vinden en daarmee zet Frankie Rose de luisteraar ook wel wat op het verkeerde been. Op haar nieuwe album slaat Frankie Rose immers vooral andere wegen in. 

Elektronica speelt ook op Hila een belangrijke rol, maar waar die elektronica op Love as Projection vooral werd gebruikt voor aanstekelijke en redelijk rechttoe rechtaan songs, domineren op het nieuwe album de bijzondere klankentapijten. Met behulp van elektronica creëert Frankie Rose op Hila bedwelmende, atmosferische en wat zweverige klanken, die soms aansluiten bij de dreampop, maar ook een ambient karakter kunnen hebben. 

Het zijn klanken die hier en daar breed uit mogen waaien, maar het nieuwe album van Frankie Rose bevat ook nog steeds een aantal wat toegankelijkere en compactere songs. In die laatste songs zorgt de stem van de Amerikaanse muzikante voor houvast, maar ik heb persoonlijk een duidelijke voorkeur voor de wat donkere en minder toegankelijke songs op het album. 

In die songs hoor ik ook weer de invloeden uit de postpunk die op Cage Tropical nog een belangrijke rol speelden en ook de liefde voor de muziek van The Cocteau Twins is weer hoorbaar. Het combineert verrassend goed met de incidentele impulsen uit de synthpop, die ervoor zorgen dat de muziek van Frankie Rose op Hila aangenaam wegzweeft, maar ook niet te ver van de vaste grond verwijderd raakt. 

Ik kreeg niet direct vat op het album, maar inmiddels vind ik Hila helemaal niet meer zo ver verwijderd van mijn muzikale straatje. Frankie Rose zorgt met haar nieuwe album voor frisse impulsen in dit straatje en deze impulsen krijgen nog wat extra glans wanneer ze ook een saxofoon inzet. 

Hila is een donker en persoonlijk album over verlies en rouw, maar het is ook een album vol prachtige klanken. Ik ben lang niet altijd gek op het solowerk van Frankie Rose, maar de weg die ze is ingeslagen op Hila smaakt wat mij betreft naar meer. Zeker als ik het album met de koptelefoon beluister is het van een bijzondere schoonheid en die komt in de herfst en winter alleen maar beter tot zijn recht. Erwin Zijleman

De muziek van Frankie Rose is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://frankierose.bandcamp.com/album/hila.


Hila van Frankie Rose is verkrijgbaar via de Mania webshop:



Review: Libby Dale - Freehand

Er zijn rootsalbums die je vrijwel onmiddellijk overtuigen, maar er zijn ook albums in het genre die meer tijd nodig hebben maar uiteindelijk wonderschoon blijken, zoals bijvoorbeeld Freehand van de Amerikaanse muzikante Libby Dale.
Er was al geen gebrek aan bijzondere stemmen binnen de Amerikaanse rootsmuziek (en popmuziek) van het moment, maar Libby Dale voegt er nog een aan toe. Het is een stem die ik niet direct mooi vond, maar de zang op het solodebuut van de Amerikaanse muzikante blijkt al snel wonderen te kunnen verrichten. Haar album Freehand groeit vervolgens snel uit tot een tijdloos maar ook eigenzinnig klinkend rootsalbum en het is wat mij betreft een rootsalbum dat alleen maar beter wordt. Het is al een tijd dringen in het genre, maar Freehand van Libby Dale is een rootsalbum dat ik zeker niet zou laten liggen. Het is even wennen misschien, maar wat is het uiteindelijk mooi.



Met name in rootskringen was er de afgelopen week aandacht voor het debuutalbum van de Amerikaanse muzikante Libby Dale, maar ook een deel van de alternatieve Amerikaanse muziekpers was alert. Libby Dale is het alter ego van Libby Weitnauer, die tot dusver vooral aan de weg heeft getimmerd als violiste. Ze maakte deel uit van de bands Dallas Ugly en Tui en dat zijn bands die ik niet ken, maar ze tourde ook met onder andere Kelsey Waldon en Margo Price. 

Ik heb haar vioolspel vast gehoord op de nodige rootsalbums, maar het deze week verschenen album Freehand is mijn eerste kennismaking met de singer-songwriter Libby Weitnauer of in dit geval Libby Dale. Ik begrijp goed dat muziekwebsites die vooral zijn gericht op Amerikaanse rootsmuziek goed uit de voeten kunnen met het album van Libby Dale, want zeker bij oppervlakkige beluistering hoor je vooral traditioneel klinkende Amerikaanse rootsmuziek op het album. 

Freehand klinkt met grote regelmaat als een album dat vele decennia oud zou kunnen zijn, zeker als Libby Dale haar voorkeur voor traditionele countrymuziek laat horen. Ik hoor echter ook wel een eigenzinnige twist in een deel van de songs en die uitstapjes hebben waarschijnlijk de alternatieve Amerikaanse muziekmedia op het spoor gezet van de muzikante uit Nashville, Tennessee. 

Mijn aandacht werd in eerste instantie vooral getrokken door de zang op Freehand. De zang van Libby Dale zit voor mij op het randje van wat ik mooi en niet meer mooi vind. In de meest zuivere passages hoor ik iets van de geweldige Laura Cantrell, maar net als bijvoorbeeld Kassi Valazza en Sierra Ferrell beschikt ook Libby Dale wat mij betreft over een stem die ook wel eens wat tegen de haren instrijkt. 

Ik moet zeggen dat ik daar bij mijn eerste beluisteringen van Freehand meer last van had dan nu, want als je eenmaal gewend bent aan de zang op het album, wint de stem van de Amerikaanse muzikante snel aan schoonheid en overtuiging. Natuurlijk haalt ze af en toe ook haar viool tevoorschijn, maar heel prominent is de rol voor het instrument niet. Freehand is voorzien van een authentiek klinkend rootsgeluid met een hoofdrol voor gitaren en incidenteel de in het genre onmisbare pedal steel of een fraai orgel. 

Het klinkt allemaal redelijk sober, maar ik vind het geluid op het debuutalbum van Libby Dale ook zeer smaakvol. Dat kan ook bijna niet anders, want voor het album werden maar liefst drie producers ingezet. Thomas Bryan Eaton ken ik niet, maar Andrija Tokic en Will Johnson zijn zeer aansprekende namen. Het is misschien even wennen aan de zang, maar in muzikaal en productioneel opzicht maakt Freehand gemakkelijk indruk. 

Dat doet Libby Dale ook met aansprekende songs. Het zijn songs die klinken als tijdloze country- en folksongs, maar de muzikante uit Nashville kleurt zeker niet uitsluitend binnen de lijntjes. Ze heeft bovendien zeer persoonlijke teksten geschreven over mentale problemen en spaart zichzelf in deze teksten zeker niet. 

Meestal weet ik na één keer luisteren wel wat ik heb aan een album, maar dat was anders bij Freehand van Libby Dale, waaraan ik erg heb moeten wennen, maar dat me inmiddels steeds meedogenlozer weet te verleiden. Oordeel vooral niet te snel over dit album, dat je na een tijdje wel eens enorm kan verrassen. Ik ben echt helemaal om. Erwin Zijleman

De muziek van Libby Dale is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://libbydale.bandcamp.com/album/freehand.



08 oktober 2026

Review: marguerite - guérir

In Frankrijk wordt marguerite al een tijdje gerekend tot de allergrootste talenten van de Franse popmuziek en op haar debuutalbum guérir laat de muzikante uit Parijs horen dat daar echt helemaal niets op valt af te dingen.
Natuurlijk was het de muziekblog Filles Sourires die me op het spoor zette van het debuutalbum van marguerite. Het was niet de eerste goede tip van Guuz Hoogaerts, maar wel een van de beste, want wat ben ik onder de indruk van de muziek van marguerite. De Franse muzikante beschikt over een stem waarvoor je alleen maar kunt smelten, maar ook de songs op guérir zijn van een bijzonder hoog niveau. Het is naar mijn smaak soms misschien net wat te veel pop, maar de pop van marguerite is niet alleen aanstekelijk maar ook avontuurlijk. Met guérir zet marguerite je steeds weer op het verkeerde been, maar haar songs zitten ook vol bijzondere verleidingen. Wat mij betreft een van de beste Franse popalbums van de laatste jaren.



De Krenten uit de Pop viert volgend jaar alweer de achttiende verjaardag, maar er zijn blogs die nog langer meegaan. De muziekblog Filles Sourires bestaat inmiddels al meer dan 21 jaar en is nog altijd zeer actief. De Nederlandse journalist Guuz Hoogaerts, ook bekend als Guuzbourg, begon Filles Sourires ooit als ode aan de Franse zuchtmeisjes, die aan het begin van dit millennium een nieuw genre op de kaart wisten te zetten. Inmiddels richt de muziekblog zich op “Girls, singing in French” en daar zijn er gelukkig nog altijd heel veel van. 

Mijn liefde voor zangeressen met een voorkeur voor de Franse taal blijft uiteraard wat achter bij die van Guuzbourg, maar Filles Sourires is voor mij al heel lang een bron van hele interessante muziektips. Guuz Hoogaerts was me de afgelopen week net voor, want voordat ik op zijn muziekblog kon kijken tipte hij me al het deze week verschenen album van marguerite. 

Achter marguerite gaat de Franse muzikante Marguerite Dedeyan schuil en guérir is haar debuutalbum. In Frankrijk wordt marguerite, die overigens bekend is geworden via de Franse tv-talentenjacht Star Academy, gezien als een van de grootste talenten van de Franse muziekscene van het moment en als ik naar guérir luister, begrijp ik waarom. 

Direct vanaf de openingstrack van guérir maakt de muzikante uit Parijs indruk met haar stem en dat blijft ze vervolgens een album lang doen. Het is een stem vol zoete verleiding, maar marguerite zingt ook met veel expressie en gevoel. Frankrijk heeft de afgelopen jaren niet te klagen over goede zangeressen en ook marguerite is er een. Zaz, Zaho de Sagazan, Pomme en Louane zijn mijn favoriete Franse zangeressen van het moment en krijgen wat mij betreft gezelschap van marguerite. 

Dat ligt deels aan de mooie stem op guérir, maar ook in muzikaal opzicht spreekt het album me aan. De bovengenoemde smaakmakers binnen de Franse popmuziek van het moment geven allemaal een eigen draai aan invloeden van het traditionele Franse chanson en dat doet ook marguerite. 

De invloed van het Franse chanson hoor je het best in de wat soberder ingekleurde songs op het debuutalbum van marguerite, zoals in de prachtige openingstrack cartable. Op haar debuutalbum raakt de Franse muzikante echter ook redelijk ver verwijderd van de tradities van het Franse chanson en gaat ze vol voor de Franse pop. 

Net als Zaho de Sagazan verwerkt ze flink wat elektronica in haar muziek, maar het klinkt totaal anders. De songs op guérir zijn in de meeste gevallen voorzien van een wat broeierig geluid waarin de ritmesectie een voorname rol speelt. De Franse popmuziek van het moment is me vaak wat te bombastisch of lichtvoetig, maar de songs van marguerite hebben inhoud. 

De muziek op het album heeft zich breed laten beïnvloeden, zit vol bijzondere wendingen en slaagt er bovendien constant in om de mooie stem van marguerite fraai te ondersteunen. De stem van de Parijse muzikante is niet alleen bijzonder mooi, maar heeft ook wat te melden, waardoor marguerite eigenzinniger klinkt dan de wat meer mainstream popzangeressen uit Frankrijk. 

Ik ben nog steeds diep onder de indruk van La Symphonie des Éclairs van Zaho de Sagazan, dat ik een van de beste albums van de laatste jaren vind, maar ook guérir van marguerite wordt me echt steeds dierbaarder en de rek is er nog lang niet uit. Erwin Zijleman


guérir van marguerite is verkrijgbaar via de Mania webshop:


07 oktober 2026

Review: Lily Seabird - Lightspheres on Their Way

De Amerikaanse muzikante Lily Seabird maakt op haar nieuwe album Lightspheres on Their Way Amerikaanse rootsmuziek, maar slaagt erin om net anders te klinken dan al haar concurrenten in dit momenteel overvolle genre.
Ik denk dat ik me in het verleden nog wel eens liet afschrikken door de stem van Lily Seabird, maar mijn tolerantie voor stemmen die buiten de lijntjes kleuren wordt steeds groter. Op haar nieuwe album Lightspheres on Their Way vind ik de stem van de Amerikaanse muzikante alleen maar heel mooi en dat geldt ook voor haar songs die variëren van ingetogen folksongs tot behoorlijk stevige rootsrocksongs. Het album klinkt lekker ruw en ook dat zorgt ervoor dat de muziek van Lily Seabird makkelijk opvalt binnen het aanbod van het moment. Ik twijfelde vorig jaar over haar vorige album, maar Lightspheres on Their Way is geen moment een twijfelgevalletje.



Een paar weken geleden verscheen het nieuwe album van Lily Seabird al in de Verenigde Staten, maar deze week is het album ook in Nederland verschenen. Ik noteerde het album een paar weken geleden al eens, want Lily Seabird was in mijn beleving een muzikante die verzekerd is van een plekje op De Krenten uit de Pop bij de release van een nieuw album. 

Toch wel enigszins tot mijn verbazing bleek ik echter nog nooit een album van de Amerikaanse muzikante te hebben besproken, terwijl ik zeker haar vorige album, het vorig jaar verschenen album Trash Mountain, meerdere keren heb beluisterd en er in mijn herinnering enthousiast over was. Ik zal het album later nog eens beluisteren, maar op dit moment gaat al mijn aandacht uit naar het deze week verschenen nieuwe album van de muzikante uit Burlington, Vermont. 

Op haar nieuwe album Lightspheres on Their Way voldoet Lily Seabird wel volledig aan het beeld dat ik van haar had toen haar nieuwe album werd aangekondigd, want ze heeft een heerlijk rootsalbum afgeleverd. Het is een album waarop de stem van Lily Seabird centraal staat. Het is een stem die niet door iedereen gewaardeerd zal worden, maar ik heb wel wat met haar hoge, ruwe en soms wat onvaste zang. 

Het is een stem die het geweldig doet wanneer Lily Seabird zich omringt met stevige gitaren, zoals in het prachtige Election Day, waarin ze gezelschap lijkt te hebben gekregen van Neil Young’s Crazy Horse. De stem van Lily Seabird doet het echter niet alleen goed in rauwe rootsrock, want ook als ze kiest voor behoorlijk ingetogen folksongs, is haar zang niet alleen karakteristiek maar ook trefzeker. 

Door uiterst ingetogen folksongs een paar keer af te wisselen met stevigere rocksongs zorgt de Amerikaanse muzikante voor flink wat dynamiek op haar album en houdt ze de luisteraar bovendien bij de les. Maar ook in de wat meer ingetogen songs, die domineren op het album, weet Lily Seabird te verrassen, bijvoorbeeld met impulsen van extra instrumenten, waaronder strijkers en blazers. 

Het zijn songs die aan de ene kant goed aansluiten bij de kaders van de Amerikaanse rootsmuziek, maar op Lightspheres on Their Way gaat Lily Seabird ook haar eigen weg. Dat doet ze zoals gezegd met haar stem, die soms bijzondere afslagen neemt, maar ze doet het ook met haar songs, die in de meeste gevallen behoorlijk intens klinken. 

Het album werd in een paar koude winterdagen opgenomen in het huis van co-producer Garrett Linck in Morrill, Maine, en is hoorbaar met bescheiden middelen gemaakt. De ruwe klanken op het album en de eveneens wat ruwe zang voorzien de songs op Lightspheres on Their Way wel van een bijzondere sfeer en wat mij betreft ook van urgentie. 

Ik denk eerlijk gezegd dat ik in het verleden vaak gestruikeld ben over de stem van Lily Seabird, maar de zang op haar nieuwe album overtuigt mij volledig. Ik ben vooral gecharmeerd van de net wat stevigere songs op het album waarin zowel de muziek als de zang af en toe uit de bocht mogen vliegen, maar ook als Lily Seabird gas terugneemt, overtuigt ze mij heel makkelijk. 

Dat doet ze overigens steeds gemakkelijker naarmate ik het album vaker hoor, want Lightspheres on Their Way heeft wel iets waaraan je moet wennen. Eenmaal gewend grijpt Lily Seabird je echter steeds steviger bij de strot met dit intense album. Erwin Zijleman

De muziek van Lily Seabird is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://lilyseabird.bandcamp.com/album/lightspheres-on-their-way.


Lightspheres on Their Way van Lily Seabird is verkrijgbaar via de Mania webshop:



Review: Nessa Barrett - Tough Love

Nessa Barrett heeft het TikTok publiek al lang voor zich gewonnen, maar met haar uitstekende nieuwe album Tough Love heeft de Amerikaanse muzikante een album gemaakt dat een veel breder publiek moet kunnen aanspreken.
Er zijn de afgelopen weken veel popalbums verschenen die zich op papier wat buiten mijn comfort zone bevinden. Uiteindelijk gaat het natuurlijk niet om papier maar om de wijze waarop je een album ervaart en Tough Love, het nieuwe album van Nessa Barrett, is wat mij betreft een aangename verrassing. Nessa Barrett doet het tot dusver goed bij een jong en mainstream poppubliek, maar op haar nieuwe album laat ze horen dat ze meer te bieden heeft. De Amerikaanse muzikante heeft zich breed laten beïnvloeden en integreert alle inspiratie in een wat dromerig klinkend popgeluid. Het klinkt allemaal bijzonder lekker, maar de songs van Nessa Barrett hebben ook inhoud.



Ik had de naam Nessa Barrett tot vorige week nog niet eerder gehoord. Dat heeft alles te maken met mijn bubbel, want ik begrijp dat de Amerikaanse muzikante op TikTok al een tijd zo’n 20 miljoen volgers heeft en ook op Spotify worden haar songs inmiddels door een miljoenenpubliek beluisterd. 

Ze begon ooit op TikTok met het playbacken van songs van anderen, wat je kennelijk heel veel volgers op kan leveren, maar ze maakt inmiddels ook al een aantal jaren zelf muziek, die volgens de informatie op het internet inmiddels door een heel breed publiek is omarmd. Dat brede publiek strekte zich tot voor kort nog niet uit tot mijn bubbel, want ik heb de eerste twee albums van Nessa Barrett volledig gemist en ook het onlangs verschenen nieuwe album Tough Love stond niet op mijn lijstje met te beluisteren albums. 

Spotify schotelde me het album op een gegeven moment toch voor en het album beviel me eigenlijk wel. Op basis van de informatie op het internet had ik de muziek van de Amerikaanse muzikante met Puerto-Ricaanse wortels volkomen verkeerd ingeschat, want eerlijk gezegd ging ik ervan uit dat Nessa Barrett wat mainstream en niet bijster interessante popmuziek zou maken. 

Dat blijkt niet direct uit het lijstje met namen dat ze zelf noemt als inspiratiebronnen voor haar nieuwe album, want daar had ik op basis van mijn onterechte verwachtingen niet de namen van Arctic Monkeys, Lana Del Rey, Portishead, Eagles, Fleetwood Mac en Alice in Chains verwacht. Nu hoor ik de meeste van deze namen ook niet terug op Tough Love, maar dat Nessa Barrett uiteenlopende invloeden heeft verwerkt op haar nieuwe album is zeker. 

Als ik één naam uit het bovenstaande lijstje moet kiezen, kies ik zonder enige twijfel voor de naam van Lana Del Rey. Op Tough Love maakt Nessa Barrett sfeervolle en wat dromerige popmuziek, waarin een melancholisch randje nooit ver weg is. Met name qua sfeer heeft het wel wat van de muziek van Lana Del Rey, maar Nessa Barrett is zeker geen copycat. 

Ik had haar zoals gezegd verwacht in het hokje mainstream popmuziek, maar de songs op Tough Love klinken wat mij betreft ook zeker indie. Nessa Barrett beschikt over een zachte stem die het goed doet in wat dromerig klinkende popmuziek, maar ook als ze wat krachtiger zingt blijft haar stem makkelijk overeind. 

Tough Love is geproduceerd door CJ Baran en Arthur Besna. Dat zijn twee namen die ik niet ken, maar ik ben zeker te spreken over de productie van het album. Door eens niet te kiezen voor de gangbare producers binnen de popmuziek van het moment klinkt Tough Love anders dan het gemiddelde album in het genre en dat zorgt er voor dat Nessa Barrett zich wat mij betreft weet te onderscheiden van veel van haar collega’s. 

Zeker met de wat broeierige en vaak beeldende songs op het album levert de Amerikaanse muzikante vakwerk af, maar ook als ze net wat meer neigt naar mainstream pop hoor ik haar talent, al is het maar in haar teksten waarin ze zich kwetsbaar durft op te stellen. 

Het is in mijn bubbel makkelijk maar helaas ook gebruikelijk om TikTok sterren direct af te serveren, maar in het geval van Nessa Barrett is dat niet terecht. Tough Love heeft me echt aangenaam verrast en ik heb het idee dat het ook nog eens een album is dat interessant blijft wanneer je het vaker hoort. Erwin Zijleman


Tough Love van Nessa Barrett is verkrijgbaar via de Mania webshop:


06 oktober 2026

Review: Rachel Bochner - I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently

Ik ontdekte I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently van Rachel Bochner door puur toeval, maar wat heeft de muzikante uit Brooklyn, New York, een leuk, interessant en aanstekelijk popalbum gemaakt en het wordt alleen maar beter.
Het is dringen in de popmuziek van het moment, maar ik merk zelf dat ik pure popalbums steeds vaker laat liggen. Veel recent uitgebrachte popalbums klinken wat mij betreft hetzelfde en ik vind het geluid vaak te elektronisch en bombastisch. Soms verschijnt er echter een popalbum van een mij onbekende muzikante dat me wel direct overtuigt. Het gaat om I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently van de Amerikaanse muzikante Rachel Bochner. Het is een album dat direct aangenaam en op een of andere manier ook wel bekend klinkt, maar de songs van de muzikante uit New York blijken ook verrassend veelzijdig en zijn ook nog eens interessant. Wat mij betreft een enorme ontdekking.



Eind vorige maand verscheen het album I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently van Rachel Bochner. Het is een album dat ik tegenkwam in een van de vele releaselijsten die ik wekelijks check en dat me eigenlijk alleen opviel door de lange titel. Het is een album waar tot dusver nog niet veel woorden over zijn opgeschreven, maar ik vind het een heel interessant album. 
Het is bovendien een album dat volgens mij over de potentie beschikt om uit te groeien tot een van de memorabele popalbums van 2026, waardoor het me extra verbaast dat er zo weinig aandacht is voor het debuutalbum van de muzikante uit Brooklyn, New York. 

Rachel Bochner debuteerde in 2024 met het mini-album Lovergirl, dat vorig jaar met wat extra tracks werd uitgebreid tot een album. Ik zie zelf I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently als het debuutalbum van Rachel Bochner en het is een album dat me eigenlijk direct enorm aansprak. 

Dat heb ik zeker niet met alle popalbums, want veel popalbums van het moment vind ik door de inzet van wat mij betreft te veel elektronica bombastisch en overgeproduceerd klinken. Veel popalbums van het moment missen bovendien de echt goede songs of hebben te weinig van dit soort songs. 

Op I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently van Rachel Bochner hoor ik heel veel goede songs en de Amerikaanse muzikante heeft bovendien gekozen voor een geluid dat nergens omslaat in holle bombast. Toen ik voor de eerste keer luisterde naar I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently werd ik direct blij van het album. 

Het debuutalbum van Rachel Bochner klinkt niet alleen als een album dat uit kan groeien tot een van de memorabele popalbums van 2026, maar klinkt ook als de grote popalbums van dit jaar (en de afgelopen jaren). Een aantal songs op het album doen me aan de interessantere songs van Taylor Swift denken, maar wanneer Rachel Bochner het tempo opvoert en de gitaren de ruimte geeft of juist flink gas terugneemt, hoor ik opeens niets meer van Taylor Swift. 

De vergelijking met een van de grootste popsterren van het moment is wat mij betreft overigens niet iets om je voor te schamen en als ik eerlijk ben vind ik I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently beter en interessanter dan het laatste album van Taylor Swift. De raakvlakken met Taylor Swift hoor ik vooral in de zang en met name in de eerste tracks, maar ook de opbouw van de songs doet wel wat denken aan met name de vorige twee albums van de Amerikaanse superster. 

Aan de andere kant verwerkt Rachel Bochner ook invloeden van wat langer geleden in haar songs, die steeds weer net wat anders klinken en die ik ook absoluut eigenzinnig vind klinken. Ik heb bij beluistering van I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently van Rachel Bochner hetzelfde gevoel als ik had bij het beluisteren van het debuutalbum van Chappell Roan in de herfst van 2023. Ook dat album kreeg in eerste instantie nauwelijks aandacht, maar ik hoorde direct de belofte. 

Ik hoop dat ik het ook bij het juiste eind heb wanneer het gaat om het debuutalbum van Rachel Bochner, want het is een popalbum waar ik alleen maar heel vrolijk van kan worden en waarom zou dat alleen voor mij gelden? Ik weet bijna niets van Rachel Bochner, maar ik weet wel dat ze interessante en zeer persoonlijke songs schrijft. Het zijn songs die me inmiddels allemaal dierbaar zijn en I Guess A Sure Thing Couldn't Go Down Gently heel ver boven de middelmaat uitgetild hebben. Erwin Zijleman

De muziek van Rachel Bochner is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://rachelbochner.bandcamp.com/album/i-guess-a-sure-thing-couldnt-go-down-gently.



05 oktober 2026

Review: Stef Chura - Dancing Alone on the Concrete

De Amerikaanse muzikante Stef Chura leverde iets meer dan zeven jaar geleden met Midnight een geweldig gitaaralbum af en komt nu op de proppen met een album dat echt alle kanten op kan, maar song na song grenzeloos vermaakt.
Dancing Alone on the Concrete van Stef Chura wordt deze week warm onthaald door de wat alternatievere Amerikaanse muziekpers en gelijk hebben ze. De muzikante uit Detroit heeft heel lang gewerkt aan de opvolger van het zeven jaar oude Midnight, dat in 2019 indruk maakte. Midnight was vooral een ruw en wat lo-fi gitaaralbum, maar op Dancing Alone on the Concrete laat Stef Chura horen dat ze van alles kan. Ik heb wel wat met haar stem, maar ook met haar songs en haar muziek laat ze horen dat ze anders klinkt dan de bulk van haar collega’s in de indierock van het moment. Aan Midnight had ik geen hele actieve herinnering, maar Dancing Alone on the Concrete gaat me zeker bijblijven.



Ik geef eerlijk toe dat ik geen enkele herinnering meer had aan Midnight, het tweede album van de Amerikaanse muzikante Stef Chura, die deze week een nieuw album heeft uitgebracht. Ik was wel heel positief over het vorige album van de muzikante uit Detroit, want ik schreef op De Krenten uit de Pop onder andere het volgende: 

“Na een aardig maar niet opzienbarend debuut keert Stef Chura terug met Midnight. De singer-songwriter laat op haar tweede album flinke groei horen. Dat is mede de verdienste van Car Seat Headrest voorman Will Toledo, die het album produceerde, maar Stef Chura kan er zelf ook wat van. Het levert een verrassend veelzijdige gitaarplaat op, die het ene moment heerlijk uit de bocht vliegt met veel gitaargeweld, maar ook in de meer ingetogen passages uitstekend uit de verf komt. En als Stef Chura dan ook nog eens een song van good old Billy Idol volledig naar haar hand zet weet je zeker dat ze echt een prima album heeft afgeleverd.” 

Het zijn niet eens de meeste lovende woorden uit de recensie, dus het is best bijzonder dat ik zelfs de naam van Stef Chura vergeten was. Er zijn wel wat verzachtende omstandigheden. Het aanbod in het genre is al jaren enorm groot en Midnight is bovendien alweer meer dan zeven jaar oud. 

Gelukkig zijn mijn belangrijke tipgevers Paste en Pitchfork Stef Chura niet vergeten, want beiden scharen haar nieuwe album Dancing Alone on the Concrete onder de meest interessante albums van deze week en inmiddels weet ik dat daar niets op valt af te dingen. 

Stef Chura heeft zeven jaar de tijd gehad om nieuwe muziek te maken, maar desondanks bevat haar nieuwe album slechts iets meer dan 27 minuten muziek. Er gebeurde ook veel in het leven van de Amerikaanse muzikante. Ze verruilde Detroit voor New Orleans en later Louisville en toch weer Detroit, ze zag een relatie op de klippen lopen, kreeg haar eerste kind, werd gevangen door de coronapandemie en probeerde ondanks alles veel te daten. 

Alle ervaringen slaan neer op Dancing Alone on the Concrete, dat in eerste instantie verder gaat waar haar vorige album in de zomer van 2019 ophield. Stef Chura kan nog altijd uit de voeten met lekker ruwe en wat rammelende gitaarmuziek en had mij eigenlijk direct weer te pakken met de openingstrack van haar nieuwe album. 

De concurrentie is misschien moordend binnen de indierock van het moment, maar de songs van Stef Chura klinken op een of andere manier anders. Dat heeft voor een deel te maken met haar bijzondere zang, maar ook het wat lo-fi karakter van haar muziek en haar songs geeft Dancing Alone on the Concrete een eigen gezicht. 

Dat eigen karakter wordt flink versterkt door de variatie die Stef Chura heeft aangebracht op haar nieuwe album. Naast wat stevigere songs kiest de Amerikaanse muzikante ook voor wat meer ingehouden songs, waarin ze af en toe kiest voor de piano die ze afgelopen jaren heeft leren bespelen, en ook hierin klinkt haar stem onderscheidend. 

Het vorige album van Stef Chura viel uiteindelijk ook op door uitstekende songs en ook de songs op Dancing Alone on the Concrete zijn stuk voor stuk geweldig, waarbij het niet zoveel uitmaakt of ze kiest voor gruizige gitaren of voor wat tegendraadse elektronica. En als in Danny zowel Peter Buck als Mike Mills aanschuiven is ze ook nog eens goed voor de perfecte R.E.M. song, terwijl ze met Babydoll een heerlijke oorwurm aflevert.

Dancing Alone on the Concrete duurt helaas maar 27 minuten, maar wat komt er in dat kleine half uur veel moois en bijzonders voorbij. Ik ga de naam van Stef Chura in ieder geval niet meer vergeten en schrijf Dancing Alone on the Concrete stiekem alvast op als outsider voor mijn jaartlijstje. Erwin Zijleman

De muziek van Stef Chura is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://stefchuraband.bandcamp.com/album/dancing-alone-on-the-concrete.


Dancing Alone on the Concrete van Stef Chura is verkrijgbaar via de Mania webshop:



04 oktober 2026

Review: Maggie Bell - Suicide Sal (1975)

Maggie Bell gaat al vele decennia mee in de muziek, maar ze was het meest succesvol met haar debuutalbum Queen of the Night uit 1974 en het nog wat betere Suicide Sal uit 1975, dat tien songs lang uit de speakers knalt.
Ik dacht de klassiekers uit de jaren 70 zo langzamerhand wel te kennen, maar onlangs maakte ik voor het eerst kennis met Maggie Bell. De Schotse zangeres was in de jaren 70 redelijk succesvol, maar verdween al snel uit beeld. Haar eerste twee albums zijn wat mij betreft pareltjes, of misschien eerder ruwe diamanten. Het zijn albums die vooral indruk maken met de geweldige stem van Maggie Bell, die beschikt over een flinke dosis soul. Met name haar tweede album Suicide Sal uit 1975 vind ik ook in muzikaal opzicht interessant en kan wat mij betreft de vergelijking met een aantal inmiddels tot klassiekers uitgegroeide albums uit dezelfde periode makkelijk aan.



Toen mijn liefde voor de muziek in mijn tienerjaren begon te groeien, spelde ik de popencyclopedie van Oor, op zoek naar interessante muziek uit het verleden. Dat gaat tegenwoordig dankzij het internet en de streamingplatforms een stuk makkelijker, maar ik vind het nog altijd leuk om te speuren naar voor mij onbekende maar wel interessante albums uit de rijke geschiedenis van de popmuziek. 

Onlangs kwam ik in een lijstje met vergeten albums uit de jaren 70 het album Queen of the Night van Maggie Bell tegen. Het album maakte me in ieder geval nieuwsgierig en ik kwam er al snel achter dat ze aan het eind van de jaren 60 en het begin van de jaren 70 deel uitmaakte van de Schotse band Stone The Crows. De band maakte tussen 1970 en 1972 vier wat mij betreft niet heel opvallende albums, waarna Maggie Bell koos voor een solocarrière. 

Haar debuutalbum Queen of the Night was volgens mij redelijk succesvol en het is wat mij betreft een uitstekend album. Op het album maakt Maggie Bell muziek met invloeden uit de blues, soul en Southern rock. Dat klinkt in muzikaal opzicht bijzonder lekker, maar de meeste indruk maakt Maggie Bell met haar rauwe en soulvolle strot, die uit de speakers knalt en niet onderdoet voor de grote bluesy soulzangeressen van dat moment. 

Maggie Bell maakte in de jaren 70 drie albums, trok zich terug uit de muziek en keerde overigens weer terug, zij het zonder heel veel succes. Fun fact is dat ze meer dan 20 jaar in Nederland heeft gewoond en hier vaak op de podia was te zien. Haar debuutalbum Queen of the Night is volgens velen haar beste album en het is in ieder geval het bekendste album van de Schotse zangeres. 

Ik kwam na het ontdekken van Maggie Bell in eerste instantie ook niet verder dan het uitstekende album uit 1974, maar besloot om toch ook de rest van haar oeuvre te checken. Dat is voor het grootste deel inderdaad minder interessant dan Queen of the Night, maar ik raakte wel direct gecharmeerd van haar tweede album, het in 1975 verschenen Suicide Sal. 

Het tweede album van Maggie Bell ligt in het verlengde van haar debuutalbum, maar ik vind het in muzikaal opzicht net wat origineler en ook de zang is op Suicide Sal nog net wat indrukwekkender. De eerste track die ik van het album hoorde, was Comin’ on Strong, en hierin valt het fantastische gitaarwerk op. Dat is ook niet zo gek, want niemand minder dan Led Zeppelin gitarist Jimmy Page is te horen in de track. Maggie Bell had in de jaren 70 de excentrieke Peter Grant als manager en dat was ook de manager van Led Zeppelin, waardoor de link met Jimmy Page snel was gelegd. 

De Led Zeppelin gitarist is in minimaal twee tracks te horen, maar ook in de andere tracks vind ik het gitaarspel geweldig. Suicide Sal bevat de soulvolle bluesrock die ook is te horen op het debuutalbum van Maggie Bell, maar het album maakt ook uitstapjes naar andere genres. Meer dan vijftig jaar later klinkt het album hier en daar wat gedateerd, maar de stem van Maggie Bell komt nog altijd hard binnen. 

De band speelt echt geweldig op Suicide Sal, maar de Schotse zangeres zingt met haar rauwe strot de pannen van het dak. Het doet me af en toe wel wat denken aan de muziek van Janis Joplin, maar ik vind zowel de muziek als de stem van Maggie Bell indrukwekkender. Ze is de tachtig inmiddels gepasseerd, maar schijnt nog steeds op het podium te staan. Ik hou het even bij haar eerste twee albums en die zijn echt heel goed. Erwin Zijleman


Suicide Sal van Maggie Bell is verkrijgbaar via de Mania webshop:
CD, 16,99 euro


Review: Joy Oladokun - Hope Is a Heavy Thing

De Amerikaanse muzikante Joy Oladokun is, zeker in Nederland, nog niet heel bekend en dat is verbazingwekkend gezien de kwaliteit van haar albums en die kwaliteit is ook weer dik in orde op haar onlangs verschenen album Hope Is a Heavy Thing.
Ik moest wennen aan een aantal songs op het nieuwe album van Joy Oladokun, maar het album bevat ook een aantal songs die je direct voorgoed wilt koesteren. Op die songs heeft de Amerikaanse muzikante inmiddels al een aantal jaren het patent en met name haar vierde album is er een van wereldklasse. Aan album nummer zes moest ik net wat langer wennen, maar uiteindelijk raakte ik toch weer snel overtuigd van het enorme talent van de muzikante uit Nashville, die ook dit keer uiteenlopende invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek vermengt met een goed gevoel voor aansprekende popsongs. In muzikaal opzicht is het interessant, waarna de stem van Joy Oladokun je volledig inpakt.



Het album Proof of Life was in 2023 mijn eerste kennismaking met de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter Joy Oladokun. Het is een album dat bij mij insloeg als een bom, want Proof of Life is in alle opzichten een geweldig of zelfs sensationeel goed album. 

Ik was meteen verliefd op de stem van Joy Oladokun, die me heel af en toe aan Tracy Chapman deed denken, en ook haar songs wisten me onmiddellijk te verleiden en bleken vervolgens alleen maar beter te worden. Proof of Life is een album dat binnen de Amerikaanse rootsmuziek een opvallend breed terrein bestrijkt, maar de songs van Joy Oladokun klinken ook stuk voor stuk als zeer aansprekende popsongs. 

De singer-songwriter die via Casa Grande, Arizona, in Los Angeles was terechtgekomen, wist voor het album niet alleen een flink aantal gelouterde muzikanten te strikken, maar werkte bovendien samen met een aantal producers van naam en faam. De productie van onder andere Mike Elizondo (Fiona Apple), Ian Fetchuk (Kacey Musgraves) en Dan Wilson (Taylor Swift) leverde een prachtig klinkend album op, waarop Joy Oladokun volop kon schitteren. 

Proof of Life klonk wat mij betreft als een album van een grote popster, maar dat was Joy Oladokun in 2023 nog niet. Het was overigens al haar vierde album na Carry uit 2016, In Defense of My Own Happiness (The Beginnings) uit 2020 en In Defense of My Own Happiness uit 2021 en ook het laatstgenoemde album vond ik direct heel erg goed. 

Proof of Life vind ik nog steeds het beste album van Joy Oladokun en het is een album dat ik met terugwerkende kracht schaar onder de beste albums van de afgelopen jaren. Ook het in 2024 verschenen vijfde album Observations From A Crowded Room vind ik overigens een prima album, maar vergeleken met Proof of Life is het wat mij betreft wat minder veelzijdig, en het is bovendien een album met een aantal wat mindere songs, terwijl op Proof of Life echt alles raak is. 

Vorige week verscheen het zesde album van Joy Oladokun en ook Hope Is a Heavy Thing is weer een album dat moet opboksen tegen het nagenoeg perfecte voorlopige meesterwerk uit 2023 van de muzikante die inmiddels Nashville, Tennessee, als thuisbasis heeft. 

Het album opent fantastisch met het prachtig ingekleurde Raised by the Radio (A Reintroduction), dat vervolgens imponeert met de stem van Joy Oladokun. Het nieuwe album bevat meer tracks die me direct van mijn sokken blazen, maar ook flink wat songs waaraan ik moest wennen. 

Bij mijn eerste beluisteringen van Hope Is a Heavy Thing vond ik een aantal van de songs wat te vol en te druk en miste ik de pure magie van Proof of Life. Joy Oladokun heeft Nigeriaanse wortels en werkt op haar nieuwe album met muzikanten en een co-producer uit Nigeria. Het levert een net iets ander geluid op dan op de vorige albums, maar naarmate ik Hope Is a Heavy Thing vaker hoorde, viel er steeds meer op zijn plek. 

Ook op haar nieuwe album kan Joy Oladokun uit de voeten met uiteenlopende invloeden uit de Amerikaanse rootsmuziek, die vervolgens worden vermengd met invloeden uit de pop en een vleugje Afrobeat. Volgens mij is ze nog altijd geen hele bekende popster, maar haar nieuwe album klinkt weer wel als het album van een grote popster. Zo goed als Proof of Life vind ik het nog niet, maar binnen het aanbod van het moment springt ook dit album er weer makkelijk uit. Erwin Zijleman

De muziek van Joy Oladokun is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://joyoladokun.bandcamp.com/album/hope-is-a-heavy-thing.


Hope Is a Heavy Thing van Joy Oladokun is verkrijgbaar via de Mania webshop:



03 oktober 2026

Review: The Reds, Pinks & Purples - True Love Daydream

Glenn Donaldson bracht eerder dit jaar met Acknowledge Kindness het zoveelste prachtalbum van zijn band The Reds, Pinks & Purples uit en ook de EP True Love Daydream voegt weer iets toe aan het unieke oeuvre van de Amerikaanse muzikant.
Iedere keer als ik luister naar de muziek van de Amerikaanse band The Reds, Pinks & Purples lijkt de zon wat feller te gaan schijnen. Tegelijkertijd neemt de muziek van Glenn Donaldson me mee terug naar met name de jaren 80 en naar de albums die ik destijds koesterde. De Amerikaanse muzikant strooit de laatste jaren met albums, maar ieder album is weer betoverend mooi en voegt iets toe aan het inmiddels imposante oeuvre van The Reds, Pinks & Purples. Dat doet ook de onlangs verschenen EP True Love Daydream, die anders klinkt dan het eerder dit jaar verschenen album, maar ik was direct bij de eerste noten weer verkocht. Op naar het volgende album.



De Amerikaanse band The Reds, Pinks & Purples heeft in zeven jaar tijd een indrukwekkend stapeltje albums uitgebracht. De band rond de uit San Francisco afkomstige muzikant Glenn Donaldson maakt op deze albums muziek die me herinnert aan de albums die ik in de jaren 80 en 90 het meest intens koesterde. Het zijn albums die klinken als de spreekwoordelijke omgevallen platenkast en in het geval van The Reds, Pinks & Purples is het mijn platenkast uit de jaren 80 en 90. 

Glenn Donaldson maakt al zijn albums volgens een inmiddels beproefd concept en verpakt ze vervolgens in mooie kleurige hoezen. De muziek van The Reds, Pinks & Purples is op al deze albums vooral zonnig, al hoor je ook altijd wel een laagje melancholie in de muziek van de band en in de zo mooie stem van Glenn Donaldson. Ondanks het inmiddels bekende recept geniet ik van ieder nieuw album van de band, al is het maar omdat er ook altijd wel subtiele nieuwe ingrediënten zijn te horen. 

Naast negen albums leverde Glenn Donaldson ook nog een aantal EP’s af, maar die laat ik meestal liggen, al is het maar omdat het vorige album van The Reds, Pinks & Purples nooit heel oud kan zijn en een nieuw album niet ver weg. Ook het vorige week verschenen True Love Daydream heb ik in eerste instantie op de stapel laten liggen. Met Acknowledge Kindness leverde de muzikant uit San Francisco immers slechts een paar maanden geleden nog een geweldig album af. 

Het is een album waarop het geluid van The Reds, Pinks & Purples nog wat verder is geperfectioneerd, waardoor ik voor het eerst durfde te beweren dat als de band in de jaren 80 had bestaan het destijds absoluut mijn favoriete band zou zijn geweest. Omdat de spoeling deze week wat dunner is dan de afgelopen weken, heb ik toch True Love Daydream er maar eens bij gepakt en inmiddels ben ik in de ban van de vorige week verschenen EP. 

Ik vind het zelf overigens meer dan een EP, want met bijna 29 minuten muziek is het op zijn minst een mini-album. True Love Daydream moet volgens Glenn Donaldson worden gezien als een ‘companion record’ bij Acknowledge Kindness en het voegt wat mij betreft flink wat toe aan het zo geweldige album van eerder dit jaar. 

True Love Daydream bevat zes tracks, waaronder het uit drie delen bestaande en volledig instrumentale Shakespeare Garden. Ik ben meestal niet zo gek op instrumentale songs, maar Glenn Donaldson creëert een bijzondere sfeer, die enerzijds klinkt als vintage The Reds, Pinks & Purples, maar ook wat donkerder en dreigender klinkt dan we van de Amerikaanse muzikant gewend zijn. 

De drie songs waarin wel de stem van Glenn Donaldson is te horen klinken direct bekend, maar ook deze songs zijn wat melancholischer dan de meeste songs op de andere albums van de band. Het contrasteert prachtig met de herfstzon van het moment en dat maakt de nieuwe songs op True Love Daydream nog wat mooier. De track Heaven of Love was al bekend van het album Acknowledge Kindness, maar keert nu terug in een langzamere uitvoering en die is betoverend mooi. 

Ik dacht altijd dat ik de EP’s van de band wel kon laten liggen, maar True Love Daydream laat horen dat ook de ‘tussendoortjes’ van Glenn Donaldson van een bijzondere schoonheid zijn en absoluut het checken waard zijn. Mijn liefde voor The Reds, Pinks & Purples groeit maar door en is inmiddels van onmetelijke proporties. Erwin Zijleman

De muziek van The Reds, Pinks & Purples is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse band: https://theredspinksandpurples.bandcamp.com/album/true-love-daydream-ep.



02 oktober 2026

Review: Blondshell - Violins

Violins, het derde album van Blondshell, roept nogal uiteenlopende reacties op en dat begrijp ik want het is een album dat van alles goed doet, maar tegelijkertijd geen duidelijke keuzes maakt, wat mij minder in de weg zit overigens.
Ik vond de eerste twee albums van Blondshell echt heel goed en bij eerste beluistering van Violins was ik ook best te spreken over het derde album van de Amerikaanse muzikante Sabrina Teitelbaum. Het is ook een album dat me wel wat in verwarring brengt, waarbij ik stiekem toch beïnvloed word door een aantal veel minder positieve recensies. Blondshell omarmde op haar debuutalbum vooral de 90s indierock, maar sleept er op Violins van alles bij. Dat is goed voor de variëteit, maar het zorgt er ook voor dat het album wat minder makkelijk en in ieder geval een minder intense indruk maakt. Mijn overall indruk is positief, maar ik begrijp de critici eerlijk gezegd ook wel.



Na haar titelloze debuutalbum uit het voorjaar van 2023 kwam Blondshell al snel met een tweede album. Voor de opvolger daarvan heeft Sabrina Teitelbaum zelfs nog minder tijd genomen. Nog geen anderhalf jaar na het uitstekende If You Asked For A Picture is immers deze week haar derde album Violins verschenen. 

Op Spotify zie ik ook nog het eind vorig jaar verschenen album Another Picture, dat een luxe editie is van If You Asked For A Picture met heel veel extra tracks. Dat album ken ik niet, maar ik was zeer te spreken over de eerste twee albums van Blondshell. Op deze albums maakt het alter ego van de Amerikaanse muzikante Sabrina Teitelbaum muziek met flink wat invloeden uit de indierock zoals die in de jaren 90 werd gemaakt. 

Met name het debuutalbum van Blondshell werd warm onthaald door de critici, waarvan een aantal de muziek van Sabrina Teitelbaum zelfs vergeleek met de muziek van een jonge PJ Harvey. Ik vond If You Asked For A Picture persoonlijk nog wat beter dan het titelloze debuutalbum, onder andere omdat Sabrina Teitelbaum op dit album wat opschuift richting de indierock van het moment. 

Over het deze week verschenen Violins lees ik vooralsnog wat wisselende recensies. Een deel van de recensenten hoort de ontwikkeling die Sabrina Teitelbaum sinds haar debuutalbum heeft doorgemaakt, maar ik lees ook wel recensies waarin Violins wat gewoontjes, weinig onderscheidend of zelfs oppervlakkig of nep wordt genoemd. Het gekke is dat ik beide soorten recensies deels herken bij het beluisteren van Violins. 

Ook op Violins werkt Sabrina Teitelbaum weer samen met producer Yves Rothman, die ik eigenlijk alleen van de albums van Blondshell ken. Vergeleken met de vorige twee albums hebben de invloeden uit de 90s indierock een stapje terug gedaan op Violins. Op het derde album zoekt de Amerikaanse muzikante nog meer toenadering tot de indierock van het moment, met uitstapjes naar indiepop en singer-songwriter muziek. 

Het geluid op het album is wat steviger aangezet en klinkt soms wat ruwer, al begrijp ik ook de recensenten die juist klagen over een wat gepolijst geluid. Het is een geluid dat mij wel aanspreekt, vooral omdat Blondshell makkelijk schakelt tussen verschillende klanken, wat dynamiek toevoegt aan het album. 

Het is aan de ene kant jammer dat Blondshell de invloeden uit de jaren 90 wat heeft losgelaten, maar ze is op Violins wel een kind van deze tijd en levert kwaliteit. Het is misschien allemaal wat netjes binnen de lijntjes gekleurd, maar het zit me zeker niet in de weg. 

Ik heb ook wel wat met de stem van Sabrina Teitelbaum en hoor haar op Violins wel degelijk persoonlijke teksten vertolken. Het komt op mij oprecht over, waardoor ik het nieuwe album van Blondshell zeker geen oppervlakkige plaat vind. De muzikante uit Los Angeles eet op Violins van meerdere walletjes, wat ten koste gaat van de consistentie van haar geluid, al vind ik de variatie ook wel aangenaam. 

Ik geef eerlijk toe dat er ook wel momenten zijn waarop de nieuwe muziek van Blondshell volkomen langs me heen gaat, maar het album kan ook vermaken met makkelijk in het gehoor liggende songs met lekker veel gitaren en prima zang. Ik ben wel benieuwd welke kant het op gaat met Blondshell. Van mij mag Sabrina Teitelbaum net wat meer tijd nemen voor album nummer vier. Erwin Zijleman

De muziek van Blondshell is ook verkrijgbaar via de bandcamp pagina van de Amerikaanse muzikante: https://blondshell.bandcamp.com/album/violins.


Violins van Blondshell is verkrijgbaar via de Mania webshop: