zondag 23 september 2018

Suede - The Blue Hour

Suede wordt in haar tweede jeugd alleen maar beter en beter en levert een meesterwerk af
Suede begon een paar jaar geleden aan haar tweede jeugd en voltooit na Bloodsports en Night Thoughts met The Blue Hour een heuse trilogie. Ook op haar nieuwe plaat klinkt Suede afwisselend groots en meeslepend en wonderschoon en sprookjesachtig. De arrangementen zijn prachtig, Brett Anderson zingt beter dan ooit en de songs zijn van een bijzonder hoog niveau. The Blue Hour laat echo’s uit het eigen verleden horen, maar sleept er ook van alles bij, waardoor deze plaat alleen maar mooier en boeiender wordt. Ik vind hem misschien wel beter dan alles dat de band hiervoor maakte.


Bij de Britse band Suede wordt wat mij betreft te vaak gemijmerd over die memorabele eerste en tweede plaat. Natuurlijk waren het titelloze debuut uit 1993 en Dog Man Star uit 1994, beiden gemaakt met stergitarist Bernard Butler, van een onwaarschijnlijk hoog niveau en zijn het tot op de dag van vandaag zeer invloedrijke platen, maar persoonlijk vind ik de meeste andere platen van de band uit Londen niet veel minder. 

Head Music uit 1999 en A New Morning uit 2002 waren natuurlijk wel een stuk minder goed, maar Coming Up uit 1997, Bloodsports uit 2013 en Night Thoughts uit 2016 konden zich wat mij betreft best meten met de beste platen van Suede en misschien vind ik de laatste zelfs wel de beste plaat die de Britse band tot dusver maakte. 

Het deze week verschenen The Blue Hour voltooit de trilogie die met Bloodsports en Night Thoughts werd ingezet en is wederom een hele sterke plaat. The Blue Hour opent heerlijk donker en bombastisch of zelfs overweldigend met een track die zo het laatste seizoen van Game Of Thrones kan inluiden. Het is een prachtige start van een album dat meerdere gezichten van Suede laat zien. 

In de tweede track schuift zanger Brett Anderson in de eerste noten dicht tegen Morrissey aan, waardoor Suede in één keer het gat tussen de muziek van The Smiths en de Britpop van de jaren 90 dicht. Hier blijft het niet bij, want in het tweede deel van de track komen ook nog wat flarden progrock voorbij en gaat Suede nog wat verder terug in de geschiedenis van de Britse rockmuziek. 

Brett Anderson bepaalde met zijn zeer expressieve vocalen voor een belangrijk deel het geluid waarmee Suede ooit doorbrak, maar persoonlijk vind ik dat de Brit veel beter is gaan zingen de laatste jaren. Zeker in de bombastische tracks, waarin de strijkers flink aanzwellen, en in de tracks die flirten met 70s glamrock gaat de Brit nog flink los, maar hij kan inmiddels ook gewoon mooi zingen. 

Net als op de vorige platen uit de trilogie die met Bloodsports werd ingezet, schiet Suede meerdere kanten op. De band kan flink uitpakken, maar ook prachtig ingetogen of zelfs sprookjesachtig klinken, wat The Blue Hour voorziet van veel dynamiek. De band blijft hierbij trouw aan de eigen muzikale erfenis, maar durft ook te vernieuwen, waardoor er sinds het fraaie Night Thoughts weer een stap is gezet. 

Het zorgt er voor dat je flink heen en weer wordt geslingerd door de tijd en het ene moment het memorabele debuut van de band herbeleefd, het volgende moment nog een of twee decennia verder terug gaat, om uiteindelijk toch weer in het heden te belanden. 

Ik vind de zang op de plaat zoals eerder gezegd beter dan op de vroege platen en ook in muzikaal opzicht is Suede alleen maar gegroeid, waarbij gitarist Richard Oakes er inmiddels in geslaagd is om Bernard Butler te doen vergeten met betoverend mooie gitaarlijnen en de gelouterde producer Alan Moulder heeft gezorgd voor een werkelijk prachtig geluid. 

Voor een echte topplaat draait alles uiteindelijk om de songs en ook die zijn op The Blue Hour van hoog niveau. Suede imponeert met bombastische orkanen van geluid en wonderschone ingetogen passages, maar komt ook op de proppen met songs die direct blijven hangen en een goed gevoel geven. Het zorgt er voor dat The Blue Hour, net als zijn twee voorgangers, indruk maakt en het zou me niet verbazen wanneer de plaat uiteindelijk boven deze twee voorgangers uit stijgt, wat absoluut een prestatie van formaat is. Erwin Zijleman